Thema 17 – wondzorg B1-handeling
Wat is een wonde?
= een verbreking (defect) van de huid en onderliggende structuren (spier, bot) die het gevolg
is van een exogene beschadiging of die zich ontwikkelt door de aanwezigheid van een
onderliggende stoornis.
Indeling van de wonden
Volgens hersteltijd:
Acute wonden
o Traumatisch
Mechanisch
Chemisch
Thermisch
Straling (UV-straling / radiotherapie)
o Chirurgisch
o Meestal snel ontstaan
o Genezen relatief snel
o ≤ 6 weken
Chronische wonden
o Decubitus, veneus- en arterieel ulcus, diabetische voet
o Oncologische wonde
o Meestal traag ontstaan
o Genezen traag of niet
o ≤ 6 weken
Soort genezing:
Primaire genezing = gehechte wonden (chirurgisch of traumatisch). Kleine, oppervlakkige
open wonden. Geen infectie.
Secundaire genezing = grotere wonden: diepe wonden zonder debris. Grote,
oppervlakkige open wonden (eventueel greffe nodig = vel van buik op wonde leggen).
Geen infectie.
Tertiaire genezing = idem secundair maar met veel debris en/of met een infectie.
Indeling:
Oppervlakkig
Diepe wonden
Kleine wonden
Uitgebreide wonden
Volgens locatie
De wondgenezing
1) De stollingsfase of coagulatiefase
Bij acute wonden bloeding stelpen
Vasodilatatie:
Endotheelcellen gaan uit elkaar
Bloedplaatjes (trombocyten) van bloedbaan naar wondgebied
Vormen een klonter (bloedplaatjesaggregatie)
Vasoconstrictie:
Om minder bloed naar het wondgebied te sturen (= minder bloeden).
2) Ontstekingsfase (inflammatiefase)
, Doel:
Dode / beschadigde cellen en MO verwijderen (debris)
Bij open wonde kan dit lange fase zijn
Bij chirurgische wonde: zeer kort
Hoe: vasodilatatie (na stelpen van de bloeding) WBC en proteïnasen naar het wondgebied.
WBC:
Granulocyten macrofagen
Opruimen MO
Fagocytose
Proteïnasen:
(Matrixmetalloproteïnasen)
Eiwit afbrekende enzymen
Opruimen avitaal en beschadigd weefsel
Uit wonde gestoten (via exsudaat = wondvocht) of via lymfestelsel
= autolytisch debridiment = zelfstandig losmaken van het debris (als behandeling honing
op de wonde doen)
Vasodilatatie:
Symptomen
o Zwelling (tumor)
o Roodheid (rubor)
o Warmte (calor)
o Pijn (dolor)
Niet hetzelfde als een infectie
o Symptomen van inflammatie maar erger
o Pus, rieken, koorts
o Wondgenezing
o Achteruitgang algemene conditie patiënt
Gele kleur:
Oorzaak: slechte doorbloeding
Weefsel sterft af, ook bloedvaten ertussen
Geen bloeding
Fibrinogeen fibrine = geel (stollingseiwit)
Fibrineus beslag
Andere kleuren mogelijk: zwart / bruin / groen pseudomonasinfectie
Verlengde inflammatiereactie:
Waardoor wonde chronisch wordt
Er wordt steeds opnieuw debris gevormd door:
o Niet opheffen van de oorzaak
o Teveel microben in de wonde (eventueel biofilm)
o Door te vochtige (natte) wonde: maceratie wondbodem
en verwerking wondranden.
3) Granulatiefase
(proliferatiefase)
Vorming van nieuw bindweefsel en
nieuwe bloedvaten en zenuwen.
Open wonde: kan erg lang duren.
Chirurgische wonde: erg kort.
Tevens angiogenese = bloedvatvorming
Vanuit endotheelcellen groeien nieuwe bloedvaatjes in de bindweefselmatrix
Wat is een wonde?
= een verbreking (defect) van de huid en onderliggende structuren (spier, bot) die het gevolg
is van een exogene beschadiging of die zich ontwikkelt door de aanwezigheid van een
onderliggende stoornis.
Indeling van de wonden
Volgens hersteltijd:
Acute wonden
o Traumatisch
Mechanisch
Chemisch
Thermisch
Straling (UV-straling / radiotherapie)
o Chirurgisch
o Meestal snel ontstaan
o Genezen relatief snel
o ≤ 6 weken
Chronische wonden
o Decubitus, veneus- en arterieel ulcus, diabetische voet
o Oncologische wonde
o Meestal traag ontstaan
o Genezen traag of niet
o ≤ 6 weken
Soort genezing:
Primaire genezing = gehechte wonden (chirurgisch of traumatisch). Kleine, oppervlakkige
open wonden. Geen infectie.
Secundaire genezing = grotere wonden: diepe wonden zonder debris. Grote,
oppervlakkige open wonden (eventueel greffe nodig = vel van buik op wonde leggen).
Geen infectie.
Tertiaire genezing = idem secundair maar met veel debris en/of met een infectie.
Indeling:
Oppervlakkig
Diepe wonden
Kleine wonden
Uitgebreide wonden
Volgens locatie
De wondgenezing
1) De stollingsfase of coagulatiefase
Bij acute wonden bloeding stelpen
Vasodilatatie:
Endotheelcellen gaan uit elkaar
Bloedplaatjes (trombocyten) van bloedbaan naar wondgebied
Vormen een klonter (bloedplaatjesaggregatie)
Vasoconstrictie:
Om minder bloed naar het wondgebied te sturen (= minder bloeden).
2) Ontstekingsfase (inflammatiefase)
, Doel:
Dode / beschadigde cellen en MO verwijderen (debris)
Bij open wonde kan dit lange fase zijn
Bij chirurgische wonde: zeer kort
Hoe: vasodilatatie (na stelpen van de bloeding) WBC en proteïnasen naar het wondgebied.
WBC:
Granulocyten macrofagen
Opruimen MO
Fagocytose
Proteïnasen:
(Matrixmetalloproteïnasen)
Eiwit afbrekende enzymen
Opruimen avitaal en beschadigd weefsel
Uit wonde gestoten (via exsudaat = wondvocht) of via lymfestelsel
= autolytisch debridiment = zelfstandig losmaken van het debris (als behandeling honing
op de wonde doen)
Vasodilatatie:
Symptomen
o Zwelling (tumor)
o Roodheid (rubor)
o Warmte (calor)
o Pijn (dolor)
Niet hetzelfde als een infectie
o Symptomen van inflammatie maar erger
o Pus, rieken, koorts
o Wondgenezing
o Achteruitgang algemene conditie patiënt
Gele kleur:
Oorzaak: slechte doorbloeding
Weefsel sterft af, ook bloedvaten ertussen
Geen bloeding
Fibrinogeen fibrine = geel (stollingseiwit)
Fibrineus beslag
Andere kleuren mogelijk: zwart / bruin / groen pseudomonasinfectie
Verlengde inflammatiereactie:
Waardoor wonde chronisch wordt
Er wordt steeds opnieuw debris gevormd door:
o Niet opheffen van de oorzaak
o Teveel microben in de wonde (eventueel biofilm)
o Door te vochtige (natte) wonde: maceratie wondbodem
en verwerking wondranden.
3) Granulatiefase
(proliferatiefase)
Vorming van nieuw bindweefsel en
nieuwe bloedvaten en zenuwen.
Open wonde: kan erg lang duren.
Chirurgische wonde: erg kort.
Tevens angiogenese = bloedvatvorming
Vanuit endotheelcellen groeien nieuwe bloedvaatjes in de bindweefselmatrix