H1 Ontwikkelingspsychologie
● Ontwikkeling: Verandering in het leven, zowel lichamelijk als psychisch, die
langdurig kan zijn. Dit kan vooruitgang (bijvoorbeeld nieuwe vaardigheden) of
achteruitgang (zoals het verliezen van vaardigheden) betekenen.
● Groei: Lichamelijke veranderingen, zoals lengte of gewicht.
● Rijping: Natuurlijke, lichamelijke en cognitieve veranderingen die automatisch
plaatsvinden, bijvoorbeeld het leren lopen door een kind.
● Leren: veranderingen onder invloed van de omgeving, zoals het leren van een taal
of fietsen door oefening.
Voorbeelden van vaardigheden die blijven ontwikkelen:
● Cognitief: Geheugen, probleemoplossing.
● Fysiek: Coördinatie, sportvaardigheden.
Voorbeelden van vaardigheden die achteruitgaan:
● Geheugen: Vergeetachtigheid.
● Fysiek: Kracht en uithoudingsvermogen.
Schema:
Begrip Betekenis Voorbeeld
Ontwikkeling Verandering op alle vlakken Nieuwe vaardigheden,
verlies van kracht
Groei Lichamelijke verandering Groeien in lengte en
gewicht
Rijping Natuurlijke ontwikkeling Leren lopen door groei
Leren Veranderingen door oefening Fietsen leren, taal leren
nature: door natuur aangeleerd, vanzelf
nurture: aangeleerd (door omgeving)
, Continuïteit vs. Discontinuïteit in de Ontwikkelingspsychologie
Type verandering Kenmerken Voorbeeld
Discontinue verandering Verandering in fasen, met Peuter leert ineens veel nieuwe
plotselinge overgangen woorden na maanden van
"mama"/"papa"
Continue verandering Geleidelijke, vloeiende Lichaamsgroei en mentale
verandering ontwikkeling die langzaam
plaatsvinden.
Kritieke periodes Specifieke tijd voor cruciale Leren lopen als kind, taal verwerven
ontwikkelingen in de peutertijd.
Gevoelige periodes Gemakkelijker om vaardigheden Gevoeligheid voor leren op bepaalde
te leren in deze periode leeftijden, zoals taalontwikkeling.
Wolfskinderen en Vaardigheden
📌 Wolfskinderen → Geen menselijk contact → Moeite met taal en sociaal gedrag.
📌 Gevoelige periodes → Bepaalde momenten waarin vaardigheden makkelijker
worden geleerd (bv. taal).
📌 Kritieke vs. Gevoelige periodes → Gevoelige periodes zijn flexibeler;
vaardigheden kunnen later nog worden geleerd, maar met meer moeite.
Kinderpsychologie vs. Levenslooppsychologie
📌 Kinderpsychologie (Piaget) → Focus op kinderen, vooral baby's.
📌 Levenslooppsychologie (Erikson) → Ontwikkeling als levenslang proces
(adolescentie, volwassenheid, ouderdom).
📌 Gerontologie → Studie van ouderdom.
Fasen van het Leven
📌 Klassieke visie → Groei in kindertijd → Hoogtepunt in volwassenheid →
Achteruitgang in ouderdom.
📌 Hedendaagse visie → Verschillende vaardigheden pieken op verschillende
leeftijden.
● Ontwikkeling: Verandering in het leven, zowel lichamelijk als psychisch, die
langdurig kan zijn. Dit kan vooruitgang (bijvoorbeeld nieuwe vaardigheden) of
achteruitgang (zoals het verliezen van vaardigheden) betekenen.
● Groei: Lichamelijke veranderingen, zoals lengte of gewicht.
● Rijping: Natuurlijke, lichamelijke en cognitieve veranderingen die automatisch
plaatsvinden, bijvoorbeeld het leren lopen door een kind.
● Leren: veranderingen onder invloed van de omgeving, zoals het leren van een taal
of fietsen door oefening.
Voorbeelden van vaardigheden die blijven ontwikkelen:
● Cognitief: Geheugen, probleemoplossing.
● Fysiek: Coördinatie, sportvaardigheden.
Voorbeelden van vaardigheden die achteruitgaan:
● Geheugen: Vergeetachtigheid.
● Fysiek: Kracht en uithoudingsvermogen.
Schema:
Begrip Betekenis Voorbeeld
Ontwikkeling Verandering op alle vlakken Nieuwe vaardigheden,
verlies van kracht
Groei Lichamelijke verandering Groeien in lengte en
gewicht
Rijping Natuurlijke ontwikkeling Leren lopen door groei
Leren Veranderingen door oefening Fietsen leren, taal leren
nature: door natuur aangeleerd, vanzelf
nurture: aangeleerd (door omgeving)
, Continuïteit vs. Discontinuïteit in de Ontwikkelingspsychologie
Type verandering Kenmerken Voorbeeld
Discontinue verandering Verandering in fasen, met Peuter leert ineens veel nieuwe
plotselinge overgangen woorden na maanden van
"mama"/"papa"
Continue verandering Geleidelijke, vloeiende Lichaamsgroei en mentale
verandering ontwikkeling die langzaam
plaatsvinden.
Kritieke periodes Specifieke tijd voor cruciale Leren lopen als kind, taal verwerven
ontwikkelingen in de peutertijd.
Gevoelige periodes Gemakkelijker om vaardigheden Gevoeligheid voor leren op bepaalde
te leren in deze periode leeftijden, zoals taalontwikkeling.
Wolfskinderen en Vaardigheden
📌 Wolfskinderen → Geen menselijk contact → Moeite met taal en sociaal gedrag.
📌 Gevoelige periodes → Bepaalde momenten waarin vaardigheden makkelijker
worden geleerd (bv. taal).
📌 Kritieke vs. Gevoelige periodes → Gevoelige periodes zijn flexibeler;
vaardigheden kunnen later nog worden geleerd, maar met meer moeite.
Kinderpsychologie vs. Levenslooppsychologie
📌 Kinderpsychologie (Piaget) → Focus op kinderen, vooral baby's.
📌 Levenslooppsychologie (Erikson) → Ontwikkeling als levenslang proces
(adolescentie, volwassenheid, ouderdom).
📌 Gerontologie → Studie van ouderdom.
Fasen van het Leven
📌 Klassieke visie → Groei in kindertijd → Hoogtepunt in volwassenheid →
Achteruitgang in ouderdom.
📌 Hedendaagse visie → Verschillende vaardigheden pieken op verschillende
leeftijden.