Grondwettelijk recht - Sottiaux
Deel I. Algemene inleiding
Hoofdstuk 1. basisbegrippen & centrale thema’s van het grondwettelijk recht
Afdeling 2. De grondwet
Betekenis & functies van de grondwet
Belangrijk in de context zijn twee beroemde historische teksten:
– Declaration of Independence (4 juli 1776) - Thomas Jefferson
Luidde onafhankelijkheid van de 13 Britse kolonies is
– Déclaration des droits de l’homme et du citoyen (1789), Franse
Nationale Grondwetgevende Vergadering
Artikel 16 van de verklaring van de Rechten van de Mensen de
Burger
Reden:
– Hebben invloed gehad op Belgische GW & Europese constitutionele
verdragen
– Garandeerden vrijheid van onderhorigen door macht vorst aan banden te
leggen
– Aanloop voor eerste moderne GW’en: Amerikaanse van 1787 & Franse van
1791
– Zijn formulering van voornaamste ideeën & principes die aan
grondwettelijk recht ten grondslag liggen
– Functies GW zijn erin te lezen
Functie 1: democratische organisatie van de overheidsmacht
– Instellen van een regering, die zijn rechtmatige bevoegdheden ontleent
aan de instelling van de geregeerden
– Positief karakter: GW brengt de overheid tot stand, overheid vormt zichzelf
– GW legt bevoegdheden van verschillende overheidsorganen vast
– GW = primaire rechtsbron van het rechtssysteem: bevat de regels over
totstandkoming & geldigheid van de overige rechtsnormen
– Niet elke staat met GW is democratisch
bv. Islamitische Republiek Iran, Nazi-Duitsland, voormalige
Sovjetrepublieken, …
– Hoogste macht berust niet bij de vorst, maar bij het volk
(volkssoevereiniteit)
Volk kan zichzelf niet rechtstreeks besturen procedures nodig
Er is nood aan een overheid, om deze te organiseren is er een GW
Functie 2: beperken van de overheidsmacht
– Negatief karakter: aan banden leggen van datzelfde overheidsgezag
– GW moet machtsmisbruik door overheid & haar organen tegengaan en zo
de vrijheid van de burgers beschermen twee technieken
Verdelen van overheidsmacht tussen diverse ambten, instellingen of
organen
Inperken van overheidsmacht door verankeren van fundamentele
rechten & vrijheden
,Machtenscheiding:
Horizontale machtenscheiding = werkzaamheden van de overheid verdelen
tussen meerdere instellingen van diezelfde overheid
– ‘Trias politica’
Wetgevende functie: opstellen van algemene regels
Uitvoerende functie: de regels te doen naleven
Rechterlijke functie: beslechten van geschillen omtrent de
toepassing van die regels
– Locke (‘Two Treatises of Government’ - 1689)
– Montesquieu (‘de l’esprit des lois’ - 1748)
Gevaar op willekeur kan worden geminimaliseerd
Ene macht kan tegenspel bieden tegen andere en zo zouden zij
elkaar halt kunnen toeroepen
Concentreren van drie machten was volgens hem recept voor
tirannie
– Principe van machtenscheiding kan op twee manieren invulling krijgen:
Absolute machtenscheiding: drie overheidsfuncties kunnen zuiver
worden afgebakend & moeten zelf afzonderlijk aan drie volledig
onafhankelijke organen worden toebedeeld
o Geen wederzijdse controle/participatie tussen staatmachten
o Elke macht eigen functie & mogen zich enkel daarmee inlaten
Machtsevenwicht/checks & balances : verschillende machten
controleren elkaar of participeren in de uitoefening van elkaars
functie met als doel machtsmisbruik tegen te gaan
bv. medewerking van UM (koning) aan totstandkoming van
