Doel: scheiden van componenten in een mengsel
Mobiele fase wordt door een kolom met stationaire fase ( langs binnenkant) geperst ->
componenten opgelost in mobiele fase komen één voor één van de kolom (van de kolom
komen = “elutie”)
Begin kolom = mengsel; hoe verder door kolom, hoe meer gescheiden en naar detector
Mengsel komt op kolom
Wordt meegesleurd door mobiele fase
Moleculen die we willen afscheiden interageren met stationaire fase (afh van
eigenschappen van zowel componenten als stat. fase bv polair vs apolair)
=> hoe meer interactie, hoe meer tegen stationaire fase willen plakken en hoe langer het
duurt tot het aan de andere kant er uit komt
=> polaire stationaire fase zal polaire stof aantrekken en langer op kolom aanwezig zijn,
apolaire stoffen zullen sneller door kolom gaan
Componenten komen één voor één af de kolom en worden gedetecteerd
Mobiele fase:
– dragergas (Bv stikstofgas (= in practicum), heliumgas, waterstofgas, …)
Stationaire fase:
– Bv Methylsilicone kolom (= ook in practicum)
Specifiek voor scheiding vluchtige componenten: 2 principes:
=> componenten moeten in mobiele fase terecht komen (= gas vormig)
– verschil in dampspanning (= hoe vluchtig damp is; hoe vluchtiger, hoe liever in
gasvorm / mobiele fase, hoe minder interactie met stationaire fase, hoe sneller
elueren) en/of
– verschil in affiniteit voor de stationaire fase (bv polariteit) (= hoe meer polair, hoe
liever met polaire stationaire fase interageren en langer in kolom aanwezig zijn)
Detector: warmtegeleidbaarheid
– verschil in warmtegeleidbaarheid tussen het zuivere en het beladen dragergas (=
als er met stikstofgas een menging is met te meten gas is er verandering in
warmtegeleidbaarheid; te zien in chormatogram)
, Chromatogram = Signaal van de detector over tijd
– Piekhoogte & piekoppervlakte → gebruikt om concentratie te quantificeren!
(hogere piekhoogte/oppervlakte -> hogere conc)
– retentietijd, piekvorm → Eerder kwalitatief (goede/slechte analyse)
– hoe meer AUC, hoe groter concentratie
– retentietijd: hoe lang het duurt voordat het hoogste signaal van piek voorbij de
detector komt = hoe lang het duurt tot component uit kolom verdwenen is
h x-as = tijd
y-as = signaal van
detector
tR
• Totale retentietijd tr = dode tijd t0 + netto retentietijd tr’
• Dode tijd t0 = retentietijd van een niet-weerhouden component (gerelateerd aan snelheid
mobiele fase) => niets kan sneller zijn dan een component die elueert op de dode tijd
– Voor dit tijdspunt is elutie niet mogelijk
Bruto retentietijd!
() ( ) ( )
2 2 2
tr tr tr
• Schotelgetal N= =16 =5.53 (= met w de breedte van kolom)
σ w w1 /2
L
• Schotelhoogte H=
N