H8: INTERPERSOONLIJKE RELATIES
1. HET BELANG VAN INTERPERSOONLIJKE RELATIES
Mensen zijn sociale dieren en sociaal netwerk van dichte relaties is nodig om optimaal te
functioneren
Mensen hebben elkaar nodig
1.1 DE BEHOEFTE AAN AFFILIATIE
Affiliatiebehoefte = een algemene drijfveer om blijvende, positieve en significante
interpersoonlijke relaties op te bouwen en in stand te houden
Behoefte aan sociaal contact is een fundamenteel menselijk behoefte (piramide
Maslow)
Wnr deze behoefte niet vervuld wordt en we door andere uitgesloten worden, heeft
dit negatieve gevolgen
Sociale exclusie (= ostracisme) roept sterke negatieve emoties op en leidt tot
een lagere zelfwaardering
sociale exclusie kan letterlijk pijn doen
behoefte verschilt per individu
Piramide v Maslow
Harlow (50’-60’): baby’s hadden meer of evenveel nood aan fysiek contact als dat ze
voedsel nodig hadden
Affectie nodig: in jaren 50 niet de norm
Wou het hart bestuderen: ‘study the hart by breaking it’
De sociostaat (sociale thermostaat)
We streven naar een optimaal evenwicht, we hebben een ingebouwde sociostaat die onze
relaties regelt, waardoor een optimum aan sociaal contact ontstaat
Te weinig contact -> andere opzoeken
Teveel contact -> terugtrekken
O’connor & Rosenblood (1996)
- Semafoons geven (soort voorloper gsm) geven aan 66 studenten die ze 4 dagen
moesten bijhouden
- Semafoon gaf +- uur een signaal: zeggen of je alleen bent of in gezelschap / wil je
alleen of in gezelschap zijn?
Huidige staat en gewenste staat komen in meeste gevallen overeen
, Gewenste staat goede predictor voor eigenlijke staat op volgend meetmoment
Wanneer mensen niet kunnen voldoen aan hun affiliatiebehoefte, voelen ze eenzaamheid
= weinig sociaal contact?
= minder sociaal contact dan men zou willen?
Eenzaamheid = het negatieve gevoel dat ontstaat door een tekort aan sociale relaties,
waardoor affiliatiebehoeften onvervuld blijven
Vooral bij overgangperiodes bv eerste jaar uneif of vebreken partnerrelatie
Weduwen en gescheiden personen voelen zich eenzamer dan personen die nooit
gehuwd zijn
Meest eenzame periode is vaak adolescentie en jonge volwassenheid
Soort curve waarbij eenzaamheid afneemt naarmate men ouder wordt, met
stijging opnieuw bij hoge ouderdom
Maatregelen zoals lockdown,
beperktere sociale kring en
annuleren van bijna alle sociale
bijeenkomsten haalden ons
sociaal leven volledig overlopen
Ook hier te zien dat
jongvolwassenen extra
kwetsbaar waren om in
eenzaamheid terecht te komen
Groep 18- tot 25-jrigen
waren het minst in
staat om hun behoefte
aan verbondenheid te
vervullen
1.2 HECHTINGSSTIJLEN
Hechtingsstijl = de typische manier van relatievorming van een persoon met betekenisvolle
anderen die haar oorsprong kent in de interactie van die persoon als kind met zijn/haar
verzorger
Tussen babys en hun ouders ontstaan er exclusieve banden
Babys afhankelijk van hun ouders
De ervaring die iemand als jong kind met zijn/haar verzorgers heeft, dienen als
basis en model van latere relaties
we behouden onze hechtingsstijlen
strange situation test = een testsituatie waarbij de hechtingsstijl afgeleid wordt uit de
reactie vd baby’s wanneer de verzorger (meestal de moeder) het kind verlaat en wanneer
hij/zij terugkomt
, - veilig: peuters wenen vaak als de moeder hen verlaat maar stralen van geluk en
zoeken contact wanneer moeder terugkomt
- angstig (onveilig): peuters klampen vast aan de moeder en wenen als ze weg is,
maar reageren zowel boos als aanklampend bij haar terugkeer
- vermijdend (onveilig): peuters zijn afstandelijker en vermijdend en reageren niet op
het vertrek en terugkeer vd moeder
- gedesoriënteerd (onveilig): peuters reageren verward en inconsistent op vertrek en
terugkeer vd moeder
Veilige band tijdens de eerste levensjaren is de basis van hechte relaties op
volwassen leeftijd
hechtsingsstijlen
veilig
Ik vind het relatief makkelijk om met anderen sociale relaties aan te gaan. Ik vind het
niet erg als de relatie te hecht wordt. Ik ben graag van anderen afhankelijk en hou er ook
van dat zij van mij afhankelijk zijn. Ik ben meestal niet bang om verlaten te worden
vermijdend
Hechte relaties schrikken me enigszins af. Ik voel me zenuwachtig als anderen te dicht
komen. Ik vind het moeilijk om anderen volledig te vertrouwen en om van hen
afhankelijk te worden. Vaak verlangen partners meer intimiteit van mij dan ik zelf wil.
