Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
Inleiding tot de financiële markten 1
Deel 1 financiële architectuur
Hoofdstuk 1 Financiële architectuur ontstaat niet spontaan
• Toeval?
o Neen, voorbeeld Aboriginals: zij hadden geen nood aan verandering en
waren niet “mee met de tijd”
• Financieel systeem
o Goldsmith: verbinding van instrumenten, instituties en markten
o Jager-verzamelaar
§ Sharing economy
• Gift economy: iets geven met een tegenverwachting
• Eerste concepten schuld, interest & ruil
§ Relatieve affluent society
• Neolithische revolutie
o Van foerageren (jagen) naar pastoralisme (domesticatie)
o Van rondtrekken naar sedentatie (settelen)
§ Domesticatie
• Uitbreiding naar landbouw
• Verandering technologie, urbanisatie
• Sociale stratificatie (wie leidt volk en wie werkt)
§ Agrarische maatschappen
• Eigendomsconcepten: behouden vee
• Belastingen behouden à data verzamelen en behouden
o Ontstaan eerste boekhouding, “geld”, schrift
• Registreren
o 9000 BC à kleitabletten met nam “enveloppen” met x aantal steentjes erin
o Spijkerschrift à ontstaan schrift door tellen en registreren
• Nijpend economisch probleem
o Niet samenvallen van behoeften
o Waarde toekennen aan goederen was moeilijk
§ Graan werd gebruik als waarde (numerair)
o Financiële concepten
§ Shât & Deben als rekeneenheden (Egypte)
§ Codex van Hammurabi: wetgeving Mesopotamië
• Leencontracten, verzekering, risicospreiding
• Van goederengeld naar munten
o Schelpen dienden als ‘geld’ en een ketting vormde het concept sparen
§ Rekeneenheid (numerair)
§ Opslagmiddel van vermogen (store of wealth)
§ Ruilmiddel (medium of exchange)
1
,Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
o Lydië
§ Zuiveringsproces goud à eerste munten van staters slaan
§ Concept: munthuis, gouden standaard
o Galliërs
§ Geld à pecunia komt van pecus = schapen (toenmalig ‘geld’)
§ Salaris à Romeinse soldaten werden betaald in zout (Salt)
o Romeinen
§ Eerste financiële intermediairs (avant-la-lettre)
§ Eerst vorm rechtspersoon en aandelen
• Middeleeuwen
o Ontstaan nieuwe steden (geen piramide bouw)
§ Luca Pacioli à concepten dubbel boekhouden, winst
§ Fibonacci à introductie Hindoe-Arabische getallen + handelsgerichte
rekentechnieken
o Netwerken
§ 9e eeuw: ontstaan koopmannen en agentnetwerken
§ Concept zwart geld (slechte kwaliteit van metalen)
§ Bankbiljetten
• Ontstaan in China
o Financiële infrastructuur
§ Nood aan wisselaars
§ Jaarmarkt Champagne
• Minimaliseren te betalen bedrag door max aantal handelaars
te betrekken
• Jaarmarktbrieven (schuld voor handelaar) werden
verhandelbaar à concept wissel (enkel op einde jaarmarkt)
o Endosseren: overdragen naar een andere partij
o Van wisselaars tot merchant-bankiers
§ Internationale spelers bezaten het grootkapitaal
§ Bv Medici in Italië
o Renteverbod katholieke kerk
§ Arabieren losten verbod op d.m.v. quotatie prijsverschil tussen
onmiddellijke betaling en uitgestelde betaling
§ Handelskrediet op rente NIET maar via commissie betaling wel
• Participeren winsten: Commenda
o Ontstaan financiële markten
§ Concept effecten
§ Overdraagbare obligaties à prestiti
§ Brugge
• Handel op vaste markt met herbergiers als
vertegenwoordigers
• Brugge verliest vaste markt aan Antwerpen door overstroming
o Eerste handelsbeurs aan de Meir
§ London
• Gresham à ontstaan Londense handelsbeurs (the exchange)
• Consols: perpetuele obligaties (niet opvragen door belegger)
§ Inval Spanjaarden: verhuis beurs naar Amsterdam
2
,Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
• Nederlandse republiek
o Introductie provinciale obligaties
o Innovatie
§ Lenen met onderpand
§ Lijfrenten: keert begunstige z’n leven jaarlijks een rente uit
• Actuariële methoden à Johan De Witt (waardering lijfrente)
§ Rechtspersoon en aandelen à kenden ondernemerschap
o Verenigd Oost-Indische company
§ Soort van ‘joint ventures’
• Iedereen kon vrijwillig/spontaan stoppen
• VOC à men betaalde een som aan de VOC voor een bepaald
aandeel, geld terugkrijgen ging niet (Dari – Mattiacci)
o Ontstaan beurs (aandelen terug liquide maken)
o Ontstaan dividenden (eerst specerijen)
e
o 17 eeuw
§ Eerste effectenbeurs Amsterdam
§ Speculatie leidt tot crashes
• Tulpmania (massaal investeringen in tulpen rond 17e eeuw)
e
o 18 eeuw
§ Loterijlening: getrokken loten werd uitgekeerd als lijfrente etc.
§ Opstellen leningen aan lage prijzen
• Winnaars verkregen bijkomende opbligatie
o Centrale banken
§ Amsterdamse Wisselbank à niet volwaardige centrale bank
• Wisselaar
• Introductie giraal geld (rekeningen) & bankgiro’s
§ 1e centrale bank: Zweedse rijkbank
• Financierde overheid
• Introductie papieren geld
Hoofdstuk 2 bouwstenen van de financiële architectuur
Bouwstenen
• 1) Betalen
o Geld ontstaat door nood aan handig betaalmiddel
• 2) Financieren
o Intertemporele allocatie van consumptie onder zekerheid
o Loskoppeling consumptie en moment van betaling
o 2 partijen
§ Haves
• Gezinnen, particulieren
§ Have nots
• Bedrijven: geven aandelen als schuldbewijs
§ Overbrugging tussen beiden
• Banken, financiële instellingen
3
, Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
o Directe financiering
§ Private leningen
§ Intercompany loans in een interne kapitaalmarkt
§ Staat los van gebruikte instrument
§ Wettelijke onderscheiding
• Private emissies
• Publieke emissies ( x > 100 mensen)
o Semi-direct (tussenpersonen)
§ Via makelaar (naam klant), commissionair (eigen rekening)
§ Crowdfunding
§ Fee business
• Fee wordt betaald aan financiële tussenpersoon
o Typologie financiële markten
§ 1) Primaire vs secundaire markt
§ 2) Geldmarkt vs kapitaalmarkt
• Geldmarkt: financiële activa met looptijd <1 jaar
o Eenvoudige rente
• Kapitaalmarkt: samengestelde rente
§ 3) Leningen (tijdsgebonden) vs effecten (niet tijd gebonden)
§ 4) Beursmarkt vs buitenbeursmarkt
§ 5) Prijsgedreven en ordergedreven markten
• Marktorders à order wordt uitgevoerd ongeacht prijs per
aandeel
o Ordergedreven: trader probeert max aantal
aankooporders te matchen aan verkooporders
• Limietorder à order wordt enkel uitgevoerd eens de
limietvoorwaarde is voldaan
§ 6) Contantmarkten vs termijnmarkten
• Contant: onmiddellijke afhandeling
• Termijn: speling tussen aankoop en betaling is groot (prijs
wordt vastgelegd)
§ 7) Vloerhandel vs schermenhandel
• Vloerhandel ouderwets (pit trading)
• Schermenhandel: gekend met high speed trading
§ 8) Nationale vs internationale markten
§ 9) Open versus gesloten markten
§ 10) gereglementeerd vs niet-gereglementeerd
§ 11) Wholesale (institutioneel) vs retail (particulier)
§ 12 bilateraal vs multilateraal
• Marktefficiëntie
o Investeringspolitiek is grotendeels afhankelijk van geloof sterkte markt
o Vormen
§ Zwakke vorm: historisch karakter
• Geen weet of koers gaat dalen of stijgen (zeer subjectief)
• Eventstudie
o Gebeurtenis bekijken en verschillende overnames
bestuderen voor creatie crosssectie
4
Inleiding tot de financiële markten 1
Inleiding tot de financiële markten 1
Deel 1 financiële architectuur
Hoofdstuk 1 Financiële architectuur ontstaat niet spontaan
• Toeval?
