NK
Wetenschapsfilosofie
Overzicht Filosofen V5
Wiener Kreis [Logisch positivisten]
Was een groep Weense filosofen die van 1924-1936 samenwerkten onder leiding van Moritz Schlick.
Door de Wiener Kreis worden enerzijds de metafysica en de traditionele kennisleer als zinloos verworpen,
anderzijds wordt geprobeerd de wetenschap tot een eenheid te maken door gebruikmaking van een
geüniversaliseerde wetenschapstaal: de symbolische logica. Metafysische uitspraken - bijvoorbeeld 'God
bestaat' - en kentheoretische uitspraken - zoals 'ik weet dat er een wereld onafhankelijk van onze ervaring
bestaat' - achtten zij zinloos. De reden hiervoor ligt in hun opvatting van 'betekenis': iets heeft betekenis volgens
de Wiener Kreis als het een uitspraak is die geverifieerd kan worden. Zo is de uitspraak 'alle vrijgezellen zijn
ongetrouwd' waar: de waarheid van de uitspraak zit in de uitspraak zelf besloten. Een uitspraak als 'het water
in glas X kookt op 100°C' is dan weer zinvol omdat het duidelijk is hoe men deze hypothese kan testen: namelijk
door het water effectief tot 100°C te brengen.
Bij de Wiener Kreis is dus sprake van logisch positivisme, ze redeneren inductief:
- Variant op het positivisme (nadruk ligt op empirisch waarneembare zaken)
- Naast empirie, creëren van een logische, wiskundige taal
- Zoeken in concrete gevallen naar een bevestiging van hun uitspraken
Taal wordt dus een belangrijk criterium om de status van wetenschappelijke uitspraken te controleren.
Het programma van de Wiener Kreis heeft een empiristische inslag. Als ze willen vaststellen of iets waar of
onwaar is, doen ze dit voornamelijk door het verificatie principe. Je moet het dus kunnen bevestigen en dit
gebeurt door waarnemingen: empirie.
Ze redeneren inductief. Ze zoeken in concrete gevallen naar een bevestiging van hun uitspraken.
Hun demarcatiecriterium is verificatie en daarbij zoek je naar een bevestiging voor een uitspraak door deze te
controleren en je kan onmogelijk alle data controleren/ verifiëren: het inductieprobleem is dus een probleem
voor hun demarcatiecriterium.
Nelson Goodman
Sprake van een andere vraag: kunnen we ooit van inductie af komen?
Goodman: “de wereld kan op oneindig veel manieren hetzelfde blijven.”
Hij probeert te laten zien dat de wereld op heel veel manieren hetzelfde kan blijven en dat een voorspelling van
de toekomst niet anders dan op inductieve wijze kan gebeuren.
Stel: de zon komt morgen niet meer op à dit wordt de nieuwe regelmaat/ lessen beginnen ineens om 08uur
en niet om 08.15 uur à dit wordt de nieuwe regelmaat
We kunnen volgens hem niet aan inductie ontkomen.
René Descartes [Rationalisme]
Zekere kennis is verstandelijke kennis à verstand gebruiken (rede)
Descartes: “Onze zintuigen kunnen ons misleiden.”
Nativisme: er zijn ideeën die aangeboren zijn (God)
Descartes: “God en volmaaktheid: dit zijn geen ideeën die we kunnen opdoen door kennis, deze moeten wel
aangeboren zijn.”
Past beter bij analytische oordelen: je hoeft niet je zintuigen gebruiken om te weten dat iets zo is.
, NK
David Hume [Empirisme]
Zekere kennis is ervaringskennis (zintuigelijke ervaringen).
Tabula Rasa: menselijke geest is bij geboorte een onbeschreven blad en wordt gevuld door ervaringen.
Onze geest is in de beginsel leeg, maar deze wordt gevuld door zintuiglijke ervaringen d.m.v.
observaties en experimenten.
Past beter bij synthetische oordelen: oordelen komen via waarnemingen tot stand.
[Inductieprobleem van Hume]:
Hoe kunnen inductieve gevolgtrekkingen gerechtvaardigd worden?
Vb. we hebben de verwachting dat de zon morgen (net zoals op alle andere dagen) weer op zal komen.
Op basis van een eindig aantal waarnemingen heb je onvoldoende grond om universele uitspraken te
rechtvaardigen.
Het is de mens niet gegeven om een oneindig aantal gevallen waar te nemen.