wetgeving
o Madison (‘federalist Paper No. 47’ – 1788)
– Madison (‘federalist Paper No. 47’ – 1788)
Een van voornaamste auteurs van GW van VS
President van VS
Een van grondleggers van Amerikaans federalisme, het
representatieve (tweekamer)stelsel & de ‘Bill of Rights’
Samen met Jay & Hamilton auteur van ‘Federalist Papers’
o Bundeling van artikelen dat oorspronkelijk in een aantal New
Yorkse kranten verschenen onder pseudoniem ‘Publius’
o Belangrijke bron voor interpretatie van GW
– Machtenspreiding maakt arbeidsverdeling & functionele specialisatie
mogelijk: bepaalde overheidstaken overlaten aan ‘professionals’ die
vanwege hun expertise & onafhankelijkheid beter geplaatst zijn om ze uit
te voeren
Verticale machtenscheiding = machten verspreiden tussen verschillende
territoriaal omschreven overheden
– Gelaagde rechtsorde: we makend deel uit van verschillende
overheidsverbanden met elk eigen taken
, gemeente provincie Vlaamse Gemeenschap Vlaams Gewest
Belgische Federale Staat Europese Unie
confronteert ons met constitutioneel pluralisme = binnen een
bepaald politiek systeem kunnen er meerdere bronnen of niveaus
van autoriteit bestaan, elk met zijn eigen invloedssfeer en
besluitvormingsbevoegdheid.
– Twee bekendste constitutionele technieken van verticale
machtenscheiding:
Federalisme: spreiding van bevoegdheden tussen verschillende
autonome rechtsordes
Decentralisatie: centrale overheid kent bepaalde taken toe aan
ondergeschikte besturen
– Subsidiariteitsbeginsel = hogere overheid moet zich niet inlaten met
taken die ook door een lagere instantie uitgevoerde kunnen worden (dit
zorgt voor democratie)
bv. wat gemeenten kunnen moet niet door de Europese Unie beslist
worden
Verankering van rechten & vrijheden:
– Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring: “alle mensen worden als
gelijken geschapen & zijn door hun schepper met zekere onvervreemdbare
rechten begiftigd, waaronder het leven, de vrijheid & geluk”
– Franse Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger: “natuurlijke,
onvervreemdbare en heilige rechten van de mens”
– Locke: “life, Liberty and property zijn de onvervreemdbare rechten van de
mens en de overheid moet deze beschermen”
– Belangrijke data:
1215: Magna Carta
o Ondertekend door Jan Zonder Land onder druk van baronnen
o = recht op persoonlijke vrijheid
1356: Blijde Inkomst Brabant
o Beperkte macht van Hertog van Brabant
o Bevat recht van vrijheid van meningsuiting van
parlementsleden & dat geen belastingen geheven mochten
worden zonder instemming van de steden & het gewest
1689: Bill of Rights
o Werd via reeks amendementen aan GW toegevoegd
o Staten overtuigen om tekst te ratificeren
1789: Déclaration des droit de l’Homme et du citoyen
1948: Universele Verklaring van de Rechten van de Mens
1950: Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Overige functies
– Natie- en staatsvorming: GW heeft pas zin als er een overheid is (staat),
waaraan de macht georganiseerd & begrensd dient te worden
, – Programmatorische functie: naast organiseren van overheidsgezag bevat
GW ook doelstellingen die de staat moet nastreven
bv. bevorderen van materiële gelijkheid, bescherming van leefmilieu
GW als maatschappelijk contract
– Constitutionele democratie werpt zich op als het tegendeel van de
anarchie (geen overheidsgezag) & de tirannie (willekeurig overheidsgezag)
