Jeugdrecht Les 1 – 18 nov
• Gouden tip om te slagen in eerste zit: Lees je wetgeving (mag meegenomen
worden n/h examen- gekleurd, geannoteerd, ... alleen niet digitaal)
• Waar vind ik informatie?
= Wetboek (authentieke bron, je mag ervan uitgaan dat wat daarin staat juist
is), websites (Vlaamse overheid etc.) zoals:
www.opgroeien.be/cijfers-en-publicaties
www.jaarverslagjeugdhulp.be/kerncijfers/wie-krijgt-hulp
• Wie, wat, wanneer, waar, waarom, op welke wijze, met welke middelen, ...
= Op het examen krijgen we een casus met daarin informatie. Cruciaal is dat
je die bovenstaande vragen stelt. Aan elk woord hangen juridische gevolgen
vast.
- Wat is minderjarig? Wanneer is X minderjarig? Wanneer je nog niet de
leeftijd van 18 jaar hebt bereikt.
Iemand die 20 jaar is, maar mentaal 14 is en wordt verlengd
minderjarig. Hebben we dan een minderjarige? Burgerrechtelijk is die op
bepaalde vlakken minderjarig, maar in het jeugdrecht blijft deze persoon
een volwassene en is de jeugdrechter in principe niet bevoegd. Als die
persoon morgen een huis zou kopen, dan is het contractueel een
minderjarige is en zal die koop niet geldig zijn.
- Je moet de vragen in de juiste volgorde stellen!!!
• “Drie keer plassen tegen combi en ook minister van Quickenborne zelf duikt
op in video: wat is er precies te zien op de beelden van zijn feest?”
= Van Quickenborne was de vorige minister van justitie. Belangrijk is dat je
kritisch bent van wat je ziet in de actualiteit.
• Recht = Taal vertaling van een samenleving waarbij men probeert orde en
structuur te brengen binnen deze realiteit.
Recht = een beperkte vertaling van de realiteit
Recht = onderdeel van de realiteit en (hulp)middel binnen deze realiteit
1
, Recht is er voor de mensen !! vergeet de mensen niet!!
• Corona...en plots is niets nog vanzelfsprekend
Voorbeeld: De regel was dat je met 4 mensen buiten mocht afspreken. Er
was een bijeenkomst in de tuin bij iemand, men had de muziek te luid
gezet = overlast. De politie komt ter plaatse en ze zien enkele jongens in
de tuin zitten. De jongens zijn gaan lopen, maar uiteindelijk hebben ze
allemaal kunnen pakken. Ze werden verhoord en ze zaten dus met 5 ipv 4
personen. Die worden alle 5 voorgeleid met de ouders die aanwezig zijn.
De politie had ze eerder verhoord en ze gaven aan dat ze maar met 4
mensen mochten zijn. De situatie: er waren 3 vrienden gekomen naar
iemand thuis en thuis zat er ook nog een 4 de vriend die al een paar
maanden woonden bij die persoon thuis = 5 in totaal. Die persoon die daar
al enkele maanden woonden, wordt die beschouwd als soort broer
inwonende in gezin of een externe die inwoont in dat gezin?
1 van de mensen van de politie zal contact opnemen met de officier van
wacht. De officier belt naar de procureur en de procureur geeft instructies.
De procureur des Koning bepaalt het beleid omtrent corona in een richtlijn
en er is altijd een procureur van wacht. De procureur zegt ‘allemaal
meenemen voor verhoor.’ Die personen worden verhoord en de procureur
zegt voorleiden de dag erop voor de jeugdrechter, dus de jongens moeten
een nachtje overnachten in de cel. Uiteindelijk mochten ze naar huis
zonder voorwaarden. Als je de wet strikt leest is hij daar niet ingeschreven
en is het een overtreding, maar men heeft het bij een waarschuwing
gelaten. Dit geeft aan dat kleine details het hele verhaal kunnen
veranderen. Die jongens waren allemaal van een deftige buurt, gingen
allemaal naar school, hadden nog geen feiten gepleegd, ... is het dan een
ander verhaal? Als er geen link is tussen beiden dan wilt het niet zeggen
dat je anders behandeld moet worden, maar het kan er wel voor zorgen
dat je in een bepaalde richting een beslissing neemt.
• Jongeren = universeel, in elke cultuur in elk land.
Rechten voor jongeren = universeel? Maar de rechten die we toekennen
aan jongeren is helaas niet universeel.
2
• Gouden tip om te slagen in eerste zit: Lees je wetgeving (mag meegenomen
worden n/h examen- gekleurd, geannoteerd, ... alleen niet digitaal)
• Waar vind ik informatie?
= Wetboek (authentieke bron, je mag ervan uitgaan dat wat daarin staat juist
is), websites (Vlaamse overheid etc.) zoals:
www.opgroeien.be/cijfers-en-publicaties
www.jaarverslagjeugdhulp.be/kerncijfers/wie-krijgt-hulp
• Wie, wat, wanneer, waar, waarom, op welke wijze, met welke middelen, ...
= Op het examen krijgen we een casus met daarin informatie. Cruciaal is dat
je die bovenstaande vragen stelt. Aan elk woord hangen juridische gevolgen
vast.
- Wat is minderjarig? Wanneer is X minderjarig? Wanneer je nog niet de
leeftijd van 18 jaar hebt bereikt.
Iemand die 20 jaar is, maar mentaal 14 is en wordt verlengd
minderjarig. Hebben we dan een minderjarige? Burgerrechtelijk is die op
bepaalde vlakken minderjarig, maar in het jeugdrecht blijft deze persoon
een volwassene en is de jeugdrechter in principe niet bevoegd. Als die
persoon morgen een huis zou kopen, dan is het contractueel een
minderjarige is en zal die koop niet geldig zijn.
- Je moet de vragen in de juiste volgorde stellen!!!
• “Drie keer plassen tegen combi en ook minister van Quickenborne zelf duikt
op in video: wat is er precies te zien op de beelden van zijn feest?”
= Van Quickenborne was de vorige minister van justitie. Belangrijk is dat je
kritisch bent van wat je ziet in de actualiteit.
• Recht = Taal vertaling van een samenleving waarbij men probeert orde en
structuur te brengen binnen deze realiteit.
Recht = een beperkte vertaling van de realiteit
Recht = onderdeel van de realiteit en (hulp)middel binnen deze realiteit
1
, Recht is er voor de mensen !! vergeet de mensen niet!!
• Corona...en plots is niets nog vanzelfsprekend
Voorbeeld: De regel was dat je met 4 mensen buiten mocht afspreken. Er
was een bijeenkomst in de tuin bij iemand, men had de muziek te luid
gezet = overlast. De politie komt ter plaatse en ze zien enkele jongens in
de tuin zitten. De jongens zijn gaan lopen, maar uiteindelijk hebben ze
allemaal kunnen pakken. Ze werden verhoord en ze zaten dus met 5 ipv 4
personen. Die worden alle 5 voorgeleid met de ouders die aanwezig zijn.
De politie had ze eerder verhoord en ze gaven aan dat ze maar met 4
mensen mochten zijn. De situatie: er waren 3 vrienden gekomen naar
iemand thuis en thuis zat er ook nog een 4 de vriend die al een paar
maanden woonden bij die persoon thuis = 5 in totaal. Die persoon die daar
al enkele maanden woonden, wordt die beschouwd als soort broer
inwonende in gezin of een externe die inwoont in dat gezin?
1 van de mensen van de politie zal contact opnemen met de officier van
wacht. De officier belt naar de procureur en de procureur geeft instructies.
De procureur des Koning bepaalt het beleid omtrent corona in een richtlijn
en er is altijd een procureur van wacht. De procureur zegt ‘allemaal
meenemen voor verhoor.’ Die personen worden verhoord en de procureur
zegt voorleiden de dag erop voor de jeugdrechter, dus de jongens moeten
een nachtje overnachten in de cel. Uiteindelijk mochten ze naar huis
zonder voorwaarden. Als je de wet strikt leest is hij daar niet ingeschreven
en is het een overtreding, maar men heeft het bij een waarschuwing
gelaten. Dit geeft aan dat kleine details het hele verhaal kunnen
veranderen. Die jongens waren allemaal van een deftige buurt, gingen
allemaal naar school, hadden nog geen feiten gepleegd, ... is het dan een
ander verhaal? Als er geen link is tussen beiden dan wilt het niet zeggen
dat je anders behandeld moet worden, maar het kan er wel voor zorgen
dat je in een bepaalde richting een beslissing neemt.
• Jongeren = universeel, in elke cultuur in elk land.
Rechten voor jongeren = universeel? Maar de rechten die we toekennen
aan jongeren is helaas niet universeel.
2