HS 3: bacteriologie
Inleiding
Algemene kenmerken
Lagere protista
Eencellig
Afmeting: 0,3 – 3 (10) micrometer
Prokaryoot
o Geen mitochondriën
o Geen celkern: geen kernmembraan
o Chromosoom: Ds circulair gewonden DNA in cytoplasma
o 70S-ribosomen (30S + 50S)
▪ S = svedberg
Kapsel: beschermt tegen fagocyten
Celmembraan binnenkant
Celwand
Gevuld met cytoplasma: bevindt zich genetisch materiaal
Flagellen: helpen bij beweging
Pilli: vasthechten
Allomtegenwoordig: kolonisatie op alle plaatsen ter wereld
Dikke celwand: dik: bepalend voor vorm en stevigheid
o Gram posi en nega
Evolutie: aanpassing aan omstandigheden (muteren)
Sommige: gastheer nodig
o Voedingsstoffen
o Commensalen:
▪ vb E. Coli: in GI-stelsel (brengt geen schade)
o Parasieten: brengen wel schade aan
▪ Vb Salmonella typhimurium
o Saprofyten: leven op dood organisch materiaal
Bacteriën gaan zich moeten verdedigen tegen afweermechanisme gastheer
o Tegen antibiotica
o Bestaan al veel resistente bacteriën
Verschil pro en eukaryoot
Niet uit compartimenten bestaan (prokaryoot)
Celmembraan zonder sterolen (vb cholesterol)
Circulair chromosoom
Prokaryoot: 70S ribosomen
,Indelingen
Eubacteriae en Archaebacteriae
Opbouw celwand
Morfologie
O2 gebruik
Biochemische eigenschappen
Eubacteriae
Peptidoglycaan (mureine) (= polysacharide)
Muraminezuur in celwand
Verschillend 16S rRNA
Archaebacteriae
Pseudomureine
Geen muraminezuur
Bestand tegen extreme omstandigheden
o Temperatuur: heetwaterbronnen
o Zoutmeren
Waarom is bacteriologie belangrijk
Nosocomiale infecties: in het ziekenhuis
o Pseudomonas aeruginosa, MRSA stammen circuleren, ESBL, Clostridium
diffficile
Infecties buiten ziekenhuis
o Meningitis
o Voedselinfecties
Planteninfecties
o Agrobacterium tumefaciens
Zuivelindustrie
o Streptococcus thermophilus, Lactobacillus spp.
Prebiotica, probiotica
o Yakult, Actimel: Lactobacillus spp.
o Gynoflor, Lactofem: Lactobacillus acidophilus
▪ Flora thv genitaal vlies optimaliseren of normaliseren
o Lacteol: darmflora normaliseren
o Flora in evenwicht houden
Productie peptiden en EW: genetic engineering
o Farmaca: insuline, interferon, hGH
Digestie in intestinaal stelsel
Olieverlies afbraak, waterzuivering
Gebruik in fundamenteel onderzoek en research
,Labodiagnostiek
Het routine diagnostisch lab
Identificatie pathogeen
Microscopie (uitstrijkje + gram kleuring: nat
preparaat)
o Rechtstreeks op het staal (vers onderzoek)
o Kolonie (reincultuur) na een kweek
Kweek op voedingsbodem, biochemische identificatie
Substraten in aanwezig
Suspensie van kolonie wordt toegevoegd
Kijken of substraat wordt omgezet (kleurreactie) na incubatie
Combinatie resultaten: zegt over welke bacterie het gaat
Antibiogram
o Hoe het zit met gevoeligheid tegenover antibiotica
o Grote inhibitie zone: weet je dat bacterie gevoelig is
aan antibioticum
o Groeit het tot aan schijfje: waarschijnlijk resistent
Immuno-assays (serologie): AL of AG aantonen
PCR: specifiek genfragment van bacterie vermenigvuldigen en aantonen in een
staal
o UV
o Melting curve analysis
Kweek, MALDI-TOF op kolonie: 16S-EW
Het research lab
Geïsoleerde stammen onderzoeken en onderscheiden: “typeren”
Andere moleculaire technieken (zie 2e jaar)
o Epidemiologie (stammen typeren en welke er heersen in
populatie), surveillance, fundamenteel onderzoek
Pulsed field gel elektroforese
Blotting: Southern, Northern
RFLP
RAPD
, Structuur – morfologie
Staafjes alleen liggen of ketens
Kokken: afzonderlijk of per twee
of per ketens
Bolvormige cellen of kokken
Diplokokken
Cellen per 2
Vb: Streptococcus pneumoniae (gram posi)
Streptokokken
Cellen in ketens
Streptococcus pyogenes (groep B):
keelontstekingen (gram posi)
Streptococcus agalactiae: aanwezig vaginaal
slijmvlies
o Gevaar voor baby die geboren moet
worden
o Kan sepsis veroorzaken bij kind
Stafylokokken
Cellen liggen in druiventrosjes
Staphylococcus aureus (gram posi)
o Op het neusslijmvlies
o Soms huid
o Normaal: geen last
Staphylococcus epidermidis
o Huidcommensaal: bij iedereen aanwezig
Tetraden
Cellen per 4
Min of meer vierkant