– GW = fictieve overeenkomst tussen vrije individuen om een
georganiseerde politieke gemeenschap te vormen
Individu staat vrijheid af aan overheid, die over het
geweldmonopolie beschikt & de handhaving van het recht, orde,
vrede & veiligheid moet waarborgen
Overheid is in ruil voor diens gehoorzaamheid goed bestuur & de
bescherming van individuele vrijheden van burgers verschuldigd
Overheid in gebreke burger kan in opstand komen &
maatschappelijk verdrag verbreken
– Hobbes omschrijft natuurtoestand van de mens als een staat van oorlog
van allen tegen allen: “elke handeling van de mens is gebaseerd op
eigenbelang en de mens is voor zijn medemens een wolf (‘homo homini
lupus’)
Om natuurstaat te ontvluchten sluit het vrije individu het
maatschappelijk contract
Grondwet in materiële & formele zin
Grondwet in materiële zin = geheel van fundamentele regels over de
organisatie & de beperking van het overheidsgezag twee functies die al
besproken zijn
Grondwet in de formele zin = specifieke tekst die we de ‘grondwet’ noemen
en die met een bijzonder gezag is bekleed dat gezag is gevolg van twee
eigenschappen:
– GW kan slecht op een bijzondere wijze worden gewijzigd, ze is
afgeschermd van de gewone meerderheidsbesluitvorming
– Het is de hiërarchisch hoogste rechtsregel binnen een rechtssysteem
Materiële & formele vallen NIET samen: niet alle fundamentele regels hebben een
plaats gevonden in de tekst van de formele GW, heel wat regels zijn opgenomen
in andere geschreven bronnen bv. bijzondere wetten (BWHI), rechtspraak, … of
ongeschreven bv. gewoonterecht (Bart de Wever als (in)formateur)
Enkele belangrijke classificaties
Grondwet & democratievorm
Directe democratie = bestuursvorm waarbij volk zelf de wetten maakt & de
burgers rechtstreeks deelnemen aan de politieke besluitvorming bv. stadstaten
in antieke Griekenland (volksraad), referendum
– Sluit nauw aan bij letterlijke betekenis van het woord: bestuur (‘kratos’)
door het volk (‘demos’)
– Heel wat grondwetten voorzien de mogelijkheid om nationale, regionale of
lokale referenda in te richten waarbij burgers zich rechtstreeks kunnen
Deel I. Algemene inleiding
Hoofdstuk 1. basisbegrippen & centrale thema’s van het grondwettelijk recht
Afdeling 2. De grondwet
Betekenis & functies van de grondwet
Belangrijk in de context zijn twee beroemde historische teksten:
– Declaration of Independence (4 juli 1776) - Thomas Jefferson
Luidde onafhankelijkheid van de 13 Britse kolonies is
– Déclaration des droits de l’homme et du citoyen (1789), Franse
Nationale Grondwetgevende Vergadering
Artikel 16 van de verklaring van de Rechten van de Mensen de
Burger
Reden:
– Hebben invloed gehad op Belgische GW & Europese constitutionele
verdragen
– Garandeerden vrijheid van onderhorigen door macht vorst aan banden te
leggen
– Aanloop voor eerste moderne GW’en: Amerikaanse van 1787 & Franse van
1791
– Zijn formulering van voornaamste ideeën & principes die aan
grondwettelijk recht ten grondslag liggen
– Functies GW zijn erin te lezen
Functie 1: democratische organisatie van de overheidsmacht
– Instellen van een regering, die zijn rechtmatige bevoegdheden ontleent
aan de instelling van de geregeerden
– Positief karakter: GW brengt de overheid tot stand, overheid vormt zichzelf
– GW legt bevoegdheden van verschillende overheidsorganen vast
– GW = primaire rechtsbron van het rechtssysteem: bevat de regels over
totstandkoming & geldigheid van de overige rechtsnormen
– Niet elke staat met GW is democratisch
bv. Islamitische Republiek Iran, Nazi-Duitsland, voormalige
Sovjetrepublieken, …
– Hoogste macht berust niet bij de vorst, maar bij het volk
(volkssoevereiniteit)
Volk kan zichzelf niet rechtstreeks besturen procedures nodig
Er is nood aan een overheid, om deze te organiseren is er een GW
Functie 2: beperken van de overheidsmacht
– Negatief karakter: aan banden leggen van datzelfde overheidsgezag
– GW moet machtsmisbruik door overheid & haar organen tegengaan en zo
de vrijheid van de burgers beschermen twee technieken
Verdelen van overheidsmacht tussen diverse ambten, instellingen of
organen
Inperken van overheidsmacht door verankeren van fundamentele
rechten & vrijheden
,Machtenscheiding:
Horizontale machtenscheiding = werkzaamheden van de overheid verdelen
tussen meerdere instellingen van diezelfde overheid
– ‘Trias politica’
Wetgevende functie: opstellen van algemene regels
Uitvoerende functie: de regels te doen naleven
Rechterlijke functie: beslechten van geschillen omtrent de
toepassing van die regels
– Locke (‘Two Treatises of Government’ - 1689)
– Montesquieu (‘de l’esprit des lois’ - 1748)
Gevaar op willekeur kan worden geminimaliseerd
Ene macht kan tegenspel bieden tegen andere en zo zouden zij
elkaar halt kunnen toeroepen
Concentreren van drie machten was volgens hem recept voor
tirannie
– Principe van machtenscheiding kan op twee manieren invulling krijgen:
Absolute machtenscheiding: drie overheidsfuncties kunnen zuiver
worden afgebakend & moeten zelf afzonderlijk aan drie volledig
onafhankelijke organen worden toebedeeld
o Geen wederzijdse controle/participatie tussen staatmachten
o Elke macht eigen functie & mogen zich enkel daarmee inlaten
Machtsevenwicht/checks & balances : verschillende machten
controleren elkaar of participeren in de uitoefening van elkaars
functie met als doel machtsmisbruik tegen te gaan
bv. medewerking van UM (koning) aan totstandkoming van
wetgeving
o Madison (‘federalist Paper No. 47’ – 1788)
– Madison (‘federalist Paper No. 47’ – 1788)
Een van voornaamste auteurs van GW van VS
President van VS
Een van grondleggers van Amerikaans federalisme, het
representatieve (tweekamer)stelsel & de ‘Bill of Rights’
Samen met Jay & Hamilton auteur van ‘Federalist Papers’
o Bundeling van artikelen dat oorspronkelijk in een aantal New
Yorkse kranten verschenen onder pseudoniem ‘Publius’
o Belangrijke bron voor interpretatie van GW
– Machtenspreiding maakt arbeidsverdeling & functionele specialisatie
mogelijk: bepaalde overheidstaken overlaten aan ‘professionals’ die
vanwege hun expertise & onafhankelijkheid beter geplaatst zijn om ze uit
te voeren
Verticale machtenscheiding = machten verspreiden tussen verschillende
territoriaal omschreven overheden
– Gelaagde rechtsorde: we makend deel uit van verschillende
overheidsverbanden met elk eigen taken
, gemeente provincie Vlaamse Gemeenschap Vlaams Gewest
Belgische Federale Staat Europese Unie
confronteert ons met constitutioneel pluralisme = binnen een
bepaald politiek systeem kunnen er meerdere bronnen of niveaus
van autoriteit bestaan, elk met zijn eigen invloedssfeer en
besluitvormingsbevoegdheid.
