Prekliniek samenvatting & vragen
SAMENVATTING:
1) Persoonlijke beschermingsmiddelen & hygiëne
• Volgorde AANdoen: mondmasker -> beschermingsbril -> handschoenen
• Volgorde UITdoen: handschoenen -> beschermingsbril -> mondmasker
→ beschermingsbril NOOIT in haar zetten
2) Handhygiëne
• Duurtijd: min. 60 sec. (zelf tellen!!)
• Stappen: 1. Maak je handen nat met water
2. Gebruik genoeg zeep
3. Wrijf handpalm tegen handpalm
4. Wrijf met gekruiste vingers je rechterhandpalm over linker handrug en
omgekeerd
5. Wrijf handpalm tegen handpalm met gekruiste vingers
6. Wrijf met de achterkant van je vingers tegen je handpalmen
7. Maak cirkels met je linkerduim in je rechterhand en omgekeerd
8. Maak cirkels met je vingers over je handpalm en handrug
9. Spoel je handen af met water
10. Droog je handen
11. Draai de kraan toe met een doekje
• Handen ontsmetten
1. 1x drukken op pompsysteem
2. Handpalm tegen handpalm
3. Rechterhandpalm over linkerhandrug en linkerhandpalm over rechterhandrug
4. Handpalm tegen handpalm met de vingers van beide handpalmen tussen elkaar
5. Achterkant van de vingers in tegenovergestelde handpalm brengen & vingers
tegen deze handpalm heen en weer wrijven
6. De duim van elke hand draaiend inwrijven in de palm van de andere hand
7. De vingertoppen van elke hand draaiend inwrijven in de palm van de andere hand
1
,3) Basiskennis
➢ BOVENKAAK & ONDERKAAK
Maxilla = bovenkaak (BK)
→ BESTAAT UIT: - 2 helften die in het midden vergroeid zijn & verankerd aan schedelbasis
→ KENMERKEN: - bestaat vnl. uit spongieus bot
- goed doorbloed
Palatum = het verhemelte (→ middengedeelte)
Mandibula = onderkaak (OK)
→ KENMERKEN: - grootste & sterkste bot v/d schedel
- over groot opp. bedekt door laag corticaal bot
→ moeilijk doordringbare, dichte structuur
Kaakgewricht = temporomandibulair gewricht (TMG)
→ KENMERKEN: - verbindt mandibula met schedelbasis
- maakt beweging v/d onderkaak mogelijk
➢ SPEEKSELKLIEREN
Glandula parotis = oorspeekselklier
→ LIGGING: - bij het oor
→ KENMERK: - afvoerbuis mondt uit in slijmvlies aan binnenkant v/d wang thv de 1ste
GROTE BOVENKIES
Glandula sublingualis = ondertongspeekselklier
→ LIGGING: - vooraan in mondbodem onder de tong
→ KENMERK: - vele afvoerbuisjes die onder tong uitmonden
Glandula submandibularis = onderkaakspeekselklier
→ LIGGING: - achteraan tegen onderkaak
→ KENMERK: - 1 afvoerbuis → mondt uit in mondbodem onder tong
Andere kleine speekselkliertjes in mondslijmvlies
→ FUNCTIE: uitdroging v/h mondslijmvlies voorkomen
2
, ➢ DE TAND
Belangrijke termen:
- Kroon
- Cervix = tandhals → cervicaal (vb. cervicale cariës)
- Radix = wortel → radiculair (vb. radiculaire pulpa – wortelkanaal)
- Apex = wortelpunt → apicaal (vb. apicale ontsteking)
- Glazuur = email Calcium hydroxyapatiet: Ca5(PO4)3OH
- Dentine = tandbeen Fluorapatiet: Ca5(PO4)3F
Dentinetubuli
- Pulpa = tandmerg
Pulpahoorn, pulpakamer, kamerale pulpa, radiculaire pulpa, pulpitis
- Odontoblasten
- Zenuw(vezels)
- Bloed- en lymfevaten
- Gingiva = tandvlees → gingivaal (vb. supragingivaal of subgingivaal tandsteen)
→ gingivitis
- Wortelcement
- Parodontaal ligament = wortelvlies → parodontitis
- Alveolair bot
Tandplaque Tandsteen
Tandplaque = biofilm van voedselresten & bacteriën
→ weg te poetsen
Tandsteen = gemineraliseerd tandplaque
→ NIET weg te poetsen
Instrumentarium
Instrumenten voor mondonderzoek: mondspiegel, (pocket)sonde, furcatiesonde
Instrumenten voor gebitsreiniging: scaler, curette, (vijl), (excavator)
3
SAMENVATTING:
1) Persoonlijke beschermingsmiddelen & hygiëne
• Volgorde AANdoen: mondmasker -> beschermingsbril -> handschoenen
• Volgorde UITdoen: handschoenen -> beschermingsbril -> mondmasker
→ beschermingsbril NOOIT in haar zetten
2) Handhygiëne
• Duurtijd: min. 60 sec. (zelf tellen!!)