Micrococcus luteus
Inleiding
Algemene kenmerken
Lagere protista
Eencellig
Afmeting: 0,3 – 3 (10) micrometer
Prokaryoot
o Geen mitochondriën
o Geen celkern: geen kernmembraan
o Chromosoom: Ds circulair gewonden DNA in cytoplasma
o 70S-ribosomen (30S + 50S)
▪ S = svedberg
Kapsel: beschermt tegen fagocyten
Celmembraan binnenkant
Celwand
Gevuld met cytoplasma: bevindt zich genetisch materiaal
Flagellen: helpen bij beweging
Pilli: vasthechten
Allomtegenwoordig: kolonisatie op alle plaatsen ter wereld
Dikke celwand: dik: bepalend voor vorm en stevigheid
o Gram posi en nega
Evolutie: aanpassing aan omstandigheden (muteren)
Sommige: gastheer nodig
o Voedingsstoffen
o Commensalen:
▪ vb E. Coli: in GI-stelsel (brengt geen schade)
o Parasieten: brengen wel schade aan
▪ Vb Salmonella typhimurium
o Saprofyten: leven op dood organisch materiaal
Bacteriën gaan zich moeten verdedigen tegen afweermechanisme gastheer
o Tegen antibiotica
o Bestaan al veel resistente bacteriën
Verschil pro en eukaryoot
Niet uit compartimenten bestaan (prokaryoot)
Celmembraan zonder sterolen (vb cholesterol)
Circulair chromosoom
Prokaryoot: 70S ribosomen
,Indelingen
Eubacteriae en Archaebacteriae
Opbouw celwand
Morfologie
O2 gebruik
Biochemische eigenschappen
Eubacteriae
Peptidoglycaan (mureine) (= polysacharide)
Muraminezuur in celwand
Verschillend 16S rRNA
Archaebacteriae
Pseudomureine
Geen muraminezuur
Bestand tegen extreme omstandigheden
o Temperatuur: heetwaterbronnen
o Zoutmeren
Waarom is bacteriologie belangrijk
Nosocomiale infecties: in het ziekenhuis
o Pseudomonas aeruginosa, MRSA stammen circuleren, ESBL, Clostridium
diffficile
Infecties buiten ziekenhuis
o Meningitis
o Voedselinfecties
Planteninfecties
o Agrobacterium tumefaciens
Zuivelindustrie
o Streptococcus thermophilus, Lactobacillus spp.
Prebiotica, probiotica
o Yakult, Actimel: Lactobacillus spp.
o Gynoflor, Lactofem: Lactobacillus acidophilus
▪ Flora thv genitaal vlies optimaliseren of normaliseren
o Lacteol: darmflora normaliseren
o Flora in evenwicht houden
Productie peptiden en EW: genetic engineering
o Farmaca: insuline, interferon, hGH
Digestie in intestinaal stelsel
Olieverlies afbraak, waterzuivering
Gebruik in fundamenteel onderzoek en research
,Labodiagnostiek
Het routine diagnostisch lab
Identificatie pathogeen
Microscopie (uitstrijkje + gram kleuring: nat
preparaat)
o Rechtstreeks op het staal (vers onderzoek)
o Kolonie (reincultuur) na een kweek
Kweek op voedingsbodem, biochemische identificatie
Substraten in aanwezig
Suspensie van kolonie wordt toegevoegd
Kijken of substraat wordt omgezet (kleurreactie) na incubatie
Combinatie resultaten: zegt over welke bacterie het gaat
Antibiogram
o Hoe het zit met gevoeligheid tegenover antibiotica
o Grote inhibitie zone: weet je dat bacterie gevoelig is
aan antibioticum
o Groeit het tot aan schijfje: waarschijnlijk resistent
Immuno-assays (serologie): AL of AG aantonen
PCR: specifiek genfragment van bacterie vermenigvuldigen en aantonen in een
staal
o UV
o Melting curve analysis
Kweek, MALDI-TOF op kolonie: 16S-EW
Het research lab
Geïsoleerde stammen onderzoeken en onderscheiden: “typeren”
Andere moleculaire technieken (zie 2e jaar)
o Epidemiologie (stammen typeren en welke er heersen in
populatie), surveillance, fundamenteel onderzoek
Pulsed field gel elektroforese
Blotting: Southern, Northern
RFLP
RAPD
, Structuur – morfologie
Staafjes alleen liggen of ketens
Kokken: afzonderlijk of per twee
of per ketens
Bolvormige cellen of kokken
Diplokokken
Cellen per 2
Vb: Streptococcus pneumoniae (gram posi)
Streptokokken
Cellen in ketens
Streptococcus pyogenes (groep B):
keelontstekingen (gram posi)
Streptococcus agalactiae: aanwezig vaginaal
slijmvlies
o Gevaar voor baby die geboren moet
worden
o Kan sepsis veroorzaken bij kind
Stafylokokken
Cellen liggen in druiventrosjes
Staphylococcus aureus (gram posi)
o Op het neusslijmvlies
o Soms huid
o Normaal: geen last
Staphylococcus epidermidis
o Huidcommensaal: bij iedereen aanwezig
Tetraden
Cellen per 4
Min of meer vierkant
Micrococcus luteus