Psychologie
De wetenschap van gedrag en mentale processen.
Interne processen: denken, voelen
Externe processen: praten, glimlachen, lopen
Drie soorten psychologen:
1. Experimenteel psychologen:
Doen onderzoek naar basisprocessen zoals geheugen, leren en
waarnemen.
2. Docenten psychologie:
Geven les op bijvoorbeeld het hbo of de universiteit.
3. Toegepast psychologen:
Gebruiken kennis uit onderzoek om mensen te helpen.
→ Zoals: sportpsychologen, schoolpsychologen, klinisch psychologen,
forensisch psychologen, enz.
Andere begrippen:
Psychiatrie: medisch vakgebied dat zich richt op de diagnose en
behandeling van mentale stoornissen.
Pseudopsychologie: ideeën die niet wetenschappelijk bewezen zijn,
maar wel zo gepresenteerd worden (zoals waarzeggerij).
Vaardigheden voor kritisch denken:
1. Wat is de bron?
2. Is de bewering redelijk of extreem?
3. Wat is het bewijsmateriaal?
o Anekdotisch bewijsmateriaal: verhalen van één of enkele mensen –
dat is géén goed bewijs.
4. Is er sprake van bias? (vooroordeel of vertekening)
o Emotionele bias: oordelen op basis van gevoel in plaats van feiten
o Confirmation bias: je zoekt alleen informatie die bij je mening past
5. Worden denkfouten vermeden?
6. Zijn er meerdere invalshoeken nodig?
Belangrijke psychologische perspectieven en stromingen
1
,Biologisch perspectief:
Zoekt de oorzaak van gedrag in genen, hersenen, zenuwstelsel en hormonen.
Neurowetenschap: onderzoekt hoe de hersenen mentale processen
zoals denken en voelen veroorzaken.
Evolutionaire psychologie: kijkt hoe gedrag en denken zijn
ontstaan door aanpassing aan overleving en voortplanting.
Vroege stromingen in de psychologie
Introspectie: jezelf bewust zijn van je eigen gedachten en gevoelens.
Structuralisme: onderzocht de basisstructuren van gedachten en
bewustzijn.
Functionalisme: keek naar de functie van mentale processen
(waarom we denken of voelen zoals we doen).
Moderne perspectieven
Cognitief perspectief:
Richt zich op leren, geheugen, perceptie en denken als vormen van
informatieverwerking.
Behaviorisme:
Vroegere stroming die alleen keek naar zichtbaar gedrag, niet naar
gedachten.
Behavioristisch perspectief:
Verklaart gedrag door stimuli uit de omgeving, niet door wat je denkt of
voelt.
Psychodynamische psychologie:
Benadrukt onbewuste verlangens, herinneringen en conflicten als
verklaring voor gedrag.
Psychoanalyse (Freud):
Legt de nadruk op onbewuste processen.
Perspectieven vanuit de gehele persoon
Verzamelnaam voor stromingen die naar de persoon als geheel
kijken, zoals:
o Psychodynamische psychologie
o Humanistische psychologie: richt zich op groei, vrije wil en
mogelijkheden van de mens
o Psychologie van karaktertrekken en temperament: ziet
gedrag als resultaat van persoonlijkheidskenmerken
2
,Andere belangrijke perspectieven
Ontwikkelingsperspectief:
Legt de nadruk op erfelijkheid, omgeving en veranderingen door het
leven heen.
Sociocultureel perspectief:
Richt zich op sociale interactie, leren van anderen en invloed van cultuur.
o Cultuur: gedeelde taal, gewoonten, waarden en tradities binnen
een groep.
o Crosscultureel psycholoog: onderzoekt hoe psychologische
processen verschillen tussen culturen.
Holisme:
Gaat ervan uit dat je de mens als geheel moet bekijken – niet als losse
onderdelen.
Kern van het hoofdstuk
Psychologie: wetenschap van gedrag en mentale processen
Soorten psychologen:
1. Experimenteel psychologen (onderzoekspsychologen)
2. Docenten psychologie
3. Toegepast psychologen
Zes belangrijkste perspectieven:
1. Biologische perspectief - Lichaam en geest zijn gescheiden
2. Cognitief perspectief - Wetenschappelijke methode gebruiken om de geest te
bestuderen
3. Behavioristisch perspectief - Conditionering, klassieke en operant conditionering
4. Perspectief vanuit de gehele persoon - Psychoanalyse, humanistische
psychologie, psychologie van karaktertrekken en temperament
5. Ontwikkelingsperspectief - Verschil tussen erfelijkheid en omgeving
6. Socioculturele perspectief - Inzoomen op culturele verschillen
Vergaren van nieuwe kennis:
- Hypothese
- Objectieve data verzamelen
- Resultaten analyseren
- Resultaten publiceren, bekritiseren en repliceren
Verschillende soorten onderzoek:
(Experimenten, correlatieonderzoek, surveys, natuurlijke observatie, casestudy)
Vertekening
3
, 4