Week 1
Verplichte literatuur
Hoofdstuk 1 – overheidsbeleid, macht, de mensen, pluralisme en jijzelf
Dit hoofdstuk introduceert het kernidee van het boek: public policy is geen neutraal of rationeel
proces, maar een politiek proces dat wordt gevormd door macht, waarden en conflicterende
belangen. De auteurs laten zien dat beleid altijd gaat over wie krijgt wat, wanneer en hoe.
Een belangrijk uitgangspunt is waardeconflict: beleidsproblemen ontstaan niet alleen omdat er een
‘objectief probleem’ is, maar omdat mensen verschillend denken over wat wenselijk, rechtvaardig of
moreel is. Daarom leidt meer informatie niet automatisch tot consensus.
Daarnaast wordt uitgelegd hoe macht werkt in beleidsprocessen. Macht zit niet alleen bij gekozen
politici, maar ook bij belangengroepen, bedrijven, experts en instituties. Dit heeft directe gevolgen
voor beleidsanalisten: zij werken nooit in een machtsvrije omgeving.
Het hoofdstuk introduceert ook narrative analysis. Beleidsdebatten draaien om verhalen met:
- Helden
- Slachtoffers
- Daders
Deze verhalen bepalen hoe een probleem wordt begrepen en welke oplossingen logisch lijken.
College aantekeningen
Case: Waterwille stad
Problemen in de stad: groot drugsprobleem, economische welvaart slecht, veel tienermeiden
worden zwanger, veel gescheiden ouders, mensen met veel verschillende achtergronden bij elkaar.
Wat doe je als je een beleidsadviseur bent:
- Problemen op volgorde zetten van groot naar klein kijken hoe de bevolking naar de
problemen kijken, welke hebben prioriteiten.
- Kijken wat vergelijkbare steden doen
- Kijken hoe problemen invloed op elkaar hebben.
- Wat is de oorzaak van het probleem?
Wat is een probleem?
Hoe je een probleem framed bepaalt de oplossingen die je kiest.
Een probleem kan op verschillende mannieren worden gezien elk frame heeft eigen oorzaken en
beleidsreacties.
- Crime and morality frame (war on drugs)
o Probleemdefinitie: drugsgebruik = moreel fallen en criminele dreiging
o Oorzaak: slechte keuzes, afwijkend gedrag (deviant)
o Beleidsreactie: politieoptreden, strengere straffen, morele hernieuwing.
Focus op individuele schuld en straf
- Public health frame
o Probleemdefinitie: verslaving = ziekte en sociale crisis
o Oorzaak: misbruik van medicijnen, gaten in geestelijke gezondheidszorg
o Beleidsreactie: behandeling, preventie, schadebeperking (harm reduction)
Focus op gezondheid en zorg, niet op straf
- Economic decline frame
o Probleemdefinitie: drugsgebruik als symptoom van economische wanhoop
, o Oorzaak: werkloosheid, armoede, verlies van levensdoel
o Beleidsreactie: economische heropleving, banen, jeugdprogramma’s
Focus op structurele oorzaken en sociaal-economische context
- Inequality and discrimination frame
o Probleemdefinitie: oneerlijke handhaving en raciale vooroordelen
o Oorzaak: structurele ongelijkheid, sociale uitsluiting
o Beleidsreactie: eerlijke politiepraktijken, inclusie, vertrouwen opbouwen
Focus op rechtvaardigheid en gelijkheid
- Moral panic / political frame
o Probleemdefinitie: de ‘drugs-epidemie’ is overdreven of gepolitiseerd
o Oorzaak: angstretoriek, zondebokdenken
o Beleidsreactie: evidence-based beleid, kalme deliberatie
Focus op media, politiek en publieke perceptie
Framing bepaalt oplossingen: verschillende frames verschillende beleidsstrategieën. Te breed
probleem = vaag beleid: als je het probleem niet scherp definieert, blijft beleid onduidelijk. Doel: niet
elk perspectief opnemen, maar laten zien wat realistisch uitvoerbaar is.
Voorbeeld verstedelijking
- Objectief feit: 3,5% jaarlijke groei van de bevolking
- Verschillende perspectieven:
o Bewoner
o Realtor
- Zelfde realiteit, maar toch andere probleemdefinitie (sociale werkelijkheden)
- Beleidsstrategieën volgens de verschillende frames:
o De groei controleren
o De groei promoten
Public problems are defined, not discovered
Verschillende perspectieven
Er bestaan dus vaak meerdere perspectieven op een problem – en die kunnen allebei gelding zijn,
ook als ze elkaar tegenspreken.
- Beide perspectieven zijn geldig
o Er is niet 1 juiste manier om de werkelijkheid te zien
o In beleid, politiek of maatschappelijke kwesties is het vaal niet of-of, maar en-en
o Effectieve besluitvorming erkent meerdere waarheden tegelijk.
- Probeer een win-win situatie te creëren
o Het doel is niet dat iedereen het volledig eens is (consensus), maar dat er een
oplossing komt waar iedereen iets aan heeft (win/win)
o Denk aan beleid waarin verschillende waarden of belangen in balans worden
gebracht.
