MORAALFILOSOFIE
Inleiding
TERMINOLOGIE
WAT IS ETHIEK/MORAAL FILOSOFIE
Filosofie = kritisch nadenken over het goede leven
moraal = het juist handelen
Moraalfilosofie = Kritisch nadenken over het goede leven en het juiste
handelen
Houdt zich bezig met een cluster van centrale vragen
o Hoe moet een mens zijn om een goed/deugdelijk mens te zijn?
o Hoe moet een mens handelen om juist/goed te handelen?
o Wat is een waardevol leven?
o Wat is een waarde?
Handelings- en levensvragen = Het zijn vragen over handelen ( wat moet ik doen ) en vragen over het leven
( hoe moet ik zijn, welk karakter moet ik hebben )
MORAAL EN ETHIEK
‘De moraal’ = geheel van gebruiken, waarden en normen verbonden met het goede leven en het juiste
handelen
o Niet alle gebruiken waarden en normen zijn niet gelinkt aan het goede leven en juiste handelen
o Vandaar dat er in de definitie staat dat ze verbonden moeten zijn aan het goede leven en het
juiste handelen.
Bv: moraal van voetballers
o Welke waarden, normen hebben voetballers? Wat is het juiste handelen van voetballers?
o Niet alle gebruiken of waarden hebben noodzakelijk te maken met het goede leven of juist
handelen
o Bv: Tijdens het schaken mag je de koning maar 1 vakje verzetten = norm ; maar dit is niet
verbonden met het goede leven. Je bent geen slecht mens omdat je 2 vakjes verplaatst
‘De ethiek’:
o = ‘de moraal’
o Systematisch-kritische reflectie over moraal = moraalfilosofie
Het is verschil tussen de moraal en het moreel ( vb van voetballers)
o het moreel: het vertrouwen dat ze in zichzelf hadden, mentale kracht
o De moraal : de morele betekenis van het verhaal
MOREEL, IMMOREEL EN AMOREEL
Moreel’ en ‘ethisch’
Moreel (ethisch) handelen/zijn: zoals men moet handelen/zijn om juist/goed te handelen/zijn
Immoreel (onethisch): zoals men niet mag handelen/zijn …
Amoreel: komt niet in aanmerking voor morele beoordeling
o Deze handelingen zijn noch goed noch slecht
o Bv: als je de aula binnenkomt, het is geen betere morele keuze om links of rechts te gaan zitten
o Sommige keuzes kunnen in bepaalde contexten wel moreel zijn en in andere situaties amoreel zijn
Dit kan ook tot een discussie zijn.
Vb. keuze van voedsel kan amoreel gezien worden terwijl dat er bij andere hier wel een
morele geladen keuzes zijn.
o Moralisering : een aantal keuzes dat vroeger niet als moreel gezien worden nu wel moreel gezien
worden.
Vb kleding was vroeger vaak geen morele keuze en nu vaker wel.
o Amoralisering : keuzes dat nu geen morele lading meer hebben maar vroeger wel
Vb naar de kerk gaan
Vb keuze voor kinderen vroeger werd je als beter mens gezien als je kinderen kreeg.
,WAARDEN
Waarden = abstracte zaken die we belangrijk vinden, waar we waarde aan hechten
o Bv. integriteit, schoonheid, eerlijkheid, vrijgevigheid, waarheid, vrijheid, rechtvaardigheid, geluk…
o Abstracte zaken = geen concrete dingen, niet een bank of een computer… Kunnen ook dingen
zijn waaraan we waar aan hechten, maar IS geen waarde
Bv: een auto heeft waarde, maar IS geen waarde
Zijn alle waarden morele waarden?
o Morele waarden zijn zaken die je moet nastreven om een goed mens te zijn, die waarden die je
in je handelen tot uitdrukking te brengen om morele waarden te hebben
o Bv: geluk en schoonheid zijn waarden, maar is geen morele waarde => moet je niet nastreven om
een goed mens te zijn
o Waarom zijn we geneigd om te zeggen dat schoonheid geen morele waarde is, maar eerlijkheid is
wel een morele waarde => hoe maak je dat onderscheid?
