Werking van het ruggenmerg
• Stijgende banen (sensibel)
o Gaan van lichaam naar hersenen
o Vervoeren gevoelssignalen zoals:
o Pijn
o Temperatuur
o Druk
o Tast en proprioceptie (positiegevoel) via de achterstrengen
• Dalende banen
o Gaan van hersenen naar lichaam
o Vervoeren beweging-signalen naar spieren
Reflexen
• Reflex: Een snelle, automatische reactie op een prikkel, zonder tussenkomst van de
hersenen.
• Route reflexboog:
1. Prikkel → sensorisch neuron
2. Verwerking in ruggenmerg
3. Reactie → motorisch neuron → spier (effector)
o Monosynaptisch: 1 synaps (bv kniepeesreflex)
o Polysynaptisch: meerdere synapsen (complexere reflexen)
• soorten reflexen:
o spinale reflex : houdt balans, voorkomt extreme bewegingen
o rekreflex: kniepeesreflex met reflexhamer
o buigreflex: arm strekt terug bij prikkel
o autonome reflex: pupilreflex bij licht (bescherming)
o primitieve reflexen: aanwezig bij baby’s; terugkeer bij volwassenen = mogelijk
hersenprobleem
• reflexen horen symmetrisch te zijn
• Afwezige reflex (areflexie) → schade aan perifeer zenuwstelsel (PMN)
• Overdreven reflex (hyperreflexie) → schade aan centraal zenuwstelsel (CMN) (remming
valt weg)
Motorische aansturing
• Motoriek: aansturing van willekeurige spierbewegingen
• Bestaan uit:
o Grove motoriek – grote bewegingen
o Fijne motoriek – precieze bewegingen
• Route van motorische signaal
→ Hersenen → hersenstam → ruggenmerg → voorwortel → spinale zenuw → plexus → perifere
zenuw → spiervezel
• Normale spiertonus: lichte, voortdurende spanning in spieren
• Reflexmatige bewegingen: reflexen
, CMN (centraal motorisch neuron)
• Cellichaam Bevindt zich in de primaire motorische schors (frontale kwab van de
hersenen)
• Functies:
o Stuurt bewegingen aan
o Remt reflexen zodat spieren niet te gespannen raken
• Loopt als een bundel axonen door het ruggenmerg naar beneden
• CMN zit in het centrale zenuwstelsel (hersenen, hersenstam, ruggenmerg)
• Ziektes die kunnen voorkomen:
o Herseninfarct
o Hersenbloeding
o Hersentumor
o Cerebrale parese
• Al kan CMN niet activeren door leasie zal PMN ook niet kunnen activeren of leasie in
PMN waardoor spier niet tot activatie komt
o Gevolg Netto-effect: geen spierkracht meer (paralyse) / verminderde spierkracht
(parese)
• Als CMN uitvalt: CMN kan reflexboog niet meer remmen
o Reflexen worden overactief
o Gevolg:
o Spierspanning stijgt (hypertonie)
o Reflexen worden sterker (hyperreflexie)
PMN (perifeer motorisch neuron)
• Cellichaam in voorhoorn van het ruggenmerg, Het axon verlaat het CZS via de
voorwortel en loopt verder door het perifere zenuwstelsel (PZS).
• Ontvangen signalen van het CMN en stuurt die door naar de spieren
• Ligt dus tussen het ruggenmerg en de spieren
• PMN zit in het perifere zenuwstelsel, maar begint in het ruggenmerg (verbindt centraal
met perifeer) (ruggenmerg, wortels, plexus en zenuwen)
• Ziektes die kunnen voorkomen:
o Hernia
o Plexusleasie
o Ziekte van duchenne
• leasie in PMN waardoor spier niet tot activatie komt
o Gevolg Netto-effect: geen spierkracht meer (paralyse) / verminderde spierkracht
(parese)
• Als PMN uitvalt: PMN krijgt geen signaal meer van CMN én wordt niet meer via reflexen
geactiveerd
o Gevolg netto-effect: geen spierspanning (atonie) / verminderde spierspanning
(hypotonie)
o en geen reflex (areflexie) / verminderde reflex ( hyporeflexie)
• Stijgende banen (sensibel)
o Gaan van lichaam naar hersenen
o Vervoeren gevoelssignalen zoals:
o Pijn
o Temperatuur
o Druk
o Tast en proprioceptie (positiegevoel) via de achterstrengen
• Dalende banen
o Gaan van hersenen naar lichaam
o Vervoeren beweging-signalen naar spieren
Reflexen
• Reflex: Een snelle, automatische reactie op een prikkel, zonder tussenkomst van de
hersenen.
