Methodologie: kwalitatief onderzoek voor de
gezondheidszorg
Quest (online leerpad), Kwalitatief → werken met woorden, Kwantitatief → werken met
cijfers
Hoofdstuk 1: de eigenheid van kwalitatief onderzoek
Elk degelijk onderzoek vertrekt vanuit een hypothese (veronderstelling) → NEE (ja bij
kwantitatief onderzoek, bij kwalitatief onderzoek ga je niet uitgaan van een
veronderstelling of hypothese)
Een goed onderzoek bevestigt of weerlegt een hypothese → NEE (ja bij kwantitatief
onderzoek)
Het is nodig om de omgeving te ‘controleren’ om een goed onderzoek te kunnen
voeren → NEE (ja bij kwantitatief onderzoek, je omgeving is een onderdeel van je
focus bij kwalitatief)
Kwalitatief onderzoek, allemaal NEE, kwanti JA
Definitie van kwalitatief onderzoek (veel verschillende)
= De manier waarop mensen betekenis geven aan hun realiteit (Holloway & Galvin)
Sociaal onderzoek
Onderzoeker bouwt complex holistisch beeld op
Centraal: ervaringen, gedrag en gevoelens van mensen en betekenis die ze geven
Doel: begrijpen, beschrijven en interpreteren van sociale verschijnselen
o Van individuen, groepen of culturen
Woorden analyseren, geen cijfers
Vertrekken vanuit hypothese, kijken naar data en daaruit inzicht verkrijgen
Kwantitatief onderzoek
Validiteit
Vertrekken vanuit hypothese, kijken of hypothese klopt of niet
Het traditionele onderzoeksproces
Idee
Literatuurstudie
Onderzoeksvraag (ingaan op wat je nog niet
weet of bevestiging wat je wel weet)
Onderzoeksbenadering
Datacollectie
Data-analyse
Rapportage
Ontwikkelen van wetenschappelijke
kennis
Kwantitati Kwalitatie
ef f
1
, 8 absolute uitgangspunten
Is het
De data vormen altijd het vertrekpunt (niet met hypotheses)
betrouwenswaardig?
De context is cruciaal (holistic
Omdat inquiry)
het veel meer
een menselijk proces is
Onderzoek in de ‘echte’ leefwereld van de participanten (naturalistic inquiry)
Focus op ‘emic’ perspectief: kijk, perceptie, betekenis, interpretatie, beleving,
ervaring van participanten
Thick description is onontbeerlijk
Verhouding onderzoeker-deelnemer
De positie van de onderzoeker situeert zich op een continuüm van insider-outsider
Reflexivity is de belangrijkste sleutel
1. De data vormen altijd het vertrekpunt (in de meeste gevallen)
= “Primacy of data” (= data is belangrijkste bron van kennis en waarheid)
Inductief onderzoeksproces: thema bepalend door data die je vindt
Geen hypotheses (soms toch een vermoeden)
Theoretisch kader ligt nog niet vast: gebaseerd op binnenkomende data
De bestaande theorie is niet bepalend
Data leiden tot theorie, niet omgekeerd
De data bepalen het verloop van het onderzoek (stel dat iets onverwacht is, dan kan
je er dieper op ingaan)
→ je bent flexibel en dynamisch
2. De context is cruciaal (holistic inquiry) (= je gaat het geheel
bekijken)
Mensen zijn product van hun context, historiek en temporaliteit (tijd waarin ze leven)
Rekening houden met totale context; zowel persoonlijke, sociale als culturele
context
Speelt vooral bij datacollectie en –analyse
Moet door de onderzoeker verkend worden, als onderzoeker verdiepen in setting en
situatie
3. De echte leefwereld (naturalistic inquiry) (= de echte leefwereld
van een persoon)
“Immersion”, jezelf onderdompelen in die leefwereld van die persoon
De onderzoeker treedt binnen in setting, wordt deelgenoot van de mensen
Een buitenstaander maakt duidelijk wat voor insiders vanzelfsprekend is.