angstig
Ik wil dolgraag een hechte relatie, maar vaak zijn anderen op dit punt terughoudender
dan ikzelf. Ik wil volledig opgaan in een andere persoon, waardoor andere personen
soms afgeschrikt worden. Ik ben bezorgd dat mijn partner niet echt van me houdt, of dat
hij/zij me zal verlaten.
Hoewel hechtingsstijlen enige stabiliteit vertonen, is het belangrijk te beseffen dat ze toch
niet volkomen gefixeerd zijn en door de heen tijd kunnen evolueren en veranderen
1.3 HET SOCIALE NETWERK
Sociaal netwerk: kijken naar kwaliteit
- Aantal individuen in het netwerk?
Wat met veel slechte relaties?
Wat met overdaad? (bv homeostatisch principe: overbevolkte woningen -> meer
gestresseerd)
Om sociaal netwerk te meten gaan we de nadruk leggen op kwantiteit ipv kwaliteit
Vooral belangrijk een hechte relatie te hebben met een belangrijk andere die
beschikbaar is in tijden van nood
1 zo’n band is op zich voldoende en kan positieve effecten hebben
1.4 RELATIES EN WELBEVINDEN
Het psychisch welbevinden en de emoties die we ervaren, worden vaak bepaald door de
ervaringen en interacties met anderen
1. HET BELANG VAN INTERPERSOONLIJKE RELATIES
Mensen zijn sociale dieren en sociaal netwerk van dichte relaties is nodig om optimaal te
functioneren
Mensen hebben elkaar nodig
1.1 DE BEHOEFTE AAN AFFILIATIE
Affiliatiebehoefte = een algemene drijfveer om blijvende, positieve en significante
interpersoonlijke relaties op te bouwen en in stand te houden
Behoefte aan sociaal contact is een fundamenteel menselijk behoefte (piramide
Maslow)
Wnr deze behoefte niet vervuld wordt en we door andere uitgesloten worden, heeft
dit negatieve gevolgen
Sociale exclusie (= ostracisme) roept sterke negatieve emoties op en leidt tot
een lagere zelfwaardering
sociale exclusie kan letterlijk pijn doen
behoefte verschilt per individu
Piramide v Maslow
Harlow (50’-60’): baby’s hadden meer of evenveel nood aan fysiek contact als dat ze
voedsel nodig hadden
Affectie nodig: in jaren 50 niet de norm
Wou het hart bestuderen: ‘study the hart by breaking it’
De sociostaat (sociale thermostaat)
We streven naar een optimaal evenwicht, we hebben een ingebouwde sociostaat die onze
relaties regelt, waardoor een optimum aan sociaal contact ontstaat
Te weinig contact -> andere opzoeken
Teveel contact -> terugtrekken
O’connor & Rosenblood (1996)
- Semafoons geven (soort voorloper gsm) geven aan 66 studenten die ze 4 dagen
moesten bijhouden
- Semafoon gaf +- uur een signaal: zeggen of je alleen bent of in gezelschap / wil je
alleen of in gezelschap zijn?
Huidige staat en gewenste staat komen in meeste gevallen overeen
, Gewenste staat goede predictor voor eigenlijke staat op volgend meetmoment
Wanneer mensen niet kunnen voldoen aan hun affiliatiebehoefte, voelen ze eenzaamheid
= weinig sociaal contact?
= minder sociaal contact dan men zou willen?
