Van logistieke flow tot supply chain management (is lezen p12 – 21)
H1: GESCHIEDENIS VAN DE LOGISTIEK EN HET BELANG VOOR DE
ECONOMIE
(lees p24-25)
H2: LOGISTIEK CONCEPT
2.1 logistieke doelstellingen
Strategie in de zakenwereld: plan dat bedrijf maakt om doelen te bereiken op LT
– het kompas het een bedrijf en de onderliggende gedachte rond hoe je je zaak
zal sturen
Strategisch plan van een onderneming staat de missie, visie en strategische
doelen op LT
Formuleer logistieke doelstellingen zo concreet mogelijk en koppel deze steeds
aan de strategische doelen van je bedrijf
SMART-principe: Specifiek; Meetbaar; Acceptabel; Realistisch; Tijdsgebonden
3 uiteenlopende strategieën
1. Product leadership
- Nieuwste en hoogste kwaliteit van
producten
- Innovatieve producten of diensten
- Hoge prijs voor vroege gebruikers en
nichemarkten
- Hoge uitgaven aan R&D en verkoop
- Creativiteit
- Continu trends monitoren
- Concurrenten overtreffen door productspecificaties
Vb. Apple, Nike, Quick-step,…
- Operational excellence
- Lage kosten
- No-nonsense service: eenvoud
- Focus op de goedkoopste zijn en gemakkelijk om mee om te gaan
- Betekent niet dat ze slechte service aanbieden! Ze doen (gewoon)
we ze beloven
- Uitblinken in de basis
Geen eten/drinken bij Ryanair, kleinere luchthavens: alleen
vliegen
1
, Besparen op minder belangrijke dingen of wat klant niet
“waardeert”
Excelleren in de parameters waar klanten zeer gevoelig voor
zijn
Vb. IKEA, Aldi,…
3. Customer intimacy
Beste kennis van belangrijke klanten
Het bieden van een "totaaloplossing"
De klant helpen bij het selecteren van de juiste producten
Hoge verkoopkosten door hoge focus op communicatie
Vb. Cool Blue, Starbucks, Singapore Airlines,…
Alle afdelingen moeten helpen bij het realiseren van deze strategie (niet in eigen
silo denken)
Bedoeling logistiek verbetering van servicelevel en een daling van
integrale kosten (<->)
Focussen op één is makkelijker en dus interessanter
1. Verbeteren van customerservicelevel bij huidig niveau van integrale
kosten
2. Verlagen van integrale kosten bij huidige customerservicelevel
Bereiken door verkorting van doorlooptijd, verbetering van
leveringsbetrouwbaarheid en verhoging van flexibiliteit
Evenwicht zoeken tussen efficiëntie en effectiviteit
Pakketje zo snel mogelijk leveren = efficiëntie; pakketje op juiste plaats leveren
= effectiviteit
Efficiëntie = doel bereiken met zo min mogelijk verspilling van middelen
Effectiviteit = doel zo goed mogelijk bereiken
2.2 logistieke flow
2
,3 belangrijke stromen:
1. Goederenstroom = van fabriek naar klant; producent naar consument
2. Informatiestroom = waar, wanneer,…?
3. Geldstroom = betalen
2.3 klantenorderontkoppelingspunt
KOOP = punt in de procesketen dat aangeeft hoe ver stroomopwaarts in
de bedrijfskolom een klantorder doordringt in het productie- of distributieproces
Alle activiteiten en processen die uitgevoerd worden voor dit punt zijn niet
klantgericht aangezien er sprake is van een anonieme productie, vanaf het KOOP
gaat men naar een klantgerichte productie en is er sprake van
productieoptimalisatie
Omgekeerde driehoek = voorraad; Afgeronde rechthoek = activiteit
Dichter bij leverancier; wachten tot klant met order komt en dan ontwerpen,
inkopen en produceren = stroomopwaarts
Dichter bij klant; voorraad aanleggen = stroomafwaarts
Pushsysteem = productie op initiatief van producent = supply management
Pullsysteem = productie op initiatief van consument = demand managment
KOOP 1:
Make to stock (local)
Maken voor locale voorraad standaarsgoederen voor dagelijks gebruik
Vb. levensmiddelen, dranken,…
KOOP 2: Make to stock (central)
3
, Maken voor centrale voorraad goederen die je in bulk koopt of HG
Vb. meubels, gordijnen,…
KOOP 3: assemble to order
Product wordt gemaakt voor specifieke klant (optielijst) product wordt
samengesteld = klant gedreven productie
Vb. auto’s – er gebeurt al werk op voorhand en er zijn al componenten in stock
KOOP 4: make to order
Grondstoffen zijn op voorraad product wordt gemaakt voor specifieke klant
= klant specifieke productie
Vb. koersfiets voor profs, bedrukte ‘reclame’ balpennen,…
KOOP 5: engineer to order
Geen voorraad (omgekeerde driehoek is niet nodig want er is geen voorraad)
product wordt op maat gemaakt voor klant – pas AK vanaf er een order is
Vb. bedrijfspand, space shuttle,…
Gevolgen gelinkt aan KOOP
Voorraden en levertijden/ doorlooptijden
Minste voorraad in keten: KOOP 5 (& langste levertermijn)
Meeste voorraad in keten: KOOP 1 (& korte levertermijn maar veel risico)
Werknemers
Hoe meer stroomopwaarts hoe gespecialiseerder de WN moeten zijn
Goederen en diensten
Stroomopwaarts = specifieke eigenschappen gebaseerd op klantenwensen
Stroomafwaarts = gestandaardiseerde producten
Organisatie van productieproces
Stroomopwaarts = flexibelere processen
Stroomafwaarts = geen flexibele processen
Besturing van productieproces
Gebeurt op basis van voorspellingen
Productiviteit
Voor KOOP ligt nadruk vooral op efficiëntie
Na KOOP ligt nadruk vooral op effectiviteit
Risico’s
Voor KOOP: onverkoopbaarheid aangezien er geen benoemde klant is
Na KOOP: lever- en doorlooptijden + capaciteitsrisico
4