o Neen, voorbeeld Aboriginals: zij hadden geen nood aan verandering en
waren niet “mee met de tijd”
• Financieel systeem
o Goldsmith: verbinding van instrumenten, instituties en markten
o Jager-verzamelaar
§ Sharing economy
• Gift economy: iets geven met een tegenverwachting
• Eerste concepten schuld, interest & ruil
§ Relatieve affluent society
• Neolithische revolutie
o Van foerageren (jagen) naar pastoralisme (domesticatie)
o Van rondtrekken naar sedentatie (settelen)
§ Domesticatie
• Uitbreiding naar landbouw
• Verandering technologie, urbanisatie
• Sociale stratificatie (wie leidt volk en wie werkt)
§ Agrarische maatschappen
• Eigendomsconcepten: behouden vee
• Belastingen behouden à data verzamelen en behouden
o Ontstaan eerste boekhouding, “geld”, schrift
• Registreren
o 9000 BC à kleitabletten met nam “enveloppen” met x aantal steentjes erin
o Spijkerschrift à ontstaan schrift door tellen en registreren
• Nijpend economisch probleem
o Niet samenvallen van behoeften
o Waarde toekennen aan goederen was moeilijk
§ Graan werd gebruik als waarde (numerair)
o Financiële concepten
§ Shât & Deben als rekeneenheden (Egypte)
§ Codex van Hammurabi: wetgeving Mesopotamië
• Leencontracten, verzekering, risicospreiding
• Van goederengeld naar munten
o Schelpen dienden als ‘geld’ en een ketting vormde het concept sparen
§ Rekeneenheid (numerair)
§ Opslagmiddel van vermogen (store of wealth)
§ Ruilmiddel (medium of exchange)
1
,Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
o Lydië
§ Zuiveringsproces goud à eerste munten van staters slaan
§ Concept: munthuis, gouden standaard
o Galliërs
§ Geld à pecunia komt van pecus = schapen (toenmalig ‘geld’)
§ Salaris à Romeinse soldaten werden betaald in zout (Salt)
o Romeinen
§ Eerste financiële intermediairs (avant-la-lettre)
§ Eerst vorm rechtspersoon en aandelen
• Middeleeuwen
o Ontstaan nieuwe steden (geen piramide bouw)
§ Luca Pacioli à concepten dubbel boekhouden, winst
§ Fibonacci à introductie Hindoe-Arabische getallen + handelsgerichte
rekentechnieken
o Netwerken
§ 9e eeuw: ontstaan koopmannen en agentnetwerken
§ Concept zwart geld (slechte kwaliteit van metalen)
§ Bankbiljetten
• Ontstaan in China
o Financiële infrastructuur
§ Nood aan wisselaars
§ Jaarmarkt Champagne
• Minimaliseren te betalen bedrag door max aantal handelaars
te betrekken
• Jaarmarktbrieven (schuld voor handelaar) werden
verhandelbaar à concept wissel (enkel op einde jaarmarkt)
o Endosseren: overdragen naar een andere partij
o Van wisselaars tot merchant-bankiers
§ Internationale spelers bezaten het grootkapitaal
§ Bv Medici in Italië
o Renteverbod katholieke kerk
§ Arabieren losten verbod op d.m.v. quotatie prijsverschil tussen
onmiddellijke betaling en uitgestelde betaling
§ Handelskrediet op rente NIET maar via commissie betaling wel
• Participeren winsten: Commenda
o Ontstaan financiële markten
§ Concept effecten
§ Overdraagbare obligaties à prestiti
§ Brugge
• Handel op vaste markt met herbergiers als
vertegenwoordigers
• Brugge verliest vaste markt aan Antwerpen door overstroming
o Eerste handelsbeurs aan de Meir
§ London
• Gresham à ontstaan Londense handelsbeurs (the exchange)
• Consols: perpetuele obligaties (niet opvragen door belegger)
§ Inval Spanjaarden: verhuis beurs naar Amsterdam
2
,Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
• Nederlandse republiek
o Introductie provinciale obligaties
o Innovatie
§ Lenen met onderpand
§ Lijfrenten: keert begunstige z’n leven jaarlijks een rente uit
• Actuariële methoden à Johan De Witt (waardering lijfrente)
§ Rechtspersoon en aandelen à kenden ondernemerschap
o Verenigd Oost-Indische company
§ Soort van ‘joint ventures’
• Iedereen kon vrijwillig/spontaan stoppen
• VOC à men betaalde een som aan de VOC voor een bepaald
aandeel, geld terugkrijgen ging niet (Dari – Mattiacci)
o Ontstaan beurs (aandelen terug liquide maken)
o Ontstaan dividenden (eerst specerijen)
e
o 17 eeuw
§ Eerste effectenbeurs Amsterdam
§ Speculatie leidt tot crashes
• Tulpmania (massaal investeringen in tulpen rond 17e eeuw)
e
o 18 eeuw
§ Loterijlening: getrokken loten werd uitgekeerd als lijfrente etc.
