SURVEYTECHNIEKEN EN EXPERIMENTELE DESIGNS IN DE SOCIALE WETENSCHAPPEN (SED)
DEEL 1: SURVEYTECHNIEKEN
LES 1: BASISCONCEPTEN VAN ONDERZOEK
Situering:
Verwondering: uni- en bivariaat onderzoek
§ Verwondering over een fenomeen (univariaat onderzoek à dus 1 variabele in
kaart brengen)
o Bv. Hoe vaak komt ‘probleemgedrag’ bij jongeren voor?
§ Verwondering over de relatie tussen twee variabelen (bivariaat onderzoek à
hier bekijkwen we twee variabelen)
o Bv. Is ‘ouderschapstress’ gerelateerd aan ‘probleemgedrag jongeren’?
o Positieve, negatieve of nul relatie
Verwondering: multivariaat onderzoek (je brengt meer dan TWEE variabelen in kaart)
§ Verwondering over de relatie tussen meerdere variabelen (multivariaat
onderzoek)
, o Is ‘ouderschapstress’ gerelateerd aan ‘probleemgedrag’, rekening
houdend met het SES
van gezin
Intro Kwalitatief – Kwantitatief
§ Kwantitatief onderzoek richt zich op verklaring en causaliteit (met wortels in
positivisme) à je gebruikt kwantitatief onderozek wanneer men mogelijks iets
wil weten.
§ Kwalitatief onderzoek richt op in-depth informatie mbt een topic (exploratief
onderzoek) à je gebruikt kwalitatief onderzoek wanneer je nog niets weet
§ Complementair - niet contradictorisch
o Verschillend onderzoeksobject en onderzoeksvragen
o Verschillend benadering voor zelfde onderzoeksvragen (methodologische
triangulatie)
o Kwantitatief onderzoek is niet de vijand van kwalitatief onderzoek
o Bv. kwantitatief onderzoek: wat is de invloed van zakgeld,
studiebelasting, slaap, …
§ op het welbevinden van studenten?
o Bv. kwalitatief onderzoek: welke factoren kunnen onderscheiden worden,
die een
§ impact hebben op het welbevinden van studenten?
§ Kwalitatief onderzoeks à wat zijn de onderliggende motieven
o Het onderzoeken van HOE?
o Verbanden bij kwalitatief onderzoek is NIET gekend
§ Kwantitatief onderzoek à welke factoren verklaren het fenomeen het meest?
o Het onderzoeken van WAT?
o Verbanden bij kwantitatief onderzoek is WEL gekend, MAAR sterkte van
banden niet!
§ Beide onderzoeksmethoden zijn even waardevol, het is dus niet zo dat
kwantitatief onderzoek meer waarde heeft dan kwalitatief of omgekeerd!
Kwalitatief
§ Cresswel (2002): Kwalitatief onderzoek is een benadering waarbij de interviewer:
o één speciek key-fenomeen onderzoekt à
o Participanten brede, algemene vragen stelt (holistische benadering,
erkenning dat menselijke realiteit complex is)
§ Je stelt geen ja/nee vragen! Er wordt goed nagedacht over een
vraag
, o Gedetailleerde standpunten van de geïnterviewde verzameld (woorden
en/of beelden)
o Deze data analyseert en codeert
o De betekenis van de informatie interpreteert op basis van persoonlijke
reflecties en ander onderzoek
§ Een finaal rapport schrijft, met limitaties (bv. persoonlijke vertekening)
Kwalitatieve interviews:
§ Meerdere personen individueel interviewen
§ Heterogene groep om veel meningen te weten te komen
§ Levert info in diepte op: niet enkel ‘wat’ en ‘hoe’ maar vooral waarom
§ Lijst met gesprekspunten à vragen (interviewprotocol)
§ Doorvragen, parafraseren, …
§ Verschillende vormen van interview: gestructureerd, half gestructureerd,
ongestructureerd, visual aids, …
o Bv. jongeren bevragen naar ouderlijke mediëringstrategieën m.b.t.
internetgebruik
Kwalitatief: focusgroepen
Focusgroepen:
§ Meerdere personen in groep interviewen (4-8 pers)
§ 3 tot 4 focusgroepen per topic
§ Homogene groep om diepgaande gesprekken te verkrijgen
§ Belang van goed getrainde moderator
§ Bv. ouders bevragen naar ouderlijke mediëringsstrategieën m.b.t.
internetgebruik van adolescenten
§ Nadeel focusgroep: niet gemakkelijk om een groep mensen tegelijk bij elkaar te
brengen, moderator moet ook sterk in zijn schoenen staan dus weten waarover
het praat en bevraagd
Kwalitatief: Case studies
§ Intensief kwalitatief onderzoek van één geval
§ Na een korte exploitatie worden gerichte waarnemingen en analyses uitgevoerd
§ Vaak hypothesegericht
§ Doel: Beschrijving van sociale processen en factoren die verband houden met de
case
§ Maakt gebruik van observaties, interviews, focusgroeptechnieken, …
Voorbeeld Kwantitatief (Surverys, experimenten, ..)