o “naive observer” (ook wanneer je setting zelf goed kent)
o Maar ook ervaring zelf gaan beleven
Daarom gericht op inzichten in processen, interacties, betekenis, waarden (je bent
gericht op meer dan enkel een momentopname van iets)
4. Focus op ‘EMIC’ perspective
= Inzichten in het insiders perspectief, door de ogen van de deelnemer zelf
Gelinkt aan het ‘subjectieve’, innerlijke wereld van de deelnemers
2
, Niet statisch maar dynamisch (processen, interacties, betekenis, patronen)
= ‘empowerend’: je geeft stem aan de deelnemers + sturen de studie
<-> ‘etic’ perspective (outsiders view; visie van onderzoeker)
Onderzoeker springt constant tussen ‘emic’ en ‘etic’ perspective
Vb job aanleren als vpk, dat je dan zou doen net alsof alle andere vpk ook ah leren
zijn <-> als onderzoeker, meer het geheel bekijken, ook alle processen zien van het
beroep
5. Thick description is onontbeerlijk (EXA)
= dikke beschrijving, je beschrijft zo gedetailleerd mogelijk je onderzoek
Goed motiveren waarom iets wel of niet gedaan
“Description in vivid detail”
Laat toe om kritisch te kijken naar onderzoek
Volledige, diepgaande beschrijving van:
o Onderzoeksproces
Zodanig dat een lezen je kan volgen in alle stappen die je hebt
doorlopen, dat je die kan motiveren
o Cultuur/context
Nemen we mee als onderdeel van onderzoeksfocus
Hoe uitgebreider je die kan omschrijven, hoe beter de lezer zich
daarbij een beeld kan bij vormen
o Resultaten: “deep, dense, detailed account of experiences”
Zo goed en uitgebreid mogelijk rapporteren
Vaak ben je daar ook beperkt in door het aantal woorden die je soms
maar mag schrijven
Thick description niet enkel feitelijk doen maar ook theoretisch en analytisch
o Niet enkel zeggen wat er is gebeurd en gedaan geweest, ook plaatsen binnen
theoretische benadering
Geeft een theoretisch en abstract idee over wat leeft
6. Verhouding onderzoeker-deelnemer
Relatie tussen onderzoeker en participanten
Wederzijds vertrouwen, niet-oordelende houding (gevoelige onderwerpen)
Toegang tot ware gedachten en gevoelens
= “Rapport” verkrijgen (vertrouwen krijgen) (bv door anonimiteit)
Expertise ligt bij participanten, zij gidsen de onderzoeker door het thema, wat voor
hen belangrijk is om mee te geven (alles wat er te weten valt, zit in het hoofd van de
andere persoon)
7. Insider-outsider continuüm
Hoe je je positioneert ten opzichte van een groep. De mate waarin de onderzoeker
deel uit maakt van de (sub)cultuur van de participanten
o Bv als je onderzoek doet bij kansarme groep, dan ga je je daarnij integreren, maar natuurlijk kan je daar niet volledig in
geintegreerd zijn als moest je daarin opgegroeid zijn. Maar naarmate de tijd en je onderzoek vordert, ga je meer en meer
informatie kunnen verkrijgen, de mensen gaan ook openbloeien tegenover jou. → mensen moeten jou vertrouwen
Voordelen & nadelen:
o Makkelijker inzichten verkrijgen als insider
o “gesloten geest”, blinde vlekken (indien teveel insider)
Insider: vaak dingen niet meer zien omdat je te dicht staat
o Afstand, analytische objectiviteit? (indien teveel outsider)
3
, Outsider: vaak dingen niet zien omdat je er niet genoeg in zit
o Verwachtingen van deelnemers hoe meer je insider bent
8. Reflexivity is de belangrijkste sleutel (EXA)
Kritische reflectie op wat is gedacht en gebeurt (zelfbewuste analyses)
Kritische houding tov zichzelf als onderzoeker (data gaat langs onderzoeker)
Omwille van beïnvloeding door de onderzoeker (“researcher as main research
instrument” = jij bent als onderzoeker grootste instrument). Reflectie op:
o Introspectie: onderzoeker zelf
Wat zijn mijn onuitgesproken veronderstellingen. Waar sta ik voor, wat
zijn mijn waarden en normen die invloed kunnen hebben op manier
waarop ik kijk naar de data
o Intersubjectieve reflectie: relatie met deelnemers
o Wederkerigheid: samenwerking met deelnemers
o Kritische kijk op de machtsrelatie & sociale positie vd onderzoeker
Je kan je met bepaalde verhalen emotioneel betrokken voelen
o “Discursieve deconstructie”: taal en betekenis(sen)
Manier hoe je eigenheid invloed heeft op de taal en betekenissen die je
zelf rapporteert
Is dat een juiste projectie of is dat beïnvloed door de manier waarop jij
daarnaar kijkt?
