Rechtspsychologie en F. bewijs week 6
1)Een rechter kan op twee manieren geconfronteerd worden met
tunnelvisie. Hoezo, leg uit?
Tunnelvisie: wanneer je als rechter maar de focus hebt op een theorie en
geen oog meer hebt voor andere eventuele scenario’s of alternatieven.
Oorzaken tunnelvisie:
Je begint met een overtuiging die is gebaseerd op het dossier, aangezien daar veel
belastende info in te vinden is it is het eerste idee of geloof.
Vaak bestaat er tegenstrijdige informatie dan ontstaat cognitieve dissonantie: dit
houdt in dat er een gevoel van onrust ontstaat indien je geconfronteerd wordt met
tegenstrijdige informatie die niet horen bij je idee/geloof.
Believe perseverance: je houd je in eerste instantie vast aan je eigen geloof/idee
Je gaat dan actief opzoek naar informatie die past binnen je eigen geloof of idee +
je gaat dan tegenstrijdige ideeën negeren of bijv. stellen dat iemand liegt dit
wordt confirmation bias genoemd.
In het geval van een forensisch onderzoek wordt dit forensic confirmation bias
genoemd.
In het geval van een groep die hetzelfde denken: group thinking.
In het geval van rechters kan het bijv. bij de meervoudige kamer een rol spelen
of bij jury rechtspraak.
Rechter dient na te gaan of tll bewezen kan worden hij begint vaak bij het
schuldige scenario dit is in strijd met onschuldpresumptie doordat de rechter
op basis van de tll uitgaat van schuldig en niet meer van onschuldig, kan er sprake
zijn van rechterlijke dwaling hij wil namelijk de tll bewezen verklaren hebben,
maar dat is niet goed.
Ten tweede kan de verdediging aan tunnelvisie leiden verdediging gaat heel
specifiek op een ander scenario focussen, namelijk het onschuldige scenario.
Heuristieken: dit zijn mentale shortcuts die mensen gebruiken om complexe
beslissingen snel en efficiënt te nemen
Bias: zelfstandige vertekeningen/denkfouten
Biases bij rechters:
- Expert bias: rechter denkt dat experts niet aan bias onderhevig kan zijn.
Wanneer experts dit zelf denken: blind spot.
- Hind sight bias: men weet wat resultaat is en je gaat met kennis van dat
resultaat al de conclusie nemen dat je van tevoren al wist dat dit het resultaat
zou zijn.
- Commitment effect: rechter gaan ervanuit dat OM niet zomaar een zaak bij de
Rb aanhangig heeft gemaakt en gaan om die reden sneller over tot veroordelen.
- Framing: hoe je iets interpreteert is op basis van de vorm van hoe het gebracht
wordt heeft met name te maken met requisitoir of pleidooi hebben effect
op de rechter.
- Anchoring: het gebruik van initiële info als referentiepunt voor verder
beslissingen. Stel je voor dat OM een bepaalde straf eist, dan geeft de rechter
vaak ook een hogere straf. Experiment: doppelsteen gooien en als hoger cijfer
gegooid werd, werd de beslissing al verankerd en een grotere straf gegeven.
Bewijsmiddelen dienen goed verankerd zijn: zoeken naar verhaal achter
verhaal en pas stoppen indien je bewijsregel hebt die voldoende is en een anker
, hebt. Je moet nagaan of er bijv. een valse bekentenis is in het geval iemand
hele tijd zwijgt of een valse bekentenis heeft afgegeven. Je dient bijv. te kijken
naar hoe de bekentis tot stand is gekomen controleer verhoormethode en of
er sprake is van sterke of zwakke daderkennis. Rechter dient door te vragen en
dan tot anker te komen en niet zomaar ervanuit gaat dat een bekentenis altijd
klopt.
- Privacy effect eerste indrukken blijven het beste hangen. Voorbeeld
strafblad wat ze al zien of een mediabericht.
