Woninghuur
1 WAT IS HUUR? ...................................................................................................................... 2
2 TOEPASSELIJKE WETGEVING ................................................................................................. 2
3 HET TOEPASSINGSGEBIED VAN DE WONINGHUURWET ......................................................... 2
4 HET DWINGEND KARAKTER VAN DE WONINGHUURWET ........................................................ 2
5 DE VORM VEREISTEN VOOR WONINGHUUROVEREENKOMSTEN ............................................. 2
6 HUURPRIJS ........................................................................................................................... 3
6.1 DE BASISHUURPRIJS................................................................................................................. 3
6.2 INDEXERING VAN DE HUURPRIJS .................................................................................................. 3
6.2.1 formulering indexering ..................................................................................................... 3
6.3 HERZIENING VAN DE HUURPRIJS .................................................................................................. 4
7 DE HUURWAARBORG BIJ WONINGHUUROVEREENKOMSTEN ................................................. 4
7.1 ONBESCHIKBAARHEID WAARBORG............................................................................................... 4
8 DE RECHTEN EN PLICHTEN VAN DE HUURDER EN VERHUURDER............................................ 5
8.1 VERPLICHTINGEN VAN DE VERHUURDER ........................................................................................ 5
8.1.1 De afleveringsplicht ......................................................................................................... 5
8.1.2 De onderhoudsplicht ....................................................................................................... 5
8.1.3 De vrijwaringsplicht ......................................................................................................... 5
8.2 VERPLICHTINGEN VAN DE HUURDER ............................................................................................. 6
8.2.1 Stofferingsplicht .............................................................................................................. 6
8.2.2 Betalingsplicht ................................................................................................................ 6
8.2.3 gebruiksplicht ................................................................................................................. 7
8.2.4 teruggaveplicht ............................................................................................................... 7
9 PLAATSBESCHRIJVING .......................................................................................................... 7
10 DE DUUR EN DE BEËINDIGING VAN DE (WONING)HUUROVEREENKOMST ............................... 7
10.1 DE NEGENJARIGE HUUROVEREENKOMST ........................................................................................ 8
10.2 DE HUUROVEREENKOMST VAN KORTER DAN OF GELIJK AAN 3 JAAR ........................................................ 9
10.3 DE HUUROVEREENKOMST VOOR EEN PERIODE DIE LANGER IS DAN 9 JAAR ............................................... 9
10.4 DE HUUROVEREENKOMST VOOR HET LEVEN VAN DE HUURDER ............................................................. 9
10.5 HOE GEBEURT EEN OPZEGGING................................................................................................... 9
10.6 OPZEGGING DOOR VERHUURDER ............................................. FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD.
10.7 ANDERE BEËINDIGINGSWIJZEN.................................................................................................... 9
10.7.1 Het onderling akkoord.................................................................................................. 9
10.7.2 Ontbinding .................................................................................................................. 9
10.7.3 Tenietgaan van de woning ............................................................................................ 9
10.7.4 Omstandigheden die geen einde brengen aan de huurovereenkomst ........................... 10
11 ONDERVERHURING VERSUS OVERDACHT VAN HUUR .......................................................... 10
Woninghuur 1
, 1 Wat is huur?
huurovereenkomst = een wederkerige overeenkomst waarbij de ene partij, de
verhuurder, zich verbindt aan de andere partij, de huurder, het genot van een onroerend
goed te verschaffen gedurende een zekere tijd en tegen een bepaalde prijs, die de
huurder daarvoor moet betalen.
o verhuurder verbindt er zich toe het genot van een onroerend goed te verschaffen
o dat genot moet verschaft worden gedurende een zekere tijd
o de betaling van een huurprijs
2 Toepasselijke wetgeving
gemeentelijke (= algemene) regime inzake huur = regels die toepasselijk zijn op alle
huurovereenkomsten die niet onderworpen zijn aan 1 van de bijzondere huurwetten die
hierna worden opgesomd + een aanvulling op de woninghuurwet
ter bescherming van bepaalde categorieën van huurder zijn ook specifieke
huurreglementeringen ontstaan:
o woninghuurwet 20/2/1991: alle huurcontracten m.b.t. woning die
hoofdverblijfplaats is huurder
o handelshuurwet 30/4/1951: huurcontracten m.b.t. gebouwen die hoofdzakelijk
dienen voor het drijven van kleinhandel of bedrijf van ambachtsman die
rechtstreeks in contact staat met het publiek
o pachtwetgeving 4/11/1969: huurcontracten i.v.m. onroerende goederen die
hoofdzakelijk gebruikt worden voor landbouwbedrijven
o Voor materies of problemen die deze wetten niet regelen is het gemeenrechtelijk
huurrecht (als aanvullende regeling) van toepassing
nieuw Vlaams huurdecreet: in werking sinds 1/1/2019 (vroeger federale wet)
3 Het toepassingsgebied van de woninghuurwet
het onroerend goed (woning) bestemd als hoofdverblijfplaats van huurder
4 Het dwingend karakter van de woninghuurwet
woninghuurwet: (meestal) dwingend recht
dwingend recht = de partijen contractueel niet van kunnen afwijken
gemeen recht (art. 1708-1762 BW): (meestal) aanvullend recht
5 De vorm vereisten voor woninghuurovereenkomsten
schriftelijk (sinds 2007)
2 bijlagen (sinds 18/5/2007)
