ANESTHESIE
Michèle Brouwer
,INLEIDING ANESTHESIE
Gebalanceerde anesthesie
• Reversibel bewustzijnsverlies
• Spierrelaxatie
• Analgesie
Met behoudt van fysiologische functies (ademhaling, bloeddruk, temperatuur) en een
vlotte ongecompliceerde recovery op maat van de patiënt
Peri-anesthetisch risico
Wordt bepaald aan de hand van anamnese + pre-anesthetisch onderzoek.
• Voorbeelden van vragen om te stellen: Nuchter? Inspanningsintolerantie? Al
eerder sedatie/anesthesie? Medicatie? Aandoeningen?
Deze risico-analyse wordt weergegeven in de ASA-schaal van 1 tot 5. Bij een patiënt
met ASA-klasse hoger dan 3 à risico op peri-anesthetische complicaties 4 tot 10 keer
hoger
Aanpak gezonde patiënt
Premedicatie
Dexmedetomidine (1-10 μg/kg IV/IM) of medetomidine (2-20 μg/kg) α2-agonist
+
Methadon (0.1-0.2 mg/kg IV/IM) of buprenorfine (10-20 μg/kg IV/IM) opiaat
+
NSAID kan ook tijdens recovery
Michèle Brouwer
,Inductie
Propofol op effect (1-6 mg/kg IV)
of
Alfaxalone op effect (1-3 mg/kg IV)
of
Midazolam (0.2 mg/kg) + Ketamine (5-10 mg/kg) IV
Onderhoud
Isofluraan in zuurstof/lucht op effect
+
Lokale anesthesie techniek (indien mogelijk) of Intra operatieve analgesie (Ketamine:
0.5 mg/kg bolus – CRI: 0.5-1.5mg/kg/h of Fentanyl: 2 μg/kg bolus – CRI: 5-15 μg/kg/h of
Lidocaïne: 1-2 mg/kg bolus – CRI 1-3 mg/kg/h)
Recovery
Voldoende analgesie (Methadon 0.1 – 0.4 mg/kg of Buprenorfine 10-20 μg/kg)
+
NSAID kan ook als premedicatie
+
Sedatie (dexmedetomidine) of extra analgesie (paracetamol) bij dieren die dit duidelijk
nodig hebben
Sedatie
Sedatie verschilt van premedicatie omdat er geen narcose na volgt.
• Sedatie gebruiken we om dier rustig te maken voor RX of echo
• Gebruiken producten aan net iets hogere doseringen dan wanneer deze als
premedicatie zouden worden gebruikt
• Streven naar low FAS: low fear, anxiety and stress
Michèle Brouwer
, CARDIOLOGISCHE AANDOENINGEN
Anesthesie bij cardiologische problemen is een uitdaging
• De meest anesthetica hebben een negatieve invloed op het cardiovasculaire
stelsel
• Hartpatiënten zijn gevoeliger aan volume-overload, aritmieën en sterk
verminderde cardiale reserve
• Medicamenteuze stabilisatie pre-anesthetisch is aan te raden
Parameters
Hartdebiet: CO = HF x SV
• CO: volume bloed dat in 1 min wordt rondgestuurd in het lichaam
• HF: aantal slagen per minuut
• SV: volume bloed per slag
Bloeddruk: BP: CO x SVR
• SVR: systemisch vasculaire weerstand
Slagvolume: bepaalt door preload, inotropie en afterload
• Preload: bloed dat wordt aangeboden in L ventrikel aan het einde van de diastole
• Inotropie: hartspiercontractiliteit
• Afterload: de hoeveelheid druk die het hart nodig heeft om bloed uit te stoten
wanneer de ventrikels samentrekken
Al deze parameters worden beïnvloed door anesthetica en door verschillende aard
onderliggende aandoeningen
Invloed van frequent gebruikte anesthetica en pijnstillers:
Aanpak patiënt met cardiologische aandoening
Anamnese
• Diersoort, raspredispositie leeftijd, geslacht, gewicht
- Cavalier king charles = mitralis insufficiëntie
- Maine coon: HCM
Michèle Brouwer
Michèle Brouwer
,INLEIDING ANESTHESIE
Gebalanceerde anesthesie
• Reversibel bewustzijnsverlies
• Spierrelaxatie
• Analgesie
Met behoudt van fysiologische functies (ademhaling, bloeddruk, temperatuur) en een
vlotte ongecompliceerde recovery op maat van de patiënt
Peri-anesthetisch risico
Wordt bepaald aan de hand van anamnese + pre-anesthetisch onderzoek.
