HOOFDSTUK 1. DEFINITIE.
1. BEGRIP.
Strafprocesrecht. (spr)
- Het geheel van rechtsregels betreffende..
- De opsporing, vervolging en berechting van personen verdacht ve misdrijf.
- Alle vormvoorschriften en de rechtspositie van alle betrokkenen.
- De organisatie en werking vd rechtscolleges. (rc)
- De tenuitvoerlegging van beslissingen van de rc.
- De procedure voor de toepassing van het materieel strafrecht.
- Synoniemen: strafrechtspleging, strafvordering sensu lato, formeel strafrecht.
Bronnen.
- Grondwet. (1830)
- Fundamentele rechten
- Bepalingen inzake rechterlijke macht
- Strafrechtelijke verantwoordelijkheid van parlementsleden en ministers.
- Wetboek van Strafvordering. (Sv.)
- Inclusief Voorafgaande titel bij het Sv.
- Verzamelwetgeving.
- Potpourri-wijzigingswetten 2015-2018 m.b.t. diverse bepalingen.
- 5 MSS-verzamelwetten 2021-2024
- Digitaliseringswetten en wetten Strafprocesrecht 2023/2024.
- Nieuw wetboek van strafprocesrecht in het vooruitzicht.
- Wetsvoorstel houdende het wetboek van strafprocesrecht. (2020)
- Regeerakkoord BDW. (2025)
- Impact nieuw strafwetboek.
- Wijzigingsbepalingen VT.Sv. en Sv.
- Concordantie.
- Art. 216novies, Sv.: hof van assisen en criminele zaken.
- Art. 78 N.Sw.
- Omzetting en bepaling vd strafmaat in bijzondere wetten die geen strafniveau bepalen.
Indeling misdrijven huidig strafwetboek. (wettelijke driedelige indeling)
- Aard vh misdrijf w bepaald obv de strafmaat. (kwantitatief criterium)
1. Misdaad - criminele straf.
- Vrijheidsstraffen: opsluiting en hechtenis. (levenslang of tijdelijk, min 5 jaar)
- Geldboete: 26 euro en meer, nooit als hoofdstraf. (opdeciemen!)
1
,2. Wanbedrijf - correctionele straf.
- Vrijheidsstraf: gevangenisstraf. (8 dagen – 5 jaar)
- Straf onder elektronisch toezicht, werkstraf, autonome probatiestraf.
- Geldboete: 26 euro en meer. (opdeciemen!)
3. Overtreding - politiestraf.
- Vrijheidsstraf: gevangenisstraf. (1 - 7 dagen)
- Geldboete: 1 – 25 euro. (opdeciemen!)
2
,2. ONDERSCHEID TUSSEN MATERIEEL EN FORMEEL STRAFRECHT.
Formeel strafrecht.
- Het geheel vd procedurele spelregels volgens welke het materieel strafrecht wordt toegepast.
Materieel strafrecht.
- Het geheel vd rechtsregels waardoor bepaalde gedragingen strafbaar w gesteld en gesanctioneerd.
Verschillen.
1. Personen tot wie de regels gericht zijn.
- MA: gericht tot de hele bevolking.
- Burgers en OH.
- FO: gericht tot de OH.
- Personen die met toepassing vh spr belast zijn (oa politie, staande en zittende magistratuur)
2. Inhoud van deze regels.
- MA: heeft een bepaalde vanzelfsprekendheid.
- Beschermt een aantal fundamentele waarden.
- FO: heeft niet dezelfde vanzelfsprekendheid.
- ‘Spelregels’ die niet aan intrinsieke waarden gekoppeld zijn.
3. Sanctionering van schendingen.
- MA: bij een schending ve materiële norm, stelt de dader zich bloot aan bestraffing.
- Op elk misdrijf staat een straf,
- FO: bij een schending ve processuele normen, volgt een processuele sanctie.
- Sanctie verschilt per geval en is niet altijd vooraf id wet bepaald.
- Voorbeeld: nietigheid vd proceshandeling, onontvankelijkheid vd strafvordering, ..
3
,3. DOELSTELLINGEN VAN HET STRAFPROCES.
Verschillende belangen tegenover elkaar.
- Belang vd gemeenschap: bestraffing vd criminaliteit.
- Belang vh slachtoffer: schadevergoeding.
- Belang vd verdachte: eerlijk proces.
Dubbele finaliteit strafproces.
- Strafprocesrecht moet deze (vaak tegenstrijdige) belangen met elkaar verzoenen.
- Waarheidsvinding ↔ bescherming vd individuele grondrechten.
A. WAARHEIDSVINDING.
Waarheidsvinding.
- Invalshoek vh openbaar belang.
- Procedurele scenario's ih Sv. bepalen op welke wijze bewijzen moeten w vergaard en hoe op grond
hiervan rc tot eventuele veroordeling kunnen komen.
