HOORCOLLEGE 1: INTRODUCTIE
1. ONTWIKKELINGSTAKEN
~ Robert Havinhurt’s Developmental Task Theory
- Ontwikkelingstaken zijn een reeks van vaardigheden en vermogens (bekwaamheden) dat
mensen ontwikkelen doorheen hun levensloop.
Ontwikkelingstaken hangen af van leeftijd, en ze definiëren dus periodes
1.1 BRONNEN VAN ONTWIKKELINGSTAKEN
- Ontwikkelingstaken vallen niet zomaar uit de lucht: ze hangen af van de biologische waarde,
maatschappelijke en culturerel verwachtingen, individuele doelen en waarden
1. Lichamelijke (biologische) rijpig
Leren rechtstaan en lopen, aanpassen aan de seksuele rijping (pubertijd) of aan de
menopauze (middelbare volwassenheid)
Afhankelijk van veel factoren:
Bij congenitaal blinde gaat het leren lopen trager verlopen dan bij ziende geborene
(ongeveer een jaar later)
In Afrikaanse landen leren kinderen vroeger lopen dan kinderen in steden
2. Individuele doelen en waarden
Keuze voor job of hobby’s, morele beslissingen
De verschillende doelen en waarden die wij ons als ontwikkelingstaken zoeken, kunnen
ook in conflict geraken
Dit zorgt voor uitdagingen in de ontwikkeling
3. Culturele/maatschappelijke verwachtingen
Leren lezen, verantwoordelijkheid voor het milieu en de samenleving
1 van de grootste moeilijkheden op vlak van ontwikkeling door migratie:
De culturele waarde en rol van de vrouw situeert zich volledig anders dan in België
° zelfs België, Nederland en Duitsland verschillen daarin al heel hard van elkaar
2. UITDAGINGEN, BEPALINGEN EN KANSEN
~ Developmental Constraints
- De havinghurts theorie slaagt de brug en zij bemiddeld tussen biologie (bv genetische
bepaalde) facetten van ontwikkeling en ontwikkelingsaspecten die worden gesteund of vereist
door andere mensen in het leen van een individu.
Hedendaags wordt er veel belang gehecht aan de
onderliggende biologische processen (echter is dit niet bij
iedereen zo)
Vanuit het levensloopperspectief is het samenspel tussen
cognitie, cultuur en het brein belangrijk om daar rekening
mee te houden
Alle 3 de bronnen bepalen de ontwikkeling, maar dat
verschilt per leeftijdsfase – er is een enorm invloed van de
biologische processen
3. LEVENSLOOP
3.1 PERIODES VAN ONTWIKKELING
,3.2 LEVENSLOOP PERSPECTIEF
- Het levensloopperspectief kunnen we ook bekijken als een invalshoek van 4 perspectieven
Ontwikkeling is levenslang
De belangrijkste ontwikkeling is in de periode van de geboorte tot de adolescentie
o Er leeft nog vaak het idee dat ontwikkeling beperkt is tot enkel de vroege
levensfase, maar dat is een complete misvatting
o Als in de vroege fase de ontwikkelingstaken niet goed afgewerkt zijn, gaan we hier
gevolgen van hebben op latere leeftijd, het is dan ook heel belangrijk dat kinderen
niet te veel mislopen
De snelst groeiende groep van in de meeste landen zijn de 85+
o Dit wordt verklaard door de gestegen levensverwachting
Multidimensionaal en multidirectioneel
Er moet een onderscheid gemaakt worden tussen de verschillende dimensies van
ontwikkeling
Wat de multidimensionaliteit beweert is dat de 3 dimensies (lichamelijk, cognitief,
emotioneel en sociaal) niet in alle levensfases even snel ontwikkelen
o Bv. de cognitieve ontwikkeling tijdens de adolescentie is dramatisch en heel snel
3 dimensies van ontwikkelinig:
1) Lichamelijk: veranderingen in de grote van het lichaam, proporties, uiterlijk, de
