RECHT EN ONDERNEMING
27/40 voor 10/20
(les 1)
Deel I: inleiding
Hoofdstuk 1: wat is recht?
1. Definitie van het recht
“recht is het geheel van bindende regels tot ordening van de samenleving in
beginsel opgelegd minstens bekrachtigd door de maatschappij en als zodanig
afdwingbaar gesteld”
Wat is recht?
Iedereen geconfronteerd met recht
Vb:
privé: kot: huurovereenkomst, bus: overeenkomt Lijn, cursus kopen:
overeenkomst -> recht
Professioneel: fraude: sancties, in beroep tegen beslissing universiteit
Beheerst ons leven
Samenleving wordt beheerst door vele regels
- Rechtsregels: regels die afdwingbaar zijn met maatschappelijk geweld
Afdwingbaar = bv: een wet is afdwingbaar → de overheid kan sancties opleggen
bij overtreding
- Rechtsregels kunnen afgedwongen worden met behulp van politionele
macht -> garandeert de effectieve naleving
- Sancties: beperken tot burgerlijke gevolgen (schadevergoeding)/ kleine
strafsancties (geldboetes)
- Rechtsregels zijn onvermijdelijk & fundamenteel -> scheppen duidelijkheid
& vermijden dat samenleving zou vervallen in voortdurende strijd van allen
tegen allen -> geïnstitutionaliseerde ordening van menselijk handelen
Recht bekomen: zelf voor zorgen, zelf doen, in beroep gaan -> zelf doen
Het recht behoort aan de waakzamen
- Omschrijving: bestaat uit 3 categorieën van regels:
1e component: regels die ons gedrag/ functioneren ordenen: recht moet ordenen,
belangrijke taak, hoe wij ons moeten gedragen -> moet ordenende functie
hebben
2e component: regels die recht kunnen afdwingen, anders geen recht, vb:
overheid: niet met 2 op step staan: ordenende regel, geen sancties & mogelijk
sancties afdwingen -> geen recht
1
,3e component: regels om eventueel bestaande recht te wijzigen/ af te schaffen:
recht voortdurend in evolutie dus belangrijk, voortdurend rechtsregels gewijzigd,
vb: vroeger voor grote groep, toekomst voor kleine groep -> recht gewijzigd
- Objectief recht <-> subjectief recht
Objectief recht (OR): rechtsregels zoals ze bestaan, vb: federale & Vlaamse, …
parlement maakt rechtsregels, zoals het in het leven wordt geroepen door
rechtgevende organen
-> het geheel van rechtsregels
Subjectief recht (SR): rechten die u ontleend aan OR, rechten die u toekomen die
u haalt uit recht hoe het bestaat en die u kan afdwingen voor de rechter, vb:
auteurswetgeving: objectief, bestaat, niemand afbeelding gebruiken zonder u
toestemming, vb foto hele aula -> niet op foto -> verdwijnen. Waarom: objectief
recht zegt dat, fotograaf maakt foto zonder u het weet, jij in vizier & op site ->
aan OR SR ontlenen
-> concretisering of individualisering van het objectief recht
Vb: Iemand post ongewild een foto van jou -> jouw Subjectief recht is dat jij
beroep kan doen op het objectieve Portretrecht
Vb: publieke SR: recht om te kiezen, verkozen worden, recht op afbeelding
(privaat)
Indeling van het recht
Welk recht kennen we?
Hoofdstuk 2: indeling van het nationaal recht
Onderscheid tussen nationaal recht & internationaal recht -> basis
onderverdeling
Nationaal: oorsprong in nationale bron, vb: Belgisch recht, fed & Vlaams
parlement maken regels -> Belgische instanties
Internationaal: recht voortvloeiend uit verdragen -> internationale bron, landen
sluiten verdragen, vb: VN: internationale overeenkomst, daaruit komen
rechtsregels voor
1: onderscheid privaat-publiek recht
1. Belang van het onderscheid
NATIONAAL RECHT:
2 deelgebieden:
- Privaat recht: recht dat relaties tussen burgers beheert/ zal bepalen, bv:
praten in les ->prof pakt boek en smijt het tegen lln -> gekwetst -> privaat
recht, prof aansprakelijk voor schade
2
,- Publiek recht: regelt relatie tussen burger & overheid, bv: fiscaal recht:
publiek want overheid zegt tegen u wat je moet betalen, relaties overheden
onderling: bv: Duitse taalgemeenschap met Franse
Onderscheid is fundamenteel & vormt basis van indeling van het recht
Privaatrecht -> traditie & vrijheid (contractuele verhoudingen op voet van
gelijkheid)
Publiekrecht -> eenzijdige dwingende overheidsbeslissingen (overheid in
functie van algemeen belang)
