Samenvatting sociologie
Sociologie deel 1: Op verkenningstocht naar de sociologie
Hoofdstuk 1: sociologie, een poging tot definitie
Definitie: Wat is sociologie?
- Géén eenduidige definitie
- Een greep uit meer dan 80 verschillende definities:
o “Sociologie is de wetenschap die zich bezighoudt met het analyseren, beschrijven en
verklaren van:
1) het gedrag van en tussen mensen voor zover dat beïnvloed wordt door het
feit dat zij in bepaalde verhoudingen tot elkaar staan;
2) de daaruit voortgekomen –min of meer vaste- gedragspatronen,
structuren en bindende opvattingen in hun ontstaan, voortbestaan en
veranderen.” (De Jager & Mok)
o “De sociologie is de wetenschap van de enigszins stabiele structuren en processen
van sociale aard.” (Van Doorn & Lammers)
o Focus op context
o Bv: kind groeit op in maatschappij waar ouders samen een jaar ouderschapsverlof
krijgen bij geboorte, is een andere omgeving dan een samenleving waarin het kind na
enkele maanden naar de opvang moet.
- Sociologie is een samenstelling van
o Socius (Latijns woord voor ‘metgezel’) / societas (‘samenleving’)
o Logos (Grieks woord voor ‘wetenschap’)
o => voorlopige definitie: wetenschap van de menselijke samenlevingen
o Sociologie bestudeert de sociale werkelijkheid
Wetenschapskennis versus ervaringskennis
- Ervaringskennis gebonden aan individuen en is subjectief
- Beperkt:
o Bv: iemand die Kerstmis steeds in België viert, zal nooit de ervaring hebben van
Kerstmis te vieren bij 25 graden.
o Bv: iemand die naar de les komt, heeft de ervaring van les te volgen, niet ervaring van
het drinken van een koel drankje in café.
- Moeilijk voorwaardbaar: Bv: verwoorden van een reis, leuk moment of ruzie
1
, - Wetenschapskennis: vertrekt vanuit onderzoekscyclus (zie OPO praktijkonderzoek1)
- Perfect mededeelbaar door vaktaal.
Sociale wetenschappen versus natuurwetenschappen
- Onderzoekselementen: identiek versus verschillend
o Natuurwetenschappen is identiek, kunnen niet veranderen
Bv: In scheikunde is elke waterstofatoom gelijk aan alle andere
waterstofatomen.
o Sociale wetenschappen is verschillend, actief optreden en zichzelf veranderen
Bv: samenlevingen
- Wetmatigheden: overal geldig (universeel) versus niet universeel
o Natuurwetenschappen is overal geldig
o Sociale wetenschappen is niet universeel
- Onderzoeker: buiten het onderzoeksveld versus deel van het veld
o Natuurwetenschappen: buiten veld, los van onderzoekselementen
o Sociale wetenschappen: deel van het veld
o Discussie:
is sociologie 100% objectief, neutraal en waardevrij?
Moet sociologie 100% objectief, neutraal en waardevrij zijn?
o Stel: fervente aanhanger van jeugdbeweging doet onderzoek naar het sociaal
engagement van jongeren. Kan je dit op een neutrale, objectieve manier?
o Of nog: kan je als onderzoeker die gescheiden is, objectief onderzoek doen naar de
gevolgen van echtscheiding?
2
,Onderscheid tussen sociologie en andere sociale wetenschappen
- Er bestaan verschillende menswetenschappen (zie vorige slide). Wat hebben ze gemeen
(kenmerken)?
o Studieobject: de mensen, individuen, de mensensamenleving
o De zoektocht naar wetmatigheden
o Wetenschappelijke analyse
- Waar ligt het verschil tussen sociologie en andere menswetenschappen?
o Sociologie kijkt vanuit de samen-leving naar het menselijk gedrag, vanuit de sociale
structuur en cultuur en probeert zo het menselijk gedrag te verklaren.
o Sociologie heeft oog voor vaste gedragspatronen. Minder aandacht voor het
particuliere, het hoogst persoonlijke.
o ≠ psychologie: kijkt naar het menselijke gedrag vanuit persoonlijke factoren.