Belangrijk kwaliteitsmaatregel, onontbeerlijk bij kwalitatief onderzoek
Cf. bias/vertekening (maar geen wondermiddel)
De plaats van theorie in kwalitatief onderzoek
Gegevens vd deelnemer hebben voorrang → ontwikkelen theorie
Bestaande theorie verheldert de gevonden bevindingen
Nuttig voor begrijpen van onderzochte verschijnselen
Helpt onderzoeksvraag te formuleren
CAVE: let op voor the veel theorie aan begin van onderzoek → vooroordelen
Voorkeur aan open geest en vrijheid om eigen theorieën te ontwikkelen
De bruikbaarheid van kwalitatief onderzoek in gezondheid(szorg)
Vanuit holistische visie mensen waarnemen in hun natuurlijke omgeving
Gezondheid blijkt onlosmakelijk verbonden te zijn met:
o Sociale constructie van ziekte, preventie en risico
o Ervaring, beleving en betekenisverlening van ziekte, pijn, afhankelijkheid,
behandeling
o Context (hoe het komt dat bepaalde mensen op een bepaalde manier denken, dingen ervaren of
handelen)
o Motivatie
Effectieve gezondheidszorg: als ze rekening houdt met en inspeelt op de zaken die
gezondheid beïnvloeden.
o Deze zijn vaak subjectief (= verbonden met de persoon)
4
gezondheidszorg
Quest (online leerpad), Kwalitatief → werken met woorden, Kwantitatief → werken met
cijfers
Hoofdstuk 1: de eigenheid van kwalitatief onderzoek
Elk degelijk onderzoek vertrekt vanuit een hypothese (veronderstelling) → NEE (ja bij
kwantitatief onderzoek, bij kwalitatief onderzoek ga je niet uitgaan van een
veronderstelling of hypothese)
Een goed onderzoek bevestigt of weerlegt een hypothese → NEE (ja bij kwantitatief
onderzoek)
Het is nodig om de omgeving te ‘controleren’ om een goed onderzoek te kunnen
voeren → NEE (ja bij kwantitatief onderzoek, je omgeving is een onderdeel van je
focus bij kwalitatief)
Kwalitatief onderzoek, allemaal NEE, kwanti JA
Definitie van kwalitatief onderzoek (veel verschillende)
= De manier waarop mensen betekenis geven aan hun realiteit (Holloway & Galvin)
Sociaal onderzoek
Onderzoeker bouwt complex holistisch beeld op
Centraal: ervaringen, gedrag en gevoelens van mensen en betekenis die ze geven
Doel: begrijpen, beschrijven en interpreteren van sociale verschijnselen
o Van individuen, groepen of culturen
Woorden analyseren, geen cijfers
Vertrekken vanuit hypothese, kijken naar data en daaruit inzicht verkrijgen
Kwantitatief onderzoek
Validiteit
Vertrekken vanuit hypothese, kijken of hypothese klopt of niet
Het traditionele onderzoeksproces
Idee
Literatuurstudie
Onderzoeksvraag (ingaan op wat je nog niet
weet of bevestiging wat je wel weet)
Onderzoeksbenadering
Datacollectie
Data-analyse
Rapportage
Ontwikkelen van wetenschappelijke
kennis
Kwantitati Kwalitatie
ef f
1
, 8 absolute uitgangspunten
Is het
De data vormen altijd het vertrekpunt (niet met hypotheses)
betrouwenswaardig?
