Burgerlijk procesrecht
1 Excepties en termijnen 1
1.1 Excepties algemeen 1
1.1.1 Inleiding 1
1.1.2 Soorten excepties 1
1.1.3 Wanneer opwerpen 1
1.1.4 Volgorde van excepties 2
1.2 Exceptie van gewijsde 2
1.3 Excepties nietigheid - artikel 860 e.v. Ger.W. 4
1.3.1 Toepassingsgebied 4
1.3.2 Twee voorwaarden: 4
1.3.3 Mogelijkheid tot herstel of conversie 5
1.4 Excepties toelaatbaarheid 6
1.4.1 Inleiding 6
1.4.2 Algemene toelaatbaarheidsvereisten 7
A. Rechtspersoonlijkheid en handelingsbekwaamheid 7
B. Hoedanigheid 8
C. Belang 8
1.5 Termijnen 11
1.5.1 Vaststelling van de termijnen in het burgerlijke recht 11
1.5.2 2 soorten termijnen 11
1.5.3 Verkorting of verlenging van termijnen 12
A. Termijn op straffe van verval 12
B. Termijn NIET op straffe van verval 12
C. Artikel 55 Ger.W. 12
1.5.4 Aanvang van de termijn 13
TERMIJNEN IN DAGEN 13
TERMIJN IN MAANDEN OF JAREN 14
1.5.5 De val van de Gregorius 15
1.5.6 Kennisgeving 15
2 Bevoegdheid in burgerlijke zaken 17
2.1 Begrip 18
2.2 Materiële bevoegdheid 19
2.2.1 Begrip 19
2.2.2 Referentiepunt 20
2.2.3 Materiële bevoegdheid raakt de openbare orde 20
2.2.4 Territoriale bevoegdheid is van aanvullend recht 23
2.3 Prorogatie van de bevoegdheid 23
1
, BURGERLIJK PROCESRECHT
2.4 Bevoegdheidsexceptie in hoger beroep 26
3 Gewone rechtsmiddelen 28
3.1 Algemeen 28
3.1.1 Gewone en buitengewone rechtsmiddelen 28
3.2 Hoger beroep 28
3.2.1 Enkele begrippen i.v.m. hoger beroep 28
A. Gedaagde - partij in hoger beroep 29
B. Voorbeeld: principaal - incidenteel hoger beroep 30
3.2.2 Ontvankelijkheid hoger beroep 30
A. Ontvankelijkheid ratione materiae 30
B. Ontvankelijkheid ratione summae 31
C. Ontvankelijkheid ratione personae 32
C.1 Partij eerste aanleg 32
C.2 Handelingsbekwaam, hoedanigheid en belang 32
C.3 Ongelijk 32
C.4 Rechtsband 32
D. Onvankelijkheid ratione temporis 32
D.1 Hoger beroep vanaf wanneer? 32
D.2 Hoger beroep tot wanneer? 33
3.2.3 Incidenteel en uitgelokt hoger beroep 34
A. Incidenteel hoger beroep 35
B. Uitgelokt hoger beroep/ l’appel provocé 35
3.2.4 Gevolgen hoger beroep 36
A. Relatieve werking 36
B. Devolutieve werking – art. 1068, lid 2 36
C. Geen schorsende werking 37
3.2.5 Rechtspleging in hoger beroep 37
A. Hoe hoger beroep instellen - artikel 1056 Ger.W. 37
B. Termijn van verschijning 37
3.3 Verzet 38
3.3.1 Verzet tegen verstekvonnis in laatste aanleg (art. 1047 lid 1 Ger.W.) 38
3.3.2 Verzet kan enkel worden aangetekend tegen een verstekvonnis! 38
3.3.3 Niet zeker of tegenpartij werd “bereikt”? Art. 803 Ger.W. als “uitweg” 39
3.4 (Voorlopige) Uitvoerbaarheid bij voorraad 39
3.4.1 Vonnis 39
4 Beslag en executie 41
4.1 Executie algemeen 41
4.1.1 Inleiding 41
2
, BURGERLIJK PROCESRECHT
4.1.2 Rechtstreekse executie 41
Hoe kan men een schuldenaar dwingen om iets te doen of af te geven? 41
4.1.3 Uitvoerbare titel 42
4.1.4 Beslag 43
4.1.5 Beslagrechter 43
4.2 Executie beslagbaarheid 44
4.2.1 WAT is beslagbaar? 44
4.2.2 Onbeslagbare goederen 44
A. Overheid 45
4.3 Bewarende maatregelen 45
4.3.1 Inleiding 45
4.3.2 Voorwaarden 46
4.3.3 Procedure bewarend beslag 47
4.3.4 Roerend bewarend beslag = op roerende lichamelijke goederen. 48
4.3.5 Onroerend bewarend beslag 48
4.3.6 Bewarend beslag onder derden 49
4.4 Dwangsom 51
4.5 Kantonnement 52
4.6 Voorlopige tenuitvoerlegging 53
4.7 Executie uitvoerend beslag 54
4.7.1 Inleiding en voorwaarden 54
4.7.2 Uitvoerend ROEREND beslag 54
4.7.3 Uitvoerend ONROEREND beslag 56
4.7.4 Beslag onder derden 58
5 Conclusie 59
5.1 Inleiding 59
5.2 Vorm 59
5.3 Neerleggen 61
5.4 Syntheseconclusie 62
6. Instaatstelling 63
6.1 Inleidende zitting 63
6.2 Korte debatten - artikel 735 Ger.W. 64
6.3 Mededeling van de stukken, art. 736 Ger.W. 65
6.4 Instaatstelling - artikel 747 Ger.W. 65
6.4.1 Instaatstelling bij overeenkomst, art. 747 §1 Ger.W. (minuut 23) 66
6.4.2 Instaatstelling rechterlijke kalenderregeling 67
6.4.3 Vrije instaatstelling 68
TERECHTZITTING NA INSTAATSTELLING 69
3
, BURGERLIJK PROCESRECHT
4