VBR
1. Inleidende begrippen
Rechtsfeiten (faits juridiques)/rechtshandelingen
(actes juridiques)
Krassen van de auto is een rechtsfeit doordat je de rechtsgevolgen niet
wilt waardoor je dan de schadevergoeding gaat moeten betalen
Vader overlijdt: het feit dat de vader overlijdt, is een feit dat
rechtsgevolgen koppelt die ik niet zou willen rechtsfeit
Brandverzekering nemen: rechtshandeling
Blikseminslag; woning brandt af is duidelijk een feit
Betaling factuur: door het betalen van een factuur zorg ik ervoor dat ik de
schuldvordering van de eisende partij ga uitdoven, dit is een
effect/rechtsgevolg die ik gewild heb rechtshandeling
Krijgt een bepaling door de factuur: is een rechtsfeit, het overkomt jou
daardoor eindigen uw schuldvorderingseisen, is niet per se iets dat je
wilde
Dagvaarding:
- Uitsturen: je wilt dat iemand voor de rechter gaat verschijnen,
handeling gaan stellen waarbij je de rechtsgevolgen weldegelijk
gewild hebt rechtshandeling
- Gekregen: je wilde dit niet rechtsfeit
Soorten rechtshandelingen;
Indeling volgens:
- Auteur:
Publiekrechtelijke (de droit publique) privaatrechtelijke RH (de
droit privé)
- Aantal partijen bij ontstaan van de rechtshandeling:
Eenzijdige (unilatérale) meerzijdige RH (multilatérale)
- Rechtsgevolgen:
Vestigende (constitutif) overdragende (translatif) uitdovende
(extinctif) bevestigende RH (déclaratoire)
- Formaliteiten te vervullen:
Vormvrije (libre) vormelijke (formel) RH
,Rechtssubjecten (les sujets juridiques)
- Degenen voor wie de rechtsnorm gevolgen meebrengt (rechten en
plichten)
2 soorten:
1. Natuurlijke persoon (la personne physique)
2. Rechtspersoon (la personne juridique/ morale)
Het feit dat we rechten en plichten hebben als persoon betekent dat we
juridische persoonlijkheid (la personalité juridique) hebben die zich
uitdrukken in 2 zaken
1. Staat (l’état) van de persoon
Geheel van bepaalde hoedanigheden van een persoon
2. Bekwaamheid (la capacité) van de persoon
Feitelijke bekwaamheid (la capacité de fait) (geen juridische
betekenis)
Ik kan iets
Rechtsbekwaamheid/genotsbekwaamheid (la capacité de
jouissance)
Vanaf levend en levensvatbaar geboren (embryo’s en lijken
niet, worden wel door het recht beschermd)
Art. 8 oud BW – art. 14 EVRM
Gedeeltelijk rechtsbekwaam (uitzondering:
I. Vreemdelingen: hebben het recht niet om bij
bepaalde verkiezingen deel te nemen, hebben dus
bepaalde politieke rechten niet
II. Bepaalde strafrechtelijke veroordeelden verliezen ook
soms burgerlijke of/en politieke rechten
Talrijke specifieke rechtsonbekwaamheden:
Opgelegd door de wet of door de rechter voor 1 specifiek
gegeven
Sanctie bij overtreding is de absolute nietigheid
Handelingsbekwaamheid (la capacité d’exercice)
Minderjarigen zijn bijvoorbeeld niet handelingsbekwaam
In beginsel is iedereen handelingsbekwaam (art. 1.3, tweede
lid BW)
Uitzonderingen:
1. Minderjarigen
, 2. meerderjarigen onder bewind
iemand met syndroom van down gaan we gaan helpen en
zeggen dat die persoon niet handelingsbekwaam is zodat
men die persoon niet kan misbruiken dus we gaan een
bewindvoerder gaan aanduiden
handelingsonbekwaam kan geheel of gedeeltelijk zijn
1. geheel: persoon in kwestie kan helemaal niet alleen gaan
handelen
2. gedeeltelijk: persoon kan tot op een bepaald punt
zelfstandig handelen, na dat punt zijn ze niet meer
handelingsbekwaam
o algemene handelingsonbekwaamheid (l’incapacité
d’exercice générale)
handelingsonbekwame kan in geen enkel geval
zelfstandig gaan optreden
o gedeeltelijke handelingsonbekwaamheid (l’incapacité
d’exercice partielle)
waarom uitzonderingen op principiële
handelingsbekwaamheid
bescherming van persoon die omwille van onvoldoende
ontwikkelende wil of/en intelligentie beschermd moeten
worden
beschermde persoon kan handelen via vertegenwoordiging
of bijstand
Fysieke/natuurlijke personen (les personnes physiques)
- Elk mens is een rechtssubject
Is in beginsel (betekent dat er uitzonderingen zullen zijn op de