- Tegenhanger: recencie: het meest recente blijft ook plakken (VD mag altijd het
laatste woord voeren)
- taak bij verdediging om daar tegenaan te schoppen op een nette manier als je
dat ziet gebeuren.
Typische ankers bij rechters:
- Bekentenis
o Proces (verhoor)
o Product (wat verklaart verdachte) groene of rode vlaggetjes
- DNA
o Transference (vorm van besmetting, vb verkeerde handschoenen
gebruikt) je moet het kunnen uitsluiten
o Activiteit (hoe slechter je kunt verankeren, hoe slechter dna als bewijs
gebruikt kan worden in je scenario.) als dit slecht is voor het schuld
scenario dan is het goed voor het alternatief scenario
- Foslo
o lijkt erop Is geen 100 % zeker
waarneming , schatting (vb. heeft u wel wat kunnen zien)
systeem
fairness
als hier overal geen valggetjes zijn pas dan kun je zeggen
het is geen ankerpunt
pas als een anker(bewijsmiddel) valide is kun je het gebruiken voor je scenario. Hoe meer je
kunt verankeren in een scneario hoe sterker het wordt. Maar als een alternatief scenario
evengod vakt te verankeren is je schuldig scenario alsnog schit. Bewijs hoort te
discrimineren!!
Je begint altijd met een scneario en dan heb je bewijsmiddelen als die kloppen en als dat wel
zo is, dan is het een anker voor je scenario.
Hoe beter je bewijsmiddel hoe sterker verankerd
Motief is het slechtste wat je kan gebruiken in scenarios!
Twee manieren:
1) Eigen tunnelvisie van de rechter: tunnelvisie ontstaat wanneer een rechter zich te
sterk richt op een specifieke hypothese of interpretatie van de zaak en alternatieve
verklaringen negeert. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als:
- De rechter zich laat leiden door zijn eerste indrukken: de eerste indruk van
schuld of onschuld kan de verdere interpretatie van het bewijsmateriaal
kleuren, waarbij tegenstrijdig bewijs wordt genegeerd of onderschat.
1)Een rechter kan op twee manieren geconfronteerd worden met
tunnelvisie. Hoezo, leg uit?
Tunnelvisie: wanneer je als rechter maar de focus hebt op een theorie en
geen oog meer hebt voor andere eventuele scenario’s of alternatieven.
Oorzaken tunnelvisie:
Je begint met een overtuiging die is gebaseerd op het dossier, aangezien daar veel
belastende info in te vinden is it is het eerste idee of geloof.
Vaak bestaat er tegenstrijdige informatie dan ontstaat cognitieve dissonantie: dit
houdt in dat er een gevoel van onrust ontstaat indien je geconfronteerd wordt met
tegenstrijdige informatie die niet horen bij je idee/geloof.
Believe perseverance: je houd je in eerste instantie vast aan je eigen geloof/idee
Je gaat dan actief opzoek naar informatie die past binnen je eigen geloof of idee +
je gaat dan tegenstrijdige ideeën negeren of bijv. stellen dat iemand liegt dit
wordt confirmation bias genoemd.
In het geval van een forensisch onderzoek wordt dit forensic confirmation bias
genoemd.
In het geval van een groep die hetzelfde denken: group thinking.
In het geval van rechters kan het bijv. bij de meervoudige kamer een rol spelen
of bij jury rechtspraak.
Rechter dient na te gaan of tll bewezen kan worden hij begint vaak bij het
schuldige scenario dit is in strijd met onschuldpresumptie doordat de rechter
op basis van de tll uitgaat van schuldig en niet meer van onschuldig, kan er sprake
zijn van rechterlijke dwaling hij wil namelijk de tll bewezen verklaren hebben,
maar dat is niet goed.
Ten tweede kan de verdediging aan tunnelvisie leiden verdediging gaat heel
specifiek op een ander scenario focussen, namelijk het onschuldige scenario.
