Week 1
Docentenvergelijking
De ‘goede’ docent
- Zijn er altijd maar een paar
De ‘gemiddelde’ docent
- De rest
De ‘slechte’ docent
- Zijn er ook maar een paar
De vraag die zich dan opdoemt is welke factoren maken een goed docent ‘goed’ en hoe
relateert zich dat tot het klassenklimaat?
Docentenvergelijking
Om die vraag te beantwoorden heb je kennis nodig van 2 zaken:
1. Welke leerling heb ik in mijn les zitten en waarom reageren ze zoals ze reageren?
2. Welke managementvaardigheden kan ik inzetten opdat ik een goed
klassenmanagement kan neerzetten?
Waarden: ontwikkelingsgang
Kohlberg
Ethisch model
Ethiek gaat over de bezinning op juist handelen
- Welk gedrag is goed en welke gedrag is fout?
Kohlberg: welk gedrag vertonen kinderen in de ontwikkeling?
Ontwikkelgang 1: premoraliteit
Baby’s
Hoe geeft een baby aan dat hij iets goed of fout vind?
Ontwikkelgang 2: preconventioneel
Voornamelijk PO
Straf vermijden
- Angst voor
Weegschaalmodel
- Afwegen in of fout gestraft wordt
- Back in time: schepsnoep
- Bewegingsonderwijs: James Bond
Ontwikkelgang 3: conventioneel
Voornamelijk PO+/ VO-
Goed = wat anderen goed vinden
- Niet opletten
- Moeilijk vinden
- A-motivatie
Wetten en regels naleven in de eigen groep
- De huilende docent
- No-one is reacting
,Ontwikkelgang 4: postconventioneel
Voornamelijk VO+/ JIJ!
Eigen waardepatroon hanteren
- Jij weet wat je belangrijk vindt
- En brengt dat over op je leerlingen
Hanteren van universele waarden
- Je schiet een andere nu eenmaal niet neer
- Je infecteert een ander niet opzettelijk met corona
Waarden: ontwikkelingsgang
Premoraliteit
Preconventioneel
- Straf vermijden
- Weegschaalmodel
Conventioneel
- Goed is wat anderen goed vinden
- Wetten en regels naleven
Postconventioneel
- Eigen waardepatroon ontwikkelen
- Hanteren van universele waarden
Management en de les LO
Het managen van een heterogene grote groep leerlingen is complex. Managen is
noodzaak
Kenmerken:
Multidimensionaliteit
Gelijktijdigheid
Onmiddelijkheid
Onvoorspelbaarheid
Openbaarheid
Historiciteit
Het ontwikkelen van een structuur
Vooral de eerste periode met een groep is het belangrijk regels en afspreken duidelijk
te benoemen en te handhaven. Doe dit consequent, redelijk en kordaat/daadkrachtig
Benoem regels:
1. Voor de les (begintijd, kleding, spullen in kleedkamer)
2. Begin van de les (wel of geen bal, waar verzamelen)
3. Tijdens de les (gebruik materiaal, gedrag tijdens uitleg)
4. Einde van de les (opbergen materiaal, afspraken voor de les erna)
5. Rondom de les (briefjes, te laat, spullen vergeten)
Kenmerken van efficiënt managementgedrag
De beginnende leraar veronderstelt nog wel eens dat leerlingen vol enthousiasme
naar hun les komen en de gehele les aandachtig zullen zijn bij elke uitleg
,Gedragingen geformuleerd na observaties:
Opmerkzaamheid
Simultaan gedrag je kan meerdere dingen gelijk doen
Vlot verloop
Aandacht vasthouden
Differentiatie lesstof
Vraag
Broers gebruikt in zijn kennisclips vaak taalgebruik als ‘fucking’, ‘godverdomme’ of
ander vulgair en/of kwetsend taalgebruik. Als hij dit op het VO in zijn lessen LO ook
zou doen kan dat hinder geven bij het management van het klassenklimaat. Hoe
noemt Behets (2013) dit kenmerk?
Antwoord: openbaarheid
Management en de les LO
Het managen van een heterogene grote groep leerlingen is complex. Managen is
noodzaak
Kenmerken:
Multidimensionaliteit
Gelijktijdigheid
Onmiddelijkheid
Onvoorspelbaarheid
Openbaarheid
Historiciteit
Klimaatmanagement binnen management
(Behets, 2013)
5A: situering van orde
Management = orde
Management = creëren van voorwaarden om te leren
Orde = leerlingen leren binnen de grenzen
Taakgerichtheid
- Actieve, hoge betrokkenheid vs passieve, niet-betrokkenheid
Niet- taakgerichtheid
- Passieve, niet betrokkenheid vs storend- en wangedrag
, LET op!! Goedbedoeld postconventioneel docentgedrag kan leiden tot storend
conventioneel leerlinggedrag
5B: van preventie
De onderstaande preventietechnieken zijn open deuren, maar
Effectief managementsysteem door…
1. Positieve houding naar alle leerlingen
2. Deel verwachtingen duidelijk en voorhand mee
3. Betrek leerlingen bij opstellen regels en procedures
4. Zorgen voor een aangepast en uitdagend curriculum
5. Toon enthousiasme
Waarom lukt niet iedereen dit?
REMEMBER!!
Ondank open deuren zijn maar weinigen het gegeven om bovenstaande 5 items integraal
aan te bieden
5C: …. Naar interventie
En dan is het ineens een zooitje… en dan?
USE THE GOLDEN RULE!!
‘Maak van een puistje geen steenpuist’
5C: …. Naar interventie
Kritische momenten
Puistje Steenpuist
Uitleg niet snappen Niemand snapt het
1 iemand wil niet Iedereen aan de kant
Angst Iedereen aan de kant
1 praat er doorgeen Iedereen praat er doorheen
Ongesteld Elke week ongesteld
NA IEDERE INSTRUCTIE EN VAKWISSEL!!
‘Spot the people in class that are fatiguing and motivate them’
5C: …. Naar interventie
Behets (2013) licht het als volgt toe:
Houd de primaire vector aan
Minimaliseer de secundaire vector
5C: …. Naar interventie
Verkleinen secundaire vector
Direct te handelen
- Eerst het prikje, dan het likje
Duidelijk
- Wie, wat, waarom, wat nu
Timing
- Niemand wil afgewezen worden