– Twee bekendste constitutionele technieken van verticale
machtenscheiding:
Federalisme: spreiding van bevoegdheden tussen verschillende
autonome rechtsordes
Decentralisatie: centrale overheid kent bepaalde taken toe aan
ondergeschikte besturen
– Subsidiariteitsbeginsel = hogere overheid moet zich niet inlaten met
taken die ook door een lagere instantie uitgevoerde kunnen worden (dit
zorgt voor democratie)
bv. wat gemeenten kunnen moet niet door de Europese Unie beslist
worden
Verankering van rechten & vrijheden:
– Amerikaanse Onafhankelijkheidsverklaring: “alle mensen worden als
gelijken geschapen & zijn door hun schepper met zekere onvervreemdbare
rechten begiftigd, waaronder het leven, de vrijheid & geluk”
– Franse Verklaring van de Rechten van de Mens en de Burger: “natuurlijke,
onvervreemdbare en heilige rechten van de mens”
– Locke: “life, Liberty and property zijn de onvervreemdbare rechten van de
mens en de overheid moet deze beschermen”
– Belangrijke data:
1215: Magna Carta
o Ondertekend door Jan Zonder Land onder druk van baronnen
o = recht op persoonlijke vrijheid
1356: Blijde Inkomst Brabant
o Beperkte macht van Hertog van Brabant
o Bevat recht van vrijheid van meningsuiting van
parlementsleden & dat geen belastingen geheven mochten
worden zonder instemming van de steden & het gewest
1689: Bill of Rights
o Werd via reeks amendementen aan GW toegevoegd
o Staten overtuigen om tekst te ratificeren
1789: Déclaration des droit de l’Homme et du citoyen
1948: Universele Verklaring van de Rechten van de Mens
1950: Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens
Overige functies
– Natie- en staatsvorming: GW heeft pas zin als er een overheid is (staat),
waaraan de macht georganiseerd & begrensd dient te worden
, – Programmatorische functie: naast organiseren van overheidsgezag bevat
GW ook doelstellingen die de staat moet nastreven
bv. bevorderen van materiële gelijkheid, bescherming van leefmilieu
GW als maatschappelijk contract
– Constitutionele democratie werpt zich op als het tegendeel van de
anarchie (geen overheidsgezag) & de tirannie (willekeurig overheidsgezag)
– GW = fictieve overeenkomst tussen vrije individuen om een
georganiseerde politieke gemeenschap te vormen
Individu staat vrijheid af aan overheid, die over het
geweldmonopolie beschikt & de handhaving van het recht, orde,
vrede & veiligheid moet waarborgen
Overheid is in ruil voor diens gehoorzaamheid goed bestuur & de
bescherming van individuele vrijheden van burgers verschuldigd
Overheid in gebreke burger kan in opstand komen &
maatschappelijk verdrag verbreken
– Hobbes omschrijft natuurtoestand van de mens als een staat van oorlog
van allen tegen allen: “elke handeling van de mens is gebaseerd op
eigenbelang en de mens is voor zijn medemens een wolf (‘homo homini
lupus’)
Om natuurstaat te ontvluchten sluit het vrije individu het
maatschappelijk contract
Grondwet in materiële & formele zin
Grondwet in materiële zin = geheel van fundamentele regels over de
organisatie & de beperking van het overheidsgezag twee functies die al
besproken zijn
Grondwet in de formele zin = specifieke tekst die we de ‘grondwet’ noemen
en die met een bijzonder gezag is bekleed dat gezag is gevolg van twee
eigenschappen:
– GW kan slecht op een bijzondere wijze worden gewijzigd, ze is
afgeschermd van de gewone meerderheidsbesluitvorming
– Het is de hiërarchisch hoogste rechtsregel binnen een rechtssysteem
Materiële & formele vallen NIET samen: niet alle fundamentele regels hebben een
plaats gevonden in de tekst van de formele GW, heel wat regels zijn opgenomen
in andere geschreven bronnen bv. bijzondere wetten (BWHI), rechtspraak, … of
ongeschreven bv. gewoonterecht (Bart de Wever als (in)formateur)
Enkele belangrijke classificaties
Grondwet & democratievorm
Directe democratie = bestuursvorm waarbij volk zelf de wetten maakt & de
burgers rechtstreeks deelnemen aan de politieke besluitvorming bv. stadstaten
in antieke Griekenland (volksraad), referendum
– Sluit nauw aan bij letterlijke betekenis van het woord: bestuur (‘kratos’)
door het volk (‘demos’)
– Heel wat grondwetten voorzien de mogelijkheid om nationale, regionale of
lokale referenda in te richten waarbij burgers zich rechtstreeks kunnen