8.1 De verlichting
KA: Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de
samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.
Wat is de verlichting?
In de 18e eeuw ontstond er een nieuwe kritische manier van denken, de verlichting. In de
verlichting was het gebruik van de ratio heel belangrijk. De verlicht denkers hielden zich niet
alleen bezig met de relatie van God tot de natuur, maar ze waren ook heel kritisch over de
samenleving en de rol van de kerk. Zo vonden verlicht denkers dat er teveel onnodige
onderdrukking, armoede en uitbuiting plaatsvond. Het welzijn van de bevolking moest op
rationele wijze verbeterd worden. Hierbij was opvoeding en goede scholing erg belangrijk.
Doordat mensen goed opgeleid en opgevoed zouden zijn zag de toekomst er positief uit,
veel denkers waren optimistisch over wat de mensheid zou kunnen bereiken. Er waren ook
denkers zoals Rousseau die juist dachten dat de ontwikkeling in de westerse wereld eerder
als een afwijking van wat oorspronkelijk goed was geweest. Verlichte denkers
discussieerden hier dan ook veel over, alles werd kritisch bekeken en onderzocht. Er waren
veel verschillenden meningen.
Belangrijke debatten tussen verlichte denkers
Verlichte denkers dachten over veel verschillende onderwerpen na; dit zijn de belangrijkste:
God: denkers kwamen er steeds vaker achter dat wonderen een wetenschappelijke
verklaring hadden. Zo worden ook mythes als heksen bekritiseerd. Verlicht denkers
begonnen te twijfelen aan de rol van God en aan de Bijbel, maar veel verlichte denkers
vonden wel dat men afwijkende religieuze opvattingen niet moest verbieden. Verlicht
denkers begonnen wel te discussiëren over de rol van God, hierbij komt ook het
mechanisme wereldbeeld kijken (deïsme).
Moraal: verlicht denkers dachten religies en interpetaties van heilige geschriften niet al het
handelen van de mens moest bepalen. Het verstand gebruiken en een moraal volgen wat tot
nut was voor heel de samenleving was volgens hen veel belangrijker.
Politiek en staat: over politiek en staat ontstonden drie belangrijke nieuwe ideeën.
- John Locke vond dat alle mensen natuurlijke rechten hadden. Men kon niet al deze
rechten voor zichzelf waarborgen en had daarvoor een ‘overheid’ nodig. Als deze
regering faalt zullen de burgers zich verzetten.
- Rousseau geloofde in de volkssoevereiniteit de burgers kunnen hun macht altijd
terugnemen als de regering niet de gezamenlijke wil van de burgers uitvoert.
- Montesquieu kwam met de scheiding der machten
Rechtspraak: de rationele manier van denken werd ook toegepast op het strafrecht. Zo
vonden zij bewijzen vaak onbetrouwbaar, ook werden de straffen irrationeel gevonden.
Ontwikkeling van volken: er werden ook verschillende soorten religies gelijkwaardig met
elkaar vergeleken. Cultuurrelativisme bleef in die tijd heel controversieel. Ook volken werden
vergeleken. Europa werd wel meest ontwikkeld gezien wat bijdroeg aan het Europese
superioriteitsgevoel. Een volk kon zich verder ontwikkelen door de tijd heen.
KA: Rationeel optimisme en ‘verlicht denken’ dat werd toegepast op alle terreinen van de
samenleving: godsdienst, politiek, economie en sociale verhoudingen.
Wat is de verlichting?
In de 18e eeuw ontstond er een nieuwe kritische manier van denken, de verlichting. In de
verlichting was het gebruik van de ratio heel belangrijk. De verlicht denkers hielden zich niet
alleen bezig met de relatie van God tot de natuur, maar ze waren ook heel kritisch over de
samenleving en de rol van de kerk. Zo vonden verlicht denkers dat er teveel onnodige
onderdrukking, armoede en uitbuiting plaatsvond. Het welzijn van de bevolking moest op
rationele wijze verbeterd worden. Hierbij was opvoeding en goede scholing erg belangrijk.
Doordat mensen goed opgeleid en opgevoed zouden zijn zag de toekomst er positief uit,
veel denkers waren optimistisch over wat de mensheid zou kunnen bereiken. Er waren ook
denkers zoals Rousseau die juist dachten dat de ontwikkeling in de westerse wereld eerder
als een afwijking van wat oorspronkelijk goed was geweest. Verlichte denkers
discussieerden hier dan ook veel over, alles werd kritisch bekeken en onderzocht. Er waren
veel verschillenden meningen.
Belangrijke debatten tussen verlichte denkers
Verlichte denkers dachten over veel verschillende onderwerpen na; dit zijn de belangrijkste:
God: denkers kwamen er steeds vaker achter dat wonderen een wetenschappelijke
verklaring hadden. Zo worden ook mythes als heksen bekritiseerd. Verlicht denkers
begonnen te twijfelen aan de rol van God en aan de Bijbel, maar veel verlichte denkers
vonden wel dat men afwijkende religieuze opvattingen niet moest verbieden. Verlicht
denkers begonnen wel te discussiëren over de rol van God, hierbij komt ook het
mechanisme wereldbeeld kijken (deïsme).
Moraal: verlicht denkers dachten religies en interpetaties van heilige geschriften niet al het
handelen van de mens moest bepalen. Het verstand gebruiken en een moraal volgen wat tot
nut was voor heel de samenleving was volgens hen veel belangrijker.
Politiek en staat: over politiek en staat ontstonden drie belangrijke nieuwe ideeën.
- John Locke vond dat alle mensen natuurlijke rechten hadden. Men kon niet al deze
rechten voor zichzelf waarborgen en had daarvoor een ‘overheid’ nodig. Als deze
regering faalt zullen de burgers zich verzetten.
- Rousseau geloofde in de volkssoevereiniteit de burgers kunnen hun macht altijd
terugnemen als de regering niet de gezamenlijke wil van de burgers uitvoert.
- Montesquieu kwam met de scheiding der machten
Rechtspraak: de rationele manier van denken werd ook toegepast op het strafrecht. Zo
vonden zij bewijzen vaak onbetrouwbaar, ook werden de straffen irrationeel gevonden.
Ontwikkeling van volken: er werden ook verschillende soorten religies gelijkwaardig met
elkaar vergeleken. Cultuurrelativisme bleef in die tijd heel controversieel. Ook volken werden
vergeleken. Europa werd wel meest ontwikkeld gezien wat bijdroeg aan het Europese
superioriteitsgevoel. Een volk kon zich verder ontwikkelen door de tijd heen.