Hoorcollege 7 (22 september)
Politieke cultuur:
Almond en Verba (1963): 3 typen politieke cultuur:
Participant political culture
Subject politcal culture
Parochial politcal culture
Mix: civic political culture
Post materialisme:
Ronald Inglehart: materialisme-> postmaterialisme
Het ging steeds beter dus mensen hadden ruimte om zichzelf te ontplooien.
Inglehart vergelijkt:
Over de tijd
Tussen landen
Binnen landen en tussen groepen
Maatschappelijke scheidslijnen:
Lipset en Rokkan (1967): scheidslijnen sinds de industriële revolutie
Centrum vs periferie
Staat vs kerk
Eigenaar vs arbeider
Nieuwe scheidslijnen:
Winnaar vs verliezer
Steekproeven en peilingen
Populatie en steekproef
Populatie (N)
Steekproef (n)
Vaak kun je niet een hele populatie onderzoeken en is een steekproef vereist.
Om je bevindingen te kunnen generaliseren, moet ieder lid van populatie evenveel
kans hebben in de steekproef terecht te komen.
Vanuit de steekproef kun je alleen uitspraken doen over de populatie
waaruit je de steekproef hebt getrokken
Toevalsfouten en foutmarges
Systematische fouten en huiseffecten
Hoorcollege 8 (24 september)
, Media beste communicatiekanaal tussen deze lagen.
Media wordt soms ook wel de vierde macht genoemd van de trias politica.
Massa media:
Ontwikkeling:
- Kranten
- Radio
- Televisie
- Internet en sociale media
Grotere invloed dagelijks leven
Mediabedrijven machtige economische speler (Meta, Microsoft en google)
Theoretische benadering
1. Het pluralistische model:
Diversiteit, versterking democratie
Verschillende perspectieven houden elkaar in stand
2. Het dominante ideologie model
Invloed economische elites
Veel media zijn niet neutraal, ze hebben belangen. Invloed van
economische elites in de media.
Kritiek: je moet altijd kritisch zijn.
3. Het elitewaarden model
- Journalisten zelf biased
- Journalisten zelf hebben bepaalde ideeën bij allerlei maatschappelijke
kwesties en die kunnen ze niet altijd verbergen.
- Kritiek: niet de journalisten, maar de grote machthebbers die doorklinken
in berichtgeving.
4. Het marktmodel
- Reflectie van wat publiek wil horen/zien/lezen
- Media zijn commerciële bedrijven, dus vooral geïnteresseerd in wat hun
publiek wil zien, dus luchtig nieuws en niet te ingewikkeld. Gaat om geld,
abonnees en kijkcijfers.
Media en democratie:
- Vrije media zijn goed voor de democratie om twee redenen:
1. Ze bevorderen debat en betrokkenheid
Informatie-> educatie -> betrokkenheid
Bijvoorbeeld interviews met lijsttrekkers, aanvulling van wat er in het
parlement gebeurt.
2. Ze vormen een extra controle op machtsmisbruik
Watergate
Pentagon papers
Toeslagen schandaal
Wikileaks
Maar: waar ligt de grens?
Media en autoritarisme
Propaganda:
Politieke cultuur:
Almond en Verba (1963): 3 typen politieke cultuur:
Participant political culture
Subject politcal culture
Parochial politcal culture
Mix: civic political culture
Post materialisme:
Ronald Inglehart: materialisme-> postmaterialisme
Het ging steeds beter dus mensen hadden ruimte om zichzelf te ontplooien.
Inglehart vergelijkt:
Over de tijd
Tussen landen
Binnen landen en tussen groepen
Maatschappelijke scheidslijnen:
Lipset en Rokkan (1967): scheidslijnen sinds de industriële revolutie
Centrum vs periferie
Staat vs kerk
Eigenaar vs arbeider
Nieuwe scheidslijnen:
Winnaar vs verliezer
Steekproeven en peilingen
Populatie en steekproef
Populatie (N)
Steekproef (n)
Vaak kun je niet een hele populatie onderzoeken en is een steekproef vereist.
Om je bevindingen te kunnen generaliseren, moet ieder lid van populatie evenveel
kans hebben in de steekproef terecht te komen.
Vanuit de steekproef kun je alleen uitspraken doen over de populatie
waaruit je de steekproef hebt getrokken
Toevalsfouten en foutmarges
Systematische fouten en huiseffecten
Hoorcollege 8 (24 september)
, Media beste communicatiekanaal tussen deze lagen.
Media wordt soms ook wel de vierde macht genoemd van de trias politica.
Massa media:
Ontwikkeling:
- Kranten
- Radio
- Televisie
- Internet en sociale media
Grotere invloed dagelijks leven
Mediabedrijven machtige economische speler (Meta, Microsoft en google)
Theoretische benadering
1. Het pluralistische model:
Diversiteit, versterking democratie
Verschillende perspectieven houden elkaar in stand
2. Het dominante ideologie model
Invloed economische elites
Veel media zijn niet neutraal, ze hebben belangen. Invloed van
economische elites in de media.
Kritiek: je moet altijd kritisch zijn.
3. Het elitewaarden model
- Journalisten zelf biased
- Journalisten zelf hebben bepaalde ideeën bij allerlei maatschappelijke
kwesties en die kunnen ze niet altijd verbergen.
- Kritiek: niet de journalisten, maar de grote machthebbers die doorklinken
in berichtgeving.
4. Het marktmodel
- Reflectie van wat publiek wil horen/zien/lezen
- Media zijn commerciële bedrijven, dus vooral geïnteresseerd in wat hun
publiek wil zien, dus luchtig nieuws en niet te ingewikkeld. Gaat om geld,
abonnees en kijkcijfers.
Media en democratie:
- Vrije media zijn goed voor de democratie om twee redenen:
1. Ze bevorderen debat en betrokkenheid
Informatie-> educatie -> betrokkenheid
Bijvoorbeeld interviews met lijsttrekkers, aanvulling van wat er in het
parlement gebeurt.
2. Ze vormen een extra controle op machtsmisbruik
Watergate
Pentagon papers
Toeslagen schandaal
Wikileaks
Maar: waar ligt de grens?
Media en autoritarisme
Propaganda: