Inhoudsopgave
HC 1 INTRO................................................................................................................................................ 2
HC 1.2 Veranderaanpak (Caluwé & Kotter) ................................................................................................. 4
HC 1.3 Communicatie bij organisatieveranderingen .................................................................................... 6
HC 2.1 Weerstand en leiderschap .............................................................................................................. 11
HC 2.2 Organisatiecultuur & change vermogen ......................................................................................... 16
1
, VRMA | Elze van de Wetering | AD-05
HC 1 INTRO
Wat is veranderemanagement
Is een aanpak voor het veranderen van personen, processen en middelen met behulp van
bepaalde methoden met als doel betere resultaten te bereiken
Reden voor verandering
- Omstandigheden die organisatieveranderingen bevorderen
o Een dramaische crisis
o Leiderschapswisseling
o Fase in de levenscyclus
o Leeftijd van de organisatie
o Grootte van de organisatie
o Sterkte van de aanwezige cultuur
- Interne en externe krachten
Kleine veranderingen = incremental change
Type verandering Grundy
2
, VRMA | Elze van de Wetering | AD-05
Lewin – 3 stadia
Quasi- evenwicht (IST)
1. Unfreeze = onder de aandacht brengen
a. Ensures that employees are ready for
change
2. Change = uitvoeren (moving) (GAP)
a. Execute the intended change
3. Refreeze = vastleggen veranderingen
a. Ensures that the change becomes permanent
Quasi-evenwicht (SOLL)
Huidige situatie (IST)
- Analyse van de huidige situatie
o 7-S model / trends
Gewenste toekomstige situatie (SOLL)
Waar zit de kloof (GAP)
Het 7-s Model Mc Kinsey
1. Personeel = belangrijke categorieën van mensen
2. Vaardigheden = onderscheidende capaciteiten van belangrijke mensen
3. Systemen = routineprocessen
4. Stijl = managementstijl en cultuur
5. Gedeelde waarden strategie = leidende principes
6. Strategie = organisatiedoelen en plan, gebruik van middelen
7. Structuur = organigram
Kloof – Gap analyse
- Vergelijk IST & SOLL
o Wat het verschil is tussen de huidige en gewenste situatie met bijbehorende
prestaties in beeld brengen.
- Hoe de kloof te overbruggen
o Wie zijn de stakeholders
o Wat moet er gedaan worden
o Waar vindt de verandering plaats
- Waar zie je mogelijkheden
Soll – gewenste situatie
- Welke richting op?
- Welke toekomstvisie?
- Welke maatregelen moeten genomen worden
- Wat zijn kritische succes factoren (KSF)
3