• Voorbeelden van vragen om te stellen: Nuchter? Inspanningsintolerantie? Al
eerder sedatie/anesthesie? Medicatie? Aandoeningen?
Deze risico-analyse wordt weergegeven in de ASA-schaal van 1 tot 5. Bij een patiënt
met ASA-klasse hoger dan 3 à risico op peri-anesthetische complicaties 4 tot 10 keer
hoger
Aanpak gezonde patiënt
Premedicatie
Dexmedetomidine (1-10 μg/kg IV/IM) of medetomidine (2-20 μg/kg) α2-agonist
+
Methadon (0.1-0.2 mg/kg IV/IM) of buprenorfine (10-20 μg/kg IV/IM) opiaat
+
NSAID kan ook tijdens recovery
Michèle Brouwer
,Inductie
Propofol op effect (1-6 mg/kg IV)
of
Alfaxalone op effect (1-3 mg/kg IV)
of
Midazolam (0.2 mg/kg) + Ketamine (5-10 mg/kg) IV
Onderhoud
Isofluraan in zuurstof/lucht op effect
+
Lokale anesthesie techniek (indien mogelijk) of Intra operatieve analgesie (Ketamine:
0.5 mg/kg bolus – CRI: 0.5-1.5mg/kg/h of Fentanyl: 2 μg/kg bolus – CRI: 5-15 μg/kg/h of
Lidocaïne: 1-2 mg/kg bolus – CRI 1-3 mg/kg/h)
Recovery
Voldoende analgesie (Methadon 0.1 – 0.4 mg/kg of Buprenorfine 10-20 μg/kg)
+
NSAID kan ook als premedicatie
+
Sedatie (dexmedetomidine) of extra analgesie (paracetamol) bij dieren die dit duidelijk
nodig hebben
Sedatie
Sedatie verschilt van premedicatie omdat er geen narcose na volgt.
• Sedatie gebruiken we om dier rustig te maken voor RX of echo
• Gebruiken producten aan net iets hogere doseringen dan wanneer deze als
premedicatie zouden worden gebruikt
• Streven naar low FAS: low fear, anxiety and stress
Michèle Brouwer
, CARDIOLOGISCHE AANDOENINGEN
Anesthesie bij cardiologische problemen is een uitdaging
• De meest anesthetica hebben een negatieve invloed op het cardiovasculaire
stelsel
• Hartpatiënten zijn gevoeliger aan volume-overload, aritmieën en sterk
verminderde cardiale reserve
• Medicamenteuze stabilisatie pre-anesthetisch is aan te raden
Parameters
Hartdebiet: CO = HF x SV
• CO: volume bloed dat in 1 min wordt rondgestuurd in het lichaam
• HF: aantal slagen per minuut
• SV: volume bloed per slag
Bloeddruk: BP: CO x SVR
• SVR: systemisch vasculaire weerstand
Slagvolume: bepaalt door preload, inotropie en afterload
• Preload: bloed dat wordt aangeboden in L ventrikel aan het einde van de diastole
• Inotropie: hartspiercontractiliteit
• Afterload: de hoeveelheid druk die het hart nodig heeft om bloed uit te stoten
wanneer de ventrikels samentrekken
Al deze parameters worden beïnvloed door anesthetica en door verschillende aard
onderliggende aandoeningen
Invloed van frequent gebruikte anesthetica en pijnstillers:
Aanpak patiënt met cardiologische aandoening
Anamnese
• Diersoort, raspredispositie leeftijd, geslacht, gewicht
- Cavalier king charles = mitralis insufficiëntie
- Maine coon: HCM
Michèle Brouwer