De context is cruciaal (holistic
Omdat inquiry)
het veel meer
een menselijk proces is
Onderzoek in de ‘echte’ leefwereld van de participanten (naturalistic inquiry)
Focus op ‘emic’ perspectief: kijk, perceptie, betekenis, interpretatie, beleving,
ervaring van participanten
Thick description is onontbeerlijk
Verhouding onderzoeker-deelnemer
De positie van de onderzoeker situeert zich op een continuüm van insider-outsider
Reflexivity is de belangrijkste sleutel
1. De data vormen altijd het vertrekpunt (in de meeste gevallen)
= “Primacy of data” (= data is belangrijkste bron van kennis en waarheid)
Inductief onderzoeksproces: thema bepalend door data die je vindt
Geen hypotheses (soms toch een vermoeden)
Theoretisch kader ligt nog niet vast: gebaseerd op binnenkomende data
De bestaande theorie is niet bepalend
Data leiden tot theorie, niet omgekeerd
De data bepalen het verloop van het onderzoek (stel dat iets onverwacht is, dan kan
je er dieper op ingaan)
→ je bent flexibel en dynamisch
2. De context is cruciaal (holistic inquiry) (= je gaat het geheel
bekijken)
Mensen zijn product van hun context, historiek en temporaliteit (tijd waarin ze leven)
Rekening houden met totale context; zowel persoonlijke, sociale als culturele
context
Speelt vooral bij datacollectie en –analyse
Moet door de onderzoeker verkend worden, als onderzoeker verdiepen in setting en
situatie
3. De echte leefwereld (naturalistic inquiry) (= de echte leefwereld
van een persoon)
“Immersion”, jezelf onderdompelen in die leefwereld van die persoon
De onderzoeker treedt binnen in setting, wordt deelgenoot van de mensen
Een buitenstaander maakt duidelijk wat voor insiders vanzelfsprekend is.
o “naive observer” (ook wanneer je setting zelf goed kent)
o Maar ook ervaring zelf gaan beleven
Daarom gericht op inzichten in processen, interacties, betekenis, waarden (je bent
gericht op meer dan enkel een momentopname van iets)
4. Focus op ‘EMIC’ perspective
= Inzichten in het insiders perspectief, door de ogen van de deelnemer zelf
Gelinkt aan het ‘subjectieve’, innerlijke wereld van de deelnemers
2
, Niet statisch maar dynamisch (processen, interacties, betekenis, patronen)
= ‘empowerend’: je geeft stem aan de deelnemers + sturen de studie
<-> ‘etic’ perspective (outsiders view; visie van onderzoeker)
Onderzoeker springt constant tussen ‘emic’ en ‘etic’ perspective
Vb job aanleren als vpk, dat je dan zou doen net alsof alle andere vpk ook ah leren
zijn <-> als onderzoeker, meer het geheel bekijken, ook alle processen zien van het
beroep
5. Thick description is onontbeerlijk (EXA)
= dikke beschrijving, je beschrijft zo gedetailleerd mogelijk je onderzoek
Goed motiveren waarom iets wel of niet gedaan
“Description in vivid detail”
Laat toe om kritisch te kijken naar onderzoek
Volledige, diepgaande beschrijving van:
o Onderzoeksproces
Zodanig dat een lezen je kan volgen in alle stappen die je hebt
doorlopen, dat je die kan motiveren
o Cultuur/context
Nemen we mee als onderdeel van onderzoeksfocus
Hoe uitgebreider je die kan omschrijven, hoe beter de lezer zich
daarbij een beeld kan bij vormen
o Resultaten: “deep, dense, detailed account of experiences”
Zo goed en uitgebreid mogelijk rapporteren
Vaak ben je daar ook beperkt in door het aantal woorden die je soms
maar mag schrijven
Thick description niet enkel feitelijk doen maar ook theoretisch en analytisch
o Niet enkel zeggen wat er is gebeurd en gedaan geweest, ook plaatsen binnen
theoretische benadering