In onze maatschappij groeiende nadruk hierop (=psychologisering)
o vb: dyslexie, burn-out, slaagkansen in het onderwijs
- !Interdisciplinariteit!
- →Onze definitie van sociologie:
o = Sociologie is de menswetenschap die op een systematische wijze kennis en inzicht
wil verwerven in sociale relaties tussen mensen, meer bepaald de vaste
gedragspatronen.
- Sociologie analyseert op 3 niveaus:
o Micro
Niveau van de individuen en hun sociale relaties binnen bv. het gezin,
vriendengroep
o Meso
Niveau van sociale groepen (vb ondernemingen, scholen, verenigingen,
geloofsgemeenschappen)
o Macro
Niveau van het maatschappelijk systeem (vb verzorgingsstaat, (post)moderne
maatschappij)
3
, - Een socioloog heeft verschillende taken: o.a.:
o Empirisch-analytische taak: cijferaar
Betrouwbare kennis verzamelen over de samenleving
Is dat echt zo?
Is dat een nieuw verschijnsel?
Doet zich dat ook elders voor?
Hoe kunnen we dat verschijnsel verklaren vanuit de cultuur en
structuur van een samenlevingsverband?
ideaal voor beleidsvoorstellen: wat kunnen we eraan doen?
o Kritische taak: mythejager
Ingaan tegen vooroordelen, tegen mythes
Bv:
Velen zijn ervan overtuigd dat ze uniek zijn en individueel kiezen.
Maar ook
Velen zijn ervan overtuigd dat een diploma verwerven enkel het
gevolg is van talent en inzet.
Velen denken dat werklozen ervoor kiezen om werkloos te zijn: “Wie
wil, vindt werk”.
4
Sociologie deel 1: Op verkenningstocht naar de sociologie
Hoofdstuk 1: sociologie, een poging tot definitie
Definitie: Wat is sociologie?
- Géén eenduidige definitie
- Een greep uit meer dan 80 verschillende definities:
o “Sociologie is de wetenschap die zich bezighoudt met het analyseren, beschrijven en
verklaren van:
1) het gedrag van en tussen mensen voor zover dat beïnvloed wordt door het
feit dat zij in bepaalde verhoudingen tot elkaar staan;
2) de daaruit voortgekomen –min of meer vaste- gedragspatronen,
structuren en bindende opvattingen in hun ontstaan, voortbestaan en
veranderen.” (De Jager & Mok)
o “De sociologie is de wetenschap van de enigszins stabiele structuren en processen
van sociale aard.” (Van Doorn & Lammers)
o Focus op context
o Bv: kind groeit op in maatschappij waar ouders samen een jaar ouderschapsverlof
krijgen bij geboorte, is een andere omgeving dan een samenleving waarin het kind na
enkele maanden naar de opvang moet.
- Sociologie is een samenstelling van
o Socius (Latijns woord voor ‘metgezel’) / societas (‘samenleving’)
o Logos (Grieks woord voor ‘wetenschap’)
o => voorlopige definitie: wetenschap van de menselijke samenlevingen
o Sociologie bestudeert de sociale werkelijkheid
Wetenschapskennis versus ervaringskennis
- Ervaringskennis gebonden aan individuen en is subjectief
- Beperkt:
o Bv: iemand die Kerstmis steeds in België viert, zal nooit de ervaring hebben van
Kerstmis te vieren bij 25 graden.
o Bv: iemand die naar de les komt, heeft de ervaring van les te volgen, niet ervaring van
het drinken van een koel drankje in café.