Kwantitatief = we kunnen een vraag kwantificeren, in een programma zetten en er
bewerkingen mee doen
, § Gegevens kunnen in datamatrix omgezet worden
§ Gegevens kunnen gekwantificeerd worden
§ Meer wetenschappelijk, positivistisch (voor een stuk dan)
Dimensie: Kwalitatief - Kwantitatief
§ Kwalitatief onderzoek is meestal goedkoper dan kwantitatief onderzoek
§ Om diepgaand inzicht te krijgen in een topic
o Interviews kunnen face-to-face afgenomen worden, maar ook telefonisch
of online
o Interviews kunnen kort of lang zijn, individueel of in groep
§ Complementaire onderzoeksmethoden, maar de onderzoekscyclus is anders!
o Kwantitatief: Inleiding, methoden (steekproef, measures, procedures),
resultaten, discussie, conclusie
+ Procedure is lineair
§ Kwalitatief: Inleiding, methoden (steekproef, vragen, procedures), resultaten &
discussie, conclusie
+ Procedure is cyclisch
Theorie versus praktijk
§ Theoretische gedreven benadering:
o De vraag komt voort uit de theorie van de communicatiewetenschappen
o Doel: het beter begrijpen van communicatiepatronen en menselijk gedrag
door het beantwoorden van onderzoeksvragen of het toetsen van
hypothesen die afgeleid zijn uit een theorie
o Startpunt: verwoording van paradigma, onderzoeksvragen formuleren en
methode kiezen
§ Bv. Wat verklaart irrationeel gedrag
§ Vb: selfdisclosure about peer relations
§ Praktijk gedreven benadering:
o De vraag komt voort uit de praktijk
DEEL 1: SURVEYTECHNIEKEN
LES 1: BASISCONCEPTEN VAN ONDERZOEK
Situering:
Verwondering: uni- en bivariaat onderzoek
§ Verwondering over een fenomeen (univariaat onderzoek à dus 1 variabele in
kaart brengen)
o Bv. Hoe vaak komt ‘probleemgedrag’ bij jongeren voor?
§ Verwondering over de relatie tussen twee variabelen (bivariaat onderzoek à
hier bekijkwen we twee variabelen)
o Bv. Is ‘ouderschapstress’ gerelateerd aan ‘probleemgedrag jongeren’?
o Positieve, negatieve of nul relatie
Verwondering: multivariaat onderzoek (je brengt meer dan TWEE variabelen in kaart)
§ Verwondering over de relatie tussen meerdere variabelen (multivariaat
onderzoek)
, o Is ‘ouderschapstress’ gerelateerd aan ‘probleemgedrag’, rekening
houdend met het SES
van gezin
Intro Kwalitatief – Kwantitatief
§ Kwantitatief onderzoek richt zich op verklaring en causaliteit (met wortels in
positivisme) à je gebruikt kwantitatief onderozek wanneer men mogelijks iets
wil weten.
§ Kwalitatief onderzoek richt op in-depth informatie mbt een topic (exploratief
onderzoek) à je gebruikt kwalitatief onderzoek wanneer je nog niets weet
§ Complementair - niet contradictorisch
o Verschillend onderzoeksobject en onderzoeksvragen
o Verschillend benadering voor zelfde onderzoeksvragen (methodologische
triangulatie)
o Kwantitatief onderzoek is niet de vijand van kwalitatief onderzoek
o Bv. kwantitatief onderzoek: wat is de invloed van zakgeld,
studiebelasting, slaap, …
§ op het welbevinden van studenten?
o Bv. kwalitatief onderzoek: welke factoren kunnen onderscheiden worden,
die een
§ impact hebben op het welbevinden van studenten?