2. Wat valt er onder privaatrecht?
Rechtstakken: =(onderdeel recht)
1 Burgerlijk recht (BR): recht dat relaties tussen burgers regelt, recht geschreven
voor burgers
- overeenkomsten: huwen, scheiden, erfgenaam & aansprakelijkheid
- Waar: burgerlijk wetboek (BW): bijbel burgerlijk recht: bewijsrecht
- basisregels BR voortdurend vernieuwd
- BW: vernieuwd wetboek, nieuwe bepaling
- OBW: oud BW: nog niet vernieuwd
- Ook afzonderlijke wetgevingen
2 Ondernemingsrecht: recht geschreven voor ondernemingen (BR ook voor
ondernemingen, maar niet voor alles)
- Waarom: in ondernemingsleven moeten zaken vlugger & makkelijker zijn,
bewijzen van iets: belangrijk, bv: transactie zonder geschrift -> behoefte aan
soepeler recht
- Waar: wetboek van economisch recht (WER): alle economische wetgeving,
- hoe gestructureerd: boek 1 – 20, ieder boek behandelt aparte problematiek/
materie
- ook afzonderlijke wetgeving: vb: wetboek vennootschappen & verenigingen
(WVV), afzonderlijke wetten
3 Privaatrechtelijk procesrecht (=gerechtelijk recht): kunnen afdwingen van
rechtsregels, regelt heel onze gerechtelijke organisatie: aangeven welke
rechtbanken we in België hebben & regelt alle procedures: naar voltallige
rechtbank/ onmiddellijk naar rechter
- Waar: in gerechtelijk wetboek: hele gerechtelijke organisatie
- Ook afzonderlijke wetten
(Les 2)
3. publiekrecht
Wat behoort tot het publiek recht?
1 Grondwettelijk recht: in onze grondwet
3
, - Regelt de meest fundamentele inrichting van de staat, basisstructuren vd
machtsuitoefening & scheiding der machten
- Grondwet bevat de fundamentele rechten & vrijheden van de mens
3 groepen bepalingen:
- Staatsstructuur: structuur België: federale overheid, daarnaast
gemeenschappen & gewesten
- Basisbeginselen: fundamenteel voor ons land, geen rechtstaat zonder
fundamentele beginselen, vb: scheiding der machten
- Rechten & vrijheden: verankerd in onze grondwet, ook fundamenteel, vb:
vrijheid van onderwijs -> iedereen moet onderwijs kunnen organiseren,
vrijheid meningsuiting -> kunnen zeggen wat je wil
2 Bestuursrecht: geen uitgesproken wetboek, wel veel wetten
- Regelgeving/ wetgeving van de uitvoerende macht: voeren wetgeving uit ->
regering
- Regelt inrichting & werking van uitvoerende macht -> statuut van
ambtenaren, werking ministers, gemeenten & provincies, onteigening,
stedenbouw & ruimtelijke ordening …
3 Fiscaal recht: belangrijke rechtstak: bepaalt financiën overheid, bepaalt relatie
burger/ onderneming tov overheid
- Regelt de staatsinkomsten: inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting,
btw…
- bv: btw wetboek, wetboek inkomstenbelasting (WIB): bepaalt wat je betaalt
op je inkomen
4 Strafrecht: belangrijke rechtstak, aantal handelingen in dagdagelijkse leven die
we in maatschappij niet kunnen aanvaarden (drugs, slagen)
- Geheel van normen die tot het behoud van de openbare orde & veiligheid
worden uitgevaardigd & bepaalt de misdrijven & straffen
- strafrecht: aantal handelingen waarvan strafboek zegt: onaanvaardbaar, toch
doen -> straf door strafrecht bepaald
- stelt zaken strafbaar
- eigene aan strafrecht: bv je steelt -> diefstal, klacht bij politie – parket beslist
of ze u vervolgen -> overheid die beslist u te vervolgen (niet burger waarvan
gestolen is), boete aan overheid betalen
- Strafwetboek: daden waarvan men zegt: sanctioneren + wat de sancties zijn
- Afzonderlijke wetten (talrijke bijzondere wetten bepalen andere misdrijven &
straffen)
5 Strafprocesrecht: juridische procedure die men volgt als gevolg dat het
strafrecht van toepassing is geweest
- Behoort tot het publiek recht
- Stelt dader tegenover gemeenschap, vertegenwoordigd door Openbaar
Ministerie
4
27/40 voor 10/20
(les 1)
Deel I: inleiding
Hoofdstuk 1: wat is recht?