§ Opstellen leningen aan lage prijzen
• Winnaars verkregen bijkomende opbligatie
o Centrale banken
§ Amsterdamse Wisselbank à niet volwaardige centrale bank
• Wisselaar
• Introductie giraal geld (rekeningen) & bankgiro’s
§ 1e centrale bank: Zweedse rijkbank
• Financierde overheid
• Introductie papieren geld
Hoofdstuk 2 bouwstenen van de financiële architectuur
Bouwstenen
• 1) Betalen
o Geld ontstaat door nood aan handig betaalmiddel
• 2) Financieren
o Intertemporele allocatie van consumptie onder zekerheid
o Loskoppeling consumptie en moment van betaling
o 2 partijen
§ Haves
• Gezinnen, particulieren
§ Have nots
• Bedrijven: geven aandelen als schuldbewijs
§ Overbrugging tussen beiden
• Banken, financiële instellingen
3
, Academiejaar 2020-2021 2e semester
Inleiding tot de financiële markten 1
o Directe financiering
§ Private leningen
§ Intercompany loans in een interne kapitaalmarkt
§ Staat los van gebruikte instrument
§ Wettelijke onderscheiding
• Private emissies
• Publieke emissies ( x > 100 mensen)
o Semi-direct (tussenpersonen)
§ Via makelaar (naam klant), commissionair (eigen rekening)
§ Crowdfunding
§ Fee business
• Fee wordt betaald aan financiële tussenpersoon
o Typologie financiële markten
§ 1) Primaire vs secundaire markt
§ 2) Geldmarkt vs kapitaalmarkt
• Geldmarkt: financiële activa met looptijd <1 jaar
o Eenvoudige rente
• Kapitaalmarkt: samengestelde rente
§ 3) Leningen (tijdsgebonden) vs effecten (niet tijd gebonden)
§ 4) Beursmarkt vs buitenbeursmarkt
§ 5) Prijsgedreven en ordergedreven markten
• Marktorders à order wordt uitgevoerd ongeacht prijs per
aandeel
o Ordergedreven: trader probeert max aantal
aankooporders te matchen aan verkooporders
• Limietorder à order wordt enkel uitgevoerd eens de
limietvoorwaarde is voldaan
§ 6) Contantmarkten vs termijnmarkten
• Contant: onmiddellijke afhandeling
• Termijn: speling tussen aankoop en betaling is groot (prijs
wordt vastgelegd)
§ 7) Vloerhandel vs schermenhandel
• Vloerhandel ouderwets (pit trading)
• Schermenhandel: gekend met high speed trading
§ 8) Nationale vs internationale markten
§ 9) Open versus gesloten markten
§ 10) gereglementeerd vs niet-gereglementeerd
§ 11) Wholesale (institutioneel) vs retail (particulier)
§ 12 bilateraal vs multilateraal
• Marktefficiëntie
o Investeringspolitiek is grotendeels afhankelijk van geloof sterkte markt
o Vormen
§ Zwakke vorm: historisch karakter
• Geen weet of koers gaat dalen of stijgen (zeer subjectief)
• Eventstudie
o Gebeurtenis bekijken en verschillende overnames
bestuderen voor creatie crosssectie
4