EXAMEN Revalidatie en kinesitherapie bij KINDEREN
PRAKTIJK:
1. CASUS CP, PERIVENTRICULAIRE LEUKOMALACIE: grof en fijn motorische vertraging, wandelt met
looprek, wil voetballen en turnles meedoen
= prematuur, witte stof rond ventrikels aangetast
- inspectie of foto (in stand)
asymmetrie: bekkenkanteling, scoliose of afhangende schouders
varus- of valgusstand
- 1 behandeldoel met 3 subdoelen
SMART-doelen
1 participatiedoel (LT): voetballen/meedoen met turnles binnen
3 subdoelen (KT)
- verschil in houding en beweging met/zonder AFO’s
stappen en stand zonder AFO’s: asymmetrie, extensiepatroon OL (hyperextensie knie,
plantairflexie en heupflexie) en flexiepatroon BL
steun en stappen met AFO’s: minder tenenstand, meer oprichting en stabiliteit
- welk niveau volgens GMFCS, waarom?
niveau 4: zichzelf verplaatsen moeilijk, buitenshuis verplaatsen met kaye-walker
2. CASUS VOORKEURSHOUDING, baby 9w (hoofd naar rechts)
- geef 4 extra vragen voor anamnese, waarom?
geboortegewicht, meerling en moeilijke zwangerschap en/of bevalling
risicofactoren
- alg behandeldoelen
binnen termijn van 1m !! (alarmsignaal)
STABILISEREN: proximale controle en middellijnorganisatie
ACTIVEREN: oprichting, dissociatie en gewichtsverplaatsing faciliteren
STIMULEREN: prikkels aanbieden en ontwikkeling stimuleren
- gevolgen, indien we niet ingrijpen
plagiocephalie
structurele verkorting
visuele gevolgen
malalignement
ontwikkelingsvertraging
- alarmsignalen/doorverwijzen
slecht visueel volgen, abnormale spiertonus, koorts, alg malaise, neurologische tekenen
en geen interactie
indien geen evolutie na interventie (1 maand)
- geef instructies over 3 mogelijke houdingen (voordelen + aandachtspunten benoemen)
buikligging
opgerolde handdoek onder oksels: armen voor oksellijn, zwaartepunt schuift van
craniaal naar caudaal -> symmetrische oprichting faciliteren
opduwen op voorarmen, later op handen
zwaartepunt thv bekken: synergische oprichting + schouder-, romp- en
bekkenstabiliteit oefenen
spiegel: oprichten extra stimuleren
later speeltjes aanbieden: tijdens reiken gecontroleerde gewichtsverplaatsing
zijligging
afwisselend li- en rezijde: faciliteert middelijnoriëntatie, hoofd en handen
samenbrengen
, onderste zijde neemt gewicht en stabiliseert + bovenzijde actief
hoofdextensie, dus terug op rug rollen vermijden: chin tuck uitlokken door speeltje in
juiste bliklijn plaatsen
evt handdoek achter rug plaatsen of tegen wand positioneren (stabiliseren)
vnl linkerzijde: hoofd actief + armen activeren
rugligging
wig/kussen onder bekken: zwaartepunt van caudaal naar craniaal opschuiven
bekken heffen, schoudergordel stabiliseren en nek verlengen (hoofdcontrole
toenemen)
armen makkelijker uitstrekken om te reiken, voeten nemen en trappelbewegingen
maken: romp-, schouder- en bekkengordel actiever en krachtiger
activiteit ledematen: speelboog afwisselend thv armen en voeten
arm- en voetbandjes met belletjes rond
speciaal hoofdkussen: hoofd naar middellijn stimuleren + druk op schedel verdelen
- toon 2 draagtechnieken (voordelen + aandachtspunten benoemen)
zoveel mogelijk hoofd en armen naar middellijn + romp symmetrisch houden
buikligging: oprichting faciliteren, armen over oksellijn
zijligging: bij voorkeur op linkerzijde omdat vanuit deze houding lateroflexie van hoofd
neutraliseert + stretchen
3. CASUS VERTRAAGDE ONTWIKKELING kleuter: 3,5j vooral grof motorisch coördinatie
- extra vragen anamnese
frustraties, duurt het lang voor bepaalde zaken aan te leren, visus,..