werking van lichamelijkesystemen,…
2) Cognitief: veranderingen in cognitieve mogelijkheden (aandacht, geheugen,
academisch en dagelijkse kennis, probleemoplossen,…)
3) Emotioneel: veranderingen in emotionele communicatie, zelf begrip, interpersoonlijke
vaardigheden, vriendschappen, intieme relaties,…
Leeftijdsverschillen in verwerkingssnelheid
, o Verwerkingssnelheid komt overeen met reactiesnelheid, visueel zoeken in een
contextueel geheel
o De prestatie is gestandaardiseerd op de leeftijd tussen de 20 en 29
o Hier wordt een ruwe prestaties voorgesteld: intelligentie daalt niet na de leeftijd van
29 jaar
Leeftijdsverschillen in verbale bekwaamheid
Er zijn verschillende dimensies van intelligentie die per leeftijdsfase ene andere kant
opgaan
o Bij toenemende leeftijd ervaren oudere mensen meer positieve gevoelens en
jongere mensen ervaren net minder positieve gevoeles
Plastisch
Beschrijft de vaardigheid om te veranderen en te leren
Het plastisch perspectieef beschrijft dat wij op alle leeftijd beschikken over ruimte,
verandering en verbetering
Deelname van oudere werkende in verschillende landen
, o Wij moeten bewust zijn van wat het percentage is van mensen die “serieus” werken
en de mensen die niet werken of niet kunnen werken
o Cijfers hebben ook te maken met hoe vroeg mensen met pensioen gaan en hoe ze
worden uitgedaagd (vervroegd persoen zou mogelijks verklaart kunnen worden
doordat mensen heel vroeg heel veel leren en daarna is het op)
o Alsook de werkzaamheid van vrouwen heeft hier ook veel mee te maken (1
gezinsverdiener, vrouw werkt niet)
o Vaak zeggen oudere mensen dat ze te oud zijn om te leren, daarom dat ze willen
inzetten op onderzoek naar plasticiteit
Beïnvloed door veelvoudige, interagerende krachten
De context speelt mee
4. MENOPAUZE
- Hoe gaan maatschappijen om met 3 van de grootste herstructureringen door hormonen:
puberteit, zwangerschap, menopauze
Bv. menopauze (wordt in verschillende culturen volledig anders bekeken)
Individuele verschillen:
o Belang van vruchtbaarheid en attractiviteit
o Symptomen of verwachtingen ervan
Veel vrouwen ervaren menopauze als klein of geen probleem
Jongere generaties aanvaarden eerder
Sociale status van de ouder wordende vrouw heeft invloed op reacties
- Menopauze als bioculturele gebeurtenis
Geindustrialiseerde westerse landen
Beschouwen het als een ziekte of medisch probleem
o In onze samenleving is de menopauze een individuele gebeurtenis
o Hoe ermee wordt omgegaan is afhankelijk van hoe de samenleving de menopauze
bekijkt
Rapporteren meer symptomen en bezwaren
Griekse vrouwen melden symptomen, maar verkiezen om ze te negeren
Aziatische vrouwen bereiken piek in respect en productiviteit
Menopauze is geen belangrijke marker van middelbare leeftijd
Melden minder symptomen
Maya vrouwen baren veel kinderen
Zij kijken uit naar de menopauze, einde van kinderen krijgen
Melden geen symptomen
5. INDIVIDUELE VERSCHILLEN:RESILIENCE
- Bekwaamheid zich aan te passen aan uitdagingen en bedreigingen voor de ontwikkeling
- Veerkracht, weerstandigheid, wilskracht, herstellingsvermogen
Ervaringen beschouwen als controleerbaarheid
Toewijding: interesse in dagdagelijkse activiteiten
Uitdagingen zijn normaal en kansen om te groeien
- Factoren:
Persoonlijkheidskenmerken