§ Kwalitatief onderzoeks à wat zijn de onderliggende motieven
o Het onderzoeken van HOE?
o Verbanden bij kwalitatief onderzoek is NIET gekend
§ Kwantitatief onderzoek à welke factoren verklaren het fenomeen het meest?
o Het onderzoeken van WAT?
o Verbanden bij kwantitatief onderzoek is WEL gekend, MAAR sterkte van
banden niet!
§ Beide onderzoeksmethoden zijn even waardevol, het is dus niet zo dat
kwantitatief onderzoek meer waarde heeft dan kwalitatief of omgekeerd!
Kwalitatief
§ Cresswel (2002): Kwalitatief onderzoek is een benadering waarbij de interviewer:
o één speciek key-fenomeen onderzoekt à
o Participanten brede, algemene vragen stelt (holistische benadering,
erkenning dat menselijke realiteit complex is)
§ Je stelt geen ja/nee vragen! Er wordt goed nagedacht over een
vraag
, o Gedetailleerde standpunten van de geïnterviewde verzameld (woorden
en/of beelden)
o Deze data analyseert en codeert
o De betekenis van de informatie interpreteert op basis van persoonlijke
reflecties en ander onderzoek
§ Een finaal rapport schrijft, met limitaties (bv. persoonlijke vertekening)
Kwalitatieve interviews:
§ Meerdere personen individueel interviewen
§ Heterogene groep om veel meningen te weten te komen
§ Levert info in diepte op: niet enkel ‘wat’ en ‘hoe’ maar vooral waarom
§ Lijst met gesprekspunten à vragen (interviewprotocol)
§ Doorvragen, parafraseren, …
§ Verschillende vormen van interview: gestructureerd, half gestructureerd,
ongestructureerd, visual aids, …
o Bv. jongeren bevragen naar ouderlijke mediëringstrategieën m.b.t.
internetgebruik
Kwalitatief: focusgroepen
Focusgroepen:
§ Meerdere personen in groep interviewen (4-8 pers)
§ 3 tot 4 focusgroepen per topic
§ Homogene groep om diepgaande gesprekken te verkrijgen
§ Belang van goed getrainde moderator
§ Bv. ouders bevragen naar ouderlijke mediëringsstrategieën m.b.t.
internetgebruik van adolescenten
§ Nadeel focusgroep: niet gemakkelijk om een groep mensen tegelijk bij elkaar te
brengen, moderator moet ook sterk in zijn schoenen staan dus weten waarover
het praat en bevraagd
Kwalitatief: Case studies
§ Intensief kwalitatief onderzoek van één geval
§ Na een korte exploitatie worden gerichte waarnemingen en analyses uitgevoerd
§ Vaak hypothesegericht
§ Doel: Beschrijving van sociale processen en factoren die verband houden met de
case
§ Maakt gebruik van observaties, interviews, focusgroeptechnieken, …
Voorbeeld Kwantitatief (Surverys, experimenten, ..)
Kwantitatief = we kunnen een vraag kwantificeren, in een programma zetten en er
bewerkingen mee doen
, § Gegevens kunnen in datamatrix omgezet worden
§ Gegevens kunnen gekwantificeerd worden
§ Meer wetenschappelijk, positivistisch (voor een stuk dan)
Dimensie: Kwalitatief - Kwantitatief
§ Kwalitatief onderzoek is meestal goedkoper dan kwantitatief onderzoek
§ Om diepgaand inzicht te krijgen in een topic
o Interviews kunnen face-to-face afgenomen worden, maar ook telefonisch
of online
o Interviews kunnen kort of lang zijn, individueel of in groep
§ Complementaire onderzoeksmethoden, maar de onderzoekscyclus is anders!
o Kwantitatief: Inleiding, methoden (steekproef, measures, procedures),
resultaten, discussie, conclusie
+ Procedure is lineair
§ Kwalitatief: Inleiding, methoden (steekproef, vragen, procedures), resultaten &
discussie, conclusie
+ Procedure is cyclisch
Theorie versus praktijk
§ Theoretische gedreven benadering:
o De vraag komt voort uit de theorie van de communicatiewetenschappen
o Doel: het beter begrijpen van communicatiepatronen en menselijk gedrag
door het beantwoorden van onderzoeksvragen of het toetsen van
hypothesen die afgeleid zijn uit een theorie
o Startpunt: verwoording van paradigma, onderzoeksvragen formuleren en
methode kiezen
§ Bv. Wat verklaart irrationeel gedrag
§ Vb: selfdisclosure about peer relations
§ Praktijk gedreven benadering:
o De vraag komt voort uit de praktijk