DEEL I. VERTICALE FAMILIALE RELATIES
TITEL I. AFSTAMMING
HOOFDSTUK 1. ALGEMEEN
AFDELING 1. BEGRIP EN GRONDSLAGEN
Verschillende betekenissen v/h begrip.
Komt van filiation (filius, filia). Je kan afleiden dat het over een verticale familiale relatie gaat (ouder-kind
relatie, maar onbeperkt in de generaties)
– Algemeen bloedverwantschap
– Bijzonder ouderschap
Biologische versus juridische afstamming (goed van elkaar onderscheiden!)
– Biologische
o Voorbeeld van een biologische afstammingsband die niet juridisch vertaald is:
Vaderschap: we stellen vast dat in de praktijk bij lang niet alle kinderen het
vaderschap juridisch is vastgesteld. Als een kind geboren wordt uit een ongehuwde
vrouw, kan het gebeuren dat die man niet zijn verantwoordelijkheid neemt. Een
goede partner gaat dat kind erkennen. Telkens als men niet gehuwd is, zal een
vaderlijke erkenning nodig zijn om een afstammingsband vast te stellen, anders zal
er gewoon geen zijn.
Gevolg: het kind heeft enkel een eenzijdige moederlijke afstammingsband indien het
niet juridisch is vastgesteld
o Het komt ook voor in het afstammingsrecht dat het verboden is van de biologische
afstammingsband vast te stellen
Voorbeeld: een pervert verwekt een kind bij zijn dochter. Die man is de biologische
vader, maar de wet verbiedt dat die afstammingsband wordt vastgesteld. Er is een
verbod tot vaderlijke erkenning als uit die erkenning een huwelijksbeletsel met de
moeder blijkt (in casu een absoluut huwelijksbeletsel)
– Juridische: de afstammingsband die volgens de wetteijke regels van titel 7 van boek 1 oud BW
afstamming is vastgesteld
o Als juristen spreken over een vastgestelde afstammingsband, dan bedoelen ze een naar recht
vastgestelde afstammingsband
1
, o Er bestaan juridische afstammingen, die juridisch zijn vastgesteld, die niet aan de biologische
realiteit beantwoorden. Dat levert afstammingsprocedures op.
Voorbeeld: een man heeft 2 dochters en hij heeft ze niet moeten erkennen omdat hij
op het ogenblik dat zij geboren zijn, getrouwd was met hun moeder (wettelijk
vermoeden van vaderschap dat enkel binnen het huwelijk speelt). Dit zegt niets
over de biologische realiteit. Het kan ook dat de vrouw overspelig was.
Dan zou de man een procedure tot betwisting van zijn vaderschap kunnen
instellen. Zo gaat men proberen de juridische afstamming onderuit te halen
omdat het niet aan de biologische realiteit voldoet. Anderen willen er vader
van blijven hoewel ze het biologisch niet zijn (2 totaal andere situaties)
Er vinden ook erkenningen plaats uit welwillendheid ten aanzien van de moeder
waarbij de erkenner op dat ogenblik al wist dat hij niet de biologische vader was
(wetens en willens). Die juridisch vastgestelde afstammingsband zal dus ook niet aan
de biologische realiteit voldoen
Dat maakt het afstammingsrecht complex
Verschillende grondslagen voor juridische afstamming
– Bloedband
o De biologshce band is een belangrijk grondslag van ons huidige Belgische oorspronkelijke
astammingsrecht, maar het is niet de enige grondslag
– Sociaal gedrag
o Juridisch vertaald naar ‘bezit van staat’. De vader die zich als vader sociaal gedraagt, stelt
sociaal gedrag waaraan bepaalde juridische gevolgen worden gekoppeld
o Als er bezit van staat is, zal de vastgestelde afstammingsband volgens de wet niet meer
succesvol kunnen worden betwist
– Wil of intentie
o De wil om ouder te worden
o Soms belangrijker dan de biologische realiteit, kan soms sterker spelen: als je wetens en
willens het kind erkent, zal je er ook niet meer van afgeraken, ook al ben je niet de
biologische vader
Elke wetgevende hervorming biedt een nieuw evenwicht tussen deze drie grondslagen
– Belang van het kind
o Geen echte grondslag voor het afstammingsrecht, maar een criterium om toe te passen als er
een conflict is tussen de 3 verschillende grondslagen. Vaak gaat dan het belang van het kind
een doorslaggevende criterium zijn om de ene of de andere van die grondslagen te verkiezen.
Het GwH gaat hierin mee.