- Waarden en interesses vormen beide de agenda, beslissingen en gedragingen
o Wat mensen belangrijk vinden (waarden) en wat ze willen bereiken (belangen)
beïnvloeden hoe ze problemen definiëren en welke oplossingen ze steunen.
o Daarom is het belangrijk te begrijpen waarom iemand een bepaald perspectief heeft
– niet alleen wat dat perspectief is.
Epistemologie frameworks
Epistemologie = de leer van kennis: hoe weten we wat we weten? En hoe kunnen we ‘waarheid’
begrijpen of onderzoeken?
,Positivisme
- Kernidee: de maatschappij bestaat uit objectieve feiten die je kunt waarnemen en meten
- Vergelijkbaar met de natuurwetenschappen: de onderzoeker observeert, meet en trekt
neutrale conclusies.
Postpositivisme
- Kernidee: de werkelijkheid is niet puur objectief; ze wordt geconstrueerd door mensen en
hun betekenissen.
- Mensen geven zelf betekenis aan hun ervaringen, en die betekenis vormt hun werkelijkheid.
Mixed approach
Er is ook een methoden die positivisme en postpositivisme combineert.
Positivisme kan je ook zien als kwantitatief en postpositivisme kan je ook zien als kwalitatief. Door
deze methoden te combineren krijg je een veel breder/vollediger beeld.
Politiek en democratie
- Macht en democratie sturen beleidsanalyses
- Democratie: voorkeur van de mensen de overheid voert het uit
- Democratische structuur define power and policy boundaries
- Analysts’ perspective: descriptive (what is) versus normative (what should be)
Normatieve opvattingen over macht
Beleidsanalisten kijken op verschillende manieren naar macht en besluitvorming. Deze visies zeggen
iets over hoe macht idealiter zou moeten werken in een samenleving.
- Ideale democratie
o Een ideaalbeeld van democratie waarin alle burgers gelijke invloed hebben en actief
deelnemen aan besluitvorming.
o Kenmerken:
Macht ligt direct bij het volk
Besluitvorming via open debat en consensus
Burgers zijn goed geïnformeerd en betrokken
Beleid weerspiegelt de collectieve wil van de samenleving
o Kritiek: moeilijk uitvoerbaar in de praktijk – niet iedereen heeft tijd, kennis of
motivatie om actief mee te doen.
- Representatieve democratie
o Burgers kiezen vertegenwoordigers (zoals politici) die namens hen beslissingen
nemen
o Kenmerken:
Burgers delegeren hun macht via verkiezingen
Politici en experts nemen besluiten
Efficiënt en stabiel systeem, maar met minder directe participatie
, o Kritiek: er ontstaat afstand tussen burgers en beleidsmakers risico op
wantrouwen of vervreemding.
- Pluralisme
o Macht is verdeeld over veel verschillende groepen in de samenleving (bedrijven,
vakbonden, ngo’s, burgers). Beleid ontstaat uit onderhandeling, compromis en
competitie tussen die groepen.
o Kenmerken:
Geen enkele groep domineert voortdurend
Macht is verspreid en veranderlijk
Democratie werkt via belangenafweging en samenwerking
o Kritiek: niet alle groepen hebben gelijke middelen of invloed feitelijke
machtsongelijkheid blijft bestaan.
- Elitisme
o Macht ligt vooral bij een kleine groep elites (politieke leiders, topambtenaren,
bedrijven, media). Zij bepalen grotendeels het beleid, vaak zonder brede inspraak
van burgers.
o Kenmerken:
Macht geconcentreerd bij enkelen
Burgers hebben weinig echte invloed
Besluitvorming vindt vaak achter gesloten deuren plaats
o Kritiek: ondemocratisch; negeert mogelijkheden voor burgerparticipatie of
hervorming.
Stakeholders (belanghebbenden)
Definitie: een stakeholder is iedere persoon, groep of organisatie die invloed heeft op – of beïnvloedt
wordt door – een beleid, beslissing of actie.
Wat betekent stake?
Het engelse woord stake betekent letterlijk belang, inzet of aandeel. Een stakeholder heeft dus iets
te winnen of te verliezen bij de uitkomst van een beleid of project. Hun belangen kunnen
economisch, sociaal, politiek of moreel zijn.
Waarom zijn stakeholders belangrijk?
- Stakeholders kunnen de uitkomsten beïnvloeden:
o Ze lobbyen, protesteren, steunen of blokkeren beleid.
- Ze kunnen de legitimiteit van beleid versterken of ondermijnen
- Hun betrokkenheid bepaalt of beleid daadwerkelijk werkt in de praktijk
Een goed beleidsanalist probeert dus te begrijpen:
- Wie de stakeholders zijn,
- Welke belangen ze hebben,
- Hoeveel macht of invloed ze hebben,
- En hoe ze waarschijnlijk zullen reageren.
Het begrijpen van stakeholders helpt beleidsanalisten om:
- Macht en invloed te analyseren
o Wie bepaalt of iets wel of niet wordt uitgevoerd
- Reacties te voorspellen
o Wie zal beleid steunen of tegenwerken?
- Inclusieve beleidsontwerpen te maken
o Hoe kun je beleid vormgeven dat rekening houdt met meerdere belangen?