1. Definitie van het recht
“recht is het geheel van bindende regels tot ordening van de samenleving in
beginsel opgelegd minstens bekrachtigd door de maatschappij en als zodanig
afdwingbaar gesteld”
Wat is recht?
Iedereen geconfronteerd met recht
Vb:
privé: kot: huurovereenkomst, bus: overeenkomt Lijn, cursus kopen:
overeenkomst -> recht
Professioneel: fraude: sancties, in beroep tegen beslissing universiteit
Beheerst ons leven
Samenleving wordt beheerst door vele regels
- Rechtsregels: regels die afdwingbaar zijn met maatschappelijk geweld
Afdwingbaar = bv: een wet is afdwingbaar → de overheid kan sancties opleggen
bij overtreding
- Rechtsregels kunnen afgedwongen worden met behulp van politionele
macht -> garandeert de effectieve naleving
- Sancties: beperken tot burgerlijke gevolgen (schadevergoeding)/ kleine
strafsancties (geldboetes)
- Rechtsregels zijn onvermijdelijk & fundamenteel -> scheppen duidelijkheid
& vermijden dat samenleving zou vervallen in voortdurende strijd van allen
tegen allen -> geïnstitutionaliseerde ordening van menselijk handelen
Recht bekomen: zelf voor zorgen, zelf doen, in beroep gaan -> zelf doen
Het recht behoort aan de waakzamen
- Omschrijving: bestaat uit 3 categorieën van regels:
1e component: regels die ons gedrag/ functioneren ordenen: recht moet ordenen,
belangrijke taak, hoe wij ons moeten gedragen -> moet ordenende functie
hebben
2e component: regels die recht kunnen afdwingen, anders geen recht, vb:
overheid: niet met 2 op step staan: ordenende regel, geen sancties & mogelijk
sancties afdwingen -> geen recht
1
,3e component: regels om eventueel bestaande recht te wijzigen/ af te schaffen:
recht voortdurend in evolutie dus belangrijk, voortdurend rechtsregels gewijzigd,
vb: vroeger voor grote groep, toekomst voor kleine groep -> recht gewijzigd
- Objectief recht <-> subjectief recht
Objectief recht (OR): rechtsregels zoals ze bestaan, vb: federale & Vlaamse, …
parlement maakt rechtsregels, zoals het in het leven wordt geroepen door
rechtgevende organen
-> het geheel van rechtsregels
Subjectief recht (SR): rechten die u ontleend aan OR, rechten die u toekomen die
u haalt uit recht hoe het bestaat en die u kan afdwingen voor de rechter, vb:
auteurswetgeving: objectief, bestaat, niemand afbeelding gebruiken zonder u
toestemming, vb foto hele aula -> niet op foto -> verdwijnen. Waarom: objectief
recht zegt dat, fotograaf maakt foto zonder u het weet, jij in vizier & op site ->
aan OR SR ontlenen
-> concretisering of individualisering van het objectief recht
Vb: Iemand post ongewild een foto van jou -> jouw Subjectief recht is dat jij
beroep kan doen op het objectieve Portretrecht
Vb: publieke SR: recht om te kiezen, verkozen worden, recht op afbeelding
(privaat)
Indeling van het recht
Welk recht kennen we?
Hoofdstuk 2: indeling van het nationaal recht
Onderscheid tussen nationaal recht & internationaal recht -> basis
onderverdeling
Nationaal: oorsprong in nationale bron, vb: Belgisch recht, fed & Vlaams
parlement maken regels -> Belgische instanties
Internationaal: recht voortvloeiend uit verdragen -> internationale bron, landen
sluiten verdragen, vb: VN: internationale overeenkomst, daaruit komen
rechtsregels voor
1: onderscheid privaat-publiek recht
1. Belang van het onderscheid
NATIONAAL RECHT:
2 deelgebieden:
- Privaat recht: recht dat relaties tussen burgers beheert/ zal bepalen, bv:
praten in les ->prof pakt boek en smijt het tegen lln -> gekwetst -> privaat
recht, prof aansprakelijk voor schade
2
,- Publiek recht: regelt relatie tussen burger & overheid, bv: fiscaal recht:
publiek want overheid zegt tegen u wat je moet betalen, relaties overheden
onderling: bv: Duitse taalgemeenschap met Franse
Onderscheid is fundamenteel & vormt basis van indeling van het recht
Privaatrecht -> traditie & vrijheid (contractuele verhoudingen op voet van
gelijkheid)
Publiekrecht -> eenzijdige dwingende overheidsbeslissingen (overheid in
functie van algemeen belang)