- welke vragenlijsten: M-ABC-2-vragenlijst, little DCD-Q-ouders en VMVK-leerkrachten
- testen: M-ABC-2, VMI, PDMS, BSID en Gentse evenwichttest
- 1 participatiedoel, 3 activiteitendoelen (moet op elkaar inspelen)
participatie: binnen 3m deelnemen aan turnles zonder ‘weigergedrag’ te vertonen
activiteit
3w: trap opstappen via bijzetpas en met 1 hand steun
4w: sprong van 10cm met beide voeten samen tijdens afstoot en landing zonder
evenwicht te verliezen
5w: afstand van 5m met loopfiets, waarbij hij neerzit op zadel en voeten afwisselend
afstoot
functie
2w: 10s plankhouding op knieën en handen bewaren (tonus)
2w: over lijn van 10cm breed en 4m lang stappen met voeten voor elkaar (dynamisch
evenwicht)
3w: opstapje van 15cm met linker- en rechtervoet (kracht)
3w: 5s op voorkeursbeen en 4s op ander been blijven staan (statisch evenwicht)
- hoe zou je expliciet en impliciet uitleggen hoe kind laten springen met beide benen samen
expliciet: houd 2 benen tegen elkaar tijdens springen
impliciet: pittenzakje tussen benen klemmen tijdens springen, eerst van afstapje daarna,
springen op trampoline
4. CASUS SPINA BIFIDA L4-L5
- 2 extra vragen anamnese
- 3 doelen, waarom?
participatie: zelfstandig verplaatsen
activiteit: toiletgebruik
stoornisniveau: spierkracht trainen
- 3 hulpmiddelen, waarom? + evt aanpassingen
bewegingsvrijheid vergroten
rolstoel
PRAKTIJK:
1. CASUS CP, PERIVENTRICULAIRE LEUKOMALACIE: grof en fijn motorische vertraging, wandelt met
looprek, wil voetballen en turnles meedoen
= prematuur, witte stof rond ventrikels aangetast
- inspectie of foto (in stand)
asymmetrie: bekkenkanteling, scoliose of afhangende schouders
varus- of valgusstand
- 1 behandeldoel met 3 subdoelen
SMART-doelen
1 participatiedoel (LT): voetballen/meedoen met turnles binnen
3 subdoelen (KT)
- verschil in houding en beweging met/zonder AFO’s
stappen en stand zonder AFO’s: asymmetrie, extensiepatroon OL (hyperextensie knie,
plantairflexie en heupflexie) en flexiepatroon BL
steun en stappen met AFO’s: minder tenenstand, meer oprichting en stabiliteit
- welk niveau volgens GMFCS, waarom?
niveau 4: zichzelf verplaatsen moeilijk, buitenshuis verplaatsen met kaye-walker
2. CASUS VOORKEURSHOUDING, baby 9w (hoofd naar rechts)
- geef 4 extra vragen voor anamnese, waarom?
geboortegewicht, meerling en moeilijke zwangerschap en/of bevalling
risicofactoren
- alg behandeldoelen
binnen termijn van 1m !! (alarmsignaal)
STABILISEREN: proximale controle en middellijnorganisatie
ACTIVEREN: oprichting, dissociatie en gewichtsverplaatsing faciliteren
STIMULEREN: prikkels aanbieden en ontwikkeling stimuleren
- gevolgen, indien we niet ingrijpen
plagiocephalie
structurele verkorting
visuele gevolgen
malalignement
ontwikkelingsvertraging
- alarmsignalen/doorverwijzen
slecht visueel volgen, abnormale spiertonus, koorts, alg malaise, neurologische tekenen
en geen interactie
indien geen evolutie na interventie (1 maand)
- geef instructies over 3 mogelijke houdingen (voordelen + aandachtspunten benoemen)
buikligging
opgerolde handdoek onder oksels: armen voor oksellijn, zwaartepunt schuift van
craniaal naar caudaal -> symmetrische oprichting faciliteren
opduwen op voorarmen, later op handen
zwaartepunt thv bekken: synergische oprichting + schouder-, romp- en
bekkenstabiliteit oefenen
spiegel: oprichten extra stimuleren
later speeltjes aanbieden: tijdens reiken gecontroleerde gewichtsverplaatsing
zijligging
afwisselend li- en rezijde: faciliteert middelijnoriëntatie, hoofd en handen
samenbrengen
, onderste zijde neemt gewicht en stabiliseert + bovenzijde actief
hoofdextensie, dus terug op rug rollen vermijden: chin tuck uitlokken door speeltje in
juiste bliklijn plaatsen
evt handdoek achter rug plaatsen of tegen wand positioneren (stabiliseren)
vnl linkerzijde: hoofd actief + armen activeren
rugligging
wig/kussen onder bekken: zwaartepunt van caudaal naar craniaal opschuiven
bekken heffen, schoudergordel stabiliseren en nek verlengen (hoofdcontrole
toenemen)
armen makkelijker uitstrekken om te reiken, voeten nemen en trappelbewegingen
maken: romp-, schouder- en bekkengordel actiever en krachtiger
activiteit ledematen: speelboog afwisselend thv armen en voeten
arm- en voetbandjes met belletjes rond
speciaal hoofdkussen: hoofd naar middellijn stimuleren + druk op schedel verdelen
- toon 2 draagtechnieken (voordelen + aandachtspunten benoemen)
zoveel mogelijk hoofd en armen naar middellijn + romp symmetrisch houden
buikligging: oprichting faciliteren, armen over oksellijn
zijligging: bij voorkeur op linkerzijde omdat vanuit deze houding lateroflexie van hoofd
neutraliseert + stretchen
3. CASUS VERTRAAGDE ONTWIKKELING kleuter: 3,5j vooral grof motorisch coördinatie
- extra vragen anamnese
frustraties, duurt het lang voor bepaalde zaken aan te leren, visus,..
- welke vragenlijsten: M-ABC-2-vragenlijst, little DCD-Q-ouders en VMVK-leerkrachten
- testen: M-ABC-2, VMI, PDMS, BSID en Gentse evenwichttest
- 1 participatiedoel, 3 activiteitendoelen (moet op elkaar inspelen)
participatie: binnen 3m deelnemen aan turnles zonder ‘weigergedrag’ te vertonen
activiteit
3w: trap opstappen via bijzetpas en met 1 hand steun
4w: sprong van 10cm met beide voeten samen tijdens afstoot en landing zonder
evenwicht te verliezen
5w: afstand van 5m met loopfiets, waarbij hij neerzit op zadel en voeten afwisselend
afstoot
functie
2w: 10s plankhouding op knieën en handen bewaren (tonus)
2w: over lijn van 10cm breed en 4m lang stappen met voeten voor elkaar (dynamisch
evenwicht)
3w: opstapje van 15cm met linker- en rechtervoet (kracht)
3w: 5s op voorkeursbeen en 4s op ander been blijven staan (statisch evenwicht)
- hoe zou je expliciet en impliciet uitleggen hoe kind laten springen met beide benen samen
expliciet: houd 2 benen tegen elkaar tijdens springen
impliciet: pittenzakje tussen benen klemmen tijdens springen, eerst van afstapje daarna,
springen op trampoline
4. CASUS SPINA BIFIDA L4-L5
- 2 extra vragen anamnese
- 3 doelen, waarom?
participatie: zelfstandig verplaatsen
activiteit: toiletgebruik
stoornisniveau: spierkracht trainen
- 3 hulpmiddelen, waarom? + evt aanpassingen
bewegingsvrijheid vergroten
rolstoel