Jasmijn Gagroo
ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE, DEEL 2
INTRO & OVERZICHT: HET KADER V/H LEVENSLOOPPERSPECTIEF
DOELEINDEN ONTWIKKELINGSPSYCHOLOGIE
1. Verdeel levensloopperspectief in betekenisvolle periodes
2. Identificeer ontwikkelingstaken voor bepaalde periode
3. Levensloopperspectief gebruiken om juiste vragen te stellen
Levensloopperspectief: beschouwt
menselijke ontwikkeling als een voortdurend
proces dat gedurende het hele leven
plaatsvindt (in interactie met de omgeving)
ONTWIKKELINGSTAKEN
Ontwikkeling: enerzijds biologisch rijpen en anderzijds leren (grote indviduele verschillen in tempo!)
Ontwikkelingstaken: reeks van vaardigheden EN vermogens dat mensen ontwikkelen doorheen
de levensloop (afhankelijk van de leeftijd + definiëren de periodes)
3 bronnen van ontwikkelingstaken
o Lichamelijke (biologische) rijping (1)
▪ Rechtop staan, leren lopen, aanpassen aan seksuele rijping/menopauze
o Individuele doelen en waarden (2)
▪ Keuze voor job/hobby’s, morele beslissingen
o Culturele/maatschappelijke verwachtingen (3)
▪ Leren lezen, verantwoordelijkheid voor milieu/ samenleving
▪ Afhankelijk van de plaats waar je opgroeit!
Havighurst’s Developmental Task Theory: maakt de brug tussen de 3 bronnen van ontwikkelingstaken!
- Invloed van elk domein verschil per leeftijd, alle domeinen spelen tegelijkertijd in op het individu
KENMERKEN VAN HET LEVENSLOOPPERSPECTIEF
Periodes van ontwikkeling
1. Prenatale fase: conceptie – geboorte
2. Baby-en peutertijd: geboorte – 2 jaar
3. Vroege kindertijd (kleuter): 2-6 jaar
4. Middelbare kindertijd: 6 -11 jaar
5. Adolescentie: 11 – 18 jaar1
6. Jonge volwassenheid: 18 – 40 jaar
7. Middelbare volwassenheid: 40 - 65 jaar
8. Late volwassenheid: 65 jaar – dood
LEVENSLANG (1)
Vroeger: opvatting dat ‘belangrijkste’ ontwikkeling gebeurt tussen de geboorte - 18 jaar
Beperkte visie: levert een onvolledig beeld op (we blijven heel ons leven door ontwikkelen)
Het is wel zo dat zaken die in vroegere periode niet goed/ onvoldoende werden afgwerkt op
latere leeftijd voor problemen kunnen zorgen
Voorbeeld: Japan
- Vegrijzingscrisis
- Grootste deel bevolking 65+
1
Zie les adolescentie: 11j-22j (mismatch wetenschappelijke + psychologische definitie?)
1
,Ontwikkelingspsychologie, deel 2
Jasmijn Gagroo
- Snelst verouderende land
Ander voorbeeld: aantal eeuwelingen in BE
- Aantal eeuwelingen in België is sinds 1990 meer dan verdubbeld
- Bijna 2000 eeuwelingen
Noodzaak: invalshoek ‘levenslang ontwikkelen (nadenken over plaats ouderen in maatschappij)
MULTIDIMENSIONEEL & MULTIDIRECTIONEEL (2)
- Multidimensionaliteit: ontwikkeling verloopt op meerdere domeinen tegelijk
- Multidirectionaliteit: niet alle domeinen ontwikkelen zich in dezelfde richting/ hetzelfde
tempo (vooruitgang in het ene domein kan samengaan met achteruitgang in een ander)
Onderscheidt tussen 3 dimensies van ontwikkeling
1. Lichamelijk (~ fysieke gezondheid, lichaamsgrootte … )
2. Cognitief (~ intelligentie, creativiteit, kennis … )
3. Emotioneel en sociaal (~ kennis over andere, morele gedragingen … )
Traditionele visie: levenstrap
- Je groeit op → bereikt de piek rond middelbare leeftijd → gaat achteruit
- Veel mensen denken op deze manier, maar klopt niet volledig!!
1.1 1.2 1.3
1.1 Leeftijdsverschillen in verwerkingssnelheid
- Prestatie IQ/ performance IQ
o peak op onze leeftijd → gaat snel achteruit
o Iemand van 70+ heeft 2x zoveel nodig om dezelfde taak uit te voeren als ons
- Ruwe prestatie!!
o Intelligentie: cohort gereferentieerde meting2
o Gemiddelde oudere hoeft minder goed te scoren op ruwe test om hetzelfde IQ te
behalen als jongeren
1.2 Leeftijdsverschillen in verbale bekwaamheid
- Ander verloop!