Woninghuur 2
1 WAT IS HUUR? ...................................................................................................................... 2
2 TOEPASSELIJKE WETGEVING ................................................................................................. 2
3 HET TOEPASSINGSGEBIED VAN DE WONINGHUURWET ......................................................... 2
4 HET DWINGEND KARAKTER VAN DE WONINGHUURWET ........................................................ 2
5 DE VORM VEREISTEN VOOR WONINGHUUROVEREENKOMSTEN ............................................. 2
6 HUURPRIJS ........................................................................................................................... 3
6.1 DE BASISHUURPRIJS................................................................................................................. 3
6.2 INDEXERING VAN DE HUURPRIJS .................................................................................................. 3
6.2.1 formulering indexering ..................................................................................................... 3
6.3 HERZIENING VAN DE HUURPRIJS .................................................................................................. 4
7 DE HUURWAARBORG BIJ WONINGHUUROVEREENKOMSTEN ................................................. 4
7.1 ONBESCHIKBAARHEID WAARBORG............................................................................................... 4
8 DE RECHTEN EN PLICHTEN VAN DE HUURDER EN VERHUURDER............................................ 5
8.1 VERPLICHTINGEN VAN DE VERHUURDER ........................................................................................ 5
8.1.1 De afleveringsplicht ......................................................................................................... 5
8.1.2 De onderhoudsplicht ....................................................................................................... 5
8.1.3 De vrijwaringsplicht ......................................................................................................... 5
8.2 VERPLICHTINGEN VAN DE HUURDER ............................................................................................. 6
8.2.1 Stofferingsplicht .............................................................................................................. 6
8.2.2 Betalingsplicht ................................................................................................................ 6
8.2.3 gebruiksplicht ................................................................................................................. 7
8.2.4 teruggaveplicht ............................................................................................................... 7
9 PLAATSBESCHRIJVING .......................................................................................................... 7
10 DE DUUR EN DE BEËINDIGING VAN DE (WONING)HUUROVEREENKOMST ............................... 7
10.1 DE NEGENJARIGE HUUROVEREENKOMST ........................................................................................ 8
10.2 DE HUUROVEREENKOMST VAN KORTER DAN OF GELIJK AAN 3 JAAR ........................................................ 9
10.3 DE HUUROVEREENKOMST VOOR EEN PERIODE DIE LANGER IS DAN 9 JAAR ............................................... 9
10.4 DE HUUROVEREENKOMST VOOR HET LEVEN VAN DE HUURDER ............................................................. 9
10.5 HOE GEBEURT EEN OPZEGGING................................................................................................... 9
10.6 OPZEGGING DOOR VERHUURDER ............................................. FOUT! BLADWIJZER NIET GEDEFINIEERD.
10.7 ANDERE BEËINDIGINGSWIJZEN.................................................................................................... 9
10.7.1 Het onderling akkoord.................................................................................................. 9
10.7.2 Ontbinding .................................................................................................................. 9
10.7.3 Tenietgaan van de woning ............................................................................................ 9
10.7.4 Omstandigheden die geen einde brengen aan de huurovereenkomst ........................... 10
11 ONDERVERHURING VERSUS OVERDACHT VAN HUUR .......................................................... 10
Woninghuur 1
, 1 Wat is huur?
huurovereenkomst = een wederkerige overeenkomst waarbij de ene partij, de
verhuurder, zich verbindt aan de andere partij, de huurder, het genot van een onroerend
goed te verschaffen gedurende een zekere tijd en tegen een bepaalde prijs, die de
huurder daarvoor moet betalen.
o verhuurder verbindt er zich toe het genot van een onroerend goed te verschaffen
o dat genot moet verschaft worden gedurende een zekere tijd
o de betaling van een huurprijs
2 Toepasselijke wetgeving
gemeentelijke (= algemene) regime inzake huur = regels die toepasselijk zijn op alle
huurovereenkomsten die niet onderworpen zijn aan 1 van de bijzondere huurwetten die
hierna worden opgesomd + een aanvulling op de woninghuurwet
ter bescherming van bepaalde categorieën van huurder zijn ook specifieke
huurreglementeringen ontstaan:
o woninghuurwet 20/2/1991: alle huurcontracten m.b.t. woning die
hoofdverblijfplaats is huurder
o handelshuurwet 30/4/1951: huurcontracten m.b.t. gebouwen die hoofdzakelijk
dienen voor het drijven van kleinhandel of bedrijf van ambachtsman die
rechtstreeks in contact staat met het publiek
o pachtwetgeving 4/11/1969: huurcontracten i.v.m. onroerende goederen die
hoofdzakelijk gebruikt worden voor landbouwbedrijven
o Voor materies of problemen die deze wetten niet regelen is het gemeenrechtelijk
huurrecht (als aanvullende regeling) van toepassing
nieuw Vlaams huurdecreet: in werking sinds 1/1/2019 (vroeger federale wet)
3 Het toepassingsgebied van de woninghuurwet
het onroerend goed (woning) bestemd als hoofdverblijfplaats van huurder
4 Het dwingend karakter van de woninghuurwet
woninghuurwet: (meestal) dwingend recht
dwingend recht = de partijen contractueel niet van kunnen afwijken
gemeen recht (art. 1708-1762 BW): (meestal) aanvullend recht
5 De vorm vereisten voor woninghuurovereenkomsten
schriftelijk (sinds 2007)
2 bijlagen (sinds 18/5/2007)
Woninghuur 2