- Moeilijk voorwaardbaar: Bv: verwoorden van een reis, leuk moment of ruzie
1
, - Wetenschapskennis: vertrekt vanuit onderzoekscyclus (zie OPO praktijkonderzoek1)
- Perfect mededeelbaar door vaktaal.
Sociale wetenschappen versus natuurwetenschappen
- Onderzoekselementen: identiek versus verschillend
o Natuurwetenschappen is identiek, kunnen niet veranderen
Bv: In scheikunde is elke waterstofatoom gelijk aan alle andere
waterstofatomen.
o Sociale wetenschappen is verschillend, actief optreden en zichzelf veranderen
Bv: samenlevingen
- Wetmatigheden: overal geldig (universeel) versus niet universeel
o Natuurwetenschappen is overal geldig
o Sociale wetenschappen is niet universeel
- Onderzoeker: buiten het onderzoeksveld versus deel van het veld
o Natuurwetenschappen: buiten veld, los van onderzoekselementen
o Sociale wetenschappen: deel van het veld
o Discussie:
is sociologie 100% objectief, neutraal en waardevrij?
Moet sociologie 100% objectief, neutraal en waardevrij zijn?
o Stel: fervente aanhanger van jeugdbeweging doet onderzoek naar het sociaal
engagement van jongeren. Kan je dit op een neutrale, objectieve manier?
o Of nog: kan je als onderzoeker die gescheiden is, objectief onderzoek doen naar de
gevolgen van echtscheiding?
2
,Onderscheid tussen sociologie en andere sociale wetenschappen
- Er bestaan verschillende menswetenschappen (zie vorige slide). Wat hebben ze gemeen
(kenmerken)?
o Studieobject: de mensen, individuen, de mensensamenleving
o De zoektocht naar wetmatigheden
o Wetenschappelijke analyse
- Waar ligt het verschil tussen sociologie en andere menswetenschappen?
o Sociologie kijkt vanuit de samen-leving naar het menselijk gedrag, vanuit de sociale
structuur en cultuur en probeert zo het menselijk gedrag te verklaren.
o Sociologie heeft oog voor vaste gedragspatronen. Minder aandacht voor het
particuliere, het hoogst persoonlijke.
o ≠ psychologie: kijkt naar het menselijke gedrag vanuit persoonlijke factoren.
In onze maatschappij groeiende nadruk hierop (=psychologisering)
o vb: dyslexie, burn-out, slaagkansen in het onderwijs
- !Interdisciplinariteit!
- →Onze definitie van sociologie:
o = Sociologie is de menswetenschap die op een systematische wijze kennis en inzicht
wil verwerven in sociale relaties tussen mensen, meer bepaald de vaste
gedragspatronen.
- Sociologie analyseert op 3 niveaus:
o Micro
Niveau van de individuen en hun sociale relaties binnen bv. het gezin,
vriendengroep
o Meso
Niveau van sociale groepen (vb ondernemingen, scholen, verenigingen,
geloofsgemeenschappen)
o Macro
Niveau van het maatschappelijk systeem (vb verzorgingsstaat, (post)moderne
maatschappij)
3
, - Een socioloog heeft verschillende taken: o.a.:
o Empirisch-analytische taak: cijferaar
Betrouwbare kennis verzamelen over de samenleving
Is dat echt zo?
Is dat een nieuw verschijnsel?
Doet zich dat ook elders voor?
Hoe kunnen we dat verschijnsel verklaren vanuit de cultuur en
structuur van een samenlevingsverband?
ideaal voor beleidsvoorstellen: wat kunnen we eraan doen?
o Kritische taak: mythejager
Ingaan tegen vooroordelen, tegen mythes
Bv:
Velen zijn ervan overtuigd dat ze uniek zijn en individueel kiezen.
Maar ook
Velen zijn ervan overtuigd dat een diploma verwerven enkel het
gevolg is van talent en inzet.
Velen denken dat werklozen ervoor kiezen om werkloos te zijn: “Wie
wil, vindt werk”.
4