Het is niet mogelijk om universele uitspraken te rechtvaardigen op grond van ervaring.
Dilthey [Natuur- en geesteswetenschappen]
[Geesteswetenschappen volgens Dilthey]:
Volgens Dilthey is de centrale doelstelling van geesteswetenschappen het onderzoeken hoe mensen denken,
voelen, wat ze willen, etc.
Ze bestuderen hoe het is om een bepaalde persoon te zijn/ in een bepaalde maatschappij of tijd te wonen.
Dilthey: “Ze bestuderen uitingen van ervaringen.”
Mensen ervaren de wereld op een bepaalde manier: ze schrijven boeken, bouwen verschillende gebouwen,
observeren problemen etc.
We kunnen niet direct de ervaringen van mensen bestuderen (probleem), maar we kunnen wel de uitingen van
hun ervaringen bestuderen (oplossing).
[Oplossing dat ervaringen niet beschikbaar zijn volgens Dilthey]:
Het probleem: jij kunt mijn ervaringen niet precies observeren. En we kunnen zeker de ervaringen van mensen
als Napoleon of een middeleeuwse monnik niet observeren.
We zetten onszelf op de plek van de persoon die de uiting heeft gemaakt. Zo kunnen we ervaren wat deze
persoon ervaarde tijdens het maken van een uiting (=verstehen)
‘Verstehen’: Uitspraak van Dilthey:
1. Doelmatigheid:
Redenen geven voor <-> oorzaken (van natuurwetenschappen)
vb. verontschuldigen voor het te laat zijn bij een college
2. Betekenisvolheid:
Dingen krijgen een betekenis omdat mensen er een betekenis aan toekennen.
Deze betekenissen kunnen veelvoudig, maar ook verschillend zijn: dubbele hermeneutiek.
3. Relationaliteit:
In de natuurwetenschappen is er een gat tussen identificeren en verklaren (wij kunnen een
vallende steen identificeren zonder te verklaren waarom hij valt)
In de geesteswetenschappen is identificeren tegelijkertijd begrijpen (verstehen): als je stemt
in de politiek moet je tegelijkertijd kennis hebben van instituties, intenties en procedures.
Wetenschapsfilosofie
Overzicht Filosofen V5
Wiener Kreis [Logisch positivisten]
Was een groep Weense filosofen die van 1924-1936 samenwerkten onder leiding van Moritz Schlick.
Door de Wiener Kreis worden enerzijds de metafysica en de traditionele kennisleer als zinloos verworpen,
anderzijds wordt geprobeerd de wetenschap tot een eenheid te maken door gebruikmaking van een
geüniversaliseerde wetenschapstaal: de symbolische logica. Metafysische uitspraken - bijvoorbeeld 'God
bestaat' - en kentheoretische uitspraken - zoals 'ik weet dat er een wereld onafhankelijk van onze ervaring
bestaat' - achtten zij zinloos. De reden hiervoor ligt in hun opvatting van 'betekenis': iets heeft betekenis volgens
de Wiener Kreis als het een uitspraak is die geverifieerd kan worden. Zo is de uitspraak 'alle vrijgezellen zijn
ongetrouwd' waar: de waarheid van de uitspraak zit in de uitspraak zelf besloten. Een uitspraak als 'het water
in glas X kookt op 100°C' is dan weer zinvol omdat het duidelijk is hoe men deze hypothese kan testen: namelijk
door het water effectief tot 100°C te brengen.
Bij de Wiener Kreis is dus sprake van logisch positivisme, ze redeneren inductief:
- Variant op het positivisme (nadruk ligt op empirisch waarneembare zaken)
- Naast empirie, creëren van een logische, wiskundige taal
- Zoeken in concrete gevallen naar een bevestiging van hun uitspraken
Taal wordt dus een belangrijk criterium om de status van wetenschappelijke uitspraken te controleren.
Het programma van de Wiener Kreis heeft een empiristische inslag. Als ze willen vaststellen of iets waar of
onwaar is, doen ze dit voornamelijk door het verificatie principe. Je moet het dus kunnen bevestigen en dit
gebeurt door waarnemingen: empirie.
Ze redeneren inductief. Ze zoeken in concrete gevallen naar een bevestiging van hun uitspraken.