Eenzaamheid = het negatieve gevoel dat ontstaat door een tekort aan sociale relaties,
waardoor affiliatiebehoeften onvervuld blijven
Vooral bij overgangperiodes bv eerste jaar uneif of vebreken partnerrelatie
Weduwen en gescheiden personen voelen zich eenzamer dan personen die nooit
gehuwd zijn
Meest eenzame periode is vaak adolescentie en jonge volwassenheid
Soort curve waarbij eenzaamheid afneemt naarmate men ouder wordt, met
stijging opnieuw bij hoge ouderdom
Maatregelen zoals lockdown,
beperktere sociale kring en
annuleren van bijna alle sociale
bijeenkomsten haalden ons
sociaal leven volledig overlopen
Ook hier te zien dat
jongvolwassenen extra
kwetsbaar waren om in
eenzaamheid terecht te komen
Groep 18- tot 25-jrigen
waren het minst in
staat om hun behoefte
aan verbondenheid te
vervullen
1.2 HECHTINGSSTIJLEN
Hechtingsstijl = de typische manier van relatievorming van een persoon met betekenisvolle
anderen die haar oorsprong kent in de interactie van die persoon als kind met zijn/haar
verzorger
Tussen babys en hun ouders ontstaan er exclusieve banden
Babys afhankelijk van hun ouders
De ervaring die iemand als jong kind met zijn/haar verzorgers heeft, dienen als
basis en model van latere relaties
we behouden onze hechtingsstijlen
strange situation test = een testsituatie waarbij de hechtingsstijl afgeleid wordt uit de
reactie vd baby’s wanneer de verzorger (meestal de moeder) het kind verlaat en wanneer
hij/zij terugkomt
, - veilig: peuters wenen vaak als de moeder hen verlaat maar stralen van geluk en
zoeken contact wanneer moeder terugkomt
- angstig (onveilig): peuters klampen vast aan de moeder en wenen als ze weg is,
maar reageren zowel boos als aanklampend bij haar terugkeer
- vermijdend (onveilig): peuters zijn afstandelijker en vermijdend en reageren niet op
het vertrek en terugkeer vd moeder
- gedesoriënteerd (onveilig): peuters reageren verward en inconsistent op vertrek en
terugkeer vd moeder
Veilige band tijdens de eerste levensjaren is de basis van hechte relaties op
volwassen leeftijd
hechtsingsstijlen
veilig
Ik vind het relatief makkelijk om met anderen sociale relaties aan te gaan. Ik vind het
niet erg als de relatie te hecht wordt. Ik ben graag van anderen afhankelijk en hou er ook
van dat zij van mij afhankelijk zijn. Ik ben meestal niet bang om verlaten te worden
vermijdend
Hechte relaties schrikken me enigszins af. Ik voel me zenuwachtig als anderen te dicht
komen. Ik vind het moeilijk om anderen volledig te vertrouwen en om van hen
afhankelijk te worden. Vaak verlangen partners meer intimiteit van mij dan ik zelf wil.
angstig
Ik wil dolgraag een hechte relatie, maar vaak zijn anderen op dit punt terughoudender
dan ikzelf. Ik wil volledig opgaan in een andere persoon, waardoor andere personen
soms afgeschrikt worden. Ik ben bezorgd dat mijn partner niet echt van me houdt, of dat
hij/zij me zal verlaten.
Hoewel hechtingsstijlen enige stabiliteit vertonen, is het belangrijk te beseffen dat ze toch
niet volkomen gefixeerd zijn en door de heen tijd kunnen evolueren en veranderen
1.3 HET SOCIALE NETWERK
Sociaal netwerk: kijken naar kwaliteit
- Aantal individuen in het netwerk?
Wat met veel slechte relaties?
Wat met overdaad? (bv homeostatisch principe: overbevolkte woningen -> meer
gestresseerd)
Om sociaal netwerk te meten gaan we de nadruk leggen op kwantiteit ipv kwaliteit
Vooral belangrijk een hechte relatie te hebben met een belangrijk andere die
beschikbaar is in tijden van nood
1 zo’n band is op zich voldoende en kan positieve effecten hebben
1.4 RELATIES EN WELBEVINDEN
Het psychisch welbevinden en de emoties die we ervaren, worden vaak bepaald door de
ervaringen en interacties met anderen