Geeft een theoretisch en abstract idee over wat leeft
6. Verhouding onderzoeker-deelnemer
Relatie tussen onderzoeker en participanten
Wederzijds vertrouwen, niet-oordelende houding (gevoelige onderwerpen)
Toegang tot ware gedachten en gevoelens
= “Rapport” verkrijgen (vertrouwen krijgen) (bv door anonimiteit)
Expertise ligt bij participanten, zij gidsen de onderzoeker door het thema, wat voor
hen belangrijk is om mee te geven (alles wat er te weten valt, zit in het hoofd van de
andere persoon)
7. Insider-outsider continuüm
Hoe je je positioneert ten opzichte van een groep. De mate waarin de onderzoeker
deel uit maakt van de (sub)cultuur van de participanten
o Bv als je onderzoek doet bij kansarme groep, dan ga je je daarnij integreren, maar natuurlijk kan je daar niet volledig in
geintegreerd zijn als moest je daarin opgegroeid zijn. Maar naarmate de tijd en je onderzoek vordert, ga je meer en meer
informatie kunnen verkrijgen, de mensen gaan ook openbloeien tegenover jou. → mensen moeten jou vertrouwen
Voordelen & nadelen:
o Makkelijker inzichten verkrijgen als insider
o “gesloten geest”, blinde vlekken (indien teveel insider)
Insider: vaak dingen niet meer zien omdat je te dicht staat
o Afstand, analytische objectiviteit? (indien teveel outsider)
3
, Outsider: vaak dingen niet zien omdat je er niet genoeg in zit
o Verwachtingen van deelnemers hoe meer je insider bent
8. Reflexivity is de belangrijkste sleutel (EXA)
Kritische reflectie op wat is gedacht en gebeurt (zelfbewuste analyses)
Kritische houding tov zichzelf als onderzoeker (data gaat langs onderzoeker)
Omwille van beïnvloeding door de onderzoeker (“researcher as main research
instrument” = jij bent als onderzoeker grootste instrument). Reflectie op:
o Introspectie: onderzoeker zelf
Wat zijn mijn onuitgesproken veronderstellingen. Waar sta ik voor, wat
zijn mijn waarden en normen die invloed kunnen hebben op manier
waarop ik kijk naar de data
o Intersubjectieve reflectie: relatie met deelnemers
o Wederkerigheid: samenwerking met deelnemers
o Kritische kijk op de machtsrelatie & sociale positie vd onderzoeker
Je kan je met bepaalde verhalen emotioneel betrokken voelen
o “Discursieve deconstructie”: taal en betekenis(sen)
Manier hoe je eigenheid invloed heeft op de taal en betekenissen die je
zelf rapporteert
Is dat een juiste projectie of is dat beïnvloed door de manier waarop jij
daarnaar kijkt?
Belangrijk kwaliteitsmaatregel, onontbeerlijk bij kwalitatief onderzoek
Cf. bias/vertekening (maar geen wondermiddel)
De plaats van theorie in kwalitatief onderzoek
Gegevens vd deelnemer hebben voorrang → ontwikkelen theorie
Bestaande theorie verheldert de gevonden bevindingen
Nuttig voor begrijpen van onderzochte verschijnselen
Helpt onderzoeksvraag te formuleren
CAVE: let op voor the veel theorie aan begin van onderzoek → vooroordelen
Voorkeur aan open geest en vrijheid om eigen theorieën te ontwikkelen
De bruikbaarheid van kwalitatief onderzoek in gezondheid(szorg)
Vanuit holistische visie mensen waarnemen in hun natuurlijke omgeving
Gezondheid blijkt onlosmakelijk verbonden te zijn met:
o Sociale constructie van ziekte, preventie en risico
o Ervaring, beleving en betekenisverlening van ziekte, pijn, afhankelijkheid,
behandeling
o Context (hoe het komt dat bepaalde mensen op een bepaalde manier denken, dingen ervaren of
handelen)
o Motivatie
Effectieve gezondheidszorg: als ze rekening houdt met en inspeelt op de zaken die
gezondheid beïnvloeden.
o Deze zijn vaak subjectief (= verbonden met de persoon)
4