algemene regel) evenveel rechtsbekwaam en
handelingsbekwaam
Elk mens is drager van rechten en plichten
Dieren en planten hebben geen juridische persoonlijkheid dus
geen drager van R en P (hebben wel bescherming door het recht)
Juridische persoonlijkheid (la personnalité juridique) begint bij de geboorte
- Levend en levensvatbaar geboren zijn
- Doodgeboren kind heeft geen juridische persoonlijkheid
- Ongeboren kind heeft wel rechten, geen plichten vanaf het moment
van de verwekking (art. 326 oud BW)
Kan erven (art 4.4 BW)
Kan schenkingen ontvangen (art. 4.137 BW)
Kan erkend worden (art. 328§3 oud BW)
, Juridische persoonlijkheid eindigt met de dood
Rechtspersonen (les personnes juridiques/morales)
- Juridische constructie met eigen vermogen waardoor die constructie
kan optreden als voorwaardig en handelingsbekwaam persoon in
het rechtsverkeer
RP heeft ook rechtspersoonlijkheid (personnalité juridique)
- Voorbeelden: BV, NV
- Schuldeisers van de RP in beginsel enkel op het vermogen van de
RP
Soorten RP:
1. Publiekrechtelijke (de droit publique)
Opgericht door OH met de bedoeling om bep. Publieke diensten
te verlenen (zoals ziekte-uitkering, pensioen, …)
Federale staat, gemeenten, gemeenschappen, …
2. Privaatrechtelijke (de droit privé)
Op privaat initiatief opgericht
Vennootschappen (les sociétés) (met winstoogmerk (but lucratif))
Verenigingen (les associations) (zonder winstoogmerk (sans but
lucrative))
- Ontstaan (la naissance) en einde van RP
Indien wettelijke grond- en vormvereisten nageleefd zijn
Vanaf dag neerlegging oprichtingsakte ter griffie van
ondernemingsrechtbank
Bestaan in de regel voor onbepaalde duur (vrijwillig of
gerechtelijk ontbonden)
- Tegenstelbaarheid aan derden (l’opposabilité)
Derden moeten kennis hebben over bestaan RP (publicatie in
B.S.)
- Onderscheid: onstaan RP tegenwerpelijkheid aan derden
Ontstaan: neerleggen uitreksel van OA ter griffie OR
Tegenwerpelijkheid: OA publiceren in B.S.
Bekwaamheid van rechtspersonen
1. Inleidende begrippen
Rechtsfeiten (faits juridiques)/rechtshandelingen
(actes juridiques)
Krassen van de auto is een rechtsfeit doordat je de rechtsgevolgen niet
wilt waardoor je dan de schadevergoeding gaat moeten betalen
Vader overlijdt: het feit dat de vader overlijdt, is een feit dat
rechtsgevolgen koppelt die ik niet zou willen rechtsfeit
Brandverzekering nemen: rechtshandeling
Blikseminslag; woning brandt af is duidelijk een feit
Betaling factuur: door het betalen van een factuur zorg ik ervoor dat ik de
schuldvordering van de eisende partij ga uitdoven, dit is een
effect/rechtsgevolg die ik gewild heb rechtshandeling
Krijgt een bepaling door de factuur: is een rechtsfeit, het overkomt jou
daardoor eindigen uw schuldvorderingseisen, is niet per se iets dat je
wilde
Dagvaarding:
- Uitsturen: je wilt dat iemand voor de rechter gaat verschijnen,
handeling gaan stellen waarbij je de rechtsgevolgen weldegelijk
gewild hebt rechtshandeling
- Gekregen: je wilde dit niet rechtsfeit
Soorten rechtshandelingen;
Indeling volgens:
- Auteur:
Publiekrechtelijke (de droit publique) privaatrechtelijke RH (de
droit privé)
- Aantal partijen bij ontstaan van de rechtshandeling:
Eenzijdige (unilatérale) meerzijdige RH (multilatérale)
- Rechtsgevolgen:
Vestigende (constitutif) overdragende (translatif) uitdovende
(extinctif) bevestigende RH (déclaratoire)
- Formaliteiten te vervullen:
Vormvrije (libre) vormelijke (formel) RH
,Rechtssubjecten (les sujets juridiques)
- Degenen voor wie de rechtsnorm gevolgen meebrengt (rechten en
plichten)
2 soorten:
1. Natuurlijke persoon (la personne physique)
2. Rechtspersoon (la personne juridique/ morale)
Het feit dat we rechten en plichten hebben als persoon betekent dat we
juridische persoonlijkheid (la personalité juridique) hebben die zich
uitdrukken in 2 zaken
1. Staat (l’état) van de persoon
Geheel van bepaalde hoedanigheden van een persoon
2. Bekwaamheid (la capacité) van de persoon