• Stappen: 1. Maak je handen nat met water
2. Gebruik genoeg zeep
3. Wrijf handpalm tegen handpalm
4. Wrijf met gekruiste vingers je rechterhandpalm over linker handrug en
omgekeerd
5. Wrijf handpalm tegen handpalm met gekruiste vingers
6. Wrijf met de achterkant van je vingers tegen je handpalmen
7. Maak cirkels met je linkerduim in je rechterhand en omgekeerd
8. Maak cirkels met je vingers over je handpalm en handrug
9. Spoel je handen af met water
10. Droog je handen
11. Draai de kraan toe met een doekje
• Handen ontsmetten
1. 1x drukken op pompsysteem
2. Handpalm tegen handpalm
3. Rechterhandpalm over linkerhandrug en linkerhandpalm over rechterhandrug
4. Handpalm tegen handpalm met de vingers van beide handpalmen tussen elkaar
5. Achterkant van de vingers in tegenovergestelde handpalm brengen & vingers
tegen deze handpalm heen en weer wrijven
6. De duim van elke hand draaiend inwrijven in de palm van de andere hand
7. De vingertoppen van elke hand draaiend inwrijven in de palm van de andere hand
1
,3) Basiskennis
➢ BOVENKAAK & ONDERKAAK
Maxilla = bovenkaak (BK)
→ BESTAAT UIT: - 2 helften die in het midden vergroeid zijn & verankerd aan schedelbasis
→ KENMERKEN: - bestaat vnl. uit spongieus bot
- goed doorbloed
Palatum = het verhemelte (→ middengedeelte)
Mandibula = onderkaak (OK)
→ KENMERKEN: - grootste & sterkste bot v/d schedel
- over groot opp. bedekt door laag corticaal bot
→ moeilijk doordringbare, dichte structuur
Kaakgewricht = temporomandibulair gewricht (TMG)
→ KENMERKEN: - verbindt mandibula met schedelbasis
- maakt beweging v/d onderkaak mogelijk
➢ SPEEKSELKLIEREN
Glandula parotis = oorspeekselklier
→ LIGGING: - bij het oor
→ KENMERK: - afvoerbuis mondt uit in slijmvlies aan binnenkant v/d wang thv de 1ste
GROTE BOVENKIES
Glandula sublingualis = ondertongspeekselklier
→ LIGGING: - vooraan in mondbodem onder de tong
→ KENMERK: - vele afvoerbuisjes die onder tong uitmonden
Glandula submandibularis = onderkaakspeekselklier
→ LIGGING: - achteraan tegen onderkaak
→ KENMERK: - 1 afvoerbuis → mondt uit in mondbodem onder tong
Andere kleine speekselkliertjes in mondslijmvlies
→ FUNCTIE: uitdroging v/h mondslijmvlies voorkomen
2
, ➢ DE TAND
Belangrijke termen:
- Kroon
- Cervix = tandhals → cervicaal (vb. cervicale cariës)
- Radix = wortel → radiculair (vb. radiculaire pulpa – wortelkanaal)
- Apex = wortelpunt → apicaal (vb. apicale ontsteking)
- Glazuur = email Calcium hydroxyapatiet: Ca5(PO4)3OH
- Dentine = tandbeen Fluorapatiet: Ca5(PO4)3F
Dentinetubuli
- Pulpa = tandmerg
Pulpahoorn, pulpakamer, kamerale pulpa, radiculaire pulpa, pulpitis
- Odontoblasten
- Zenuw(vezels)
- Bloed- en lymfevaten
- Gingiva = tandvlees → gingivaal (vb. supragingivaal of subgingivaal tandsteen)
→ gingivitis
- Wortelcement
- Parodontaal ligament = wortelvlies → parodontitis
- Alveolair bot
Tandplaque Tandsteen
Tandplaque = biofilm van voedselresten & bacteriën
→ weg te poetsen
Tandsteen = gemineraliseerd tandplaque
→ NIET weg te poetsen
Instrumentarium
Instrumenten voor mondonderzoek: mondspiegel, (pocket)sonde, furcatiesonde
Instrumenten voor gebitsreiniging: scaler, curette, (vijl), (excavator)
3