Diverse gevolgen
Gekoppeld aan een juridisch vastgestelde afstammingsband (pure biolologische verwantschap volstaat niet):
– Familienaam
2
, o Nu kan je ook zonder afstamming 1x in je leven van familienaam veranderen
– Erfrecht: het is dus een misvatting dat de resultaten van een DNA-onderzoek zouden volstaan om
erfrecht te claimen in de nalatenschap van een overleden man
o Het is wel zo dat er procedures tot gerechtelijke vaststelling van vaderschap worden ingeleid
tegen mannen die al overleden zijn, puur en alleen om erfrecht in die nalatenschap te krijgen,
want als je erin slaagt om die band vast te stellen, dan werkt die retroactief terug tot uw
geboorte en dan kun je bewijzen dat je al bestond op het ogenblik dat die nalatenschap is
opengevallen en kun je erfgerechtigd zijn in die man zijn nalatenschap (= de declaratieve
werking van een oorspronkelijke afstammingsband)
– Alimentatie
– Ouderlijk gezag
– …
AFDELING 2. OPENBAREORDEKARAKTER VAN HET AFSTAMMINGSRECHT
Afstammingsrecht raakt integraal de openbare orde
Betreft de staat v/d persoon in de familie
Men kan er niet van afwijken bij overeenkomst
– Andersluidende overeenkomsten die ingaan tegen principes van het afstammingsrecht zijn strijdig met
de openbare orde en dus absoluut nietig
(bv. draagmoederschapscontract in strijd met de inhoud v/d artikelen 312-333 oud BW = nietig)
– Vb. draagmoederschapsovereenkomsten
o Bij draagmoederschap wil men de wensmoeder juridische moeder maken. Maar het
afstammingsrecht zegt dat de persoon die van het kind bevalt (de draagmoeder) de juridische
moeder is.
o Elke afwijkende overeenkomst is in strijd met een basisprincipe van afstammingsrecht,
namelijk dat de vrouw die bevalt moeder wordt. Die constructie is dus absoluut nietig.
Als in BE een draagmoeder bevalt, moet haar naam in de geboorteakte worden
ingeschreven en wordt zij de moeder. Vandaar dat men trucs toepast om een
draagmoeder in het buitenland te laten bevallen, vb. Frankrijk waar je anoniem kunt
bevallen. Dan staat de naam van de moeder niet in de geboorteakte en is er dus
ruimte om een andere vrouw in de geboorteakte te laten inschrijven. In BE kan dit
niet want wij kennen de anonieme bevalling niet.
AFDELING 3. VERWANTSCHAP
Afstamming versus adoptie
Oorspronkelijke afstamming
3
, – Werkt declaratief: verklaart iets wat altijd geacht wordt bestaan te hebben
o Maar dus ook retroactief, terug in de tijd, terug tot bij de verwekking eens de
afstammingsband wordt vastgesteld. Door die terugwerking kan je dus ook erfrecht in
iemands nalatenschap claimen en ben je mede-erfgenaam.
– Biologisch
Adoptie
– Constitutief van aard: vestigt iets nieuws
o Het heeft een heel beperkt terugwerkende kracht, namelijk tot de start van de
adoptieprocedure, tot de neerlegging van het verzoekschrift tot adoptie
– Socio-affectief concept
Al is dit laatste onderscheid (socio affectief) relatief
– in het afstammingsrecht is bezit van staat ook relevant, dus in de ideale wereld wordt de juridische
oorspronkelijke afstammingsband ook socio-affectief beleefd
BLOEDVERWANTSCHAP
2 soorten:
IN RECHTE LIJN: stammen rechtstreeks van elkaar af
– (bv. uw vader, grootvader, overgrootvader…)
IN DE ZIJLIJN: hebben een gemeenschappelijke stamouder, je stamt niet rechtstreeks van elkaar af
– (bv. uw broer of zus, oom, tante, neef of nicht)
Bestaat er een recht om zijn bloedverwanten te kennen?
Het recht op afstammingsinformatie is in België niet consistent gewaarborgd
– Zeer slecht geregeld, problematiek speelt ook vaak bij gametendonatie -> kinderen die verwekt zijn
met donorsperma:
o Daar rijst de vraag wie de donor is, hebben ze niet het recht te weten wie de genetische
vader is? de fertiliteitsklinieken mogen die identiteit niet doorgeven => anonimiteit van
spermadonatie in BE
– MBV-wet (2007) = wet medisch begeleide voortplanting. Het heeft als principe de anonimiteit van
spermadonatie. Maar je zit ook met een wettelijk principe dat verbiedt dat de afstamming van een
donor wordt vastgesteld, tegen een donor kan nooit een afstammingsvordering worden ingesteld
o Dus ook al ken je de identiteit van uw gametendonor, je kan hem niet uw juridische vader
maken. Dit is een probleem. Volgens prof zal dit op de schop gaan omdat de rechtspraak,
vanuit het recht van het kind om zijn oorsrpong te kennen, anders begint te oordelen
4