B. BESCHERMING VAN DE INDIVIDUELE GRONDRECHTEN.
Bescherming vd indiv grondrechten.
- Invalshoek vd individuele burger.
- In kader waarheidsvinding.
- Ad OH w bev toegekend die verregaande beperkingen vn grondrechten kunnen inhouden.
- Niet enkel tav verdachten, maar ook derden.
⇒ Beschermde belang ruimer dan enkel rechten vd verdediging.
C. ONDERLINGE AFWEGING VAN WAARHEIDSVINDING EN INDIVIDUELE GRONDRECHTEN.
Onderlinge afweging.
- 19e en eerste helft 20e eeuw: finaliteit waarheidsvinding centraal als doel vh spr.
- Sinds totstandkoming EVRM: finaliteit bescherming grondrechten als zelfstandig doel.
- GW + legaliteit + Wet franchimont 1998: integratie vd grondrechten ih spr. (ihb rechten vd verdediging)
- Vw opdat inbreuk gerechtvaardigd is: inhoudelijke vereiste. (vroeger wettelijke basis voldoende)
- Belangen individu wegen meer door, waarheidsvinding moet af en toe wijken.
- Concrete afweging door rechtspraak.
- Slingerbeweging: tot voor WO2 vooral waarheidsvinding, vanaf jaren ‘60 vooral bescherming indiv
grondrechten, na terreuraanslagen weer meer waarheidsvinding.
4
,HOOFDSTUK 2. ACCUSATOIRE EN INQUISITOIRE RECHTSPLEGING.
ACCUSATOIR INQUISITOIR
Horizontale processtructuur Verticale processtructuur
Aanklager en verdediging op gelijke voet, met Overheid weegt door op procesvoering
gelijke wapens
Beklaagde niet object, wel volwaardige procespartij Verdachte ‘object’ rechtspleging
Partijen hebben proces in handen Overheid bepaalt procesverloop
→ Bepalen welke onderzoeksverrichtingen
zullen plaatsvinden en op welke wijze
Tegensprekelijk Geheim en niet-tegensprekelijk
Passieve rol rechter met taak om toe te zien op Actieve rol rechter met taak om ‘waarheid’ te
correct verloop procedure ontdekken
Volledig openbaar Achter gesloten deuren
Common law (Angelsaksische landen) Continentaal Europees en daarop geïnspireerde
landen
Zuiver accusatoir of inquisitoir komt vrijwel nergens (meer) voor!
HOOFDSTUK 3. VERLOOP VAN HET STRAFPROCES.
Strafproces verloopt in twee fasen.
1. Vooronderzoek: geheime fase, grotendeels inquisitoir.
2. Onderzoek ten gronde: openbare fase, grotendeels accusatoir.
1. VOORONDERZOEK.
A. DOEL.
Doel.
- Verdachte identificeren en nagaan of er voldoende bezwaren bestaan tegen de verdachte.
- Niet geïdentificeerd of onvoldoende bezwaren? Onderzoek w stopgezet.
- GEEN uitspraak over de grond van de zaak.
B. OPSPORINGSONDERZOEK EN GERECHTELIJK ONDERZOEK.
Opsporingsonderzoek. (90% strafzaken)
- Onderzoek w gevoerd door Procureur des Konings (PdK) en hulpofficieren.
- Zonder tussenkomst onderzoeksrechter (OR), behalve als dwangma nodig zijn.
⇒ Oplossing: mini-instructie. (sinds Franchimon)
- PdK vraagt toestemming aan OR, maar behoudt leiding over onderzoek.
- Beperkingen: niet voor maatregelen op zwarte lijst in art. 28septies, Sv.
5
, - Onderzoek w afgesloten door de PdK zelf.
- Beslissing tot niet-vervolging. (sepot)
- Rechtstreekse dagvaarding voor vonnisgerecht.
- Vordering tot gerechtelijk onderzoek.
- Buitengerechtelijke afdoening.
- Minnelijke schikking (art. 216bis, Sv.) of bemiddeling. (art. 216ter, Sv.)
- Geen tussenkomst onderzoeksgerechten vereist.
Gerechtelijk onderzoek.
- Onderzoek w gevoerd door OR.
- Wanneer?
- Igv dwangmaatregelen.
- Op vordering vd PdK.
- Evocatie: OR trekt onderzoek naar zich toe.
- Klacht met BP-stelling: OR kan niet weigeren.
- Autosaisine.
- Controle Kamer van Inbeschuldigingstelling (KI). (art. 136, Sv.)
- Afgesloten door Raadkamer (RK): regeling der rechtspleging. (RdR)
- OR deelt het einde vh onderzoek mee ad PdK: beschikking tot mededeling.
- PdK stelt eindvordering op voor RK, die beslist over verdere vervolging.
C. KENMERKEN VAN HET VOORONDERZOEK.
I. HET GEHEIM KARAKTER VAN HET VOORONDERZOEK.
Geheim karakter. (art. 28quinquies, §1 (OO) en 57, §1, Sv. (GO))
- Waarom?
- Ervoor zorgen dat onderzoek niet w gedwarsboomd - onnodige publiciteit vermijden.
a. Draagwijdte.
Interne openbaarheid - tav verdachte en slachtoffer.
- Principe: partijen w niet betrokken bij onderzoeksverrichtingen en resultaten ervan w hen niet meegedeeld.
- Milderingen door Wet Franchimont. (1998)
- Recht op gratis kopie van ondervraging.
- Recht om inzage of afschrift te vragen.
- Kan geweigerd w ⇒ beroep bij KI mogelijk.
- In drie gevallen automatisch inzage.
- Voor de verdachte die van zijn vrijheid werd beroofd.
- Op het einde vh GO, bij de RdR.
- Vanaf het onderzoek ten gronde.
6
,Externe openbaarheid - tav het publiek.
- Principe: alle onderzoeksverrichtingen en procedurehandelingen vinden plaats zonder publiek.
- Milderingen: persmededelingen door PdK of advocaat.
b. Sanctionering.
Nietigheid.
- NIET: nietigheid vh onderzoek.
- WEL: nietigheid van bepaalde opsporingshandelingen.
- HvC: recht eerlijk proces niet in gedrang als verdachte in media negatief in beeld komt.
Magistraten en politiemensen.
- Strafbaar feit: schending beroepsgeheim. (art. 458, Sw.)
- Kan ook een grond tot schadevergoeding opleveren
Verdachte en slachtoffer.
- Strafbaar feit: misbruik maken van inzagerecht. (art. 460ter Sw.)
Journalisten.
- Probleem: zo goed als onaantastbaar door bronnengeheim en persmisdrijf.
II. NIET-TEGENSPREKELIJK KARAKTER EN STURING VAN VOORONDERZOEK.
Niet-tegensprekelijk karakter.
- Principe: verdachte heeft niet het recht om bezwaren te weerleggen en verweermiddelen aan te voeren.
- Waarom? Nog geen uitspraak grond van de zaak.
- OO.
- Voor 2024: principe geldt onverkort, mits één uitzondering.
- Uitz: personen die verhoord w kunnen vragen dat bep opsporingshandeling w verricht
of een verhoor w afgenomen. Geen rechtsmiddel igv weigering. (art. 47bis 1b, Sv.)
- Sinds 2024: art. 21quater, Sv.
- Verzoek bijkomende opsporingshandelingen is ingeschreven, beroep mogelijk.
- GO.
- Inverdenkinggestelde (ivg) en BP kunnen bijkomende onderzoeksdaden vragen, beroep bij
KI mogelijk in geval van weigering. (art. 61quinquies, Sv.)
III. HET SCHRIFTELIJK KARAKTER VAN HET VOORONDERZOEK.
Schriftelijk karakter.
- Principe: van elke onderzoeksverrichting w een geschrift opgemaakt.
- Wordt een proces-verbaal genoemd en ah strafdossier toegevoegd.
- Strafdossier vormt basis voor behandeling zaak op de openbare terechtzitting.
7
, - Geen algemene wettelijke regeling voor het op schrift stellen van onderzoeksverrichtingen.
- Muv verhoren en telefoonbewaking.
2. ONDERZOEK TEN GRONDE.
A. WAT?
Onderzoek ten gronde.
- Onderzoeksfase waarin uitspraak w gedaan over grond vd zaak.
- Vraag of feiten bewezen zijn en, indien bevestigend, over straf.
- Onderzoek verloopt voor de vonnisgerechten.
- Onderzoeksverrichtingen uit het vooronderzoek moeten in principe, indien mogelijk, tijdens het
onderzoek ten gronde w overgedaan.
C. KENMERKEN.
I. OPENBAARHEID VAN TERECHTZITTING EN UITSPRAAK.
Openbaarheid.
- Voorgeschreven door Grondwet (art. 148 en 149 Gw.)
- Zowel terechtzitting als uitspraak.
- Op straffe van nietigheid. (art. 153, lid 1 en 190, lid 1, Sv.)
- Uitzondering: zitting met gesloten deuren.
- Enkel tav publiek, beklaagde behoudt het recht de terechtzitting bij te wonen.
- Indien gevaar voor openbare orde of goede zeden.
- Ogv art. 6, EVRM, o.m. in belang vd bescherming vh privéleven vd partijen ih proces.
‼ Geen uitzondering op openbaarheid vd uitspraak.
- Enkel tav vonnisgerechten, niet onderzoeksgerechten.
- Alle verrichtingen vinden plaats in aanwezigheid van zowel de beklaagde als het publiek.
- Interne openbaarheid.
- Automatisch inzage in het strafdossier.
- Mogelijkheid tot tegenspraak: bewijzen uit vooronderzoek moeten w voorgelegd ad
vonnisrechter in aanwezigheid vd beklaagde.
- Externe openbaarheid.
- Controle functie: via de pers toezicht uitoefenen op de strafrechtspleging.
II. TEGENSPREKELIJK KARAKTER VAN DE PROCEDURE.
Tegensprekelijk karakter.
- Essentie recht van verdediging.
- Onderzoek verloopt in vorm debat tussen vervolgende (OM) en verdedigende partij (beklaagde).
- Beklaagde kan argumenten ontw en tegenbewijzen voorleggen, MAAR bewijslast ligt bij OM.
8
, - Beklaagde is niet verplicht zijn recht op tegenspraak uit te oefenen
- Niet verplicht terechtzitting bij te wonen en heeft recht verstek te laten gaan.
- Wapengelijkheid OM en beklaagde.
- Praktijk: bewijsvoering hoofdzakelijk gesteund op stukken strafdossier.
- Dus op bewijzen die tijdens het vooronderzoek op niet-tegensprekelijke wijze vergaard zijn.
- Taak van de vonnisrechter herleid tot verificatierechter.
III. MONDELING KARAKTER VAN DE RECHTSPLEGING.
Mondeling karakter.
- Verrichtingen gebeuren mondeling: vordering OM, onderzoeksverrichtingen, pleidooien
- Belet advocaten niet om schriftelijke conclusies neer te leggen.
- Wel een schriftelijk verslag vd rechtspleging ter terechtzitting.
- Wordt proces-verbaal van de terechtzitting of zittingsblad genoemd.
HOOFDSTUK 4. ACTOREN IN HET STRAFPROCES.
1. DE VERDACHTE.
A. SITUERING.
Situering.
- Verdachte: persoon die ervan verdacht w een strafbaar feit te hebben gepleegd.
B. DE VERSCHILLENDE STATUTEN VAN VERDACHTE.
Verdachte als verzamelnaam.
- MAAR onderscheid obv fase ih strafr onderzoek en relatieve gewicht vd verdenkingen tegen betrokkene.
Tijdens het vooronderzoek.
- Verdachte.
- Persoon tegen wie een strafr onderzoek loopt, ofwel een OO ofwel een OG.
- In het begin van het onderzoek vaak een onbekende.
- Inverdenkinggestelde.
- Verdachte tegen wie een formele klacht (inverdenkingstelling) w geformuleerd.
- Inwerkingstelling vd inverdenkingstelling. (Art. 61bis, Sv.)
- Automatisch: GO gevorderd verdachte.
- In de loop vh onderzoek: ernstige schuldaanwijzingen. (verplicht)
Tijdens het onderzoek ten gronde.
- Beklaagde: persoon die naar de politie- of corr rb w verwezen.
- Beschuldigde: persoon die voor het HvA moet terechtstaan.
- Veroordeelde: persoon die door het vonnisgerecht schuldig w bevonden ah hem ten laste gelegde
feit en tegen wie een strafr veroordeling is uitgesproken.
9
, Rechten waarop de betrokkene aanspraak kan maken.
Rechtspersonen als verdachte. (art. 2bis, VT.Sv.)
- Wanneer een rp samen met natuurlijke personen die haar vertegenw w vervolgd voor dezelfde /
samenhangende feiten, dan wijst de rb ad hoc een lasthebber aan om de rp te vertegenw.
- Waarom? Belangen vd rp en de natuurlijke persoon kunnen tegenstrijdig zijn.
C. DE ADVOCAAT.
Advocaat.
- Vormt samen met de verdachte ‘de verdediging’.
- Confidentialiteit tss verdachte en zn advocaat is wettelijk beschermd.
- Voor de toepassing vd rechten van verdediging vormt de verdediging één geheel.
- Salduzwet: recht op vertrouwelijk overleg voor en bijstand tijdens verhoor.
2. HET SLACHTOFFER.
A. SITUERING.
Toename aandacht slachtoffer.
- Hoogtepunt nav parlementaire onderzoekscommissies Dutroux-Nihoul en Tweede Bendecommissie.
- Aanbevelingen vd commissies hebben geleid tot wetswijzigingen, zoals..
- Verplichting tot correcte bejegening slachtoffers. (art. 3bis, VT.Sv.)
- Benadeelden v MD kunnen bep rechten laten gelden, ook zonder zich BP te stellen. (art. 5bis, VT.Sv.)
B. DE VERSCHILLENDE STATUTEN VAN ‘SLACHTOFFER’.
Verschillende statuten.
- Slachtoffer is geen noodzakelijke partij ih strafproces.
10