Die morele waarden is iets wat je onder controle moet hebben: eerlijk of niet => heb
je controle over
Of je mooi bent of niet => kun je niets aan doen, heb je geen controle over
Je morele waarden moet je tot een zekere graad zelf een invloed op kunnen hebben.
Zijn morele waarden belangrijker dan niet-morele (esthetische, intellectuele) waarden?
o Moeten we schoonheid en geluk minder belangrijk vinden dan eerlijkheid?
o Geen eenduidig antwoord hier is geen overeenstemming over
o Morele waarden zijn de belangrijkste waarden, maar het is niet belangrijker dan niet-morele
waarden
o Bv: athletische waarden zoals kracht en snelheid = niet-morele waarden. Zijn mensen die dit
belangrijk vinden een slecht mens omdat hij een paar morele waarden verwaarloost over de niet-
morele?
Brede vs. smalle moraal
o Moraal van Aristoteles = breed, heel veel waarden behoren tot de morele waarden je moet
eerlijk zijn om een goed mens te zijn, maar ook schoonheid en rijkdom nastreven
o Smalle moraal = heel veel waarden, maar een beperkt aantal morele waarden
eerlijkheid en rechtvaardigheid Kant
NORMEN
Normen: regels, richtlijnen
Een norm = concrete implementatie van abstracte waarden
Bepalen wat we moeten of (niet) mogen doen, bv. ‘lieg niet’
Vaak zijn waarden een soort doel en zijn normen de middelen om het doel te bereiken
o Veiligheid -> Draag je gordel
o Gelijkheid -> Je moet/mag stemmen (stemrecht/stemplicht)
Eén norm kan naar verschillende waarden verwijzen
o Steel niet -> veiligheid en solidariteit
Eén waarde kan de basis zijn voor meerdere normen
o Solidariteit -> ‘steel niet’ en ‘help anderen in nood’
Zijn alle normen morele normen?
o Een morele vorm is een norm die je moet volgen om juist te handelen.
o Bv: Geen morele norm om 2 vakjes met de koning te verplaatsen ipv 1
o Bv: dt-fouten maken is geen morele norm => dit maakt je geen slecht mens <-> gebrek
van respect/zorgvuldigheid => dan wel een morele norm
MORELE VS NIET-MORELE REGELS
Bindend onafhankelijk van toestemming individu
o Niet morele regel: bij schaken koning maar 1 vakje verplaatsen. Stel persoon verzet de koning 4
vakjes en die persoon zegt: ik ben niet aan het schaken. Regels van het schaakspel zijn maar van
toepassing als je daaraan bent onderworpen => regels zijn bindend in zover je beslist om te
schaken
o Met morele regels, je hebt geen keuze over of je zoals de morele regels wilt leven of niet, je bent
hier automatisch aan verbonden
iemand die liegt en zegt: ik heb nooit gekozen om met die morele in te stemmen => raar.
Daar kun je niet aan uit, je kunt niet uit het morele spel
, Gepaard met sociale druk om eraan te beantwoorden
o Iemand die zich niet aan morele regels houdt => veel reactie van de omgeving
o Sociale druk om aan de regels te houden
o Soms ook sociale druk om je NIET aan de regels te houden Bv: aula met ‘hier wordt niet
gedronken en gegeten’ => sociale druk om dit net wel te doen
o Sociale druk en sociale sancties is enkel aanwezig bij morele regels
Nodig om samen te kunnen leven met anderen
o Nodig om samen te kunnen leven met anderen. Stel dat iedereen zomaar zou kunnen
vermoorden en verkrachten zou dit een enorme invloed hebben op de samenleving
o <-> schaakregels, voetbalregels : niet noodzakelijk om samenleving mogelijk te maken
Belangrijk (niet noodz. het allerbelangrijkste)
o Ze hebben een zeker gewicht, Sommige veel meer gewicht dan andere
o Vb moord >> vriendelijkheid
Kunnen niet zomaar gewijzigd worden (vs. legale regels) We kunnen niet van de ene dag op de andere
beslissen om een regel af te schaffen. Met andere regels is dat wel zo.
o Wetten kunnen veranderd worden door parlement, dit is niet zo morele regels
o Er is niet ergens een moreel wetboek dus ze kunnen niet bij beslissing gewijzigd worden.
o Ze kunnen soms wel doorheen de tijd veranderen en evolueren.
