Verbinding tussen klimaatverandering, economie en de circulaire economie 4
Hoe verdien je geld in de CE zonder steeds nieuwe producten te verkopen? 5
Lease 7
Cash ow 7
Belasting, BTW, Afschrijving en Statiegeld 9
Waarde en duurzaamheid in de circulaire economie 10
Geïntegreerd Denken en Integrated Reporting (IR) 10
Integrated Reporting (IR) 10
Waardecreatie 12
PPP, MVO en ESG: Samenhangende kaders voor meervoudige waardecreatie 12
Waardepropositie 13
Collectieve waardepropositie 13
Waardebehoud 13
Businessmodel en Businesscase 14
Economische basis en Maatschappelijke context 16
Sustainable Development Goals (SDG’s) 17
Donut Economie - Kate Raworth 18
Vlinderdiagram - Ellen MacArthur Foundation 19
IPAT model 20
Cradle to Cradle (C2C) 21
Giftige Materialen 22
Kringlopenladder 22
De R-ladder 23
Conversie en Substitutie 23
Bruikbaarheid in productontwerp 26
Planned Obsolescence 26
Samenwerkingsstructuren en Ketenmanagement 27
Interne en Externe Organisatie binnen de CE 28
Randvoorwaarden 29
Supply Chain Management 29
Business Model Template (kort): 30
Business Model Template (lang) 31
Fase 1: De nitie Fase 31
1. Aanleiding en context 31
2. Droom 31
1
fl fi
,3. Propositie 32
Fase 2: Ontwerpfase 33
4. Type Businessmodellen 33
5. Betrokken Partijen 33
6. Strategieën 34
7. Kern Activiteiten 35
8. Externe toets 35
3. Resultaatfase 36
9. Impact 36
10. Waarde(n)creatie 36
Overzicht van kernbegrippen 38
Oefentoets 43
Toets Antwoorden 47
2
, De 3 Grote Transities van 2019-2050:
Tussen 2019 en 2050 staat de economie voor drie grote, samenhangende transities. Deze
transities vragen om ingrijpende en omvangrijke veranderingen in hoe we produceren,
consumeren en organiseren.
1. Klimaattransitie:
- Het beperken van klimaatverandering en de uitstoot van broeikasgassen.
- Belangrijke kaders:
- Klimaatakkoord van Parijs (2015)
- Nederlandse Klimaatwet (28 mei 2019)
- Rapporten van het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC)
- Doelstelling:
- Eind 2020: minimaal 25% reductie van broeikasgasuitstoot t.o.v. 1990
- Richting 2050: klimaatneutraliteit
- Focus: Verminderen van CO₂ en andere broeikasgassen.
2. Energi transitie
- De overgang van fossiele energiebronnen (gas en olie) naar duurzame energiebronnen.
- Ambities:
- 16% duurzame energie in 2023
- Volledig uitfaseren van fossiele brandsto en in 2050
- Uitdagingen:
- Technisch (infrastructuur, opslag)
- Sociaal (acceptatie, betaalbaarheid)
- Economisch (investeringen, concurrentiekracht)
- Essentie: Doorgaan met een economie die afhankelijk is van fossiele brandsto en is niet
langer houdbaar; het roer moet om.
3. Transitie naar een Circulaire Economie (CE)
- Schaarste aan grondsto en, afvalproblematiek en milieu-impact.
- Ambities:
- 50% minder gebruik van ‘virgin’ materialen in 2030
- 100% minder gebruik in 2050
- Kern: Sluiten van kringlopen, hergebruik, reparatie en recycling.
- Onzekerheid: Of volledige circulariteit haalbaar is, blijft een open vraag, maar de richting is
duidelijk.
Dit zijn de 5 gebieden waar Nederland als eerst stappen wil zetten om volledig circulair te worden
in 2050:
- Biomassa en Voedsel:
- gaat over landbouw, reststromen en voeding
- doel is minder voedselverspilling, duurzaam verbouwen, en reststromen hergebruiken.
- Kunststo en:
- plastic verpakkingen en kunststof producten
- doel is plastic beter recyclen, minder wegwerp plastic en schonere productie.
- Maakindustrie:
- machines, apparaten, elektronica, industrieproductie
- doel is producten ontwerpen die lang mee gaan, repareerbaar zijn en recyclebaar.
- Bouw:
- gaat over gebouwen, cement, beton, hout en infrastructuur
- doel is circulair bouwen, materialen hergebruiken, Co2-uitstoot verminderen.
- Consumptiegoederen:
- producten die consumenten kopen (kleding, meubels)
- doel is minder wegwerp, meer reparatie, deelplatforms, hergebruik en recyclen.
3
eff ff ff ff
, Verbinding tussen klimaatverandering, economie en de
circulaire economie
Alle producten die wij gebruiken ontstaan niet vanzelf. Ze vereisen winning van grondsto en,
productie en verwerking, transport en distributie, en vaak ook afvalverwerking. Bij al deze stappen
wordt, direct of indirect, energie verbruikt. Zolang deze energie (deels) afkomstig is uit fossiele
bronnen, leidt dit tot CO₂-uitstoot en daarmee tot klimaatverandering. De manier waarop onze
economie is ingericht, heeft dus directe invloed op het klimaat.
Klassieke (lineaire) economie
- De klassieke economie is primair gericht op nanciële winst en economische groei.
- Kenmerkend zijn:
- zoveel mogelijk produceren en verkopen;
- een lineair proces: grondsto en -> product -> afval.
- Gevolgen van dit systeem:
- uitputting van natuurlijke grondsto en;
- veel afval en vervuiling;
- hoge CO₂-uitstoot door productie, transport en afvalverwerking.
Circulaire economie (CE)
- De circulaire economie is óók een economisch systeem, maar met andere uitgangspunten. Het
draait om slimmer organiseren en meervoudige waardecreatie in plaats van alleen nanciële
winst.
- Kernprincipes:
- waardebehoud in plaats van waardeverlies;
- materialen zo lang mogelijk gebruiken;
- producten repareren, hergebruiken en recyclen;
- afval zoveel mogelijk voorkomen;
- stimuleren van lokale en gesloten kringlopen.
- Gevolgen:
- minder gebruik van nieuwe (‘virgin’) grondsto en;
- minder productieprocessen en transportbewegingen;
- lager energieverbruik;
- minder CO₂-uitstoot.
- Daarnaast levert de circulaire economie ook economische voordelen op:
- lagere grondstofkosten;
- minder afhankelijkheid van schaarse materialen;
- nieuwe inkomstenstromen (zoals lease en Product-as-a-Service);
- meer werkgelegenheid in service, onderhoud en reparatie.
In de lineaire economie ligt de focus op de nanciële waardecreatie voor individuele organisaties,
terwijl in de circulaire economie de focus ligt op waardebehoud van grondsto en, materialen en
producten in de vorm van kringlopen
4
ff ff fi fiff ff fi ff