• Route reflexboog:
1. Prikkel → sensorisch neuron
2. Verwerking in ruggenmerg
3. Reactie → motorisch neuron → spier (effector)
o Monosynaptisch: 1 synaps (bv kniepeesreflex)
o Polysynaptisch: meerdere synapsen (complexere reflexen)
• soorten reflexen:
o spinale reflex : houdt balans, voorkomt extreme bewegingen
o rekreflex: kniepeesreflex met reflexhamer
o buigreflex: arm strekt terug bij prikkel
o autonome reflex: pupilreflex bij licht (bescherming)
o primitieve reflexen: aanwezig bij baby’s; terugkeer bij volwassenen = mogelijk
hersenprobleem
• reflexen horen symmetrisch te zijn
• Afwezige reflex (areflexie) → schade aan perifeer zenuwstelsel (PMN)
• Overdreven reflex (hyperreflexie) → schade aan centraal zenuwstelsel (CMN) (remming
valt weg)
Motorische aansturing
• Motoriek: aansturing van willekeurige spierbewegingen
• Bestaan uit:
o Grove motoriek – grote bewegingen
o Fijne motoriek – precieze bewegingen
• Route van motorische signaal
→ Hersenen → hersenstam → ruggenmerg → voorwortel → spinale zenuw → plexus → perifere
zenuw → spiervezel
• Normale spiertonus: lichte, voortdurende spanning in spieren
• Reflexmatige bewegingen: reflexen
, CMN (centraal motorisch neuron)
• Cellichaam Bevindt zich in de primaire motorische schors (frontale kwab van de
hersenen)
• Functies:
o Stuurt bewegingen aan
o Remt reflexen zodat spieren niet te gespannen raken
• Loopt als een bundel axonen door het ruggenmerg naar beneden
• CMN zit in het centrale zenuwstelsel (hersenen, hersenstam, ruggenmerg)
• Ziektes die kunnen voorkomen:
o Herseninfarct
o Hersenbloeding
o Hersentumor
o Cerebrale parese
• Al kan CMN niet activeren door leasie zal PMN ook niet kunnen activeren of leasie in
PMN waardoor spier niet tot activatie komt
o Gevolg Netto-effect: geen spierkracht meer (paralyse) / verminderde spierkracht
(parese)
• Als CMN uitvalt: CMN kan reflexboog niet meer remmen
o Reflexen worden overactief
o Gevolg:
o Spierspanning stijgt (hypertonie)
o Reflexen worden sterker (hyperreflexie)
PMN (perifeer motorisch neuron)
• Cellichaam in voorhoorn van het ruggenmerg, Het axon verlaat het CZS via de
voorwortel en loopt verder door het perifere zenuwstelsel (PZS).
• Ontvangen signalen van het CMN en stuurt die door naar de spieren
• Ligt dus tussen het ruggenmerg en de spieren
• PMN zit in het perifere zenuwstelsel, maar begint in het ruggenmerg (verbindt centraal
met perifeer) (ruggenmerg, wortels, plexus en zenuwen)
• Ziektes die kunnen voorkomen:
o Hernia
o Plexusleasie
o Ziekte van duchenne
• leasie in PMN waardoor spier niet tot activatie komt
o Gevolg Netto-effect: geen spierkracht meer (paralyse) / verminderde spierkracht
(parese)
• Als PMN uitvalt: PMN krijgt geen signaal meer van CMN én wordt niet meer via reflexen
geactiveerd
o Gevolg netto-effect: geen spierspanning (atonie) / verminderde spierspanning
(hypotonie)
o en geen reflex (areflexie) / verminderde reflex ( hyporeflexie)