MOREEL JUIST/GOED ≠ JURIDISCH AFDWINGBAAR
Niet alles wat moreel juist is, is juridisch afdwingbaar
o Bv. Iemand helpen -> iemand vraagt om je notities en je geeft die niet. Dit is niet juridisch
afdwingbaar
Niet alles wat juridisch afdwingbaar is, is moreel goed
o Bv. Vrije meningsuiting -> zeggen ‘je bent dik’ is niet juridisch
afdwingbaar,
Niet alles wat moreel fout is, is illegaal
o Bv. Liegen, bedriegen
o Fraude is illegaal, maar liegen dat je geen notities hebt is dat
niet
Niet alles wat illegaal is, is moreel fout?
o Bv. Moreel dubieuze wetten (bv: homoseksuele wetten verbieden)
DESCRIPTIEVE ETHIEK, NORMATIEVE ETHIEK EN META-ETHIEK
Binnen ethiek (als systematisch-kritische reflectie over moraal):
DESCRIPTIEVE ETHIEK
o Beschrijft volgens welke gebruiken, waarden en normen een individu of groep
mensen leeft Verklaart waarom zo gehandeld/gedacht wordt
Bv: Sarah vindt het eten van vlees moreel verkeerd => waarom?
Bv: heel veel grieken vonden slavernij aanvaardbaar => waarom: waren
vrije mensen Beschrijft, maar evalueert niet
Neemt geen standpunt in. Zegt niet of het nu echt ook juist is of niet
o Ze gaan niet evalueren wat er gebeurt is, enkel beschrijving en verklaren met welke redenen deze
gebruiken worden toegepast
o ( dit wordt binnen deze cursus niet echt meer toegepast )
NORMATIEVE ETHIEK
o Gaat op zoek naar de juiste moraal
o Legt uit waarom zo gehandeld/gedacht moet worden
o Evalueert:
Zijn gebruiken/regels/normen gerechtvaardigd?
Zijn er goede redenen voor?
Is het juist om volgens die normen/regels te handelen/leven?
Welke normen/regels zijn rechtvaardig en waarom?
FUNDAMENTELE ETHIEK / META-ETHIEK
o Reflectie over ethiek
Bv: descriptieve vraag: wat zijn de normen van deze groep
Bv: normatieve vraag: wat zijn de juiste waarden en normen voor een goed leven?
, Bv: meta-ethiek vraag: wat is een waarde? Wat is
een norm? Vragen die niet tot descriptieve of
normatieve ethiek behoren. O.a.:
o (3a) Morele semantiek
= Betekenis van morele uitspraken en begrippen
Wat zijn waarden, normen? Wat is geluk? Wanneer is iets moreel?
wat doen we wanneer we een moreel oordeel geven?
het lijkt voor sommige dat je een emotie uitdrukt
Voor sommige is het geven van een voorschrift
o (3b) Morele psychologie
= Motieven, gedachten en emoties verbonden met morele handelingen
en opvattingen
Vb. schuldgevoel, een emotie dat zich manifesteert omdat je een morele regel
hebt overtreden
Geen scherpe scheiding tussen descriptieve ethiek en morele psychologie
Hebben we vrije wil als alles al in de natuur als gedetermineerd zin door wetten
en kunnen we dan wel verantwoordelijk zijn voor deze keuzes
Gevolgen van psychologische constitutie voor reflectie over moraal
Bv: mevrouw X heeft iemand vermoord => hoe gaan mensen om met moreel
onrecht? Welke invloed heeft de psychologie op de moraal?
Bv: probleem van vrije wil => gegeven de psychologische constitutie van een mens
heeft dit een gevolg over hoe we over de moraal moeten denken
o (3c) Morele ontologie
Vragen over wat is: morele werkelijkheid, feiten de leer van het zijn
Bv: wat is bestaan? Bestaat er zo iets als morele feiten?
