100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting MGZ Q1 MFT elearning + werkgroep casussen

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
6
Geüpload op
14-12-2025
Geschreven in
2020/2021

Samenvatting van de elearning MFT en daarbij opdracht casussen.

Instelling
Vak









Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
14 december 2025
Aantal pagina's
6
Geschreven in
2020/2021
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

MFT - E-learning

Hoofdstuk 1: Pijn
Pijn ontstaat door vrijgekomen stoffen bij weefselschade de pijnreceptoren (nociceptoren)
stimuleren. Dit kan resulteren in voortgeleiding van de nociceptieve signalen. Na verwerking
in verschillende hersenstructuren resulteren deze signalen in pijnperceptie. Door
wisselwerking tussen de gemyeliniseerde A-δ-vezels en de niet-gemyeliniseerde C-vezels in
het ruggenmerg, vindt modulatie van deze nociceptieve informatie plaats.

Prostaglandines sensitiseren de nociceptoren en ze ontstaan via cyclo-oxygenase (COX) uit
arachidonzuur, een product van fosfolipiden uit de celmembraan. Zij versterken het
pijngevoel. Vocht treedt uit en dat verhoogd de druk in het weefsel wat ook pijn kan geven.

Aangrijpingspunten van analgetica:
- Paracetamol grijpt aan centraal in de hersenen en werkt ook koortsverlagend.
- NSAID’s remmen de perifere prostaglandineproductie door remming van de COX-
enzymen  koortsverlagend, ontstekingsremmend, en pijnstillend.
- Opioïden bezetten specifieke receptoren in de hersenen en ruggenmerg. De
belangrijkste opioïdreceptoren zijn mu, kappa en delta. Pijnstillende effecten worden
vooral verkregen door de mu en kappa receptoren.

Bij acute pijn is behandeling gericht op herstel van weefselschade. Chronische pijn berust
meer op ontregeling in de verwerking van nociceptieve signalen. NRS  pijnschaal met 0-10.
De pijn is acceptabel als de patiënt zegt dat de pijn acceptabel is, de patiënt geen
belemmeringen ondervindt in het doorademen, ophoesten of bewegen en als de patiënt een
pijnscore lager dan 4 heeft.

Hoofdstuk 2: Paracetamol
Werkingsmechanisme  onbekend, het wijst op centraal aangrijpingspunt. Het heeft een
pijnstillende en koortsverlagende werking.
Doseringsvoorschrift: 4 maal daags (dd) 1000 mg en kan oraal, rectaal en intraveneus
worden toegedient. Bij dosisreductie is het voorschrift 4 dd (500 mg)

Bij overdosis raakt het conjugatiesysteem (verantwoordelijk voor binden van de toxische
metabolieten van paracetamol) verzadigd wat leidt tot leverschade. Bij specifieke patiënten
raakt treedt eerder verzadiging op en krijg je lagere dosering:
- Alcoholisme  er treedt inductie op van het enzym wat paracetamol omzet tot het
toxische metaboliet. Normaal wordt dit snel ontgift door glutathion maar wanneer de
bindingscapaciteit van glutathion overschrijdt leidt dit tot leverschade.
- Leverfalen  leidt tot toegenomen vorming van hepatotoxische metabolieten.
- Slechte voedingsstatus  dit gaat gepaard met een afgenomen glutathionvoorraad
in de lever waardoor er minder toxische metabolieten gebonden kunnen worden.

Hoofdstuk 3: NSAIDs
Werkingsmechanisme van NSAIDs: ze remmen de prostaglandinesynthese door inhibitie
(remming) van COX. COX1 heeft voornamelijk huishuidfuncties, het zorgt voor adequate
functie van trombocyten en draagt bij aan maagprotectie + optimale doorbloeding van nier.

, COX2 wordt gevormd bij inflammatie en draagt o.a. bij aan koortsinductie en pijnperceptie.
Remming van COX2 leidt dus tot pijnstilling en verlaging van koorts en remming van de
ontstekingsreactie. Ongeveer een uur na het toedienen kan je pijnstillend effect verwachten.

Doseervoorschriften:
Basisdosis Maximale dagdosis Toedieningsroute
Diclofenac 3 dd 25-50 mg 200 mg Po/rect/im/iv
Naproxen 2 dd 250-500 mg 1500 mg (kortdurend) Po/rect
Ibuprofen 3-4 dd 200-600 mg 2400 mg Po/rect

NSAIDs hebben dus vooral nut bij aandoeningen waarbij perifere prostaglandineproductie
een rol speelt bij ontstaan van pijn.

Bijwerkingen:
Remming van de prostaglandineproductie door COX1 leidt tot toename van zuurproductie,
toename van diffusie van zuur door het maagslijmvlies en afname van de kwaliteit van het
maagslijmvlies. Dit geeft verhoogde kans op gastro-intestinale complicaties zoals ulcera,
perforaties en maagbloedingen. Patiënten met extra risico krijgen maagzuurremmer erbij,
dit is bij ouderen boven de 70, ervaring met ulcus en onbehandelde H. pylori-infectie in het
kader van ulcuslijden.
Maatregelen ter preventie van maagschade worden overwogen bij: leeftijd 60-70, co-
morbiditeit (tegelijk 2 stoornissen), co-medicatie, een hogere dosis NSAIDs

De nier is afhankelijk van de druk (P) en flow (Q) in de glomerulus. Deze zijn weer afhankelijk
van een adequaat effectief circulerend volume (ECV). Onder normale omstandigheden is de
doorstroming in de nieren slechts in geringe mate afhankelijk van de
prostaglandineproductie. Vermindering van het ECV leidt tot een afname van de renale
perfusie (doorstroming, aanvoerend blijft niet open). De nier wordt in dat geval in
toenemende mate prostaglandine-afhankelijk (want moet de aanvoerend openhouden) en
het Renine-Angiotensine-Aldosteron-Systeem (RAAS) wordt geactiveerd.

Activatie van het RAAS, leidt tot afgifte van angiotensine II en daarmee tot systematische
vasoconstrictie (vernauwen afvoerend vat). Prostaglandines zorgen voor dilatatie van de
afferente arteriole (aanvoerend vat) en heffen zo het vasoconstrictieve effect op. Door dit
mechanisme blijft de renale perfusie bij daling van ECV constant. NSAIDs remmen dit
compensatiemechanisme door remming van de prostaglandinesynthese. Het gelijktijdig
toedienen van RAAS remmers belemmert dit nog meer het compensatiesysteem wat leidt
tot nierfunctieverlies.

Hartfalenpatiënt: hebben minder druk op de nieren en daarom loop je meer risico op
nierfunctieverlies. NSAIDs geven zelf ook water- en zoutretentie, dus bij te veel infuus houd
je al het zout vast. En bij te weinig NSAID krijg je dus nierfunctieverlies.

Trombocytenfunctie:
NSAIDs remmen de trombocytenfunctie door remming van de tromboxaanproductie onder
invloed van COX1 in de trombocyt  verhoogd de kans op bloedingen. De toediening van
NSAIDs moet worden onderbroken voorafgaand op intravasculaire toediening van
€6,07
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
sterrevanmoerkerk

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
sterrevanmoerkerk Radboud Universiteit Nijmegen
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1
Lid sinds
1 maand
Aantal volgers
0
Documenten
3
Laatst verkocht
4 weken geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen