Hoofdstuk 9
Uitwerking eindtermen 48 t/m 60
ET 48
De kandidaten kunnen uitleggen dat mensen de vrijheid hebben om zich op verschillende
manieren te verhouden tot hun eigen lichamelijkheid en daarvan voorbeelden geven.
Door lichaamscultuur wordt bepaald hoe de omgang met ons lichaam verloopt. Denk
hierbij aan social media. Mensen zien wat voor soort kleding dragen. Met deze kleding wordt
een identiteit uitgedrukt, we kunnen ons hiermee individualiseren. We worden dus beïnvloed
door plaatjes die we van anderen zien.
Er is geen volledige vrijheid, denk aan het moeten eten en drinken om te overleven en dat
we kleding moeten dragen zodat we niet onderkoeld raken. Toch kan men ook vrij zijn in
deze omgang, denk bijvoorbeeld aan mensen die ervoor kiezen om te vasten (niet eten)
omdat dit bijvoorbeeld past bij het geloof dat zij leiden. Hun instincten zijn hieraan dan
onderbepaald.
We verhouden ons tot ons lichaam doordat wij zelf de enige zijn die ons lichaam met onze
zenuwen kunnen aansturen, hierdoor zijn we baas over ons eigen lichaam.
Ondanks deze vrijheid doen we veel automatisch en zijn bepaalde gedragingen veranderd in
gewoontes. Daarnaast wordt ook door cultuur onze rede ingeperkt, we volgen de normen en
waarden van de cultuur en vanuit onze rede worden onze behoeftes en dus ons lichaam
aangestuurd.
ET 49
De kandidaten kunnen aan de hand van voorbeelden uitleggen dat mensen zich
onderscheiden van dieren door enerzijds een gebrekkig instinct en anderzijds door de
noodzaak zelf na te denken en hun eigen omgeving te vormen. Tevens kunnen ze uitleggen
dat de vrijheid die met die keuzes gepaard gaat om kan slaan in verslaving en het teniet
doen van individuele autonomie.
Nietzsche vond dat de mens een ziek dier was. Missen van een instinct is een nadeel en
een voordeel: nadeel is dat je niet zomaar op je instinct af kan gaan, voordeel is dat je de
noodzaak hebt om zelf na te denken en een eigen omgeving vormen.
Vrijheid die met keuzes gepaard gaat kan omslaan in verslaving en kan zo ten koste gaan
van de individuele autonomie. Deze vrijheid kan leiden tot verslaving, hierdoor raakt de
mens uit balans en is het gevangen door zijn verslaving. Het gevolg hiervan is dat hij niet
meer autonoom en vrij is.
Wij hebben natuurlijke behoeften, zoals eten. Deze behoeften doen we vanuit het verstand
omdat we weten dat ons lichaam het anders niet overleeft. Zo ga je niet dingen eten die niet
goed voor je zijn (bijv. rauw vlees, we weten dat we het gaar moeten maken omdat het
, anders slecht voor ons is). Daarnaast ontstaat er een eetcultuur, je eet met groepen en wat
je eet wordt onderdeel van je identiteit.
Heel veel oordelen die we hebben zijn vooroordelen, op basis van deze oordelen maken we
onze keuzes. Deze keuzes worden dus vaak onbewust gemaakt omdat we niet eens meer
doorhebben dat onze oordelen vooroordelen zijn.
ET 50
De kandidaten kunnen met behulp van voorbeelden uitleggen dat lichamelijke behoeftes en
verlangens onderdeel zijn van menselijke identiteit, een verstandelijke en culturele dimensie
hebben en niet zuiver particulier zijn.
Mensen hebben verschillende natuurlijke behoeftes en deze moeten met de ratio worden
ingevuld. Denk hierbij aan noodzakelijke behoeftes zoals eten en drinken.
Ook zijn er culturele behoeftes, deze behoeftes voelen noodzakelijk omdat je die altijd om je
heen hebt. Je denkt bijvoorbeeld dat je zelf iets kiest, terwijl dit vanuit je cultuur bepaald
wordt, denk bijvoorbeeld aan het geloof dat je volgt.
René Girard gaf aan dat mensen anderen kopiëren omdat men wil wat anderen ook willen,
dit wordt ook wel een mimetische begeerte genoemd. Door deze mimetische begeerte ben
je niet meer autonoom en dit kan leiden tot verslaving.
Max Horkheimer en Theodor Adorno waren het beiden eens dat de moderne
consumptiecultuur een totalitaire vernietiging van de menselijke uniciteit is.
ET 51
De kandidaten kunnen uitleggen dat door de techniek een ontlijving van het lichaam heeft
plaatsgevonden en dat het lichaam een consumptieartikel is geworden. Daarbij kunnen zij
de begrippen virtualisering, genot en manipulatie betrekken.
Ontlijving van het lichaam ontstaat door virtualisering, mogelijk gemaakt door high tech. De
techniek neemt als het ware onze lichamelijke activiteiten over. Bij oorlogen voeren niet
grondtroepen, maar digitale systemen acties uit. Door mechanisering zijn lichamelijke
inspanningen steeds minder nodig.
Ook bij wetgeving doet ontlijving zich voor, zo zijn lijfstraffen en openbare executies
verboden. De staat probeert het geweldsmonopolie zo weinig mogelijk te gebruiken.
Het lichaam is door virtualisering een consumptieartikel geworden. Het lichaam wordt
gebruikt om onszelf een prettig gevoel te geven, het is een genotzoeker geworden. We laten
ons lichaam manipuleren door tattoos of plastische chirurgie. Blijkbaar vinden we dat ons
imago iets zegt over hoe we als persoon in elkaar zitten. Een negatief gevolg van onze
zoektocht naar genot is verslaving.
ET 52
De kandidaten kunnen opvatting Bentham uitleggen, toepassen en beoordelen dat ons
handelen wordt bepaald door het nutsprincipe en de mens primair wordt begrepen als een
belichaamd zelf dat allerlei prikkels ondergaat en gedreven wordt door het najagen van
genot en het voorkomen van pijn. Tevens kunnen zij uitleggen dat Benthams benadering een