100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Financiële analyse en kredieten

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
32
Geüpload op
23-12-2025
Geschreven in
2025/2026

dit is een samenvatting van het vak 'financiele analyse en kredieten' uit het 2e jaar kmo management sommige kleine stukjes moesten we niet kennen, dus deze zitten er niet in












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
23 december 2025
Aantal pagina's
32
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Financiële analyse en kredieten
1. Gevalstudie
 Bedrag van lening = is een financiële schuld komt op BALANS
 Jaarlijkse interest = is een financiële kost komt op RESULTATENREKENING
 Toegevoegde waarde = BRUTOMARGE ( afschrijvingen, andere bedrijfskosten)
 Bedrijfsopbrengsten – handelsgoederen, hulp, grondstoffen – diensten en diverse g
 EBITDA = Hoeveel winst een bedrijf maakt met zijn kernactiviteiten
 brutomarge – bezoldigingen – overige bedrijfskosten
 EBIT = bedrijfsresultaat
 EBITDA – niet kaskosten ( afschrijvingen, waardeverminderingen, voorzieningen)
 Cashflow/ kasstroom = verschil tussen het geld dat binnenkomt en het geld dat weggaat in
een bepaalde periode
 Positieve cashflow = er komt meer geld binnen dan er buitengaat
Bv. Geldontvangst van klant: 100 000 euro
Betalingen aan leveranciers: 70 000 euro
Dus: kasstroom = + 30 000 euro
 Negatieve cashflow = er gaat meer geld buiten dan er binnenkomt
Bv. Ontvangsten: 80 000 euro
Uitgaven: 100 000 euro
Dus: kasstroom = - 20 000 euro
 Reserves = Een deel van de winst dat niet uitgekeerd wordt aan de aandeelhouders, maar in
het bedrijf blijft om de financiële positie te versterken
 Handelsvorderingen = bedragen die klanten nog moeten betalen

3. Keuze voor ondernemingsvorm
1. Eenmanszaak vs vennootschap
1.1 Verschillen tussen vennootschap en eenmanszaak
Eenmanszaak Vennootschap
Geen onderscheid tussen vermogen vd NP en vd Vennootschap heeft eigen rechten, plichten en EV
zaak
Inkomsten worden opgeteld bij die vd NP => Vennootschapsbelasting
alles onderworpen aan personenbelasting
Vereenvoudigde boekhouding Dubbele boekhouding
(financieel dagboek, aankoop- en (jaarrekening , inschr bij sociale kas…)
verkoopdagboek)
Meest logisch voor beperkte activiteit


Voor structuur en organisatie te optimaliseren:

- Een holding = overkoepelende eigenaar van de aandelen van de vennootschap
- Patrimoniumvennootschap = beheert de vaste activa
- Exploitatievennootschap = voert de handelsactiviteiten uit

Soorten:

1. Bv
2. Nv
3. Cv
4. Maatschap ( enige vorm zonder rechtspersoonlijkheid)
 Bij BV en CV is het nu ‘toereikend aanvangsvermogen’ ( kapitaal + leningen ) worden ook
wel kapitaalloze ondernemingen genoemd
 Bij NV blijft het kapitaalvennootschap met een minimumkapitaal

,1.2 Overdracht vennootschap naar privé
Aantal technieken om vermogen (bv. Geldmiddelen) over te dragen naar privévermogen :

1. Vennootschap keert loon uit aan de vennoten of aandeelhouders
 Wordt beschouwd als aftrekbare kost => belastbaar resultaat verminderd
 Vennoot/aandeelhouder kan zelf bepalen hoeveel loon die uitkeert
 Standaard tarief vennootschapsbelasting 25%, bij KMO 20%
2. Uitkering dividend
- Voor alle vennoten, ongeacht ze actief zijn
- Dividend = vergoeding voor inbreng van kapitaal
- Geen aftrekbare kost => geen belastingvoordeel voor onderneming
- Vennoot : geen sociale zekerheidskosten wel een roerende voorheffing 30%
3. Winst reserveren
- Eigen vermogen ↑ = buffer voor toekomst
4. Geld opnemen uit de vennootschap maar wordt dan beschouwd als een lening van de
vennootschap als natuurlijk persoon = rekening courant
- Zaakvoerder is rente verschuldigd aan de vennootschap


4. Jaarrekening
1. Inleiding
 Voor publiek beschikbaar
 Zorgt voor inzicht op financiële toestand

Een onderneming wordt als groot beschouwd indien twee of meer dan onderstaande drempelwaarden
worden overschreden :

- Personeelsbestand van 50
- Omzet van 9 miljoen euro
- Balanstotaal van 4,5 miljoen euro

Rapporteringsverplichtingen :

 Kleine ondernemingen -> VKT : Verkort
 Grote ondernemingen -> VOL : Volledig

Jaarrekening bestaat uit :

1. De balans
2. Resultatenrekening
3. Toelichting en waarderingsregels
4. Sociale balans : alle vennootschappen die personeel tewerkstellen en verenigingen en
stichtingen vanaf 20 VTE
5. Grote ondernemingen moeten jaarverslag (= uitleg/toelichting bij de cijfers uit de balans &
resultatenrekening) publiceren en ook commissarisverslag

Balans + resultatenrekening + kasplanning = basis vd financiële planning (is gebaseerd op
ondernemingsplan)

Kasstroomtabel = cashflow = hoeveel geld een bedrijf in een bepaalde periode in en uit heeft zien gaan
 Is een vb van een extra onderdeel dat we bij beursgenoteerde ondernemingen in de
jaarrekening vd groep terugvinden




2. De balans

,= overzicht van alle bezittingen van een onderneming en hoe deze gefinancierd zijn
 Een momentopname, verschilt per dag

2.1 Activa
= alle bezittingen van een ondernemingen op lange termijn

Vaste activa Vlottende activa
Materiele vaste activa (bv. gebouwen, Voorraden
machines)
Immateriële vaste activa (bv. licenties, Handelsvorderingen
goodwill)
Financiële vaste activa ; bv. Liquide middelen en geldbeleggingen op
dochteronderneming KT

 Vlottende activa moet zo snel mogelijk worden omgezet in cash
 Vaste activa worden dan weer net een lange tijd gebruikt in de onderneming

2.2 Passiva
= financieringsbronnen -> je hebt activa, maar hoe is dit gefinancierd
 Geeft weer bij wie de onderneming het geld heeft gehaald om de activa te bekostigen

Eigen vermogen Vreemd vermogen
Inbreng (geld dat van aandeelhouder komt Leveranciers
, moet niet direct terug betaald worden)
Reserves Financiële instellingen
Overgedragen verliezen of winsten Overige schulden (dividenden, RC)

 Een sterk eigen vermogen is belangrijk, deze kan je versterken door kapitaal in te brengen
o Eigen vermogen kan negatief worden door overgedragen verliezen
 Vreemd vermogen is geld dat we moeten terugbetalen, komt van derden

Overige schuld :
Bv. als zaakvoerders of anderen geld hebben voorgeschoten
 Schuld, want moet worden terugbetaald
= schuld op rekening courant (RC)

- Rekening courant op activa : zaak heeft vordering op aandeelhouder, er wordt geld uit de zaak
onttrokken
- Rekening courant op passiva : schieten aandeelhouders geld voor

Financiële netto schuld = financiële schuld – cash

3. De resultatenrekening
= Overzicht van alle kosten en opbrengsten van een heel jaar
→ Toont of onderneming geslaagd is om winst te behalen

- Kost = gebeurtenis die de waarde van een onderneming vermindert
o Bv. Levering door leverancier
 Bezoldigingen zijn kosten (staat bij kosten) en ook een uitgave, omdat je die aan
iemand gaat betalen (aan personeel)
 Aankopen HG is een kost (staat bij kosten) en ook een uitgave, omdat je die aan
iemand gaat betalen (aan leveranciers)
- Opbrengst = laat waarde van onderneming toenemen
o Bv. Levering aan klant
- Winst = opbrengsten – kosten

Wat met winst ? :

1. Uitkeren
2. Reserves boeken of overdragen naar volgend boekjaar (waarde van EV neemt toe)

, Een kost die geen uitgave is :

1. Afschrijvingen
2. Waardeverminderingen (als je stock verouderd is of bv. beschadigd is, is deze niet meer zo veel
waard als in de boekhouding -> WV op voorraden en WV op handelsvorderingen)
3. Voorzieningen

3.1 De algemene voorstelling van de resultatenrekening
3.1.1 De indeling van de kosten
Operationele- of bedrijfskosten = kosten die te maken hebben met de kernactiviteiten van de
onderneming

– Verkochte handelsgoederen
– Diensten en diverse goederen
– Personeelskosten
– Niet kaskosten (afschrijvingen, waardeverminderingen, voorzieningen)
o Kosten die geen werkelijke uitgave vertegenwoordigen
– Overige bedrijfskosten, zoals milieubelasting …

3.1.2 EBITDA (brutobedrijfsresultaat)
= Earnings before interest, taxes, depreciation and amortisation
= soort winst die in praktijk meer naar gekeken wordt

 Enkel rekening houden met operationele kosten en opbrengsten die daadwerkelijk worden
gemaakt
 Geen rekening met niet-kaskosten

3.1.3 EBIT
= Earnings before interests and taxes
= winstcijfer met aftrek van belastingen

 Houdt wel rekening met niet-kaskosten
 Indicatie voor de winstgevendheid van de onderneming

3.1.4 Resultaat na belasting
= wat overblijft na rekening houdend met kosten en opbrengsten => puur boekhoudkundig
= alle kosten, opbrengsten, belastingen en de financiële kosten en opbrengsten

 Financiële opbrengst = ontvangen interest op spaargeld
 Financiële kost = rente op een lening
 Bedrijfsopbrengst = verkoop van goederen of diensten
 Bedrijfskost = aankopen van handelsgoederen

3.1.5 Toepassing op de case
Resultatenrekening : - Waardeverminderingen
Bedrijfsopbrengsten - Voorzieningen

- Omzet (belangrijkste) Bedrijfsresultaat EBIT
- Voorraadstijging afgewerkt product - Financiële opbrengsten
- Kosten van handelsgoederen, grond – en hulpstoffen
- Financiële kosten
- Kosten van diensten en diverse goederen
Resultaat voor belastingen
Toegevoegde waarde = brutomarge
- Belastingen op het resultaat
- Bezoldigingen
- Overige bedrijfskosten Resultaat na belasting

Operationele kasstroom EBITDA

- Afschrijvingen
5. Financieel plan
€16,46
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
mayadeleeuw

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
mayadeleeuw Hogeschool Gent
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
6
Lid sinds
8 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
6 dagen geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen