Ondernemingsrecht sem 2
Ondernemingsrecht
Economisch recht?
Economisch recht ‘regelt het economisch verkeer’ en bevat
voorschriften/ rechtsregels die in het economisch leven moeten
nageleefd worden zowel door ondernemingen als door consumenten.
Voorbeelden:
- Regels met betrekking tot ondernemingen in moeilijkheden.
- Regels met betrekking tot ondernemingen voor goederen.
Onderdelen van het economisch recht:
- Ondernemingsrecht
- Marktrecht
Het gaat over merken, hoe de prijzen bepaald worden, hoe de
prijzen aangeduid worden,…. (de prijzen moeten per kilogram en
hoeveelheid aangeduid worden)
Deel 1: Fundamentele elementen van het economisch recht
Hoofdstuk 1 bronnen van het economisch recht
1 Wetgeving
1.1 Het internationale recht
Internationale rechtsregels kunnen gelden op het Belgisch
grondgebied voor Belgische burgers.
Als:
a) De Belgische staat een verdrag sluit met andere staten en dat
verdrag een weerslag heeft op binnenlandse materie:
Bv. Verdrag tussen Nederland en België van 5 juni 2001 tot het
vermijden van dubbele belasting.
OF
b) De Belgische staat lid wordt van een internationale organisatie
die een bevoegdheid kreeg om binnenlandse materie te regelen. Vb.
de EU
Dit is wanneer die de organisatie de bevoegdheid heeft om iets te
regelen/ bepalen/ beslissen in België.
België is verbonden door verdragen die ze hebben gesloten met
andere landen. (zijn inhoudelijke regels)
1
,Ondernemingsrecht sem 2
Bv. inwoner België die werkt in Nederland betaald belastingen in
Nederland. Het is een verdrag dat bepaald dat je belastingen
betaald in het land waar je werkt. Dit is een verdrag tussen België en
Nederland.
a) Verdragen tussen soevereine staten
Verdrag= een internationale overeenkomst in geschrifte, tussen
Staten gesloten en beheerst door het volkenrecht, hetzij
nedergelegd in een enkele akte, hetzij in twee of meer
samenhangende akten, en ongeacht haar bijzondere benaming.
Andere benamingen: conventie, akkoord, handvest,…
Het is een overeenkomst/ contract tussen Staten:
Consensus- wederkerig- zelfde voorwerp (het begrip ‘overeenkomst’
zie verbintenissenrecht)
Akte: schriftelijk, ondertekend, en opgesteld om te dienen als bewijs.
Zo’n verdrag is juridisch bindend voor de opstellers van de
overeenkomst en geldt enkel tussen die (verdragsluitende) partijen.
Verdrag is tussen Staten, en is op papier.
Beheerst door het volkenrecht= internationaal recht
Het is een akte:
- Ondertekend!
- Een geschrift dat dient als bewijs
Consensus= in 2 richtingen, wederkerig
Totstandkoming van een verdrag
1. Voorafgaande onderhandelingen
2. Sluiten van het verdrag= ondertekening van het verdrag door de
Belgische ambassadeur/ Belgische minister (onderhandelingen door
ministers of Belgische ambassadeurs)
3. Mededeling aan de wetgevende macht: WM= het federale parlement
of een parlement van een gemeenschap of gewest, en goedkeuring
van het verdrag door de WM: het parlement bevestigt dat het
verdrag in België uitwerking zal hebben.
4. Bekrachtiging (ratificatie) van het verdrag door de regering= de
bevoegde regering verklaart zich akkoord met het bestaan van het
verdrag dat is gesloten door zijn ambassadeur/ minister, hierdoor
verplicht een staat zich ertoe het verdrag om te zetten in nationaal
recht (door aanpassing van zijn wetgeving).
5. Bekendmaking van het verdrag in het BS. (= Belgisch staatsblad)
Wanneer de goedkeuringsprocedures van alle verdragspartijen (de
staten) zijn doorlopen en alle partijen het verdrag hebben
geratificeerd, kan het verdrag definitief en volledig in werking treden
op moment dat in het verdrag bepaald is.
2
,Ondernemingsrecht sem 2
Wetgevende macht= parlementen
Wetgever maakt zeer abstracte, algemene regels en de uitvoerende
macht moet dit uitvoeren.
Een verdrag treedt pas in werking op een specifieke datum die in het
verdrag staat.
b) De Europese Unie (EU)
= een supranationale instelling:
- Letterlijke betekenis van ‘supranationaal’: boven (supra) de staat
(nationaal).
- De EU is een supranationale organisatie.
- Die supranationale organisaties maken afspraken en regels
waaraan landen die lid zijn zich moeten houden.
Tegenover supranationaal staat ‘intergouvernementeel’: landen
werken dan wel samen, maar dragen geen bevoegdheden over aan
een internationale instelling. O.a.
- NAVO (Noord- Atlantische Verdragsorganisatie)= politiek- militair
bondgenootschap van 30 landen uit Europa en Noord- Amerika.
De landen overleggen en werken samen onder vermelding van
veiligheid en defensie.
- De Wereldhandelsorganisatie (World Trade Organisation)
Haar doel: het bevorderen van goed geregelde en eerlijke handel.
- De Verenigde Naties (193 landen): 5 kernactiviteiten: vrede en
veiligheid, economische en sociale ontwikkeling, mensenrechten,
humanitaire zaken en internationaal recht.
Supranationale instelling: een staat boven de nationale staat
Intergouvernementele samenwerking: een samenwerking tussen
gezaghebbers van een bepaalde staat (gouvernementen).
Landen die zijn aangesloten bij de EU hebben bepaalde bevoegdheden
overgedragen:
Exclusieve bevoegdheid van de Douanebeleid- bescherming van
EU visbestanden- monetair beleid
(enkel voor landen die de euro
hebben ingevoerd als wettig
betaalmiddel)
Gedeelde bevoegdheid EU en Interne markt (= de eengemaakte
lidstaten: zowel de EU als de markt op het grondgebied, kapitaal
lidstaten mogen wetgeving en diensten):
opstellen en bindende besluiten Landbouw en visserij
nemen, maar de lidstaten Milieu
mogen slechts maatregelen Energie
nemen als de EU haar Consumentenbescherming
bevoegdheid niet uitoefent. Ontwikkelingssamenwerking &
humanitaire hulp
3
, Ondernemingsrecht sem 2
Ondersteunende bevoegdheid Bescherming en verbetering van de
van de EU: de EU mag alleen in menselijke gezondheid, industrie
actie komen om de lidstaten te Cultuur, toerisme
ondersteunen, te coördineren Onderwijs, beroepsopleiding
en aan te vullen. Jongeren en sport,…
De organen van de EU waaraan de lidstaten een deel van hun eigen
bevoegdheden hebben overgedragen zijn:
1) Het Europees parlement (EP):
Leden: max 750 afgevaardigden van de lidstaten
+ de voorzitter
Het aantal leden per land is evenredig met de bevolksomvang. De leden
van het EP worden om de 5 jaar rechtstreeks verkozen door de burgers
van de EU.
2) De Raad van de EU, kortweg ‘de Raad’ genoemd:
Leden: één (federale) minister van iedere lidstaat, die gemachtigd is
om de regering van de lidstaat die hij vertegenwoordigt, te binden.
Welke minister dat is, is afhankelijk van het beleidsterrein dat
besproken wordt.
Het voorzitterschap van de Raad van de EU verandert om de 6
maanden momenteel is Polen voorzitter.
Het EP + de Raad oefenen samen de wetgevings- en begrotingstaak
uit. Concreet: het EP en de Raad moeten hun goedkeuring geven
aan elk wetsvoorstel van de Europese Commissie en aan elke
voorgestelde EU- begroting.
Nationale Organen: parlement, kamer, ministerraad
Europese raad ≠ raad van de EU
Raad van de EU:
o Zit 1 federale minister van elke lidstaat in. Welke minister dat is, is
afhankelijk van het beleidstermijn/ van de wetgeving die behandeld
wordt.
o Is altijd een land die de voorzitter is (voor max 6 maanden).
Bv. België is voorzitter, het gaat over het onderwerp justitie dus de
minister van justitie zal de voorzitter zijn.
3) De Europese Commissie:
= de uitvoerende macht van de Europese Unie
Leden: 27 Eurocommissarissen (één uit elk EU- land) onder leiding
van (en inclusief) de voorzitter van de EC (Ursula Von der Leyen).
Elke commissaris is bevoegd voor een deel van het Europese beleid.
4
Ondernemingsrecht
Economisch recht?
Economisch recht ‘regelt het economisch verkeer’ en bevat
voorschriften/ rechtsregels die in het economisch leven moeten
nageleefd worden zowel door ondernemingen als door consumenten.
Voorbeelden:
- Regels met betrekking tot ondernemingen in moeilijkheden.
- Regels met betrekking tot ondernemingen voor goederen.
Onderdelen van het economisch recht:
- Ondernemingsrecht
- Marktrecht
Het gaat over merken, hoe de prijzen bepaald worden, hoe de
prijzen aangeduid worden,…. (de prijzen moeten per kilogram en
hoeveelheid aangeduid worden)
Deel 1: Fundamentele elementen van het economisch recht
Hoofdstuk 1 bronnen van het economisch recht
1 Wetgeving
1.1 Het internationale recht
Internationale rechtsregels kunnen gelden op het Belgisch
grondgebied voor Belgische burgers.
Als:
a) De Belgische staat een verdrag sluit met andere staten en dat
verdrag een weerslag heeft op binnenlandse materie:
Bv. Verdrag tussen Nederland en België van 5 juni 2001 tot het
vermijden van dubbele belasting.
OF
b) De Belgische staat lid wordt van een internationale organisatie
die een bevoegdheid kreeg om binnenlandse materie te regelen. Vb.
de EU
Dit is wanneer die de organisatie de bevoegdheid heeft om iets te
regelen/ bepalen/ beslissen in België.
België is verbonden door verdragen die ze hebben gesloten met
andere landen. (zijn inhoudelijke regels)
1
,Ondernemingsrecht sem 2
Bv. inwoner België die werkt in Nederland betaald belastingen in
Nederland. Het is een verdrag dat bepaald dat je belastingen
betaald in het land waar je werkt. Dit is een verdrag tussen België en
Nederland.
a) Verdragen tussen soevereine staten
Verdrag= een internationale overeenkomst in geschrifte, tussen
Staten gesloten en beheerst door het volkenrecht, hetzij
nedergelegd in een enkele akte, hetzij in twee of meer
samenhangende akten, en ongeacht haar bijzondere benaming.
Andere benamingen: conventie, akkoord, handvest,…
Het is een overeenkomst/ contract tussen Staten:
Consensus- wederkerig- zelfde voorwerp (het begrip ‘overeenkomst’
zie verbintenissenrecht)
Akte: schriftelijk, ondertekend, en opgesteld om te dienen als bewijs.
Zo’n verdrag is juridisch bindend voor de opstellers van de
overeenkomst en geldt enkel tussen die (verdragsluitende) partijen.
Verdrag is tussen Staten, en is op papier.
Beheerst door het volkenrecht= internationaal recht
Het is een akte:
- Ondertekend!
- Een geschrift dat dient als bewijs
Consensus= in 2 richtingen, wederkerig
Totstandkoming van een verdrag
1. Voorafgaande onderhandelingen
2. Sluiten van het verdrag= ondertekening van het verdrag door de
Belgische ambassadeur/ Belgische minister (onderhandelingen door
ministers of Belgische ambassadeurs)
3. Mededeling aan de wetgevende macht: WM= het federale parlement
of een parlement van een gemeenschap of gewest, en goedkeuring
van het verdrag door de WM: het parlement bevestigt dat het
verdrag in België uitwerking zal hebben.
4. Bekrachtiging (ratificatie) van het verdrag door de regering= de
bevoegde regering verklaart zich akkoord met het bestaan van het
verdrag dat is gesloten door zijn ambassadeur/ minister, hierdoor
verplicht een staat zich ertoe het verdrag om te zetten in nationaal
recht (door aanpassing van zijn wetgeving).
5. Bekendmaking van het verdrag in het BS. (= Belgisch staatsblad)
Wanneer de goedkeuringsprocedures van alle verdragspartijen (de
staten) zijn doorlopen en alle partijen het verdrag hebben
geratificeerd, kan het verdrag definitief en volledig in werking treden
op moment dat in het verdrag bepaald is.
2
,Ondernemingsrecht sem 2
Wetgevende macht= parlementen
Wetgever maakt zeer abstracte, algemene regels en de uitvoerende
macht moet dit uitvoeren.
Een verdrag treedt pas in werking op een specifieke datum die in het
verdrag staat.
b) De Europese Unie (EU)
= een supranationale instelling:
- Letterlijke betekenis van ‘supranationaal’: boven (supra) de staat
(nationaal).
- De EU is een supranationale organisatie.
- Die supranationale organisaties maken afspraken en regels
waaraan landen die lid zijn zich moeten houden.
Tegenover supranationaal staat ‘intergouvernementeel’: landen
werken dan wel samen, maar dragen geen bevoegdheden over aan
een internationale instelling. O.a.
- NAVO (Noord- Atlantische Verdragsorganisatie)= politiek- militair
bondgenootschap van 30 landen uit Europa en Noord- Amerika.
De landen overleggen en werken samen onder vermelding van
veiligheid en defensie.
- De Wereldhandelsorganisatie (World Trade Organisation)
Haar doel: het bevorderen van goed geregelde en eerlijke handel.
- De Verenigde Naties (193 landen): 5 kernactiviteiten: vrede en
veiligheid, economische en sociale ontwikkeling, mensenrechten,
humanitaire zaken en internationaal recht.
Supranationale instelling: een staat boven de nationale staat
Intergouvernementele samenwerking: een samenwerking tussen
gezaghebbers van een bepaalde staat (gouvernementen).
Landen die zijn aangesloten bij de EU hebben bepaalde bevoegdheden
overgedragen:
Exclusieve bevoegdheid van de Douanebeleid- bescherming van
EU visbestanden- monetair beleid
(enkel voor landen die de euro
hebben ingevoerd als wettig
betaalmiddel)
Gedeelde bevoegdheid EU en Interne markt (= de eengemaakte
lidstaten: zowel de EU als de markt op het grondgebied, kapitaal
lidstaten mogen wetgeving en diensten):
opstellen en bindende besluiten Landbouw en visserij
nemen, maar de lidstaten Milieu
mogen slechts maatregelen Energie
nemen als de EU haar Consumentenbescherming
bevoegdheid niet uitoefent. Ontwikkelingssamenwerking &
humanitaire hulp
3
, Ondernemingsrecht sem 2
Ondersteunende bevoegdheid Bescherming en verbetering van de
van de EU: de EU mag alleen in menselijke gezondheid, industrie
actie komen om de lidstaten te Cultuur, toerisme
ondersteunen, te coördineren Onderwijs, beroepsopleiding
en aan te vullen. Jongeren en sport,…
De organen van de EU waaraan de lidstaten een deel van hun eigen
bevoegdheden hebben overgedragen zijn:
1) Het Europees parlement (EP):
Leden: max 750 afgevaardigden van de lidstaten
+ de voorzitter
Het aantal leden per land is evenredig met de bevolksomvang. De leden
van het EP worden om de 5 jaar rechtstreeks verkozen door de burgers
van de EU.
2) De Raad van de EU, kortweg ‘de Raad’ genoemd:
Leden: één (federale) minister van iedere lidstaat, die gemachtigd is
om de regering van de lidstaat die hij vertegenwoordigt, te binden.
Welke minister dat is, is afhankelijk van het beleidsterrein dat
besproken wordt.
Het voorzitterschap van de Raad van de EU verandert om de 6
maanden momenteel is Polen voorzitter.
Het EP + de Raad oefenen samen de wetgevings- en begrotingstaak
uit. Concreet: het EP en de Raad moeten hun goedkeuring geven
aan elk wetsvoorstel van de Europese Commissie en aan elke
voorgestelde EU- begroting.
Nationale Organen: parlement, kamer, ministerraad
Europese raad ≠ raad van de EU
Raad van de EU:
o Zit 1 federale minister van elke lidstaat in. Welke minister dat is, is
afhankelijk van het beleidstermijn/ van de wetgeving die behandeld
wordt.
o Is altijd een land die de voorzitter is (voor max 6 maanden).
Bv. België is voorzitter, het gaat over het onderwerp justitie dus de
minister van justitie zal de voorzitter zijn.
3) De Europese Commissie:
= de uitvoerende macht van de Europese Unie
Leden: 27 Eurocommissarissen (één uit elk EU- land) onder leiding
van (en inclusief) de voorzitter van de EC (Ursula Von der Leyen).
Elke commissaris is bevoegd voor een deel van het Europese beleid.
4