Taaltoets Nederlands Week 42, 20 oktober 2022
Hogeschool taal
Spelling van werkwoorden:
Werkwoordspelling
1. Hoe vind je de persoonsvorm?
o Maak de zin vragend 1e woord
o Verander de zin van tijd veranderend werkwoord
o Onderwerp in EV of MV veranderend werkwoord
2. Twee of meer persoonsvormen
o Verander de tijd veranderende werkwoorden
3. Ik- vorm
4. ‘je’ achter persoonsvorm
o ‘je’ achter persoonsvorm vervangen door jij ik-vorm.
5. Gebiedende wijs
o Hij, zij, 3e persoon EV -t achter de ik-vorm
o Je, jij, u, 2e persoon EV -t achter de ik-vorm
6. Verleden tijd zwak (geen klinkerwisseling)
o Ik-vorm EV - de of -te
o Ik-vorm MW -den of -ten
7. Verleden tijd sterk (wel klinkerwisseling)
8. Verleden tijd met valse -f of -s
9. ’t ex-kofschip
o Hele werkwoord -en medeklinker van ’t ex-kofschip voltooid deelwoord -t
o Hele werkwoord -en ’t ex-kofschip = -t (geen -d)
10. Voltooid deelwoord
11. Voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord
o Bijv. geb. volt. deelw. Krijgt een -e alleen als het nodig is voor de uitspraak
o Volt. deelw. Eindigt op -en ook -en
12. Onvoltooid deelwoord
o Hele werkwoord + -d of -de
13. Engelse leenwerkwoorden
o Vervoeg je hetzelfde als in het Nederlands
o Dubbele medeklinker in EN laten staan in NL
o Uitgangen laten staan, als je anders uitspraak problemen krijgt
14. Infinitief of hele werkwoord
15. Scheidbaar en niet-scheidbaar samengestelde werkwoorden
o Samengesteld: bestaan uit twee delen ww-deel en niet ww-deel
o Scheidbaar delen kunnen los staan van elkaar
o Niet-scheidbaar delen kunnen niet los staan van elkaar
1
, Spelling algemeen:
Veelvoorkomende woorden
1. Veelvoorkomende woorden
Samenstelling met tussenletter -n- of -s-
2. Samenstelling met tussenletter -n-
o Geen tussenletter -n- in samengestelde znw waarvan het eerste deel als een bvn kan
worden beschouwd.
o Geen tussenletter -n- bij zon, maan hel, Onze-Lieve-Vrouw
o Geen tussenletter -n- bij versteende samenstellingen niet samen worden herkend
3. Afleiding met tussenletter -n-
o Achtervoegsel -lijk of -loos schrijven we een -e, behalve als het grondwoord eindigt
op een -n
4. Samenstelling en afleiding met -s-
o Hoor je een -s dan schrijf je hem ook
Los, aaneen of met een streepje
5. Samenstelling
6. Samenstelling met verwisselbare elementen
o Koppelteken tussen gelijkwaardige delen van een samenstelling onderling te
verwisselen
7. Samenstelling met bijzonder voor- of nabepaling
o Voorbepaling woord is een (werk)verhouding koppelteken
o Fiscaal, generaal, verbaal, testamentair koppelteken
8. Samenstelling met een bijzondere vorm
o Eindigt op cijfer, initiaalwoord, symbool, aparte letter, combinatie valse letters
koppelteken
o Grondwoord een teken of afkorting apostrof
9. Samenstelling met een of meer Engelse woorden
o Engelstalige samenstelling die eindigt op een voorzetsel streepje
o Engelse samenstelling met no of non streepje
o Goodwill, allrisk, freelance, fastfood, bottleneck, fulltime, lifestyle, smartphone,
allround, realtime, humanresourcesafdeling, allriskverzekering, housmuziek,
pilotproject, multiplechoicevraag, oneliner, outdooractiviteit, lastminuteboeking,
harddisk
10. Samenstelling met een woordgroep
o Plaats geen koppelteken vlak voor het laatste deel.
11. Telwoorden en breuken
o Getallen worden in woorden geheel geschreven.
o Na duizend volgt een spatie.
o Miljoen, miljard, biljoen worden los geschreven.
o Tussen de teller en de noemer komt een spatie, behalve als ze deel uitmaken van
een samenstelling.