- Stijgt tot middelbare volwassenheid (daling vanaf 80 jaar)
- Multidimensionaliteit impliceert multidirectionaliteit
o omdat ontwikkeling multidimensionaal is, verloopt het ook multidirectioneel
o DUS verschillende dimensies van intelligentie, die op verschillende leeftijden,
verschillende richtingen uitgaan
1.3 Leeftijd en positieve gevoelens
- Met toenemende leeftijd ervaren mensen meer positieve gevoelens (gemiddeld gezien)
- Jonge mensen ervaren minder positieve gevoelens
2
beoordeelt resultaten in vergelijking met de prestaties v/e specifieke groep, ipv met vaste norm
2
,Ontwikkelingspsychologie, deel 2
Jasmijn Gagroo
PLASTISCH (3)
- Plastisch: we beschikken op elke leeftijd over het vermogen om te veranderen
o Zowel gedragsmatig leren, als op vlak v/h brein (neuroplasticiteit)
o Ontwikkeling w geleidelijk minder plastisch, omdat zowel de capaciteit als de
mogelijkheid tot verandering afneemt
o Plasticiteit varieert tussen individuen: door meer diverse levensomstandigheden te
ervaren (sommige passen zich gemakkelijker aan aan veranderde omstandigheden)
Old age dependency ratio: aantal 65+ mensen (pensioen) in verhouding
met potentieel werkzamen (15-64j)
- vanaf jaren 80 versneld
- naderen de 2:1 ratio (= twee 65+’ers / één 15-64j)
o aantal mensen die door belastingen gepensioneerden
steunen → steeds kleiner
o maatschappelijk probleem
Deelname ‘oudere’ werkenden in verschillende landen:
Gemiddelde van OEZO landen
Mythe: alle mensen v/e bepaalde leeftijd werken
o % mensen dat niet kunnen/ willen werken: iets minder
dan de helft
o te maken met pensioenleeftijd, werkzaamheid vrouwen
uit oudere generaties …
Oezo: Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
BEÏNVLOED DOOR VEELVOUDIGE, INTERAGERENDE KRACHTEN (4)
- meerdere, op elkaar inwerkende krachten (~ biologisch, cultuur, individueel en cognitie)
- context speelt mee!!
Er zijn 3 belangrijke herstructureringen van het brein gedreven door hormonen
1. puberteit (1ste hormoonboost op 8 jaar, piek rond de 10-15 jaar)
2. zwangerschap
3. menopauze
Hoe gaan maatschappijen hiermee om?
Hoe vrouwen ermee omgaan is afhankelijk van hoe de maatschappij er naar kijkt
o individuele verschillen (1) belang vruchtbaarheid, (2) symptomen + verwachtingen ervan
o veel vrouwen ervaren menopauze als iets klein
o jongere generaties eerder aanvaarding
o sociale status van de ouder wordende vrouw heeft invloed op reacties
o Voorbeeld: menopauze
▪ Geïndustrialiseerde westerse landen
• Beschouwen het als een ziekte/ medisch probleem (medicalization)
• Rapporteren verschillen en meer bezwaren
▪ Griekse vrouwen melden symptomen, verkiezen het te negeren
▪ Aziatische vrouwen bereiken piek in respect en productiviteit
• Menopauze geen belangrijke ‘marker’ middelbare leeftijd
• Melden minder symptomen
▪ Maya vrouwen
• baren veel kinderen
• Kijken uit naar menopauze, einde van kinderen krijgen
• Geen symptomen
3
, Ontwikkelingspsychologie, deel 2
Jasmijn Gagroo
INDIVIDUELE VERSCHILLEN: RESILIENCE
Resilience: vermogen om zich aan te passen aan uitdagingen en bedreigingen
- ‘opstaan na tegenslag’ / ‘kunnen omgaan met tegenslagen’
- Veerkracht, weerstandigheid, wilskracht, herstellingsvermogen
- Factoren die een rol kunnen spelen binnen resilience
o Ervaring beschouwen als controleerbaar (je hebt invloed op wat er gebeurt in je leven)
o Toewijding: interesse in dagdagelijkse activiteiten
o Uitdagingen zien als kansen om te groeien
o Persoonlijkheidskenmerken
o Warme relatie ouders, sociale steun buiten familie
o Bronnen / kansen in de samenleving
Hoe dat we bepaalde vragen gaan beantwoorden is afhankelijk van de invalshoek, van waaruit we naar
de vragen kijken!!
VOORBEELDVRAGEN OVER DE LES (UIT DE PPT)
Hoe bepaald de lichamelijke (incl hersenen) ontwikkeling tijdens de pubertijd de
vorming van een adolescente identiteit?
Welke hersenenprocessen zijn betrokken bij overmatig gebruik van internet en media?
Welke steun leverd een cultuur voor vrouwen tijdens menopauze?
Wat kan een maatschappij verwachten van oudere werknemers ivm met prestatie en
leren van nieuwe vaardigheden?
Wat betekend “normale” mentale gezondheid in de late volwassenheid als 50% van de
90+ ers een dementie ontwikkelen?
4