Heuristieken: dit zijn mentale shortcuts die mensen gebruiken om complexe
beslissingen snel en efficiënt te nemen
Bias: zelfstandige vertekeningen/denkfouten
Biases bij rechters:
- Expert bias: rechter denkt dat experts niet aan bias onderhevig kan zijn.
Wanneer experts dit zelf denken: blind spot.
- Hind sight bias: men weet wat resultaat is en je gaat met kennis van dat
resultaat al de conclusie nemen dat je van tevoren al wist dat dit het resultaat
zou zijn.
- Commitment effect: rechter gaan ervanuit dat OM niet zomaar een zaak bij de
Rb aanhangig heeft gemaakt en gaan om die reden sneller over tot veroordelen.
- Framing: hoe je iets interpreteert is op basis van de vorm van hoe het gebracht
wordt heeft met name te maken met requisitoir of pleidooi hebben effect
op de rechter.
- Anchoring: het gebruik van initiële info als referentiepunt voor verder
beslissingen. Stel je voor dat OM een bepaalde straf eist, dan geeft de rechter
vaak ook een hogere straf. Experiment: doppelsteen gooien en als hoger cijfer
gegooid werd, werd de beslissing al verankerd en een grotere straf gegeven.
Bewijsmiddelen dienen goed verankerd zijn: zoeken naar verhaal achter
verhaal en pas stoppen indien je bewijsregel hebt die voldoende is en een anker
, hebt. Je moet nagaan of er bijv. een valse bekentenis is in het geval iemand
hele tijd zwijgt of een valse bekentenis heeft afgegeven. Je dient bijv. te kijken
naar hoe de bekentis tot stand is gekomen controleer verhoormethode en of
er sprake is van sterke of zwakke daderkennis. Rechter dient door te vragen en
dan tot anker te komen en niet zomaar ervanuit gaat dat een bekentenis altijd
klopt.
- Privacy effect eerste indrukken blijven het beste hangen. Voorbeeld
strafblad wat ze al zien of een mediabericht.
- Tegenhanger: recencie: het meest recente blijft ook plakken (VD mag altijd het
laatste woord voeren)
- taak bij verdediging om daar tegenaan te schoppen op een nette manier als je
dat ziet gebeuren.
Typische ankers bij rechters:
- Bekentenis
o Proces (verhoor)
o Product (wat verklaart verdachte) groene of rode vlaggetjes
- DNA
o Transference (vorm van besmetting, vb verkeerde handschoenen
gebruikt) je moet het kunnen uitsluiten
o Activiteit (hoe slechter je kunt verankeren, hoe slechter dna als bewijs
gebruikt kan worden in je scenario.) als dit slecht is voor het schuld
scenario dan is het goed voor het alternatief scenario
- Foslo
o lijkt erop Is geen 100 % zeker
waarneming , schatting (vb. heeft u wel wat kunnen zien)
systeem
fairness
als hier overal geen valggetjes zijn pas dan kun je zeggen
het is geen ankerpunt
pas als een anker(bewijsmiddel) valide is kun je het gebruiken voor je scenario. Hoe meer je
kunt verankeren in een scneario hoe sterker het wordt. Maar als een alternatief scenario
evengod vakt te verankeren is je schuldig scenario alsnog schit. Bewijs hoort te
discrimineren!!
Je begint altijd met een scneario en dan heb je bewijsmiddelen als die kloppen en als dat wel
zo is, dan is het een anker voor je scenario.
Hoe beter je bewijsmiddel hoe sterker verankerd
Motief is het slechtste wat je kan gebruiken in scenarios!
Twee manieren:
1) Eigen tunnelvisie van de rechter: tunnelvisie ontstaat wanneer een rechter zich te
sterk richt op een specifieke hypothese of interpretatie van de zaak en alternatieve
verklaringen negeert. Dit kan bijvoorbeeld gebeuren als:
- De rechter zich laat leiden door zijn eerste indrukken: de eerste indruk van
schuld of onschuld kan de verdere interpretatie van het bewijsmateriaal
kleuren, waarbij tegenstrijdig bewijs wordt genegeerd of onderschat.