100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting van de extra literatuur van bestuursrecht

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
20
Geüpload op
07-01-2026
Geschreven in
2024/2025

Alle extra literatuur heb ik samengevat in dit document











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Geüpload op
7 januari 2026
Aantal pagina's
20
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Extra literatuur bestuursrecht tentamen jaar
2

Week 2
Zorgcentrum Meerkerk
Gebaseerd op: H.D. Tolsma, ‘44. Zorgcentrum Meerkerk’, in: T. Barkhuysen e.a. (red.), AB
Klassiek. Standaarduitspraken bestuursrecht, opnieuw en thematisch geanno-
teerd, Deventer: Wolters Kluwer 2022.

1 | Inleiding
Deze uitspraak van de Centrale Raad van Beroep gaat over het afgeleide belang bij
de toepassing van het belanghebbendebegrip in de Awb. De Raad wijzigt zijn eerdere standpunt en
sluit aan bij de rechtspraak van andere hoogste bestuursrechters. Dit heeft geleid tot vuistregels van
advocaat-generaal Widdershoven voor het vaststellen van wie als belanghebbende kan worden
aangemerkt.


Het belanghebbendebegrip is belangrijk voor wie betrokken moet worden bij
besluitvorming en wie toegang heeft tot rechtsbescherming. Volgens de wet is
iemand belanghebbende als zijn belang rechtstreeks bij een besluit is
betrokken. Dit betekent niet dat het belang invloed heeft op de besluitvorming,
maar wel dat het feitelijk wordt of dreigt te worden geschaad.


In de rechtspraak wordt vaak de OPERA-methode gebruikt om te bepalen of
iemand belanghebbende is, maar de invulling van dit begrip blijft in beweging
door de zoektocht naar optimale rechtsbescherming. Tolsma bespreekt de
wijziging in de rechtspraak, de vuistregels van de A-G, en de uitdagingen bij het
afbakenen van belanghebbenden, vooral bij besluiten met brede gevolgen.

2 | Casus, conclusie en uitspraak
In deze zaak gaat het om een zorgcentrum dat bezwaar maakt tegen een besluit van de gemeente om
de persoonsgebonden budgetten (pgb’s) van een cliënt stop te zetten, omdat de zorg van
het centrum onvoldoende kwaliteit zou hebben. Het zorgcentrum betwist het besluit en stelt dat het
niet als belanghebbende is gehoord, aangezien het besluit gericht is aan de cliënt en pas indirect
gevolgen voor het zorgcentrum heeft via de contractuele relatie.


De Centrale Raad van Beroep oordeelt in eerste instantie dat het
zorgcentrum geen belanghebbende is, omdat de gevolgen van het besluit voor
het centrum indirect zijn (afgeleid belang). In hoger beroep voert het
zorgcentrum aan dat het direct wordt geraakt in haar belang op grond van het
recht op arbeid en eigendom, aangezien het besluit leidt tot financieel verlies en
mogelijk faillissement.

,Deze zaak vormt, samen met een andere, de aanleiding voor een conclusie van
advocaat-generaal Widdershoven, die de vraag onderzoekt wanneer
een derde als belanghebbende kan worden aangemerkt bij een besluit dat niet
direct aan hen gericht is, maar wel directe gevolgen heeft voor hun rechten of
financiële situatie. De A-G wijst op een verschuiving in de rechtspraak, waarbij
het afgeleide belang niet meer strikt wordt toegepast. Hij introduceert vijf
vuistregels voor het bepalen van het afgeleide belang, die de Centrale Raad
overneemt.


Sinds 5 maart 2019 moet ook in het sociaal domein worden onderzocht of een
derde een zelfstandig belang heeft bij een besluit, los van de contractuele
relatie met de direct betrokkene. In dit geval wordt het zorgcentrum wel als
belanghebbende aangemerkt, omdat het besluit directe financiële gevolgen heeft
voor de instelling.


De Centrale Raad oordeelt verder niet over het argument van het zorgcentrum
dat het als belanghebbende kan worden aangemerkt op grond van artikel 8
EVRM (recht op privéleven), hoewel de A-G dit had aangedragen als mogelijk
argument. De zaak eindigt met de conclusie dat het zorgcentrum toegang heeft
tot de bestuursrechter.

3 | Vuistregels toepassing afgeleid belang nader beschouw
De impact van A-G Widdershoven’s conclusie over het afgeleid belang is moeilijk te meten,
aangezien de hoogste bestuursrechters de vuistregels vaak impliciet toepassen, maar ze zelden
expliciet in hun motivering vermelden. Hoewel de Centrale Raad, in lijn met de conclusie, zijn koers
wijzigde, worden de vuistregels niet altijd genoemd in uitspraken. Het CBb benoemt de vuistregels
wel expliciet, bijvoorbeeld in de uitspraak van 13 oktober 2020, maar de Afdeling
bestuursrechtspraak en de Centrale Raad blijven vaak vaag over hun toepassing.
Desondanks kunnen annotatoren de uitspraken doorgaans goed relateren aan de vuistregels.


Er is kritiek op het ontbreken van expliciete verwijzingen naar de vuistregels,
vooral vanuit de literatuur. Zo betoogt Wieland dat de kracht van een uitspraak
zou toenemen als de vuistregels expliciet worden toegepast, zoals in de uitspraak
van het CBb van 29 oktober 2019. Van Angeren merkt op dat de Afdeling in een
belangrijke uitspraak over werknemers en subsidiebesluiten geen expliciete
aansluiting bij de vuistregels maakte. Toch wordt betoogd dat het voor de
consistentie van het recht niet altijd noodzakelijk is om de vuistregels expliciet te
vermelden, aangezien de meeste vuistregels de bestaande jurisprudentie
reflecteren.


