100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
College aantekeningen

College aantekeningen Methoden en Statistiek 1: Een Introductie (ESSB-PE1010)

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
29
Geüpload op
07-01-2026
Geschreven in
2023/2024

Alle hoorcolleges uitgewerkt, ik heb hier zelf een 8.5 voor gehaald











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Geüpload op
7 januari 2026
Aantal pagina's
29
Geschreven in
2023/2024
Type
College aantekeningen
Docent(en)
.
Bevat
Alle colleges

Voorbeeld van de inhoud

Week 1 – Openingscollege
Verschillende bronnen van kennis
 Intuïtie: gevoel/emotie/ervaring
 In sommige gevallen legitiem; hou je van je kinderen?
 Probleem: conflicterende waarheidsclaims van elkaar scheiden (welk gevoel is sterker?)
 Traditie/gewoonte: opvoeding/maatschappij
 Risico: niet openstaan voor ideeën/kennis van anderen = oppervlakkig, geen hele diepe
kennis
 Autoriteit: vertrouwen erop dat dit waar is
 Probleem: kennis van autoriteiten is niet altijd juist/waar
 Op basis van het bovenstaande kunnen geen wetenschappelijke claims gedaan worden
 Rationaliteit: goed nadenken over dingen en op die manier grip krijgen op de werkelijkheid
(waarheidsclaims)
 In sommige wetenschappen de belangrijkste bron van kennis (wiskunde)
 Theorie vaak gebaseerd op rationaliteit
 Soms ontbreekt toetsing aan de werkelijkheid
 Empirisme: door zintuigelijke waarnemingen tot kennis komen
 Probleem: waarnemingsillusies, gekleurde waarnemingen en je neemt heel veel niet waar;
weet je dus heel veel niet
 Wetenschap: systematisch empirisme

Doelen van wetenschap
 Beschrijven: het identificeren van specifieke aspecten van verschillende soorten gedrag,
emoties, gedachten, etc. door middel van coderingssystemen (in kaart brengen wat er gebeurt-
data verzamelen- categoriseren/structureren)
 Controleren: stelt je in staat de (experimentele) omstandigheden te bestuderen en conclusies te
trekken (effectieve mechanismen blootleggen – mogelijke verklaringen zoeken; causaal
verband vinden/controleren)
 Verklaren: het formuleren van een hypothese om empirisch te toetsen en een theorie te maken
om oorzaken en processen achter gedrag, emoties, gedachten etc. te specificeren (hypothese-
theorie ontwikkelen & testen)
 Voorspellen: uitleg geven door hypothesen te specificeren in termen van ‘als-dan-uitspraken’
of door te kijken naar associaties tussen gedrag, emoties, gedachten, etc. (hypothese toetsen)

Empirische cirkel
Doel: kennis ontwikkelen door systematische toetsing aan de werkelijkheid
 Observatie: iets waarnemen
 Inductie: op basis van verschillende waarnemingen tot een
wetmatigheid komen; 1 waarneming is niet voldoende om tot een
kennisclaim te komen (vaker, verschillende omstandigheden en
het liefst geen enkele uitzondering)
 Deductie: voorspelling maken uit een algemene
wet; voorspelling voor een nieuwe situatie op
basis van een algemene regel
 Toetsen: waarnemingen verrichten (onderzoek ontwerpen – data
verzamelen & analyseren)
 Evaluatie: wat zeggen de resultaten over de theorie

,Eigenschappen van empirische wetenschap:
 Belangrijkste aannames: er is een objectieve/intersubjectieve waarheid en die is kenbaar
 Systematische toetsing van hypothesen aan de werkelijkheid
- Richt zich op toetsbare vragen (falsifeerbaarheid; hoe hoger de
falsifeerbaarheidsgraad, hoe belangrijker de theorie)
- Streeft naar accuratesse (validiteit: meet je wat je wil meten?) en objectiviteit
- Vereist duidelijke, operationaliseerbare (= hoe meet je iets) definities
- Publieke verantwoording/verslaglegging
- Tentatief, niet absoluut; inzichten kunnen aangepast worden
- Heeft zelfcorrigerend vermogen
- Is slecht 1 bron van kennis; richt zich op empirisch toetsbare vragen




Week 2 – Hoorcollege 2
Statistiek en data

, Statistiek: herken de patronen en willekeur in de variabiliteit in data
 ‘De wetenschap van het begrijpen van data en het nemen van beslissingen in het licht van
variabiliteit’
Data: feiten; ontstaan door iets over de werkelijkheid te verzamelen (methode) = zegt iets over de
werkelijkheid, dit is objectief. Data zegt niet zoveel, pas wanneer ze geïnterpreteerd worden
(beschrijven/analyseren). Data is nog geen kennis er is ook inzicht nodig in wat er gemeten is en wat
de context/omstandigheden zijn.

Beschrijvende statistiek
Datasets bestaan uit:
 Cases of units: subjecten of objecten in een dataset (datgene wat je onderzocht hebt; staat vaak
in de rijen)
 Variabelen: kenmerk van een case, kan verschillende waarden aannemen voor verschillende
cases of units
 Score: waarde van een case of unit op een variabele
 Bijvoorbeeld IQ: de score die iemand krijgt is de waarde op de variabele IQ
 Label: unieke beschrijving voor een onderzoeksobject/ subject

Kwalitatief/kwantitatief
Categorisch/kwalitatief: beschrijvend, niet getalsmatig (geen wiskundige berekeningen meedoen)
 Studie
 Leeftijdsgroep
 Plaats in een gezin
 LVS-citoscore (A t/m D)
Kwantitatief: waarde waar een getal mee wordt uitgedrukt
 Leeftijd
 Aantal kinderen in een gezin
 IQ-score
 Eindscore Cito

Meetniveaus
 Nominaal (kwalitatief): geen volgorde, geen meeteenheid en geen nulpunt (studie, sekse)
 Ordinaal (kwalitatief): wel een volgorde, geen meeteenheid en geen nulpunt (SES)
 Rangorde maakt het verschil tussen nominaal en ordinaal
 Interval (kwantitatief): wel een volgorde, wel een meeteenheid en geen vast nulpunt; gelijke
afstanden tussen de intervallen (cijfers op een bloktoets, temperatuur; het verschil tussen 5 en
10 graden is hetzelfde als het verschil tussen 15 en 20 graden, maar 20 graden is niet twee
keer zo warm als 10 graden)
 Delingen van waarde kun je niet interpreteren
 Ratio (kwantitatief): wel een volgorde, wel een meeteenheid en een vast nulpunt (aantal
correct beantwoorde vragen op een toets)
 0 betekent iets; delingen zijn wel zinvol (iemand die 40 vragen goed heeft beantwoord,
heeft 2x meer vragen goed beantwoord dan iemand die 20 vragen goed had)

Data
 Data worden gebruikt om onderzoeksvragen te beantwoorden
 Datasets: who, what, why
- Wie zijn de onderzoekseenheden (cases)
- Wat is er onderzocht (variabelen)
- Waarom is dat gedaan


Verdelingen: verschillende weergaven
Na het in kaart brengen van een dataset volgt de analyse
€7,66
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
Pedagoogje
1,0
(1)

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
Pedagoogje Erasmus Universiteit Rotterdam
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1
Lid sinds
4 jaar
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
3 maanden geleden

1,0

1 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
1

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen