Open vragen zijn theorie vragen letterlijk uit de cursus + een krantenartikel dat te linken valt
met de theorie volg het nieuws! + Zie leerdoelen op de powerpoints om een idee te hebben
van de vragen
Hoofdstuk 1: Wat is sociologie?
In sociologie bestudeer je individuen en groepen met verschillende kenmerken
die hun samenleving beïnvloeden en hoe de samenleving het individu
beïnvloedt.
Verschillende parameters bepalen de ongelijkheid in onze maatschappij op
verschillende niveaus (gender, sociale klasse,…)
Sociologen bestuderen bepaalde fenomenen/veranderingen in onze
samenleving
Sociologisch onderzoek wordt vaak gedaan puur op
geslachtsverschillen
Sociologie moet je vaak bekijken met een bepaalde bril op (wij:
Westerse/Belgische/Vlaamse bril) omdat iedere cultuur de samenleving anders
kan bekijken of beïnvloeden
Sociologen stellen zich abstracte vragen (heel open vragen)
Waarom gedragen mensen zich volgens bepaalde regels?
Hoe komt het dat bijna overal verschillen in macht, inkomen en aanzien
voorkomen?
…
Sociologen stellen zich heel concrete vragen
Welke invloed heeft onze sociale context op ons zelfbeeld?
Is roken cultureel bepaald en is het deviant gedrag of niet?
Corona-coupe: Het belang van een kapper: identiteit, sociaal en fysiek
contact
…
Link criminologie en sociologie: leefbaarheid inschatten
Criminologen onderzoeken niet alleen criminaliteit maar ze denken ook over hoe
ze criminaliteit moeten voorkomen preventief te werk gaan = nadenken over
hoe de samenleving leefbaar kan zijn
,Problemen in de samenleving hebben altijd gevolgen voor individuen/individueel
gedrag
Uiten zich via: Frustratie, Ziekte, Zelfmoord..
Belang om te weten hoe een samenleving leefbaar kan gemaakt worden
Hoe kan de SL leefbaar gemaakt worden?
Sociologie zoekt er een antwoord op. Bachelors Maatschappelijke Veiligheid ook:
De leefbaarheid van de samenleving/buurt/… is een vraagstuk dat we
meehelpen oplossen. We zoeken naar verklaringen voor crimineel gedrag
In het nemen van maatregelen
voor een bepaald probleem,
houden we steeds rekening met de
sociale context en historische
processen
Denken als socioloog:
Beseffen dat alles continent, maar
niet arbritrair is + weten wat
sociologische verbeelding inhoudt
Alles is contingent, maar niet arbriteair (EXAMEN VRAAG!!)
Alles is contingent
Contingent = Alles is waar, maar niet noodzakelijk.
= Gewoontes, handelingen, instellingen…die voor ons vanzelfsprekend zijn, zijn
op een andere plek vaak totaal anders, en hadden zich dus ook bij ons op een
andere manier kunnen ontwikkelen. We moeten beseffen dat alles relatief is.
Om het besef van contingentie te hebben moeten we in staat zijn om het
vanzelfsprekende in vraag te stellen (niet alles is relatief)
Besef van contingentie: sociologen denken dat de mens zijn eigen
geschiedenis maakt, en dus zijn eigen wetgever is. Niet meer in een
opperwezen/het lot geloven.
Voor sociologie: het idee van contingentie terug te vinden bij Rousseau
(18e eeuw): hoe kunnen we ervoor zorgen dat mensen toch de wet eerbiedigen
,als ze beseffen dat het niet door een opperwezen is opgelegd, maar gecreëerd
is door hunzelf?
wetten als conventies
hoe is sociale orde dan mogelijk?
Bv. Blaise Pascal (17°E):
“wat geldt als waarheid aan de ene kant van de Pyreneeën, is dwaasheid aan
de andere kant” bv homohuwelijk is oké in België, maar mss niet aan de
andere kant van EU
Bv: wij
Het is waar dat wij in deze opleiding zitten en zelf voor gekozen hebben en dat
er mensen rondom geweest zijn die daar ook hun invloed op hadden. Maar het
is ook een relatieve keuze. Bij ons is dat een logische keuze geworden, het is zo
dat we veel kans hebben om door te stromen naar het hoger onderwijs. Maar wij
hebben de kans om daarvoor te kiezen omdat dat in onze samenleving
genormaliseerd is. Het is een impliciete verwachting van onze samenleving dat
we verder studeren.
Buiten Europa kan dat niet een verwachting zijn omdat er bv een grote armoede
is in dat land. Bij ons is dat vanzelfsprekend, maar of dat we dat kunnen is een
andere vraag.
Bv. Howard Becker
Toonde in zijn boek ‘the outsiders’ aan dat ook criminaliteit en deviant gedrag
relatief zijn. Wat als strafbaar wordt beschouwd is afhankelijk van tijd en plaats
Bv op de radio:
de begroting van de Vlaamse regering analyseren. Voor sommige mensen
buiten België is dat niet ingeburgerd en is dat een heel raar “fenomeen”
Het is dus niet omdat het hier normaal is, dat het overal normaal is en
de waarheid is
… maar niet arbritrair
Arbritrair = = geen toeval
, Ook al zijn er andere tradities in andere landen die voor ons raar zouden lijken,
het is normaal in dat land en niet gebaseerd op toeval. Er zijn patronen en
sociale determinanten (sociale klassen, gewoontes,) die een samenhang
vormen van gewoontes dat geen toeval is.
Sociale determinanten = verklaringen die terug te vinden zijn in onze
sociale contexten
Door veranderingen in de maatschappij verandert wat toeval is en wat
niet
Sociologisch denken
= het in vraag stellen van het vanzelfsprekende om zich vervolgens de
vraag te stellen hoe de sociale orde mogelijk is in een maatschappij
waarin men beseft dat alles relatief is
Denken als een socioloog = zoeken naar parameters die een bepaalde situatie
kunnen verklaren
economische factor, sociologische factor, demografische factor, geografische
factor
Samenleving = door mensen gemaakt, niet door opperwezen
< Verlichtingsdenken Gevaar voor chaos???
Indien wetten slechts conventies zijn, door mensen gemaakt, waarom
worden ze dan nageleefd? (JJ Rousseau)
Slides met grafieken
In richtingen zoals verpleegkunde en verzorging zitten meer meisjes en in STEM
richtingen zitten meer jongens. Maar bij onze richting kan je veel richtingen uit
waardoor er een evenwicht is tussen jongens en meisjes
De moeder is een belangrijke parameter dan de vader. Daarom wordt er meer
aandacht aan de moeder besteed. Hoe hoger uw moeder opgeleid is, hoe groter
de kans dat je zelf naar het hoger onderwijs gaat.
De jongens met een laag opgeleide moeder hebben maar 36% kans om in het
hoger onderwijs te stromen