Hun demarcatiecriterium is verificatie en daarbij zoek je naar een bevestiging voor een uitspraak door deze te
controleren en je kan onmogelijk alle data controleren/ verifiëren: het inductieprobleem is dus een probleem
voor hun demarcatiecriterium.
Nelson Goodman
Sprake van een andere vraag: kunnen we ooit van inductie af komen?
Goodman: “de wereld kan op oneindig veel manieren hetzelfde blijven.”
Hij probeert te laten zien dat de wereld op heel veel manieren hetzelfde kan blijven en dat een voorspelling van
de toekomst niet anders dan op inductieve wijze kan gebeuren.
Stel: de zon komt morgen niet meer op à dit wordt de nieuwe regelmaat/ lessen beginnen ineens om 08uur
en niet om 08.15 uur à dit wordt de nieuwe regelmaat
We kunnen volgens hem niet aan inductie ontkomen.
René Descartes [Rationalisme]
Zekere kennis is verstandelijke kennis à verstand gebruiken (rede)
Descartes: “Onze zintuigen kunnen ons misleiden.”
Nativisme: er zijn ideeën die aangeboren zijn (God)
Descartes: “God en volmaaktheid: dit zijn geen ideeën die we kunnen opdoen door kennis, deze moeten wel
aangeboren zijn.”
Past beter bij analytische oordelen: je hoeft niet je zintuigen gebruiken om te weten dat iets zo is.
, NK
David Hume [Empirisme]
Zekere kennis is ervaringskennis (zintuigelijke ervaringen).
Tabula Rasa: menselijke geest is bij geboorte een onbeschreven blad en wordt gevuld door ervaringen.
Onze geest is in de beginsel leeg, maar deze wordt gevuld door zintuiglijke ervaringen d.m.v.
observaties en experimenten.
Past beter bij synthetische oordelen: oordelen komen via waarnemingen tot stand.
[Inductieprobleem van Hume]:
Hoe kunnen inductieve gevolgtrekkingen gerechtvaardigd worden?
Vb. we hebben de verwachting dat de zon morgen (net zoals op alle andere dagen) weer op zal komen.
Op basis van een eindig aantal waarnemingen heb je onvoldoende grond om universele uitspraken te
rechtvaardigen.
Het is de mens niet gegeven om een oneindig aantal gevallen waar te nemen.
Het is niet mogelijk om universele uitspraken te rechtvaardigen op grond van ervaring.
Dilthey [Natuur- en geesteswetenschappen]
[Geesteswetenschappen volgens Dilthey]:
Volgens Dilthey is de centrale doelstelling van geesteswetenschappen het onderzoeken hoe mensen denken,
voelen, wat ze willen, etc.
Ze bestuderen hoe het is om een bepaalde persoon te zijn/ in een bepaalde maatschappij of tijd te wonen.
Dilthey: “Ze bestuderen uitingen van ervaringen.”
Mensen ervaren de wereld op een bepaalde manier: ze schrijven boeken, bouwen verschillende gebouwen,
observeren problemen etc.
We kunnen niet direct de ervaringen van mensen bestuderen (probleem), maar we kunnen wel de uitingen van
hun ervaringen bestuderen (oplossing).
[Oplossing dat ervaringen niet beschikbaar zijn volgens Dilthey]:
Het probleem: jij kunt mijn ervaringen niet precies observeren. En we kunnen zeker de ervaringen van mensen
als Napoleon of een middeleeuwse monnik niet observeren.
We zetten onszelf op de plek van de persoon die de uiting heeft gemaakt. Zo kunnen we ervaren wat deze
persoon ervaarde tijdens het maken van een uiting (=verstehen)
‘Verstehen’: Uitspraak van Dilthey:
1. Doelmatigheid:
Redenen geven voor <-> oorzaken (van natuurwetenschappen)
vb. verontschuldigen voor het te laat zijn bij een college
2. Betekenisvolheid:
Dingen krijgen een betekenis omdat mensen er een betekenis aan toekennen.
Deze betekenissen kunnen veelvoudig, maar ook verschillend zijn: dubbele hermeneutiek.
3. Relationaliteit:
In de natuurwetenschappen is er een gat tussen identificeren en verklaren (wij kunnen een
vallende steen identificeren zonder te verklaren waarom hij valt)
In de geesteswetenschappen is identificeren tegelijkertijd begrijpen (verstehen): als je stemt
in de politiek moet je tegelijkertijd kennis hebben van instituties, intenties en procedures.