Thermische energie: installatiecomponenten
Oefeningenles 1
Oefening 1:
De wand van een vriezer (op -12°C) bestaat 10 cm isolatieschuim (k = 0.05 W/(mK)) en 0.5 cm staal
(k = 20 W/(mK)). Bereken het koelvermogen dat nodig is om de vriezer op constante temperatuur te
houden als de omgeving 20°C is en de vriezer een oppervlak heeft van 5 m².
Oefening 2:
De binnenste wand van een cilindrische roestvast stalen (k = 20 W/(mK)) buis heeft een temperatuur
van 15°C, terwijl de buitenste wand en temperatuur heeft van 25°C. De buis heeft een binnendiameter
van 2 cm en een wanddikte van 4 mm. Wat is de warmteflux door de wand van de buis?
Oefening 3:
Beschouw een kamer met een temperatuur van 20°C. De dikte van de betonnen muren is 20 cm. De
conductiecoëfficient van beton is kbeton = 0.8 W/(mK). De dikte van de glazen ramen is 5 mm
(kglas = 0.1 W/(mK)). Wat is het energieverlies langs een muur met een raam (in W) als de
buitentemperatuur 0°C bedraagt?
Oefening 4:
Een muur is opgebouwd uit baksteen, cement, beton en isolatie. De binnentemperatuur is 20°C en de
buitentemperatuur is 10°C. Warmteoverdracht vindt plaats via conductie door de muur en convectie
naar de lucht aan zowel de binnen als buitenmuur. Bepaal de warmteflux (in W/m²) door de muur.
,
Oefeningenles 1
Oefening 1:
De wand van een vriezer (op -12°C) bestaat 10 cm isolatieschuim (k = 0.05 W/(mK)) en 0.5 cm staal
(k = 20 W/(mK)). Bereken het koelvermogen dat nodig is om de vriezer op constante temperatuur te
houden als de omgeving 20°C is en de vriezer een oppervlak heeft van 5 m².
Oefening 2:
De binnenste wand van een cilindrische roestvast stalen (k = 20 W/(mK)) buis heeft een temperatuur
van 15°C, terwijl de buitenste wand en temperatuur heeft van 25°C. De buis heeft een binnendiameter
van 2 cm en een wanddikte van 4 mm. Wat is de warmteflux door de wand van de buis?
Oefening 3:
Beschouw een kamer met een temperatuur van 20°C. De dikte van de betonnen muren is 20 cm. De
conductiecoëfficient van beton is kbeton = 0.8 W/(mK). De dikte van de glazen ramen is 5 mm
(kglas = 0.1 W/(mK)). Wat is het energieverlies langs een muur met een raam (in W) als de
buitentemperatuur 0°C bedraagt?
Oefening 4:
Een muur is opgebouwd uit baksteen, cement, beton en isolatie. De binnentemperatuur is 20°C en de
buitentemperatuur is 10°C. Warmteoverdracht vindt plaats via conductie door de muur en convectie
naar de lucht aan zowel de binnen als buitenmuur. Bepaal de warmteflux (in W/m²) door de muur.
,