ZENUWBANEN
SOMATO-EFFERENTE BANEN
Er zijn 3 soorten somato-efferente banen en deze zullen skeletspieren activeren.
1) Lokale reflex
Bevat lagere motorneuronen LMN
Deze zullen de extensoren activeren
2) Pyramidaal systeem
Bevat hogere motorneuronen UMN in de cerebrale cortex
Fijne motoriek en complexe bewegingen
1 op 1 relatie
UMN inhiberen de LMN dus ze gaan ook de extensoren indirect inhiberen
3) Extra-pyramidaal systeem
Bevat hogere motorneuronen UMN in de cerebrale cortex
Massabewegingen
1 op veel relatie
UMN inhiberen de LMN dus ze gaan ook de extensoren indirect inhiberen
LOKALE REFLEX
Deze LMN liggen in de ventrale hoorn van het ruggenmerg. Deze zullen invloed uitoefenen op de
extensoren waardoor deze gaan contraheren. Dit systeem is over het ganse ruggenmerg aanwezig.
PYRAMIDALE SYSTEEM
Dit is het dominante systeem bij primaten. Bij carnivoren is dit terug te vinden tot op het niveau van
de thorax, dus het voorste lidmaat is nog onderhevig aan het pyramidale systeem. Deze UMN liggen
in de cerebrale cortex waardoor de beweging bewust wordt geïnitieerd. Het axon van deze UMN
loopt naar een LMN en zal deze inhiberen. Dit is een 1-op-1 relatie en is dus verantwoordelijk voor de
fijne motoriek.
De axonen van deze UMN bundelen zich en lopen langs hetzelfde traject:
Eerst zullen ze door de capsula interna lopen. Vervolgens zullen deze lopen als de tractus
corticospinalis aan de ventrale zijde van de hersenen, eerst thv de crus cerebri (mesencephalon) en
dan thv het verlengde merg als de pyramis. Naar het einde van het verlengde merg toe, gaat de
pyramis verdwijnen doordat 75% van deze axonen zal kruisen. Hierdoor verkrijgen we thv het
ruggenmerg:
1) Tractus corticospinalis lateralis
In de funiculus lateralis
De axonen die gaan kruisen
2) Tractus corticospinalis ventralis
, In de funiculus ventralis
De axonen die niet gaan kruisen
Dit wordt aangeduid als de decussatio pyramis.
Vervolgens zullen ze synapteren op interneuronen in de ventrale hoorn en deze zullen projecteren
naar de LMN. Ze gaan de LMN inhiberen en dus de extensoren inhiberen.
De tractus corticospinalis is dus aan de ventrale zijde uitwendig zichtbaar als de crus cerebri
(mesencephalon) en als de pyramis (verlengde merg).
Thv van het hoofd vinden we ook skeletspieren terug en deze vinden hun oorsprong in de tractus
corticobulbaris. Deze tractus projecteert dus naar motorkernen van verschillende kopzenuwen aan
de hersenstam (bv. nucleus motorius n. facialis)
Dus als de UMN wegvallen, zal er een overactiviteit zijn de LMN waardoor de extensoren overactief
zijn. parese
Als de LMN wegvallen, zal er geen spieractiviteit meer zijn en krijgen we verlamming paralyse
EXTRAPYRAMIDAAL SYSTEEM
Dit is bij onze huisdieren een heel belangrijk systeem. De initiatie van een beweging gebeurt door
motorneuronen die niet in de hersenschors gelegen zijn, hierdoor zijn dit onbewuste bewegingen. De
activiteit van deze motorneuronen kan wel worden beïnvloed door de hersenschors.
Thv de hersenen vinden we 4 soorten extra-pyramidale banen terug en deze worden allemaal
beïnvloed door het cerebellum, de basale ganglia en door de nuclei vestibularis:
1) Tractus tectospinalis
Oorsprong : tectum (dak van het mesencephalon)
Einde : cervicale LMN aan de andere kant (contralaterale zijde)
Wordt beïnvloed door geluid- en visuele prikkels die aankomen thv de corpora
quadrigemina
F : herpositioneerd onbewust geluid- en visuele prikkels
LMN worden geïnhibeerd
2) Tractus vestibulospinalis
Oorsprong : nuclei vestibulares (verlengde merg)
Einde : LMN die het lichaam in evenwicht houden
LMN worden geïnhibeerd of geactiveerd aan de andere kant? : inhibitie
3) Tractus reticulospinalis
Oorsprong :
o Formatio reticularis pons
Einde : LMN van de extensoren
LMN worden geactiveerd
o Formatio reticularis verlengde merg
Einde : LMN van de extensoren
LMN worden geïnhibeerd (dus focus op flexoren)
4) Tractus rubrospinalis
Oorsprong : nucleus ruber (mesencephalon)
SOMATO-EFFERENTE BANEN
Er zijn 3 soorten somato-efferente banen en deze zullen skeletspieren activeren.
1) Lokale reflex
Bevat lagere motorneuronen LMN
Deze zullen de extensoren activeren
2) Pyramidaal systeem
Bevat hogere motorneuronen UMN in de cerebrale cortex
Fijne motoriek en complexe bewegingen
1 op 1 relatie
UMN inhiberen de LMN dus ze gaan ook de extensoren indirect inhiberen
3) Extra-pyramidaal systeem
Bevat hogere motorneuronen UMN in de cerebrale cortex
Massabewegingen
1 op veel relatie
UMN inhiberen de LMN dus ze gaan ook de extensoren indirect inhiberen
LOKALE REFLEX
Deze LMN liggen in de ventrale hoorn van het ruggenmerg. Deze zullen invloed uitoefenen op de
extensoren waardoor deze gaan contraheren. Dit systeem is over het ganse ruggenmerg aanwezig.
PYRAMIDALE SYSTEEM
Dit is het dominante systeem bij primaten. Bij carnivoren is dit terug te vinden tot op het niveau van
de thorax, dus het voorste lidmaat is nog onderhevig aan het pyramidale systeem. Deze UMN liggen
in de cerebrale cortex waardoor de beweging bewust wordt geïnitieerd. Het axon van deze UMN
loopt naar een LMN en zal deze inhiberen. Dit is een 1-op-1 relatie en is dus verantwoordelijk voor de
fijne motoriek.
De axonen van deze UMN bundelen zich en lopen langs hetzelfde traject:
Eerst zullen ze door de capsula interna lopen. Vervolgens zullen deze lopen als de tractus
corticospinalis aan de ventrale zijde van de hersenen, eerst thv de crus cerebri (mesencephalon) en
dan thv het verlengde merg als de pyramis. Naar het einde van het verlengde merg toe, gaat de
pyramis verdwijnen doordat 75% van deze axonen zal kruisen. Hierdoor verkrijgen we thv het
ruggenmerg:
1) Tractus corticospinalis lateralis
In de funiculus lateralis
De axonen die gaan kruisen
2) Tractus corticospinalis ventralis
, In de funiculus ventralis
De axonen die niet gaan kruisen
Dit wordt aangeduid als de decussatio pyramis.
Vervolgens zullen ze synapteren op interneuronen in de ventrale hoorn en deze zullen projecteren
naar de LMN. Ze gaan de LMN inhiberen en dus de extensoren inhiberen.
De tractus corticospinalis is dus aan de ventrale zijde uitwendig zichtbaar als de crus cerebri
(mesencephalon) en als de pyramis (verlengde merg).
Thv van het hoofd vinden we ook skeletspieren terug en deze vinden hun oorsprong in de tractus
corticobulbaris. Deze tractus projecteert dus naar motorkernen van verschillende kopzenuwen aan
de hersenstam (bv. nucleus motorius n. facialis)
Dus als de UMN wegvallen, zal er een overactiviteit zijn de LMN waardoor de extensoren overactief
zijn. parese
Als de LMN wegvallen, zal er geen spieractiviteit meer zijn en krijgen we verlamming paralyse
EXTRAPYRAMIDAAL SYSTEEM
Dit is bij onze huisdieren een heel belangrijk systeem. De initiatie van een beweging gebeurt door
motorneuronen die niet in de hersenschors gelegen zijn, hierdoor zijn dit onbewuste bewegingen. De
activiteit van deze motorneuronen kan wel worden beïnvloed door de hersenschors.
Thv de hersenen vinden we 4 soorten extra-pyramidale banen terug en deze worden allemaal
beïnvloed door het cerebellum, de basale ganglia en door de nuclei vestibularis:
1) Tractus tectospinalis
Oorsprong : tectum (dak van het mesencephalon)
Einde : cervicale LMN aan de andere kant (contralaterale zijde)
Wordt beïnvloed door geluid- en visuele prikkels die aankomen thv de corpora
quadrigemina
F : herpositioneerd onbewust geluid- en visuele prikkels
LMN worden geïnhibeerd
2) Tractus vestibulospinalis
Oorsprong : nuclei vestibulares (verlengde merg)
Einde : LMN die het lichaam in evenwicht houden
LMN worden geïnhibeerd of geactiveerd aan de andere kant? : inhibitie
3) Tractus reticulospinalis
Oorsprong :
o Formatio reticularis pons
Einde : LMN van de extensoren
LMN worden geactiveerd
o Formatio reticularis verlengde merg
Einde : LMN van de extensoren
LMN worden geïnhibeerd (dus focus op flexoren)
4) Tractus rubrospinalis
Oorsprong : nucleus ruber (mesencephalon)