Beantwoordt er een werkelijkheid aan morele begrippen en/of
uitspraken? Bestaan er morele feiten?
Zijn die feiten onafhankelijk van hoe wij denken of menselijke constructies?
Bv: geld is iets die een bepaalde werkelijkheid heeft en waarde omdat
mensen daar een bepaalde waarde aan toe kennen.
Werkelijkheid is een menselijke constructie
Is een moraal ook zo? Was dit er altijd al en is het iets dat we nu ontdekken of
is dat ook iets dat je hebt afgesproken?
Zijn die feiten absoluut of relatief?
Is de juiste moraal voor ons hetzelfde als voor de oude grieken?
Of relatief in functie van de samenleving?
sommige denken dat de juiste moraal niet veranderd en tijdloos
Andere denken ook dat het doorheen de tijd veranderen en afhankelijk is van tijd en
omgeving
o (3d) Morele epistemologie
Bestaat morele kennis en hoe verwerven we die? Of gaat het alleen over een soort gevoel?
Waarop is deze kennis gebaseerd? Hoe kunnen we morele kennis verwerven?
Bv: kennis over het weer doen we door naar buiten te kijken, maar bij morele kennis is dat
niet zo
Is het mogelijk dat het ene individu meer morele kennis heeft dan andere?
o 3e) Morele methodologie
Welke methodes zijn geschikt voor onderzoek in ethiek?
ALGEMENE EN BIJZONDERE ETHIEK
Algemene ethiek: volgens welke algemene principes en normen moeten we handelen, welke waarden
moeten we nastreven?
o Theorieën die uitspraken doen over algemene principes die over al je handelingen toepasbaar
moeten zijn
Bijzondere/toegepaste ethiek
o = wat betekent het om binnen een specifiek domein een bepaalde norm toe te passen?
o Volgens welke principes en normen moeten we handelen in domein x?
o Wat betekent het om in x een algemene regel toe te passen of een bepaalde waarde na te streven?
Inleiding
TERMINOLOGIE
WAT IS ETHIEK/MORAAL FILOSOFIE
Filosofie = kritisch nadenken over het goede leven
moraal = het juist handelen
Moraalfilosofie = Kritisch nadenken over het goede leven en het juiste
handelen
Houdt zich bezig met een cluster van centrale vragen
o Hoe moet een mens zijn om een goed/deugdelijk mens te zijn?
o Hoe moet een mens handelen om juist/goed te handelen?
o Wat is een waardevol leven?
o Wat is een waarde?
Handelings- en levensvragen = Het zijn vragen over handelen ( wat moet ik doen ) en vragen over het leven
( hoe moet ik zijn, welk karakter moet ik hebben )
MORAAL EN ETHIEK
‘De moraal’ = geheel van gebruiken, waarden en normen verbonden met het goede leven en het juiste
handelen
o Niet alle gebruiken waarden en normen zijn niet gelinkt aan het goede leven en juiste handelen
o Vandaar dat er in de definitie staat dat ze verbonden moeten zijn aan het goede leven en het
juiste handelen.
Bv: moraal van voetballers
o Welke waarden, normen hebben voetballers? Wat is het juiste handelen van voetballers?
o Niet alle gebruiken of waarden hebben noodzakelijk te maken met het goede leven of juist
handelen
o Bv: Tijdens het schaken mag je de koning maar 1 vakje verzetten = norm ; maar dit is niet
verbonden met het goede leven. Je bent geen slecht mens omdat je 2 vakjes verplaatst
‘De ethiek’:
o = ‘de moraal’
o Systematisch-kritische reflectie over moraal = moraalfilosofie
Het is verschil tussen de moraal en het moreel ( vb van voetballers)
o het moreel: het vertrouwen dat ze in zichzelf hadden, mentale kracht
o De moraal : de morele betekenis van het verhaal
MOREEL, IMMOREEL EN AMOREEL
Moreel’ en ‘ethisch’
Moreel (ethisch) handelen/zijn: zoals men moet handelen/zijn om juist/goed te handelen/zijn
Immoreel (onethisch): zoals men niet mag handelen/zijn …
Amoreel: komt niet in aanmerking voor morele beoordeling
o Deze handelingen zijn noch goed noch slecht
o Bv: als je de aula binnenkomt, het is geen betere morele keuze om links of rechts te gaan zitten
o Sommige keuzes kunnen in bepaalde contexten wel moreel zijn en in andere situaties amoreel zijn
Dit kan ook tot een discussie zijn.
Vb. keuze van voedsel kan amoreel gezien worden terwijl dat er bij andere hier wel een
morele geladen keuzes zijn.
o Moralisering : een aantal keuzes dat vroeger niet als moreel gezien worden nu wel moreel gezien
worden.
Vb kleding was vroeger vaak geen morele keuze en nu vaker wel.
o Amoralisering : keuzes dat nu geen morele lading meer hebben maar vroeger wel
Vb naar de kerk gaan
Vb keuze voor kinderen vroeger werd je als beter mens gezien als je kinderen kreeg.
,WAARDEN
Waarden = abstracte zaken die we belangrijk vinden, waar we waarde aan hechten
o Bv. integriteit, schoonheid, eerlijkheid, vrijgevigheid, waarheid, vrijheid, rechtvaardigheid, geluk…
o Abstracte zaken = geen concrete dingen, niet een bank of een computer… Kunnen ook dingen
zijn waaraan we waar aan hechten, maar IS geen waarde
Bv: een auto heeft waarde, maar IS geen waarde
Zijn alle waarden morele waarden?
o Morele waarden zijn zaken die je moet nastreven om een goed mens te zijn, die waarden die je
in je handelen tot uitdrukking te brengen om morele waarden te hebben
o Bv: geluk en schoonheid zijn waarden, maar is geen morele waarde => moet je niet nastreven om
een goed mens te zijn
o Waarom zijn we geneigd om te zeggen dat schoonheid geen morele waarde is, maar eerlijkheid is
wel een morele waarde => hoe maak je dat onderscheid?
Die morele waarden is iets wat je onder controle moet hebben: eerlijk of niet => heb
je controle over
Of je mooi bent of niet => kun je niets aan doen, heb je geen controle over
Je morele waarden moet je tot een zekere graad zelf een invloed op kunnen hebben.
Zijn morele waarden belangrijker dan niet-morele (esthetische, intellectuele) waarden?
o Moeten we schoonheid en geluk minder belangrijk vinden dan eerlijkheid?
o Geen eenduidig antwoord hier is geen overeenstemming over
o Morele waarden zijn de belangrijkste waarden, maar het is niet belangrijker dan niet-morele
waarden
o Bv: athletische waarden zoals kracht en snelheid = niet-morele waarden. Zijn mensen die dit
belangrijk vinden een slecht mens omdat hij een paar morele waarden verwaarloost over de niet-
morele?
Brede vs. smalle moraal
o Moraal van Aristoteles = breed, heel veel waarden behoren tot de morele waarden je moet
eerlijk zijn om een goed mens te zijn, maar ook schoonheid en rijkdom nastreven
o Smalle moraal = heel veel waarden, maar een beperkt aantal morele waarden
eerlijkheid en rechtvaardigheid Kant
NORMEN
Normen: regels, richtlijnen
Een norm = concrete implementatie van abstracte waarden
Bepalen wat we moeten of (niet) mogen doen, bv. ‘lieg niet’
Vaak zijn waarden een soort doel en zijn normen de middelen om het doel te bereiken
o Veiligheid -> Draag je gordel
o Gelijkheid -> Je moet/mag stemmen (stemrecht/stemplicht)
Eén norm kan naar verschillende waarden verwijzen
o Steel niet -> veiligheid en solidariteit
Eén waarde kan de basis zijn voor meerdere normen
o Solidariteit -> ‘steel niet’ en ‘help anderen in nood’
Zijn alle normen morele normen?
o Een morele vorm is een norm die je moet volgen om juist te handelen.