2. Wat valt er onder privaatrecht?
Rechtstakken: =(onderdeel recht)
1 Burgerlijk recht (BR): recht dat relaties tussen burgers regelt, recht geschreven
voor burgers
- overeenkomsten: huwen, scheiden, erfgenaam & aansprakelijkheid
- Waar: burgerlijk wetboek (BW): bijbel burgerlijk recht: bewijsrecht
- basisregels BR voortdurend vernieuwd
- BW: vernieuwd wetboek, nieuwe bepaling
- OBW: oud BW: nog niet vernieuwd
- Ook afzonderlijke wetgevingen
2 Ondernemingsrecht: recht geschreven voor ondernemingen (BR ook voor
ondernemingen, maar niet voor alles)
- Waarom: in ondernemingsleven moeten zaken vlugger & makkelijker zijn,
bewijzen van iets: belangrijk, bv: transactie zonder geschrift -> behoefte aan
soepeler recht
- Waar: wetboek van economisch recht (WER): alle economische wetgeving,
- hoe gestructureerd: boek 1 – 20, ieder boek behandelt aparte problematiek/
materie
- ook afzonderlijke wetgeving: vb: wetboek vennootschappen & verenigingen
(WVV), afzonderlijke wetten
3 Privaatrechtelijk procesrecht (=gerechtelijk recht): kunnen afdwingen van
rechtsregels, regelt heel onze gerechtelijke organisatie: aangeven welke
rechtbanken we in België hebben & regelt alle procedures: naar voltallige
rechtbank/ onmiddellijk naar rechter
- Waar: in gerechtelijk wetboek: hele gerechtelijke organisatie
- Ook afzonderlijke wetten
(Les 2)
3. publiekrecht
Wat behoort tot het publiek recht?
1 Grondwettelijk recht: in onze grondwet
3
, - Regelt de meest fundamentele inrichting van de staat, basisstructuren vd
machtsuitoefening & scheiding der machten
- Grondwet bevat de fundamentele rechten & vrijheden van de mens
3 groepen bepalingen:
- Staatsstructuur: structuur België: federale overheid, daarnaast
gemeenschappen & gewesten
- Basisbeginselen: fundamenteel voor ons land, geen rechtstaat zonder
fundamentele beginselen, vb: scheiding der machten
- Rechten & vrijheden: verankerd in onze grondwet, ook fundamenteel, vb:
vrijheid van onderwijs -> iedereen moet onderwijs kunnen organiseren,
vrijheid meningsuiting -> kunnen zeggen wat je wil
2 Bestuursrecht: geen uitgesproken wetboek, wel veel wetten
- Regelgeving/ wetgeving van de uitvoerende macht: voeren wetgeving uit ->
regering
- Regelt inrichting & werking van uitvoerende macht -> statuut van
ambtenaren, werking ministers, gemeenten & provincies, onteigening,
stedenbouw & ruimtelijke ordening …
3 Fiscaal recht: belangrijke rechtstak: bepaalt financiën overheid, bepaalt relatie
burger/ onderneming tov overheid
- Regelt de staatsinkomsten: inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting,
btw…
- bv: btw wetboek, wetboek inkomstenbelasting (WIB): bepaalt wat je betaalt
op je inkomen
4 Strafrecht: belangrijke rechtstak, aantal handelingen in dagdagelijkse leven die
we in maatschappij niet kunnen aanvaarden (drugs, slagen)
- Geheel van normen die tot het behoud van de openbare orde & veiligheid
worden uitgevaardigd & bepaalt de misdrijven & straffen
- strafrecht: aantal handelingen waarvan strafboek zegt: onaanvaardbaar, toch
doen -> straf door strafrecht bepaald
- stelt zaken strafbaar
- eigene aan strafrecht: bv je steelt -> diefstal, klacht bij politie – parket beslist
of ze u vervolgen -> overheid die beslist u te vervolgen (niet burger waarvan
gestolen is), boete aan overheid betalen
- Strafwetboek: daden waarvan men zegt: sanctioneren + wat de sancties zijn
- Afzonderlijke wetten (talrijke bijzondere wetten bepalen andere misdrijven &
straffen)
5 Strafprocesrecht: juridische procedure die men volgt als gevolg dat het
strafrecht van toepassing is geweest
- Behoort tot het publiek recht
- Stelt dader tegenover gemeenschap, vertegenwoordigd door Openbaar
Ministerie
4