De vuistregels bieden wel waarde door de reflex te dempen waarbij derden niet
als belanghebbenden worden aangemerkt wanneer hun belang via een
contractuele relatie wordt geraakt. Ze dwingen rechters eerst te onderzoeken of
de derde een eigen, zelfstandig belang heeft en of rechtsbescherming
gerechtvaardigd is. Hoewel het afgeleid belang hiermee niet als hoofdregel wordt
gepresenteerd, blijft het in bepaalde gevallen van toepassing, zoals in vuistregel
4. De vuistregels helpen dus een meer voorspelbare en consistente invulling van
het belanghebbendebegrip te realiseren, maar hun expliciete toepassing in de
motivering van uitspraken blijft een gemiste kans voor meer transparantie.

, 4 | Ontwikkelingen rond het persoonlijke belang
De bepaling wie als belanghebbende wordt beschouwd bij omgevingsbesluiten is een
veelvoorkomend geschil in de rechtspraktijk. Volgens de vaste rechtspraak, geïllustreerd in de
uitspraak Mestbassin Mechelen (ABRvS 23 augustus 2017), geldt dat degenen die rechtstreeks
feitelijke gevolgen ondervinden van een activiteit die door een besluit wordt toegestaan, in principe als
belanghebbende worden aangemerkt. Factoren zoals afstand, zicht, milieugevolgen en de aard
van de gevolgen spelen hierbij een rol. Het criterium 'gevolgen van enige betekenis' dient als correctie
om te waarborgen dat alleen significante effecten leiden tot het status van belanghebbende, waarbij
minimale of verwaarloosbare gevolgen niet voldoende zijn.


Sinds Mestbassin Mechelen is de jurisprudentie verder verfijnd met specifieke
beoordelingsmaatstaven, zoals de rekenformule voor windparken die bepaalt
dat gevolgen van enige betekenis aanwezig zijn binnen tien keer de tiphoogte
van de dichtstbijzijnde windturbine. Echter, de toepassing van deze maatstaven
varieert tussen verschillende bestuursrechters. Het College van Beroep voor het
Bedrijfsleven (CBb) benoemt de vuistregels expliciet in zijn uitspraken, terwijl
andere hoogste bestuursrechters deze vaak impliciet toepassen, wat leidt tot
kritiek vanuit de literatuur over inconsistentie en voorspelbaarheid. Daarnaast
blijkt uit recente uitspraken dat concurrenten en rechtspersonen die opkomen
voor algemene belangen soms onvoldoende worden erkend als
belanghebbenden, wat de toegang tot de bestuursrechter bemoeilijkt.
De praktische gevolgen van deze ontwikkelingen zijn significant, aangezien de
beoordeling van het belanghebbendebegrip complexer is geworden en soms leidt
tot uitgebreide inhoudelijke discussies over feitelijke effecten. Kritiek vanuit
de juridische literatuur wijst op de noodzaak voor meer consistente en expliciete
toepassing van de vuistregels om de transparantie en voorspelbaarheid van de
bestuursrechtspraak te verbeteren. Bovendien roept de huidige aanpak vragen
op over de balans tussen administratieve efficiëntie en effectieve
rechtsbescherming, vooral bij besluiten met brede maatschappelijke impact.
Deze dynamiek onderstreept het belang van duidelijke richtlijnen en verdere
rechtspraak om een uniforme invulling van het belanghebbendebegrip te
waarborgen.

5 | Afsluiting
De uitspraak van de Centrale Raad van Beroep op 5 maart 2019 heeft gezorgd voor meer
rechtseenheid bij de toepassing van het criterium ‘afgeleid belang’. Advocaat-generaal Widdershoven
introduceerde vijf vuistregels die bestuursrechters helpen consistent te bepalen wie als
belanghebbende wordt gezien, vooral wanneer een derde indirect geraakt wordt door een besluit. Deze
vuistregels ondersteunen de verdere ontwikkeling en uniformering van het belanghebbendebegrip in
de jurisprudentie.
De jurisprudentie laat zien dat de aantasting van (fundamentele) rechten steeds
belangrijker wordt bij het vaststellen van wie als belanghebbende wordt
beschouwd. Personen die reëel kunnen worden geschaad in
hun zakelijke of fundamentele rechten, zoals arbeid of eigendom, krijgen
hierdoor toegang tot de bestuursrechter. Dit biedt praktische houvast bij het
afbakenen van belanghebbenden, vooral bij besluiten met brede
maatschappelijke impact.
Een uitdaging blijft hoe het criterium ‘gevolgen van enige betekenis’ flexibel en
eenvoudig kan worden toegepast zonder de rechtspraak onvoorspelbaar te
maken. Widdershoven waarschuwt tegen te gedetailleerde analyses, omdat dit
de toegankelijkheid tot de bestuursrechter bemoeilijkt. Het is essentieel dat
€7,06
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
nikkianoukdezwart
3,5
(2)

Ook beschikbaar in voordeelbundel

Thumbnail
Voordeelbundel
Bestuursrecht pakket met oefentoets en extra literatuur
-
2 2026
€ 13,52 Meer info

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
nikkianoukdezwart Universiteit Utrecht
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
7
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
6
Documenten
8
Laatst verkocht
7 maanden geleden
VWO/GYMNASIUM SAMENVATTINGEN

samenvattingen voor de vakken: economie, wiskunde a, bedrijfseconomie, aardrijkskunde, geschiedenis, kunstgeschiedenis, nederlands, latijn en engels (tm klas 5) en frans, duits, grieks, natuurkunde, scheikunde, biologie (tm klas 3) OP VWO/GYMNASIUM NIVEAU

3,5

2 beoordelingen

5
1
4
0
3
0
2
1
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen