Introductie
1. WIE IS DE VERPLEEGKUNDIG SPECIALIST OF ANP?
Geschiedenis van verpleegkundige in België
1. Vrijwillige religieuze zorgdrager
o Niet betaald
o Een roeping, in opdracht van God
2. Secularisatie in Luik, Brussel en Antwerpen (eind 19de eeuw)
o Opstand tegen de kerk die het allemaal organiseerde: we moeten een antwoord bieden
op ziekenverzorging, niet louter naastenliefde maar meer professionalisering: er moet
een opleiding komen 🡪 Ontkoppeling van religie.
3. School ziekenhuisverpleging (1902, Antwerpen)
o Opleiding tot ziekenhuisverpleger
4. KB bekwaamheid ziekenoppassters (1908) 🡪 wetgeving + certificaat
o = 1 jaar theorie/stage of rechtstreekse toetreding indien 2 jaar praktijkervaring
5. Driejarige opleiding (1921) na WOI
Afschrift van eerste vergadering ‘organisatie voor vpk’ (Van Swieten, 1924)
● “De medische wereld staat wantrouwig stond tegenover de ontwikkelingen in het
verpleegstersberoep. Verpleegsters moeten nauwgezet de doktersvoorschriften uitvoeren,
raadgevingen volgen en de doeltreffendheid van de behandeling verzekeren.
● Verpleegsters mogen zich nooit in de plaats van dokters stellen en ze moeten zich beperken
tot een dienende rol.”
🡪 Fundamenten van verpleegkunde
Plichtenboekje voor ziekenverpleging (Salsmans, 1926)
● “De vergoeding van de verpleegster is een bijkomstigheid in vergelijking met haar eerste en
voornaamste beweegreden: offervaardige naastenliefde. Daarom moest haar vergoeding niet
gezien worden als een loon, maar als een honorarium.
● In den grond haars harten zal ze God zeer dankbaar zijn, omdat Hij haar een bezigheid aan de
hand doet, die op de eerste plaats de uitoefening van uitstekende deugden is en daarbij haar
het nodige tot levensonderhoud verschaft.”
🡪 Secularisatie, doch nog religieuze invloeden
6. 1957: hervorming onderwijs naar
o Secundair beroepsonderwijs, verpleegassistent (2 jaar): hielp de vpk
o Hoger technisch onderwijs, gegradueerde vpk (3 jaar)
7. Universitaire opleiding KUL (1964): masteropleiding, om verder te bekwamen
8. Inkanteling 3-jarige opleiding in hoger onderwijs (1970)
,9. Volwaardig statuut als autonoom beroep in KB 78
o Eigen verpleegkundige handelingen, onafhankelijk of onder supervisie van arts
o Sinds dan echt een beroep = mijlpaal
10. Voortgezette opleidingen (bv intensieve zorg en spoedgevallenzorg, 2001)
11. KB bijzondere beroepstitels en bijzondere beroepsbekwaamheden (2006)
12. Gecoördineerde wet betreffende de uitoefening van de gezondheidszorgberoepen (2015)
13. Bachelor van 3 naar 4 jaar (conform EU, 2017) volgens Bologna akkoord
Klinische ladder
● Zijn er verschillende functies nu in de praktijk?
● Verschil tss gespecialiseerd vs consulent?
● Wat met de beroepstitels?
o Van volwaardige opleiding (60 ECTS) naar 20 ECTS
o Wat met erkenning en normering van diensten? Volgens wet moet je een bepaald
percentage gespecialiseerde vpk’en hebben om een dienst te mogen openen.
● Functiedifferentiatie, hoe gaan we dit concreet doen?
● Spanning tussen onderwijs en werkveld: onderwijs tracht mensen te vormen met blik op de
toekomst (evt. functie die nog niet bestaat) 🡪 wat met deze academici? Allen leidinggevende
functies?
● Spanning tussen medische beroepen en verpleegkunde. Ga je als specialist taken ondersteunen
of overnemen? Raakvlak en scheiding?
● Specialist erkenning (master + 3 jaar professionele ervaring)?
● Wat met het portfolio?
o Kwaliteitswet (nieuw): elk zorgverlener moet een portfolio bijhouden waarin wordt
geattesteerd wat je wel of niet mag doen.
▪ Wet niet goed uitgevoerd.
▪ Kunnen werkgevers/patiënten dit raadplegen?
▪ Gecentraliseerd federaal portfolio?
o Bv. vpk specialist cardio: echo op zelfstandige basis 🡪 bijscholing volgen met
attestering dat je geschoold/bekwaam bent.
Taskforce “functiemodel voor de verpleegkundige zorg van de toekomst”
● Team van mensen om het functiemodel voor vpk zorg uit te denken/werken (gehele klinische
ladder)
● Doel: Opstellen van een plan/roadmap voor de implementatie van het functiemodel voor de
verpleegkudnige van de toekomst.
● Timing:
o Start = september 2021
o Eind = oplevering deliverables 31 december 2021
● Opdrachten
, o Vaststelling vh functieprofiel op niveau 5 en opleidingsniveau
o Voor andere functieprofielen: validatie vd profielen zoals opgesteld door de FRV
(Federale raad voor verpleegkunde)
o Definiëring van de concrete generieke specialisatiegebieden
o Oplijsten van de noodzakelijke reglementaire wijzigingen
o Vaststelling van overgangsmaatregelen
o Voorziene in brugopleidingen tss verschillende functies
o Opmaak van voorstellen ter verhoging vd attractiviteit vh vpk beroep
● Betrokkenen: Vlaamse Hogescholen Raad, Agentschap Zorg & Gezondheid, Zorgnet ICURO,
Vlozo, Universiteiten,…
● Realisaties werkgroep 1: basisopleiding
o Niveau 4-5-6 hebben/krijgen elk hun plaats binnen de klinische ladder
o Samenwerking tss (≠ niveaus) zorgverleners met elks de eigen
autonomie
o Differentiatie tss de niveaus moet evenwichtig en evenredig zijn (complementair),
deze is gebaseerd op:
▪ Complexiteit van zorg (voorspelbaarheid vs complexiteit)
▪ Klinische autonomie en delegatie
▪ Competenties (klinisch redeneren, EBP, clinical leadership)
▪ Vpk voorschrift bv. verbanden
● Realisaties werkgroep 2: specialismen 🡪 Huidig advies ≠ effectief beleid
o 6 zorgcontexten waarin je kan specialiseren
▪ Zorgcontext ‘acute en kritieke zorg’
▪ Zorgcontext ‘chronische zorg’
▪ Zorgcontext ‘zorg voor kind en gezin’
▪ Zorgcontext ‘zorg voor de oudere’
▪ Zorgcontext ‘geestelijke gezondheidszorg’
▪ Zorgcontext ‘transversale zorg’
🡪 Erkenningscommissies die beslissen over het toetreden tot het beroep van de
verpleegkundig specialist
o Gespecialiseerde vpk
▪ Opleiding niveau 6
▪ Min. 20 ECTS
▪ Werken in zorgcontext (2jaar FTE) vooraleer erkenning
▪ Voorschrijfbevoegdheid
▪ Normering en financiële incentive
▪ Verschil met vpk consult
▪ Overgangsmaatregelen
o Verpleegkundige consulent 🡪 geen consensus
, ▪ Nood aan nog een niveau?
▪ Is het een rol of functie?
▪ Vraag vanuit werkveld?
o Verpleegkundig specialist
▪ Opleiding niveau 7 (master)
▪ Werken in zorgcontext (3 jaar FTE) vooraleer erkenning
▪ Voorschrijfbevoegdheid (wetgeving!)
▪ Opleider/coach
▪ Innovatie, EBP, research
▪ Autonoom vpk expert, klinisch leider en behandelaar
▪ Verantwoordelijk voor medische diagnostiek, therapie- en zorgplanning
o Klinisch verpleegkundig onderzoeker
▪ Opleiding niveau 8 (PhD)
▪ Werkervaring in de zorg (3 jaar FTE)
▪ Actief betrokken in onderwijs (masteropleiding)
▪ Directe patiëntenzorg EN onderwijs/onderzoek/beleid
▪ Initiator grootschalige onderzoeksprojecten
▪ Ziekenhuis vs andere sectoren
▪ Nut en vraag werkveld
De verpleegkundig specialist (advanced nurse practitioner = ANP)
● Verpleegkundige expertfunctie (klinisch behandelaar)
● Complexe maar ook specifieke zorgsituaties
● Laag complexe en/of afgebakende specialistische medische taken
● Hoog gespecialiseerde en complexe verpleegkundige taken
● Evidence based, onderzoeker en innovator
● Klinisch leider !! Referentie als het gaat over een bepaald topic binnen je instelling
🡪 zowel specialist als generalist
Binnen een specifiek domein Als verpleegkundige en niet als arts
Complexe situaties Holistisch
Doorgedreven kennis en kunde Brede kijk op gezondheid
Consider the words of a parent of an acutely ill child (Bosman):