reflectie
Fluo = begrippen vanuit lijst chamilo
Niet fluo = andere begrippen voor meer context
Les 1 en 2
Emotionele verbinding De wijze waarop de relatie tussen de
cliënt en begeleider wordt vorm
gegeven in en door emotionele
beschikbaarheid
Gedragsproblemen bemoeilijken dit!
Gedragsproblemen verduisteren het
zicht op eventuele onderliggende
emotionele ontwikkelingsnoden.
De begeleiders zien dan wel de
gedragsproblemen, maar hebben het
moeilijk met zich in te beelden welke
emotionele ontwikkelingsnoden er hier
schuil onder kunnen gaan.
Gedragsproblemen verhogen de stress
binnen de opvoedingsrelatie, met als
gevolg dat de wederzijdse verbinding
in de mist kan gaan.
Dit met als gevolg dat begeleiders de
reacties van het kind: verkeerd
inschatten, grijpen naar controle of
het kind heel hoog aanspreken/
overschatten
Ademruimte Dit houdt in dat je aandachtig en
zonder oordeel naar je lichaam,
gedachten en gevoelens luistert,
waardoor je je bewust wordt van
stress. Door deze ademruimte toe te
staan stap je even uit de drukte en
neem je even tijd voor jezelf. Deze
ademruimte is cruciaal om daarna je
emoties beter te kunnen reguleren.
Er zijn ook een aantal interventies die
je kan doen tijdens ademruimte om tot
verdieping te komen:
- Oplossingsgerichte vragen
, stellen
- Andere perspectieven aanreiken
Tolerantievenster van stress Het tolerantievenster van stress is een
model waarbij:
- Het spanningsveld van een
bepaalde persoon in kaart wordt
gebracht
- En de invloed daarvan op:
o Het vermogen van die
persoon
o Zijn buikgevoel
o Zijn reflecterend hoofd
1) Groene zone
Optimale ruimte om te mentaliseren
over jezelf en over de relatie tot
anderen
Positieve stress jouw herstel van de
geleverde spanning verloopt vlot en je
hebt de nodige energie om je opnieuw
te engageren
2) Oranje zone
Hier is er sprake van een stijging van
de stress het is een meer intense
spanning die nog te verdragen valt
Voelen: je wordt gevoeliger en alerter
voor alles binnen en buiten jou
Denken: vooral een inschatting of er
een gevaar is, je kan nog reflecteren
Tijdsbeleving: verengd vooral
aandacht voor de stressituatie
Je moet ruimte voorzien om te
recupereren zodat je terugkeert naar
de groene zone
3) Rode zone
Wanneer de spanning blijft stijgen
kan je in de rode zone of hyperarousal
of overgevoeligheid terecht komen
Voelen: heel intens, vooral angst met
kans op paniek
Denken: buikgevoel neemt volledig
over, de verbinding met het
reflecterend hoofd is verloren
,Tijdsbeleving: aangetast tijd staat
stil of vliegt voorbij
De stress wordt meer en meer toxisch
en er is dus een kans dat je buiten het
tolerantievenster beland, de stress
niet meer kan verdragen en dat je:
- Overspannen gaat reageren:
vechten, vluchten of actief
bevriezen
- Onderspannen gaat reageren:
gevoelens van onmacht,
uitputting, passief bevriezen
4) Lichtblauwe zone
Wanneer stress maar blijft stijgen is er
een kans dat je energie stilaan begint
op te raken. Je wordt dan ook minder
alert om energie te sparen.
Voelen:
Het is mogelijk dat je je afsluit van
jouw emoties en of prikkels van
buitenaf in een poging om tot rust te
komen
Als je je hier bewust van bent dan
kan je bijtanken of vitaliseren om
terug naar de groene zone te gaan
bv: zelfzorg, zoeken naar hulpbronnen
Denken: overschakelen op
automatische piloot: reflecterend
hoofd en buikgevoel kunnen
losgekoppeld geraken
Tijdsbeleving: verstoord
5) Donkerblauwe zone
Wnr je meer en meer leeg raakt en
geen uitweg meer ziet bestaat het
risico dat je uiteindelijk onderaan
buiten het tolerantievenster beland
De toenemende hyperarousal leidt tot
een verlies van vitaliteit en
terugtrekken in jezelf
Er is een risico op passief bevriezen
een schocktoestand waarbij om te
overleven zoveel mogelijk energie
wordt gespaard en jouw reptielenbrein
, actief wordt:
- Je komt dan in een soort
verdoofde winterslaap terecht
Voelen: leeg, uitgeput, apathisch
Denken: loskoppeling hoofd met buik,
dissociatie
Tijdsbeleving: geen tijdsgevoel meer
Affectieve synchronie
Affectieve synchronie wil zeggen dat
de interactie tussen ouders en kind op
een voorspelbare en ritmische wijze
verloopt
(adaptatiefase 0-6 maand homeostase
vs dysregulatie)
Tweerichtingsaandacht Afwisselend naar buiten en naar
binnen kijken
- We hebben zowel aandacht
voor wat onze observaties
zeggen (buitenkant)
- Als voor wat onze gedachten,
gevoelens… zeggen
(binnenkant)
Iedereen heeft een buitenkant
zichtbaar gedrag
En iedereen heeft een binnenkant
gevoelens, gedachten.
- We kunnen iemand zijn
binnenkant enkel afleiden van
uit iemand zijn buitenkant
maar dit is niet altijd eenvoudig
- Want: eenzelfde soort gedrag
kan verschillende betekenissen
hebben
Conclusie:
- Je gaat stilstaan bij je eigen
binnenkant en ook
tegelijkertijd afgestemd blijven
op de cliënt
- Je merkt op wat er gebeurt bij
jezelf
o Gevoelens, spanningen,
gedachten
- Je blijft ook opletten voor wat er
gebeurt bij de ander
o Je probeert oog te