o Bv: Geen morele norm om 2 vakjes met de koning te verplaatsen ipv 1
o Bv: dt-fouten maken is geen morele norm => dit maakt je geen slecht mens <-> gebrek
van respect/zorgvuldigheid => dan wel een morele norm
MORELE VS NIET-MORELE REGELS
Bindend onafhankelijk van toestemming individu
o Niet morele regel: bij schaken koning maar 1 vakje verplaatsen. Stel persoon verzet de koning 4
vakjes en die persoon zegt: ik ben niet aan het schaken. Regels van het schaakspel zijn maar van
toepassing als je daaraan bent onderworpen => regels zijn bindend in zover je beslist om te
schaken
o Met morele regels, je hebt geen keuze over of je zoals de morele regels wilt leven of niet, je bent
hier automatisch aan verbonden
iemand die liegt en zegt: ik heb nooit gekozen om met die morele in te stemmen => raar.
Daar kun je niet aan uit, je kunt niet uit het morele spel
, Gepaard met sociale druk om eraan te beantwoorden
o Iemand die zich niet aan morele regels houdt => veel reactie van de omgeving
o Sociale druk om aan de regels te houden
o Soms ook sociale druk om je NIET aan de regels te houden Bv: aula met ‘hier wordt niet
gedronken en gegeten’ => sociale druk om dit net wel te doen
o Sociale druk en sociale sancties is enkel aanwezig bij morele regels
Nodig om samen te kunnen leven met anderen
o Nodig om samen te kunnen leven met anderen. Stel dat iedereen zomaar zou kunnen
vermoorden en verkrachten zou dit een enorme invloed hebben op de samenleving
o <-> schaakregels, voetbalregels : niet noodzakelijk om samenleving mogelijk te maken
Belangrijk (niet noodz. het allerbelangrijkste)
o Ze hebben een zeker gewicht, Sommige veel meer gewicht dan andere
o Vb moord >> vriendelijkheid
Kunnen niet zomaar gewijzigd worden (vs. legale regels) We kunnen niet van de ene dag op de andere
beslissen om een regel af te schaffen. Met andere regels is dat wel zo.
o Wetten kunnen veranderd worden door parlement, dit is niet zo morele regels
o Er is niet ergens een moreel wetboek dus ze kunnen niet bij beslissing gewijzigd worden.
o Ze kunnen soms wel doorheen de tijd veranderen en evolueren.
MOREEL JUIST/GOED ≠ JURIDISCH AFDWINGBAAR
Niet alles wat moreel juist is, is juridisch afdwingbaar
o Bv. Iemand helpen -> iemand vraagt om je notities en je geeft die niet. Dit is niet juridisch
afdwingbaar
Niet alles wat juridisch afdwingbaar is, is moreel goed
o Bv. Vrije meningsuiting -> zeggen ‘je bent dik’ is niet juridisch
afdwingbaar,
Niet alles wat moreel fout is, is illegaal
o Bv. Liegen, bedriegen
o Fraude is illegaal, maar liegen dat je geen notities hebt is dat
niet
Niet alles wat illegaal is, is moreel fout?
o Bv. Moreel dubieuze wetten (bv: homoseksuele wetten verbieden)
DESCRIPTIEVE ETHIEK, NORMATIEVE ETHIEK EN META-ETHIEK
Binnen ethiek (als systematisch-kritische reflectie over moraal):
DESCRIPTIEVE ETHIEK
o Beschrijft volgens welke gebruiken, waarden en normen een individu of groep
mensen leeft Verklaart waarom zo gehandeld/gedacht wordt
Bv: Sarah vindt het eten van vlees moreel verkeerd => waarom?
Bv: heel veel grieken vonden slavernij aanvaardbaar => waarom: waren
vrije mensen Beschrijft, maar evalueert niet
Neemt geen standpunt in. Zegt niet of het nu echt ook juist is of niet
o Ze gaan niet evalueren wat er gebeurt is, enkel beschrijving en verklaren met welke redenen deze
gebruiken worden toegepast
o ( dit wordt binnen deze cursus niet echt meer toegepast )
NORMATIEVE ETHIEK
o Gaat op zoek naar de juiste moraal
o Legt uit waarom zo gehandeld/gedacht moet worden
o Evalueert:
Zijn gebruiken/regels/normen gerechtvaardigd?
