HOOFDSTUK 5: KRAAKBEEN
Algemeen
Kenmerken - Stevig steunweefsel
- Buigzaam, veerkrachtig, drukbestendig, weinig trekvast
- Omgeven door bindweefsel (= perichondrium) => behalve bij gewrichten
- Geen bloedvaten en zenuwvezels
- Embryonaal/ foetaal skelet
Functie - Steun
- Glijvlak voor gewrichten
- Verbinden van botten
- Aanleg en lengtegroei van pijpbeenderen
Voorkomen Beperkt aanwezig bij volwassenen: o.a. in gewrichten, kraakbenige botverbindingen, in de
luchtwegen
Opbouw Cellulaire component:
- Chondroblasten
- Chondrocyten (chondron)
Extracellulaire matrix:
- Proteoglycanaggregaten
- Collageen type II vezels
- Glycoproteïnen: chondronectine, fibronectine
Perichondrium:
- Fibreuze laag: dens bindweefsel
- Chrondrogene laag
- Voeding kraakbeen via diffusie
- Herstel kraakbeen = traag
➔ Verkalking van kraakbeen, verouderen
Types kraakbeen
- Hyalien kraakbeen
Uitzicht Doorschijnend, wittig
(Grieks: hyalos = glas)
Opbouw Matrix:
- Collageen type II
- Grondstof: Proteoglycanen (75%) & Glycoproteïnen:
• Fibronectine
• Chondronectine (bindt specifiek aan GAGs, collageen en integrines)
Cellulaire component:
- Chondrocyten
- Chondroblasten
Perichondrium:
- Buitenkant: collageen type I vezels + fibroblasten
- Binnenkant: mesenchymale stamcellen
Voorkomen - Articulair (gewrichten)
- Botverbindingen
- Embryonaal/ foetaal skelet
- Groeischijven (kind)
Luchtwegen
, Aandoeningen - Tumoren: chondroma (traag groeiende tumor, gemaakt van kraakbeen dat
zich vormt in of op het bot of zacht weefsel), chondrosarcoma (kanker dat
ontstaan is uit cellen die kraakbeen produceren)
- Osteo-artrititis (~ artrose): gewrichtsontsteking t.g.v verkalkingen van
kraakbeen en onderliggend bot
- Elastisch kraakbeen
Uitzicht Gelig in verse toestand
Opbouw Kenmerken gelijk aan hyalien kraakbeen
Matrix:
- Grondstof: proteoglycanen (75%) en glycoproteïnen
- Collageen type II vezels
- Veel elastinevezels (netwerk)
➔ Verschil met hyalien kraakbeen
Voorkomen Op plaatsen waar weinig druk wordt uitgeoefend, hoge plooi- en rekbaarheid
- Oor
- Stemapparaat (larynx)
- Epiglottis (strottenhoofd)
- Buis van Eustachius
- Bovenste luchtwegenkanaal
- Fibreus of vezelig kraakbeen (= fibrocartilago)
Uitzicht Eigenschappen kraakbeen en dens bindweefsel, geassocieerd met 1 van beide
weefsels
Opbouw - Fibrocartilage cellen: produceren een schaarse ECM van Collageen type II
en andere matrix componenten
- Plaatsen met chondrocyten en hyaliene matrix: gescheiden door regio’s met
fibroblasten en dense bundels van collageen type I
➔ Door de schaarste van proteoglycanen
Fibrocartilage matrix meer acidofiel(lage pH, zuur) dan bij andere
Matrix:
- Kleine hoeveelheden van typische kraakbeenmatrix (basofiel,
metachromatisch, paars)
- Dikke bundel collageenvezels type I (eosinofiel, roze)
Verhogen trekvastbaarheid, beperkte vervormbaarheid
Functie Opvangen van sterke druk en torsiekrachten
Algemeen
Kenmerken - Stevig steunweefsel
- Buigzaam, veerkrachtig, drukbestendig, weinig trekvast
- Omgeven door bindweefsel (= perichondrium) => behalve bij gewrichten
- Geen bloedvaten en zenuwvezels
- Embryonaal/ foetaal skelet
Functie - Steun
- Glijvlak voor gewrichten
- Verbinden van botten
- Aanleg en lengtegroei van pijpbeenderen
Voorkomen Beperkt aanwezig bij volwassenen: o.a. in gewrichten, kraakbenige botverbindingen, in de
luchtwegen
Opbouw Cellulaire component:
- Chondroblasten
- Chondrocyten (chondron)
Extracellulaire matrix:
- Proteoglycanaggregaten
- Collageen type II vezels
- Glycoproteïnen: chondronectine, fibronectine
Perichondrium:
- Fibreuze laag: dens bindweefsel
- Chrondrogene laag
- Voeding kraakbeen via diffusie
- Herstel kraakbeen = traag
➔ Verkalking van kraakbeen, verouderen
Types kraakbeen
- Hyalien kraakbeen
Uitzicht Doorschijnend, wittig
(Grieks: hyalos = glas)
Opbouw Matrix:
- Collageen type II
- Grondstof: Proteoglycanen (75%) & Glycoproteïnen:
• Fibronectine
• Chondronectine (bindt specifiek aan GAGs, collageen en integrines)
Cellulaire component:
- Chondrocyten
- Chondroblasten
Perichondrium:
- Buitenkant: collageen type I vezels + fibroblasten
- Binnenkant: mesenchymale stamcellen
Voorkomen - Articulair (gewrichten)
- Botverbindingen
- Embryonaal/ foetaal skelet
- Groeischijven (kind)
Luchtwegen
, Aandoeningen - Tumoren: chondroma (traag groeiende tumor, gemaakt van kraakbeen dat
zich vormt in of op het bot of zacht weefsel), chondrosarcoma (kanker dat
ontstaan is uit cellen die kraakbeen produceren)
- Osteo-artrititis (~ artrose): gewrichtsontsteking t.g.v verkalkingen van
kraakbeen en onderliggend bot
- Elastisch kraakbeen
Uitzicht Gelig in verse toestand
Opbouw Kenmerken gelijk aan hyalien kraakbeen
Matrix:
- Grondstof: proteoglycanen (75%) en glycoproteïnen
- Collageen type II vezels
- Veel elastinevezels (netwerk)
➔ Verschil met hyalien kraakbeen
Voorkomen Op plaatsen waar weinig druk wordt uitgeoefend, hoge plooi- en rekbaarheid
- Oor
- Stemapparaat (larynx)
- Epiglottis (strottenhoofd)
- Buis van Eustachius
- Bovenste luchtwegenkanaal
- Fibreus of vezelig kraakbeen (= fibrocartilago)
Uitzicht Eigenschappen kraakbeen en dens bindweefsel, geassocieerd met 1 van beide
weefsels
Opbouw - Fibrocartilage cellen: produceren een schaarse ECM van Collageen type II
en andere matrix componenten
- Plaatsen met chondrocyten en hyaliene matrix: gescheiden door regio’s met
fibroblasten en dense bundels van collageen type I
➔ Door de schaarste van proteoglycanen
Fibrocartilage matrix meer acidofiel(lage pH, zuur) dan bij andere
Matrix:
- Kleine hoeveelheden van typische kraakbeenmatrix (basofiel,
metachromatisch, paars)
- Dikke bundel collageenvezels type I (eosinofiel, roze)
Verhogen trekvastbaarheid, beperkte vervormbaarheid
Functie Opvangen van sterke druk en torsiekrachten