Inleiding
Anatomie en fysiologie
Hoornvlies =
Transparante horlogeglas = les + transparant =
- 53 dioptrie sterk
- Eigen lens = 15 dioptrie
---> combinatie met cornea + lens = lenzensysteem v
oog = focussen samen beeld op netvlies
Oogrokken =
Oogrok Structuur Functie
Buitenste Cornea Refractie (± 2/3 van de lichtbreking) & transparantie
oogrok
Sclera Bescherming & aanhechting van peri-oculaire spieren
Middelste Iris Werkt als diafragma, scheidt voorste en achterste oogkamer --
oogrok -> = kleur v oog bepalen
Corpus Accommodatie & productie van kamerwater (VOK vocht) =
ciliare circulaire spier die zorgt voor scherp stellen
Choroidea = vaatvlies of bloedvatspons onder netvlies =
- Vascularisatie van buitenste netvlieslagen
- Thermoregulatie
- Schokabsorptie
Binnenste Retina = Fototransductie (licht → chemische cascade → elektrische
oogrok netvlies prikkel) --->
- Retina = lichtgevoelige film
- Macula lutea = gele vlek = meer geelpigment + beelden die
daar op invallen worden scherper gezien
- Papil = blinde vlek + kopt v oogzenuw = plek waar
elektrische prikkels worden weggeleid v oog nr hersenen
toe
1
,Oculaire fundus
Op figuur =
- Papil = optic disc = zenuwkop
- Bloedvaten = venen + arteriën
- fovea
Periferie bekijken =
Netvlies = geen vlakke zone ---> =
binnenbekleding v bol
---> op deze foto = alle zijden op 1 vlak
---> op deze foto = zien dat vaten helemaal
doorlopen
---> niet enkel kijken n rachterpool
Beeldvorming voor beter kijken nr netvlies =
Angiografie met fluoresceïne = gele kleurstof ---> inspuiten in bolus = 10-12 seconden later = in
oogcirculatie v netvlies
---> zal onder blauw licht oplichten
---> laser lichten = monochromatisch licht ---> verschillende versies =
▪ Blauw lichtinfrarood licht
▪ Blauw licht reflectantie + autofluorescentie
- Reflectantie fotografie Autofluorescentie fotografie
Er wordt iets binnen gestuurd met = excitatie v een bepaalde stof dr
bepaalde golflengte ---> zal ook licht ---> = chromofloor =
weer worden opgevangen kleurdrager = raakt geëxciteerd
---> geven licht v andere golflengte
af bij terugvallen
2
= dat licht opvangen
,Soorten licht = (heel kleine kans dat dit gevraagd wordt op examen)
Kenmerk Blauw licht Infrarood licht
Interactie met Lipofuscine Pigment (bv. melanine)
Wat is het target? Afbraakproducten van Pigment in oogweefsels
fotoreceptoren in RPE
Werkingsmechanisme Absorptie → autofluorescentie Absorptie door chromofoor
Wat wordt zichtbaar? Ophoping van lipofuscine Pigmentrijke structuren
Diepte van Meer oppervlakkig (retinale lagen) Diepere structuren zichtbaar
beeldvorming
Klinisch nut Detectie van retinale Evaluatie van pigment en
schade/veroudering diepere lagen
Fotoreceptoren =
Kenmerk Staafjes Kegeltjes
Aantal per netvlies ± 120 miljoen ± 6 miljoen
Lichtgevoeligheid Zeer lichtgevoelig Minder lichtgevoelig
Functie = EXAMEN Nachtzicht (scotopisch zien) = licht Dagzicht (fotopisch zien)
in elektrische prikkels omzetten bij
bijzonder weinig licht
Scherpte Lage gezichtsscherpte Hoge gezichtsscherpte
Kleurenzicht Geen kleurenzicht Wel kleurenzicht
Werken bij Zwak licht Voldoende/helder licht
Kegels = EXAMEN =
- Groengevoelig ---> 46,5%
- Blauwgevoelig ---> = 6-7% = kleinste populatie
- Roodgevoelig ---> 46,5%
---> in fovea = centrale stuk v netflix = alleen kegels ---> anatomie is aangepast om scherp
zicht te maken
---> = ’s nachts kan je elkaar minder goed zien = nooit scherpte hebben op dat moment
3
, Bipolaire en ganglioncellen =
1. Bovenaan buitenkant =
verste v u weg =
pigmentcellen
2. Fotoreceptoren = tg
pigmentcellen aan zitten -
--> = werken in team
samen
3. Bipolaire cellen = v
fotoreceptoren
elektrische prikkel krijgen
4. Ganglioncellen krijgen
signaal v bipolaire cellen
= binnenste cellen
Ganglioncellen =
Geven allemaal vezeltje af aan binnenkant v netvlies ---> = bundelen zich tot oogzenuw =
elektrische kabel uit oog afkomstig
Visuele banen =
Zenuwvezels komen uit beide ogen samen in chiasma opticum =
overkruisingsplek =
- 53% v vezels gaan v rechts nr links aan ene kant
- 47% v vezels gaan langs zelfde kant verder = ipsilateraal
---> = over kruising =via optische tractus nr linker en hersenhelft achteraan =
visuele cortex = info krijgen v beide ogen
---> net onder chiasma opticum = hypofyse = centrale klier v hersenen --->
tumoren v hypofyse = kunnen op chiasma opticum drukken = heel typische
afwijkingen in zicht krijgen
4