VOORKOMING DUBBELE BELASTING ........................................................................................................... 2
ART. 47 BVDB ........................................................................................................................................................ 2
ART. 48 BVDB ........................................................................................................................................................ 2
ART. 49 BVDB ........................................................................................................................................................ 2
SAMENLOOP SCHENK- EN OVERDRACHTSBELASTING ................................................................................... 3
AFGEZONDERD PARTICULIER VERMOGEN (APV) .......................................................................................... 4
NATUURSCHOONWET 1928 ........................................................................................................................ 5
, Voorkoming dubbele belasting
Art. 47 BVDB
Dit artikel ziet op situaties waarin er dubbele belasting is op grond van het woonplaats- en
situsbeginsel. Het situsbeginsel moet worden uitgelegd naar Nederlandse maatstaven (lid 1).
Nederland vindt een heffing op basis van het situsbeginsel een sterker heffingsrecht dan een heffing
op basis van het woonplaatsbeginsel. Als Nederland wil heffen op basis van het woonplaatsbeginsel
geeft Nederland een aftrek ter voorkoming van dubbele belasting. Dit doet Nederland met behulp van
een ‘ordinary credit’. Dit komt erop neer dat de aftrek het laagste is van:
• Heffing over situsgoederen in andere land; en
• Evenredig over situsgoederen verschuldigde Nederlandse heffing.
Voorbeeld
• X overlijdt als inwoner van Nederland
• Totaal bezittingen waard: € 300.000, waarvan huis in Frankrijk van € 80.000
• Totaal schulden waard: € 100.000, waarvan schuld in verband met Frankrijk van € 60.000
• Zoon Y is enig erfgenaam
Erfbelasting
• Y verkrijgt € 200.000, vrijstelling € 21.282, erfbelasting € 22.868
• Erfbelasting Frankrijk: € 1.000
• Voorkoming volgens evenredigheid:
(€ 80.000 -/- € 60.000)
(€ 300.000 -/- € 100.000 - € 21.282) x € 22.868 = € 2.559
• Voorkoming gemaximeerd op € 1.000, zijnde de Franse erfbelasting
Art. 48 BVDB
Dit artikel ziet op situaties waarin er dubbele belasting is op grond van de woonplaatsfictie
en situsbeginsel/woonplaatsbeginsel. Het heffingsrecht van het woonland is sterker dan de
woonplaatsfictie. Nederland treedt dan terug, onafhankelijk van het beginsel van heffing van het
woonland. Nederland geeft een ‘ordinary credit’. Dit komt erop neer dat de aftrek het laagste is van:
• Heffing in andere land; en
• Verschuldigde Nederlandse heffing.
Art. 49 BVDB
Dit artikel is de restregeling. Dit artikel geldt als de voorgaande artikelen niet van toepassing zijn.
Bijvoorbeeld de volgende situatie: een (fictief) in Nederland wonende erflater/schenker en heffing
door buitenland over in dat land gelegen goederen die in het buitenland wel en in Nederland niet als
situsgoederen worden aangemerkt.
De Nederlandse aftrekregeling is als volgt: de buitenlandse heffing komt in mindering op de verkrijging
(aftrekpost).
De verminderingen als bedoeld in art. 47 t/m 49 BVDB worden per verkrijger berekend (art. 50 BVDB).
Art. 51 BVDB bepaalt dat de bepalingen van art. 47 t/m 50 BVDB ook gelden voor de schenkbelasting.