Hoofdletter of kleine letter
12. Hoofdletter begin van de zin
2
Hogeschool taal
Spelling van werkwoorden:
Werkwoordspelling
1. Hoe vind je de persoonsvorm?
o Maak de zin vragend 1e woord
o Verander de zin van tijd veranderend werkwoord
o Onderwerp in EV of MV veranderend werkwoord
2. Twee of meer persoonsvormen
o Verander de tijd veranderende werkwoorden
3. Ik- vorm
4. ‘je’ achter persoonsvorm
o ‘je’ achter persoonsvorm vervangen door jij ik-vorm.
5. Gebiedende wijs
o Hij, zij, 3e persoon EV -t achter de ik-vorm
o Je, jij, u, 2e persoon EV -t achter de ik-vorm
6. Verleden tijd zwak (geen klinkerwisseling)
o Ik-vorm EV - de of -te
o Ik-vorm MW -den of -ten
7. Verleden tijd sterk (wel klinkerwisseling)
8. Verleden tijd met valse -f of -s
9. ’t ex-kofschip
o Hele werkwoord -en medeklinker van ’t ex-kofschip voltooid deelwoord -t
o Hele werkwoord -en ’t ex-kofschip = -t (geen -d)
10. Voltooid deelwoord
11. Voltooid deelwoord als bijvoeglijk naamwoord
o Bijv. geb. volt. deelw. Krijgt een -e alleen als het nodig is voor de uitspraak
o Volt. deelw. Eindigt op -en ook -en
12. Onvoltooid deelwoord
o Hele werkwoord + -d of -de
13. Engelse leenwerkwoorden
o Vervoeg je hetzelfde als in het Nederlands
o Dubbele medeklinker in EN laten staan in NL
o Uitgangen laten staan, als je anders uitspraak problemen krijgt
14. Infinitief of hele werkwoord
15. Scheidbaar en niet-scheidbaar samengestelde werkwoorden
o Samengesteld: bestaan uit twee delen ww-deel en niet ww-deel
o Scheidbaar delen kunnen los staan van elkaar
o Niet-scheidbaar delen kunnen niet los staan van elkaar
1
, Spelling algemeen:
Veelvoorkomende woorden
1. Veelvoorkomende woorden
Samenstelling met tussenletter -n- of -s-
2. Samenstelling met tussenletter -n-
o Geen tussenletter -n- in samengestelde znw waarvan het eerste deel als een bvn kan
worden beschouwd.
o Geen tussenletter -n- bij zon, maan hel, Onze-Lieve-Vrouw
o Geen tussenletter -n- bij versteende samenstellingen niet samen worden herkend
3. Afleiding met tussenletter -n-
o Achtervoegsel -lijk of -loos schrijven we een -e, behalve als het grondwoord eindigt
op een -n
4. Samenstelling en afleiding met -s-
o Hoor je een -s dan schrijf je hem ook
Los, aaneen of met een streepje
5. Samenstelling
6. Samenstelling met verwisselbare elementen
o Koppelteken tussen gelijkwaardige delen van een samenstelling onderling te
verwisselen
7. Samenstelling met bijzonder voor- of nabepaling
o Voorbepaling woord is een (werk)verhouding koppelteken
o Fiscaal, generaal, verbaal, testamentair koppelteken
8. Samenstelling met een bijzondere vorm
o Eindigt op cijfer, initiaalwoord, symbool, aparte letter, combinatie valse letters
koppelteken
o Grondwoord een teken of afkorting apostrof
9. Samenstelling met een of meer Engelse woorden
o Engelstalige samenstelling die eindigt op een voorzetsel streepje
o Engelse samenstelling met no of non streepje
o Goodwill, allrisk, freelance, fastfood, bottleneck, fulltime, lifestyle, smartphone,
allround, realtime, humanresourcesafdeling, allriskverzekering, housmuziek,
pilotproject, multiplechoicevraag, oneliner, outdooractiviteit, lastminuteboeking,
harddisk
10. Samenstelling met een woordgroep
o Plaats geen koppelteken vlak voor het laatste deel.
11. Telwoorden en breuken
o Getallen worden in woorden geheel geschreven.
o Na duizend volgt een spatie.
o Miljoen, miljard, biljoen worden los geschreven.
o Tussen de teller en de noemer komt een spatie, behalve als ze deel uitmaken van
een samenstelling.
Hoofdletter of kleine letter
12. Hoofdletter begin van de zin
2