Inquizitive, think about it (eind ieder hoofdstuk)
Videos in brightspace (onder elke thema)
Wekelijkse opdrachten:
Hoe zou cognitieve dissonantie kunnen verklaren dat mensen
hun houding aanpassen aan wat ze liken?
- Als iemand bijvoorbeeld herhaaldelijk berichten liket over
duurzaamheid, maar zelf niet zo milieubewust leeft, ontstaat er
dissonantie.
Wat zegt de zelfperceptietheorie hierover?
- De zelfperceptietheorie zegt dat mensen soms hun eigen houding
afleiden uit hun gedrag, vooral als hun oorspronkelijke houding vaag
of neutraal is. Hier is geen sprake van spanning of ongemak (zoals
bij dissonantie), maar van observeren van het eigen gedrag en
daaruit concluderen wat men denkt of voelt.
Dus, we leren iets over onszelf door te kijken naar wat we doen.
Welke norm(en) worden gebruikt?
o Descriptieve norm: wat anderen daadwerkelijk doen, gedrag
o Injunctieve norm: wat andere sociaal goedkeuren of
afkeuren
Naam en stereotypen Sarah
- Ten eerste stigma consciousness, het voortdurend bewust zijn
van mogelijke vooroordelen van anderen. Ten tweede stereotype
threat, de angst om bestaande negatieve stereotypen over de
eigen groep te bevestigen. Ten derde identity management
strategies, manieren waarop mensen hun identiteit aanpassen of
presenteren om negatieve reacties te vermijden, zoals het
verbergen of “neutraliseren” van kenmerken van hun achtergrond.
In het voorbeeld van Sarah is vooral het derde thema duidelijk
zichtbaar. Door een Nederlands klinkende naam te gebruiken, past zij
haar identiteit aan om beter te functioneren in de werkcontext en
mogelijke vooroordelen te ontwijken. Deze strategie laat zien hoe sterk
de druk kan zijn om je aan te passen wanneer stereotypen in een
organisatie invloed hebben op hoe betrouwbaar of succesvol iemand
wordt gezien.
Wat is het lucifer-effect?
, - Hier is een korte, samenhangende tekst inclusief de
belangrijkste factoren:
Het Lucifer-effect beschrijft hoe gewone mensen onder bepaalde
omstandigheden toch kwaad of schadelijk gedrag kunnen vertonen.
Volgens Zimbardo ontstaat dit niet omdat mensen zelf ‘slecht’ zijn, maar
doordat de kracht van de situatie hun gedrag sterk beïnvloedt. Belangrijke
factoren die dit effect versterken zijn dehumanisatie (anderen minder
menselijk zien), anonimiteit, gehoorzaamheid aan autoriteit en
groepsnormen en rolverwachtingen die bepaald gedrag stimuleren.
Samen kunnen deze omstandigheden ervoor zorgen dat mensen dingen
doen die zij onder normale omstandigheden nooit zouden doen.
Chapter 1: An Invitation to Social Psychology
Characterizing Social Psychology
Sociale psychologie onderzoekt hoe gedachten, gevoelens en gedrag
worden beïnvloed door de werkelijke, ingebeelde of geïmpliceerde
aanwezigheid van anderen. Het vakgebied ligt tussen
persoonlijkheidspsychologie (gericht op individuele verschillen) en
sociologie (gericht op groepen en structuren). Sociale psychologie richt
zich op algemene psychologische processen die bepalen hoe mensen zich
gedragen in sociale contexten.Belangrijk is dat sociaal gedrag wordt
bepaald door zowel de persoon als de situatie – maar sociale psychologen
benadrukken vooral de kracht van de situatie.
The Power of the Situation
Een centraal idee is dat situaties en sociale contexten vaak een sterkere
invloed hebben op gedrag dan persoonlijkheidskenmerken.
Klassieke studies tonen dit aan:
, Stanley Milgram’s gehoorzaamheidsexperiment liet zien dat
gewone mensen gehoorzamen aan autoriteit, zelfs bij onethische
opdrachten.
Solomon Asch’s conformiteitsexperiment toonde hoe sterk
sociale druk en de wens om erbij te horen gedrag sturen.
Zelfs kleine veranderingen in situationele factoren – zoals de
aanwezigheid van anderen, tijdslimieten of formuleringen van keuzes –
kunnen gedrag drastisch beïnvloeden.
The Role of Construal
Mensen reageren niet op situaties zoals die objectief zijn, maar zoals zij ze
waarnemen en interpreteren – dit heet construal. Een construal is dus de
subjectieve interpretatie van een situatie.
Twee mensen kunnen hetzelfde gedrag heel verschillend beoordelen,
afhankelijk van hun verwachtingen, overtuigingen en sociale context.
Hierbij spelen schemas (mentale structuren die kennis organiseren) een
grote rol. Schemas helpen ons informatie snel te verwerken, maar kunnen
ook leiden tot stereotypen of misverstanden.
▫ Gestalt psychologie: that people perceive objects not by means
of some passive and unbiased perception of objective reality but by
active, usually nonconscious interpretation of what the object
represents.
Automatic Versus Controlled Processing
Menselijk gedrag wordt gestuurd door twee vormen van
informatieverwerking:
Automatische verwerking: snel, onbewust, moeiteloos en
gebaseerd op intuïtie of ervaring. (impliciet)
Gecontroleerde verwerking: traag, bewust en gebaseerd op
redenering en analyse. (expliciet)
Veel sociale oordelen, zoals eerste indrukken of emotionele reacties, zijn
automatisch, maar we kunnen via gecontroleerde processen onze
automatische reacties bijsturen.
Dit onderscheid is essentieel om te begrijpen waarom mensen soms
irrationeel of impulsief handelen.
, Evolution and Human Behavior: How We Are the Same
De evolutionaire psychologie verklaart sociaal gedrag vanuit de
evolutionaire aanpassing van de mens.
Veel gedragingen – zoals empathie, samenwerking, groepsloyaliteit en
altruïsme – hebben een adaptieve functie gehad in de menselijke
geschiedenis.
Deze universele gedragingen helpen ons te begrijpen waarom mensen in
alle culturen bepaalde sociale reacties vertonen. Evolutionaire principes
zoals natuurlijke selectie en seksuele selectie beïnvloeden dus niet alleen
biologische eigenschappen, maar ook sociaal gedrag. De neocortex is
anders bij zoogdieren en mensen.
Culture and Human Behavior: How We Are Different
Hoewel sommige gedragingen universeel zijn, bestaan er duidelijke
culturele verschillen in denken en handelen. Sociale psychologie
onderscheidt twee belangrijke culturele oriëntaties:
Individualistische culturen (zoals de VS of West-Europa): nadruk
op autonomie, persoonlijke doelen en zelfexpressie.
Collectivistische culturen (zoals Oost-Azië): nadruk op harmonie,
groepsloyaliteit en interdependentie.
Deze verschillen leiden tot uiteenlopende zelfconcepten:
In individualistische contexten is het independent self dominant.
In collectivistische contexten het interdependent self.
Cultuur beïnvloedt dus emoties, motivatie, sociale normen en waarneming
van relaties. Er bestaan tight- en loose cultures, beide gebaseerd op
strenge of soepelere regelgeving. WEIRD staat voor western, educated,
indstrialized, rich and democratic.