Feitelijke bekwaamheid (la capacité de fait) (geen juridische
betekenis)
Ik kan iets
Rechtsbekwaamheid/genotsbekwaamheid (la capacité de
jouissance)
Vanaf levend en levensvatbaar geboren (embryo’s en lijken
niet, worden wel door het recht beschermd)
Art. 8 oud BW – art. 14 EVRM
Gedeeltelijk rechtsbekwaam (uitzondering:
I. Vreemdelingen: hebben het recht niet om bij
bepaalde verkiezingen deel te nemen, hebben dus
bepaalde politieke rechten niet
II. Bepaalde strafrechtelijke veroordeelden verliezen ook
soms burgerlijke of/en politieke rechten
Talrijke specifieke rechtsonbekwaamheden:
Opgelegd door de wet of door de rechter voor 1 specifiek
gegeven
Sanctie bij overtreding is de absolute nietigheid
Handelingsbekwaamheid (la capacité d’exercice)
Minderjarigen zijn bijvoorbeeld niet handelingsbekwaam
In beginsel is iedereen handelingsbekwaam (art. 1.3, tweede
lid BW)
Uitzonderingen:
1. Minderjarigen
, 2. meerderjarigen onder bewind
iemand met syndroom van down gaan we gaan helpen en
zeggen dat die persoon niet handelingsbekwaam is zodat
men die persoon niet kan misbruiken dus we gaan een
bewindvoerder gaan aanduiden
handelingsonbekwaam kan geheel of gedeeltelijk zijn
1. geheel: persoon in kwestie kan helemaal niet alleen gaan
handelen
2. gedeeltelijk: persoon kan tot op een bepaald punt
zelfstandig handelen, na dat punt zijn ze niet meer
handelingsbekwaam
o algemene handelingsonbekwaamheid (l’incapacité
d’exercice générale)
handelingsonbekwame kan in geen enkel geval
zelfstandig gaan optreden
o gedeeltelijke handelingsonbekwaamheid (l’incapacité
d’exercice partielle)
waarom uitzonderingen op principiële
handelingsbekwaamheid
bescherming van persoon die omwille van onvoldoende
ontwikkelende wil of/en intelligentie beschermd moeten
worden
beschermde persoon kan handelen via vertegenwoordiging
of bijstand
Fysieke/natuurlijke personen (les personnes physiques)
- Elk mens is een rechtssubject
Is in beginsel (betekent dat er uitzonderingen zullen zijn op de
algemene regel) evenveel rechtsbekwaam en
handelingsbekwaam
Elk mens is drager van rechten en plichten
Dieren en planten hebben geen juridische persoonlijkheid dus
geen drager van R en P (hebben wel bescherming door het recht)
Juridische persoonlijkheid (la personnalité juridique) begint bij de geboorte
- Levend en levensvatbaar geboren zijn
- Doodgeboren kind heeft geen juridische persoonlijkheid
- Ongeboren kind heeft wel rechten, geen plichten vanaf het moment
van de verwekking (art. 326 oud BW)
Kan erven (art 4.4 BW)
Kan schenkingen ontvangen (art. 4.137 BW)
Kan erkend worden (art. 328§3 oud BW)
, Juridische persoonlijkheid eindigt met de dood
Rechtspersonen (les personnes juridiques/morales)
- Juridische constructie met eigen vermogen waardoor die constructie
kan optreden als voorwaardig en handelingsbekwaam persoon in
het rechtsverkeer
RP heeft ook rechtspersoonlijkheid (personnalité juridique)
- Voorbeelden: BV, NV
- Schuldeisers van de RP in beginsel enkel op het vermogen van de
RP
Soorten RP:
1. Publiekrechtelijke (de droit publique)
Opgericht door OH met de bedoeling om bep. Publieke diensten
te verlenen (zoals ziekte-uitkering, pensioen, …)
Federale staat, gemeenten, gemeenschappen, …
2. Privaatrechtelijke (de droit privé)
Op privaat initiatief opgericht
Vennootschappen (les sociétés) (met winstoogmerk (but lucratif))
Verenigingen (les associations) (zonder winstoogmerk (sans but
lucrative))
- Ontstaan (la naissance) en einde van RP
Indien wettelijke grond- en vormvereisten nageleefd zijn
Vanaf dag neerlegging oprichtingsakte ter griffie van
ondernemingsrechtbank
Bestaan in de regel voor onbepaalde duur (vrijwillig of
gerechtelijk ontbonden)
- Tegenstelbaarheid aan derden (l’opposabilité)
Derden moeten kennis hebben over bestaan RP (publicatie in
B.S.)
- Onderscheid: onstaan RP tegenwerpelijkheid aan derden
Ontstaan: neerleggen uitreksel van OA ter griffie OR
Tegenwerpelijkheid: OA publiceren in B.S.
Bekwaamheid van rechtspersonen