Zijn er goede redenen voor?
Is het juist om volgens die normen/regels te handelen/leven?
Welke normen/regels zijn rechtvaardig en waarom?
FUNDAMENTELE ETHIEK / META-ETHIEK
o Reflectie over ethiek
Bv: descriptieve vraag: wat zijn de normen van deze groep
Bv: normatieve vraag: wat zijn de juiste waarden en normen voor een goed leven?
, Bv: meta-ethiek vraag: wat is een waarde? Wat is
een norm? Vragen die niet tot descriptieve of
normatieve ethiek behoren. O.a.:
o (3a) Morele semantiek
= Betekenis van morele uitspraken en begrippen
Wat zijn waarden, normen? Wat is geluk? Wanneer is iets moreel?
wat doen we wanneer we een moreel oordeel geven?
het lijkt voor sommige dat je een emotie uitdrukt
Voor sommige is het geven van een voorschrift
o (3b) Morele psychologie
= Motieven, gedachten en emoties verbonden met morele handelingen
en opvattingen
Vb. schuldgevoel, een emotie dat zich manifesteert omdat je een morele regel
hebt overtreden
Geen scherpe scheiding tussen descriptieve ethiek en morele psychologie
Hebben we vrije wil als alles al in de natuur als gedetermineerd zin door wetten
en kunnen we dan wel verantwoordelijk zijn voor deze keuzes
Gevolgen van psychologische constitutie voor reflectie over moraal
Bv: mevrouw X heeft iemand vermoord => hoe gaan mensen om met moreel
onrecht? Welke invloed heeft de psychologie op de moraal?
Bv: probleem van vrije wil => gegeven de psychologische constitutie van een mens
heeft dit een gevolg over hoe we over de moraal moeten denken
o (3c) Morele ontologie
Vragen over wat is: morele werkelijkheid, feiten de leer van het zijn
Bv: wat is bestaan? Bestaat er zo iets als morele feiten?
Beantwoordt er een werkelijkheid aan morele begrippen en/of
uitspraken? Bestaan er morele feiten?
Zijn die feiten onafhankelijk van hoe wij denken of menselijke constructies?
Bv: geld is iets die een bepaalde werkelijkheid heeft en waarde omdat
mensen daar een bepaalde waarde aan toe kennen.
Werkelijkheid is een menselijke constructie
Is een moraal ook zo? Was dit er altijd al en is het iets dat we nu ontdekken of
is dat ook iets dat je hebt afgesproken?
Zijn die feiten absoluut of relatief?
Is de juiste moraal voor ons hetzelfde als voor de oude grieken?
Of relatief in functie van de samenleving?
sommige denken dat de juiste moraal niet veranderd en tijdloos
Andere denken ook dat het doorheen de tijd veranderen en afhankelijk is van tijd en
omgeving
o (3d) Morele epistemologie
Bestaat morele kennis en hoe verwerven we die? Of gaat het alleen over een soort gevoel?
Waarop is deze kennis gebaseerd? Hoe kunnen we morele kennis verwerven?
Bv: kennis over het weer doen we door naar buiten te kijken, maar bij morele kennis is dat
niet zo
Is het mogelijk dat het ene individu meer morele kennis heeft dan andere?
o 3e) Morele methodologie
Welke methodes zijn geschikt voor onderzoek in ethiek?
ALGEMENE EN BIJZONDERE ETHIEK
Algemene ethiek: volgens welke algemene principes en normen moeten we handelen, welke waarden
moeten we nastreven?
o Theorieën die uitspraken doen over algemene principes die over al je handelingen toepasbaar
moeten zijn
Bijzondere/toegepaste ethiek
o = wat betekent het om binnen een specifiek domein een bepaalde norm toe te passen?
o Volgens welke principes en normen moeten we handelen in domein x?
o Wat betekent het om in x een algemene regel toe te passen of een bepaalde waarde na te streven?